26-04-2003

Rookverhaal 13: Makkers staakt uw wild gerook ...

Het heerlijk avondje is gekomen, het avondje van Sint Marlboro. Door de rooksteen opgetogen, zwart als roet. Wie zoet is krijgt lekkers wie stout is de roe … Tja, dan weet ik het wel. Potverdikke, dit weekend door gebrek aan stress 2x gezondigd. En wel heel stevig.

Was ik net van mijn driedimensionale tetrisverslaving af, komt het rookgevaar weer om de hoek. Het begint wel ernstige vormen aan te nemen. Ik zie nu zelfs in het pak van Sinterklaas een Marlboro-dessin. En dat in het weekend van pakjes(Marlboro)avond. Of dit nou te maken heeft met het afronden van een druk studieblok of een nieuwe kennismaking met een stormachtig café doet even niet ter zake.

Belangrijker is de misvatting dat na een maand stoppen met roken de geest al sterk genoeg is voor verleiding. Mooi niet dus, bij die ene blijft het dan niet meer. Ik ga het nu niet hebben over een tijdelijke terugval. Want dan ben ik op sterven na dood. Nee, gewoon toegeven, ik ben nog niet zover.

Dat wordt dus weer een nieuwe start. Ditmaal onverbiddelijk nee zeggend tegen elke verleiding. Je blijft per slot van rekening verslaafd. De snuif, de trek, de gezelligheid, het genot, de gedachte aan die cowboystokken heeft blijkbaar een terminale plek ingenomen in mijn hersenen. Dat is met geen knapperend houtvuur meer te bestrijden.

Zelfs met woestijnzand erover is deze misstap niet weg te poetsen. Wie zich brand moet op de cactus zitten. Jippiejajee!!! Marlboro-country! Leve Lucky Luck in Portugal. Met vingershag vereeuwigd in Lissabon. Sneller dan zijn schaduw. Moet toch eens met Rataplan gaan praten. That dog doesn’t smoke!


Rookmien

"Rookverhalen" een compilatie van hersenspinsels opgehoest tijdens het stoppen met roken in de herfst van 2001. Oftewel verhalen van een jonge dichter bij trekdrop en kaarslicht.












24-04-2003

Rookverhaal 12: Marketeren van AA tot AZ

Soms word ik niet goed van al die verslavingen. Ziektes van deze tijd. Je kunt geen krant openslaan of je wordt weer geconfronteerd met verslavingsperikelen. Roken, drinken, snoepen, lijnen, snuiven, zappen, gokken, spuiten, poetsen, ejaculeren om maar niet te spreken van fitnissen, zeuren, mopperen, zaniken, kletsen, hard werken, studeren, flipperen, sjoelen, tetrissen, puzzelen en lummelen.

Nee, soms wordt het me dan te machtig. Dat zijn van die momenten dat ik echt weer nood heb aan die kankerstokken. Kankeren, had er ook nog bij gekund en dokteren of vogelen. Nou wil ik ook weer niet al te negatief uit de hoek komen, want dat is niet bevorderlijk voor de leesbaarheid van mijn hersenspinsels. Per slot van rekening ben ik ook uit op aandacht. Maar dan wel positieve. Toch pleit ik voor brede maatschappelijke aandacht voor de tijdsziekte verslaving.

Met de verkiezingen in aantocht zou iedere zichzelf respecterende politicus dit gat in de markt toch moeten marketeren (of zoals de spellingchecker van Word voorstelt, ‘parketteren’ of ‘hakketeren’). De sociale zorg binnen onze verslavingscultuur laat te wensen over. Regelmatig hoor ik verbijsterende en verontrustende verhalen en zie ik vreemde uitingen aan de kassa van de AH. Meestal betreft dit dan het onderwerpsgebied GTST en B&B om maar een voorbeeld te schetsen.

De nood is duidelijk hoog. Er is een aperte behoefte aan het bijeen brengen van lotgenoten. De AA kan daarbij als voorbeeld dienen. Weliswaar anoniem, maar weldegelijk latent aanwezig in onze maatschappij. Ik pleit hard voor een AR. U raadt het al, Anonieme Rookverslaafden. Laat ons ook 1x per week bij elkaar komen om koffie te drinken en ervaringen uit te wisselen. Evenzo maak ik me hard voor b.v. de anonieme ejaculeerders (AE), anonieme tetrisspelers (AT), anonieme zappers (AZ), etc… Het lijkt me wel slim om al deze doelgroepen te faciliteren met een eigen clubhuis of ontmoetingsruimte. Een alfabetische combinatie van doelgroepen ligt hier voor de hand. Snoepers en snuivers, zappers en zeurders, sjoelers en studenten, flipperaars en fitnissers, drinkers en dokterenden, lijnenden en lummelaars.


