31-03-2018

120 Woorden Maart 2018

120 Woorden (120W) is een website gerund door vrijwilligers waarop ik kleine stukjes van exact 120 woorden plaats. Meestal aan de hand van opgelegde themawoorden.
Motto 120 Woorden: Er wordt veel te veel geschreven en daardoor veel te weinig gelezen. Weg met de breedsprakigheid. 120 woorden is precies genoeg.


Poederneus (02-03-2018) (Themawoord: Poeder)

Witte neusvleugels steken in de lucht. Net als zijn handen. Een heel klein stroompje bloed drupt uit zijn neus. Suf staart hij voor zich uit. Wezenloos. Een klein flesje wordt onder zijn neus gehouden. De ether schiet linea recta naar de hersenen. Zijn ogen springen wijd open en de pupillen tollen even.

De man die voor hem staat laat zijn handen zakken. Even slaat hij de twee handen tegen elkaar en wrijft daarna nerveus met zijn linkerhand onder zijn neus. Het bloed is gestelpt. Een klein dotje wat hangt uit zijn neusgat. Een slokje water met een rietje nog en dan is het wachten op de bel. Hij is er weer klaar voor. De begeleiding stapt snel uit de ring.


Roekie (08-03-2018) (Themawoord: Rook)

Mijn Roekie is een echte rookie. Hij schuift nog wat onwennig over zijn stok heen en weer. Ik moet eerlijk bekennen dat ik er zelf een beetje de zenuwen van krijg. Hoe moet dat dan voor mijn lieve Roekie zijn? Zou hij wellicht schrik hebben voor het inktvisgeraamte dat open en bloot en vreselijk wit aan de ene kant van zijn stok tussen de spijlen van zijn kooitje hangt? Of voelt ie zich misschien bedreigt door de kleine jinglebells die aan de andere kant van de stok hangen? Volgens de verkoper is het plaatsen van muziekinstrumenten juist een goed idee voor de vogel die ik in mijn kooi gevangen houd. Roekie blijft maar schuiven of maakt ie nu een salto?


Wie rook? (11-03-2018) (Themawoord: Rook)

Een goede vraag. In de bank kijk in naast me. Mijn vader niet. Aan de andere kant mijn moeder. Ook niet. Maar wie rook er dan wel? Voorzichtig draai ik me om. Eigenlijk mag ik dat niet, want het is onbeleefd. Onzin. Hoe vaak ik mij in de toekomst nog zou omdraaien, dat wil niemand weten. Soms van walging en soms om iets niet te hoeven zien.

Maar ik weet nog steeds niet wie er rookt? Roken in de kerk is zwaar verboden. Dat zie je niemand dan ook doen. Ja een keer heb ik mijn broer zien roken. Uit zijn oren. Werkelijkwaar. Diep in elkaar gedoken rook hij een stickie. Goede weed. Beter dan die wierook. En betere kwaliteit.


Walternatief (12-03-2018) (Themawoord: Alternatief)

Walter is geboren in een bakje met stro. Zonder os en ezel, ijzig koud. Maria zijn mama, zag niet naar hem om en pa had alleen maar oog voor houtbewerking. Nou, dan ben je in de aap gelogeerd, toch?

Van bozigheid ontwikkelde Walter zich als een vechter. Eerst een bakjesstrovechter en daarna een straatvechter. Hij werd opgemerkt vanwege zijn kwaliteiten. Het maakte Walter verlegen. Dat had ie nog nooit meegemaakt. Aandacht.

Altijd gevochten tegen spoken, mocht hij nu de ring in. Handschoenen aan en rossen maar. Walter mepte erop los. Zijn tegenstander deed heel gewichtig. Maar het mocht niet baten. Walter’s gewicht gaf de doorslag.

Oer sloeg hij toe. Zijn tegenstander liet hem geen walternatief. Walter sloeg zijn geboorte dood.


Alternatief breien (14-03-3018) (Themawoord: Alternatief)

Degeitenwollensokkenbreierbreideeroplosdatheteenlievelustwaszobezetenwashijvanhetbreiendathijwerkelijkwaarallesaanelkaarbreidezijngedachtenzijnwoordenzijnzinnenjazelfszijnbreinaaldenbreidehijmetzijnbreiwerkenmeezoergdatzevoorgoedinhetbreiwerkwarenopgenomenzoalsbijvoorbeelddetruidiehijhetlaatstgebreidhaddaarstakendebreistokkennoggewoondwarsinterhoogtevanzijnbuikhetleekweleensumoworstelaarvanbovengezienjekentzeweldiedikkechinezenofjapannersmetzo’nknotjeophunnhoofdwaardantweestokkendoorheenstekendienaarikmeheblatenvertellensomsookdienenalseetgereedschapbahhetblijvenviezemensendieoosterlingenzonderteoordelenofveroordelenuiteraardwantvoorjehetweethebjezo’nsumoworstelaarkwaadgemaaktenkomthijachterjeaanmetzo’nverschrikkelijkgrootzwaardverbazingwekkendhoesnelzedaarmeezijnmitshundunnenbeentjeshetvadsigelijfkunnendragenenbijbenenmeestallooptzo’nbuikachterdebenenaanineenmiserabeltempodatjedenktalsikhinkeldanweethijmijnognieteensintehalenjazo’nbreiwonderkanechtweleenloopjemetjenemenzekeralsjedebreinaaldenhebtkwijtgemaaktwantnevernooitwillenzehunbreiwerkuittrekkendaarvoorzijngeitenwollensokkenbreiersveelteluihetenigevervelendeaanditsoortmannetjesisdatzenooiteeneindewetentebreienzeblijvenmaareindeloosaanjeklevengelijkeenzwaandatzeooknooitmoewordenvanzichzelfbegrijpiknietspraakwatervallenzijnernietsbijvergelekenjekentzewelvandiesumoworstelaardikkevrouwendiebijdekassastaanofdiejezichtontnemenenruimteinhetzwembadalszegezamenlijkvoorjezwemmenenmaarouwehoerenverzuipenwiljezehetliefstmaarprobeerdatmaareenszo’nspraakwatervalkomtaltijdbovendrijvenhoehardjezeookonderduwtneeeeneindebreienaaneengeitenwollensokkenbreieriseenramphetiseenkwestievanloslatenikweethetmaarhethoudzohardnekkigstanddateenwintersjaalvanvijfmetererzelfsgeenraadmeeweetikwelikhebheteindelijkgevondeneenschaarenikkniphemnudoorengaopzoeknaarafsluitendehonderdenachtienwoor en daar gaat ie dan u begrijpt natuurlijk lezer dat het even duurt voordat ik ontwend ben aan het vast schrijven geef me dan ook even de tijd ook kost het weer moeite om leestekens op de juiste plaats te zetten laat staan de juiste spelling te hanteren. Daar komt nog bij dat ik lijd aan een zwaar gebrek aan zelfvertrouwen. Zo ernstig dat ik mezelf niet eens vertrouw in mijn zelfvertrouwen. Een stap in de goede richting denkt u nu lezer bij dat laatste. Wel blijven opletten hoor. straks mist u nog de clou. Nee niet de kluwen. Die heb ik inmiddels voor u ontwart nietwaar. Niet waar of nietwaar, waar niet. Ik erger me nog een groen boekje.


Had ik maar een strippenkaart (14-03-2018) (Geen themawoord)

De bus stopt bij halte Naarderbos. Er stapt een man in met een deftige hoed en serieuze blik. Dat is er een, zeker weten. Een controlleur. Ik haal ze er altijd zo uit. De man koopt geen kaartje. Geeft slechts een kleine klik aan de buschauffeur. Zie je wel, ze kennen elkaar. Hoe los ik dit op?

Ik ga in ieder geval meer achter in de bus staan. Gelukkig is de bus vol. De volgende halte is echter buiten het dorp. De Naarderdreef laat nog zeker tien minuten op zich wachten. Had ik maar een strippenkaart. Nu zal die deftige meneer mij waarschijnlijk helemaal uitkleden. Ik moet er niet aan denken. Gekleed de bus in en bloot er weer uit.