Rookmien

"Rookverhalen" een compilatie van hersenspinsels opgehoest tijdens het stoppen met roken in de herfst van 2001. Oftewel verhalen van een jonge dichter bij trekdrop en kaarslicht.













19-04-2003

Roken en schrijven op therapeutische basis

Een tijdje geleden kreeg ik een reactie op mijn rookcolumns. Een nieuwsgierige lezer vroeg zich af hoe schrijven in hemelsnaam therapeutisch kan werken en helpen bij het stoppen met roken. Hij vroeg mij hierover iets te schrijven. Wel bij deze het antwoord. Al is het maar om de nieuwsgierigheid te bevredigen en een tip van de rooksluier te lichten waarom mijn rookverhalen zo hardnekkig (… en gedateerd) blijven verschijnen.

Columns en andere pennenstreken komen meestal tot stand met behulp van volle asbakken, gele vingers en rokerige luchten. Schrijven om te stoppen met roken lijkt daarmee een contradictio in terminis te zijn. Niets is minder waar. Toch is het mogelijk om deze twee activiteiten met elkaar te koppelen. Hoe gaat dit in zijn werk (en waarom noem ik het therapie)?

Wel, … bij elke gedachte aan een sigaret denk ik aan een letter uit het alfabet (Freud noemt dit sublimatie). Als ik voldoende letters gespaard heb kan ik beginnen met het vormen van woorden (creatieve processen worden in werking gezet volgens Jung). Na een tijdje met dit creatief proces bezig te zijn geweest kom ik uiteindelijk bij zinnen. Mijn zinnen hussel ik dan goed door elkaar om vervolgens uit de chaos orde te scheppen (de essentie van therapie volgens Dr. Spock). En zowaar, een rookverhaal is geboren. Kortom de gedachte aan schrijven en de daad bij het woord voegen waken ervoor dat ik naar de sigaret grijp.

Ik weet, sommige mensen gaan een rondje lopen als de drang naar roken plots komt opzetten. Anderen vergrijpen zich aan trekdrop of soortgelijke placebo’s. Zij nemen de fles, of lezen zich suf in antirookboeken. Zijn lid van de fanclub Allen Carr, slikken zyban, plakken zich vol met pleisters of laten zich lek prikken met naald en water. Dit is allemaal niet besteed aan mij. Nee, deze jongen gebruikt inkt, typelint en toetsenbord wanneer zijn hersenen hem drijven tot waanzin en hem doen lonken naar rookartikelen. Ik lik pennen, kneed gummen, knaag potloden en peuter aan toetsen. En het helpt. Ik blijf af van de sigaretten en schrijf voor mijn lijf. Zo ook is deze column wederom een bijdrage aan mijn quit smoking.

Wat is nu de parallel tussen roken, schrijven en therapie? Degenen onder ons bekend met eender welke therapie weten dat de therapie die ze ondergingen, een wezenlijk onderdeel van hun leven is geworden. Het is diep doorgedrongen in ons zijn. Zo ook roken en schrijven. Kans op recidivisme is daarbij zeer groot. Bij herhaling loopt het zijn grote schade op. Dus dat moet voorkomen worden. Om het in herhaling vallen te voorkomen wordt wel eens gebruik gemaakt van homeopathie. Een beetje ruim vertaald wil dit zeggen dat de kwaal eerst even verergerd moet worden om daarna tot het beste resultaat te komen. Vandaar dat mijn rookverhalen steeds weer een oplossing bieden. Ze zij toentertijd geschreven om van de sigaret af te blijven. Dat vergde veel inspanning. Nu hoef ik slechts mijn placebo’s los te laten op ColumnX zodra ik weer de smaak in mijn mond krijg… Het stoppen met roken kostte mij 21 verhalen. Ik houd het dus nog wel even vol. De teller staat op 11.

Mien Jung en Mien Freud


Bron > http://www.fidnet.com/~weid/psychologists.htm