Loeder (16-03-2018) (Moffelwoord: Loeder)

Mijn loeder ligt op de bank en wordt onderworpen aan een stevig interview. Degene die de vragen stelt is onlangs afgestudeerd. Ach joch, allang geen Aio meer. Hij viel met de neus in de boter en kon de praktijk zo overnemen. Praktijk van wie? En hoe zit het dan met zijn ervaring? Is die ook over te nemen? We gaan het meemaken.

Loeder hoest. Na een ademloze stilte is dit een dankbaar signaal in de lucht. De psych hapt zuurstof. Hoe is het mogelijk dat zij hoest na zo’n existentiele vraag die lang onbeantwoord blijft. Het heeft dan ook geen enkele zin om verder te vragen.
“Heeft u zin in zin, meneer de psychiater?” vraagt mijn loeder.
“Vandaag niet mevrouw.”


Gotspe (18-03-2018) (Moffelwoord: Gotspe)

Soms wil ik nog wel eens een gokje wagen. Dan pak ik mijn weegschaal uit de keukenkast en pluk links en rechts wat woorden uit de lucht. Zware woorden en lichte woorden. Woorden van zware zinnen en woorden van lichte zinnen.

Ik weeg de woorden op mijn gouden weegschaal. Waagschaal moet ik eigenlijk zeggen. Want ben nu eens eerlijk, wie verzint dat nu, een weegschaal van goud? Die wordt toch meteen gestolen? Om zilveren woorden op te wegen wellicht?

Zwaarwegend overdenk ik welke woorden ik nu eigenlijk het liefste weeg. Dat zijn dan toch wel de werkwoorden. Omdat ze zo goed hun best doen. Want wat kun je anders doen dan je best? Wat te denken van een gotspe? Mogelijk.


Bondigoux (19-03-2018) (Themawoord: Bondig)

Ik zal het kort en bondig houden. Ik heb het hier immers over Bondigoux. Zwaar getroffen in de Middeleeuwen, in zwarte tijden. Een klein dorpje in Occitanie.

Amper 500 inwoners telt het dorpje nog, dat ooit floreerde. Toe er nog katharen rondliepen hielden ze stand tegen de Spaanse inquisitie, met wel 1500 katharen.

Maar helaas moesten ze uiteindelijk het onderspit delven. Alleen maar het onderspit, want graven hoefden ze niet. Opgeknoopt, kort en bondig aan alle bomen die er in de buurt voorhanden waren en hoog genoeg.

Aan bloedbaden deden ze niet meer. Dat zorgde maar voor een vieze boel. Nee, de Spanjolen wisten wel raad met hun democraten avant le lettre. Wat kwam uit Bondigoux was gewoonweg niet goe.


Oester (19-03-2018) (Moffelwoord: Oester)

Ik koester mijn oester. Een parel is het uit de Noordzee. Ik houd het graag dicht bij huis. Hij ligt gewoon op mijn nachtkastje en iedere avond kus ik hem. Soms stinkt mijn oester een beetje, maar ach, dat gaat altijd zo weer voorbij. Mijn neusvleugels zijn er aan gewend.

Met wax wrijf ik soms mijn parel op. Daarvan gaat ie dan blinken. En in de blink zie ik dan mijn gezicht. Dat staat in de avond altijd op lachen. Gelukkig maar. Huilen in een parel daar lusten oesters geen pap van.

Ik koester mijn oester telkens weer opnieuw. Gewoon omdat ie dat verdient. En ooit, ooit als ik hem verkoop dan zal hij mij ook gelukkig maken, denk ik.


Schouwspel (20-03-2018) (Moffelwoord: Schouwspel)

Boven de kachel op de schoorsteen zie ik een heel klein mannetje huppelen. Nou ja, huppelen, het ziet er niet echt blij uit. Hij grijpt tijdens het huppelen voortdurend naar zijn voeten. Die zijn groot. Ze lijken wel in brand te staan. Telkens als hij een voet weet aan te raken houdt ie daarna snel zijn hand voor de mond en blaast op zijn vingers. De rook komt er vanaf.

Het mannetje draagt een rare muts met drie punten die alle kanten opsteken. Aan de uiteinden zitten kleine belletjes. Het maakt best veel herrie. Het mannetje rent nu wel heel hard op en neer over de schoorsteenmantel. Ik word er een beetje duizelig van. Heetgebakerd danst hij nu de horlepiep.


Rare kwibus (21-03-2018) (Moffelwoord: Kwibus)

Het is zes uur in de ochtend en de zon schijnt niet. Het is piķkedonker. Alsof iemand het licht heeft uitgedaan. Je kent dat wel. Via zo’n touwtje boven het bed in een slaapkamer met gesloten verduisterde gordijnen.

Daar is de bus. Ik hoor het aan de deuren die zuigend open slaan. En ik ruik het aan zijn diesel. Waarvan ik nooit weet of ik het nu wel of lekker vind ruiken. Vandaag wel.

Er zit helemaal niemand in de bus. Ook geen chauffeur. Zou dit een zelfrijdende bus zijn? Een robotbus? Een rare kwibus? Vast. Totdat de chauffeur ineens opspringt vanachter uit de bus. Hoe kan dat nu? Hij ziet er wat slaperig uit. Net als ik in dromenland.


Bondig zondig (22-03-2018) (Themawoord: Bondig)

Vloeken mag niet en zeker niet in de kerk, een huis vol heilige boontjes. Maar ergens klopt dat niet. Er zijn namelijk kerken waar dat wel mag. In mijn eigen kerk bijvoorbeeld, mijn huis, het is me heilig. Het is niet altijd heilig geweest. Er is zo nu en dan behoorlijk wat gevloekt. De lieve heer die boven de deur hing viel bijna van zijn kruis.

Het was gelukkig wel kort en hevig. Kleine woorden die hard klonken. Het gif spoot eruit. De ogen, die streng boven de opgetrokken neus, kwaad de ruimte inkeken versterkten het gif. Het staat nog altijd in mijn geheugen gegrift. Af en toe komt het nog boven. Bondig zondig denk ik dan, what the fuck.


Speerpunt (22-03-2018) (Moffelwoord: Speerpunt)

De doktoren buigen zich over de patiënt. Of er nog eer te behalen valt? Dat zie je de beiden heren denken. Persoonlijke eer of wetenschapeer? Er ligt een uitdaging.

Boven hun mondkapjes zoeken de ogen contact. Eerst met de patiënt, die het einde nabij is. Als blikken konden doden. Het ziet er kwaad uit, priemende ogen boven een mondkap. De narcose hapert.

De patiënt hoort de heren doktoren zachtjes met elkaar praten. Ze bespreken een verdict, dat mag duidelijk zijn en wat ze vanavond zullen eten. Boerenkool met worst. Getsie.

Dan kijken de doktoren elkaar nog een keer aan. Ze willen er geen issue van maken en besluiten niet langer te wachten. Slaap zacht, lijken ze te zeggen.

Nee, wacht!


Slingers (23-03-2018) (Moffelwoord: Slingers)

Twee jonge apen hollen door de kamer. Ze hebben hun verjaardag in de bol. Ze zijn helemaal gek gemaakt. Al vanaf begin van de week zijn ze op de hoogte gesteld van dit aankomend feit. Het moet gevierd. Dat zullen de ouders weten.

Cadeautjes boeit de apen niet. Je kunt ze net zo goed een banaan voorhouden. Zelfs taart kunnen ze missen. Slagroom zoenen, spekhappen, appel uit een emmer scheppen met hun mond, geblinddoekt, het hoeft niet voor de apen. Wat dan wel?

Ballonnen, confetti, harde muziek, Liefst Slayer of Frans Bower. Het moet feesten, bruisen. Alcohol moet vloeien en vrouwen, wilde vrouwen moeten er op tafel dansen. Maar het belangrijkste van al. Zelf de slingers ophangen. Als jarige slingerapen.


Am Bach (23-03-2018) (Moffelwoord: Bach)

Ich sitze am Bach mit Am Bach. Sie ist toll und liebt Musik. Wie ich. Wir lieben Bach. Sie ist kuhl an unsere Füsse. Am hat süsses Essen mit genommen. Ich nur Bach. Ich kann nicht ohne Bach. Und Am weisst das. Am Bach ist die tollste Frau die ich im Wald gefunden habe. Sie trägt schöne Kleider. Ganz im Rot. Immer. Ich nenne sie oft Roten Bach.

Am ist schon 79 Jahre alt, aber sieht guht aus. Wie ein junges Mädchen. Ich liebe sie noch immer. Auch wenn sie uhralt ist. Uhralt Bach. Wie die Musik. Mit unseren Füssen im Bach und unseren Ohren. Largo und lentissimo. Ich gib sie eine schöne Kuss. Am Bach liebt mir auch. Glücklich.


Parenclub (25-03-2018) (Moffelwoord: Parenclub)

Leuk zo’n gezellig avondje stappen met stelletjes. Hele clubs zijn er rond omheen georganiseerd. Vooral leden van de golfclub nemen deel. Want die doen veel met paren. Het is me af en toe een stelletje.

Open en bloot in een groene wei zwaaien ze lenig met de stok. Proberen hun ballen in een gaatje te krijgen. Dat is best moeilijk. Zeker als de bal in de plas ligt. Beurt voorbij.

Het lijkt een beetje op flodderen. Zo bloot in de wei. Weggemoffeld achter het tennisbaanraster dromen van blote meisjes. Nou ja, tennissen? Eerder slaan ze op de ballen. Tetsen eigenlijk, slaan kun je het niet noemen. Het liefst geven ze er een klap op. Op die eikel bij het hek.


Hartvlees (26-03-2018) (Themawoord: Hart)

Eet je hart uit. Dat zullen veel Engelsen op dit moment doen. Brrrr… exit. Nooit leuk om buitengesloten worden. Zeker als je op een eiland woont. Uitgesloten. De slagers vieren hoogtij. Het stormt rond de hele kustlijn. Ook rond die van het whiskey-eiland. Zeedronken worden ze ervan. Noordzeedronken.

Het doet pijn ongelooflijk veel pijn. Ik kan alleen maar denken aan Robbie. Als Rock DJ. Robbie Williams, crooner look-a-like en Elvis before the letter. Uit de video-clip, waar hij zichzelf uitkleed tot op het bot. Aan stukken gescheurd op muziek.

Wie verzint het? De Engelsen. Brrrr… exit. Een lichaamsdeel wordt echter vergeten tijdens de opzwepende muziek. Het hart. Een kloppend orgaan, dat kun je toch niet missen? Orgaanvlees, hartvlees doet zeer.


Troostengel (26-03-2018) (Moffelwoord: Troostengel)

Ik scheer me in bad zoals een cowboy doet. In zo’n grote houten ton. Ik rook een dikke sigaar en houd natuurlijk mijn hoed op. Die zit als het ware vast gekit aan mijn hoofd. Hij gaat nooit af. Een beetje cowboy geeft zich niet gauw bloot.

Eigenlijk zit ie vast gekid. Het is zijn kleine baby. Meestal bruin en zacht van leer. Het beschut het hoofd tegen regen en uitval. Dat laatste in geval van rijzende ouderdom. Haren vallen zo niet snel uit.

Het laatste dat een cowboy wil is haaruitval. Ooit een kale cowboy gezien? Ik niet. Of wacht, die ene bij Bonanza, hoe heet ie ook alweer? Echt, een cowboyhoed is de troostengel van het Wilde Westen.


Hartendief (27-03-2018) (Themawoord: Hartendief)

Een klein engeltje loopt midden in de nacht langs de grachten van Madurodam. Als een dief in de nacht. Zijn vleugels heeft ie achter op zijn rug stevig tegen elkaar gebonden. Hij wil niet herkend worden. Over zijn engelenhaar draagt ie een grote pet. Het past er allemaal maar net onder. Een kleine blonde lok langs zijn oor verraadt echter zijn identiteit. Het blijft niet onopgemerkt.

Zijn komst is voorspeld. Dus achter de ramen van de herenhuizen langs de minigrachten wordt zenuwachtig met de gordijnen geschoven. Zou de engel bij hen langskomen? Het lijkt een klein beetje Sinterklaas of de uitslag van de Postcode Loterij. Vol spanning wordt er afgewacht. De mensen willen graag hun hart geven, aan engel Hartendief.


Suikeroom (28-03-2018) (Moffelwoord: Suikeroom)

Ik heb een suikeroom en hij woont in Marokko. Hij komt alleen naar Nederland als het suikerfeest is. Dat is dus met mijn verjaardag in januari, met Carnaval, met Pasen, met Koningsdag, met Pinksteren, met de grote vakantie, met Halloween, met Kerstmis en ook nog met Oudjaarsavond.

Mijn oom is namelijk dol op suiker. Anders hadden we hem ook niet suikeroom genoemd. En wat ie dan in Marokko doet? Geen idee. Suiker verteren denk ik dan. Een beetje navelstaren misschien. Hij is namelijk een beetje lui van aard. Hoeft ook helemaal niet meer te werken. ‘Ik ga zandkorrels tellen in de woestijn!’ Dat is wat hij zei toen suikertante overleed. Het is alweer zeven jaar geleden. Wat vliegt de tijd.


Wandelstokoud (28-03-2018) (Moffelwoord: Wandelstok)

Het was nog maar net dat de zon opkwam. Met mijn wandelstok sloeg ik hem murw. Ik voelde me wandelstokoud. Hij blindeerde mijn ogen, de rotzon. Ik voelde de stralen tintelen op mijn netvlies. Waarom deed ik ook mijn ogen open? Dom, dom, dom.

Hij bleef echter plagen. Weigerde te verdwijnen. Geen wolkje aan de lucht die me ook maar wilde helpen. Hij lachte me uit. Ik voelde het aan mijn water. Gaf ie nu ook nog een knipoog? Misschien.

Met de laatste restjes licht in mijn ogen had ik de emoticons in mijn geheugen gegrift. Ik wist, ik moest ze onthouden. Heel belangrijk. En zeker de smileys. De zon die moest blijven schijnen op de een of andere manier.


Hartzwart (28-03-2018) (Themawoord: Hart)

De sombere kunstenaar roerde zijn kwast voor de negenhonderddertigste keer door de grote plastic emmer. De emmer waar voorheen mayonaise had ingezeten liep haast over. Hij kreeg het niet voor elkaar de zwarte hartverf uit de emmer te krijgen. Telkens gleed deze van zijn kwast. Hij wilde eenvoudigweg niet blijven plakken. De consistentie van de experimentele hartverf was niet goed genoeg.

Hij baalde verschrikkelijk en werd steeds somberder. Hij was nog maar kort kunstenaar. Had zich verdiept in de Modernen en in Zero, zijn favoriete stroming. De omscholing van metselaar naar kunstenaar verliep niet vlotjes. De cursus scheikunde die hij volgde bij het NCOI hielp ook niet echt. Het hartzwart stond hem nader aan de lippen. Uiteindelijk spuwde hij gal.


Nepotisme mondt uit in nemotisme (30-03-2018) (Moffelwoord: Nepotisme)

Vriendjespolitiek is niemand vreemd. In alle lagen van de bevolking komt het voor. In de beste families. Nee, u kunt zich niet verschuilen achter politiek, noch achter vrienden. Vroeg of laat komt iedereen aan de beurt.

Maar wat als je niet politiek bent en geen vrienden hebt? Maakt niet uit. Het ene bijt het andere sowieso. Sommigen vreten elkaar zelfs op. De wolf en zijn geitjes. Zware stenen in de buik. En dan dood neervallen. Het zal je overkomen?

Nee, niet de wolf. Hij neemt wat voor zijn voeten komt. In Limburg en Drenthe en de provincies ertussenin. Een echte nemotist is deze nepotist. Eerst likt met zijn tong over zijn baard en dan vreet hij je op. De bullebak.


Ansichtkaart (31-03-2018) (Moffelwoord: Ansichtkaart)

Een ansichtkaart heb ik vandaag ontvangen. Een echte. Met het aangezicht van een vreemde stad op de voorkant. De afzender ken ik niet. Dat maakt het wel een beetje spannend. Zeker als je de tekst leest. Nee, die ga ik hier niet te berde brengen. U zult het moeten doen met uw gedachte en interpretatie. Net als ik by the way.

Wel kan ik verklappen dat de stad in een zonnig oord ligt. Er staat een kerk op en een station. De plaatsnaam kan ik niet destilleren van de kaart. Die is namelijk met een dikke viltstift zwart gemaakt. Ik heb de kaart tegen het licht gehouden. Maar nee, de letters schijnen niet door. Raar hoor. Geadresseerd aan Mien. Raadselachtig.























27-03-2018

Verslag Literair Podium PoëzieClub Eindhoven i.s.m. dichters Café Eijlders Amsterdam ter gelegenheid sluiting Kunstcafé Malle Abbe

Zondag 25 maart hielden dichters en schrijvers van Café Eijlders Amsterdam en PoëzieClub Eindhoven een Literair Podium in Kunstcafé Malle Abbe te Eindhoven. Het thema voor deze speciale editie was 'Van boven en onder de rivieren'. Een speciale editie omdat dit het laatste optreden was voor dichters en schrijvers van PoëzieClub Eindhoven in Malle Abbe. Wat hebben we er genoten. Voorafgaand aan het podium werd er nog een ode gebracht aan good old Leonard Cohen. Maar dat terzijde.

Van boven en onder de rivieren stroomden de dichters uit regio Amsterdam en Eindhoven binnen. Goed gemutst uiteraard. Het zou een gedenkwaardige middag en avond worden startend met lentezon, koffie, thee, bier en wijn. En niet te vergeten, worst en kaas op de bar. De middag werd afgetrapt door twee presentatoren, Pierre Maréchal van onder de rivier en Paul Lokkerbol van boven de rivier. Zij kondigden afwisselend in blokken de volgende dichters aan.

Kees Godefrooij
Martin Wijtgaard
Marije Hendrikx
Hubert Klaver
Kathinka Kreeberg

Hans F. Marijnissen
Rob Mientjes
Louis van Londen
Max Violier
Rick Kewal

Stanislaus Jaworski
Marijke Hooghwinkel
Jan Wagenaar
Jolies Heij
Adrie Maria Krabbendam

Bianca Hazenberg & Hans Daalmeier
Willem Adelaar
Ingo Oudenaerd
Bob Kalkman
Gérard Vromen

Martin van de Vijfeijke
Katelijne Brouwer
Paul Roelofsen

Remco Sligting
Angela Polderman
Johan Meesters
Pit van Nes
Hermien Koekkoek

Aan het einde was er nog gelegenheid voor Gerwout van Lodewyck de Cortenbergh, Julius Dreyfsandt Zu Schlamm, Bob Heiligers, Jeanine Hoedemakers en Anne Dijkstra om het open podium te betreden.
Daarna was het tijd voor afscheidsgedichten die speciaal te berde gebracht werden als bedankje aan Jan Van De Loo (57), uitbater Kunstcafé Malle Abbe en Hans Jarec de 79-jarige DJ (bekend als DJ van Dancing Aristo / Dancing Drijtap in de jaren 1965 tot 1974).

Ik heb genoten van deze mooie poëziemiddag en neem met enige weemoed afscheid van Malle Abbe waar ik mooie optredens en voordrachten heb mogen meemaken. Zoals daar vandaag de bijzondere voordrachten waren van Renate Spierdijk, met haar melancholische gitaar en heldere zang. Klein en intiem. Het kreeg zelfs de dichters stil. En ook het vitaminendicht van Hubert Klaver blijft in mijn geheugen gegrift. Zo ook het vaderpoëm van Willem Adelaar en het gedicht van Jolies Heij. Ach wat, ik druk het hier gewoon even af in toetsenbordinkt. Er moet toch een gedicht in dit schrijven. Het trof in ieder geval treffend het thema. Zo ook de bijdrage van Gérard Vromen, dichter afkomstig uit het diepe Zuiden, die in het Limburgs Amsterdam bezong.

Over de Lethe

Als ik een rivier had kon ik wegschaatsen
en Joni Mitchell liegt nooit. Er worden geen bomen
meer gekapt noch rendieren opgetuigd als in het
lied, maar de wens blijft zo lang jouw

seizoen van ijs voorziet. We zijn het liefste
kwijt wat ons bezielt, wat te dichtbij.
We koesteren de afstand, de overkant, niet
wat ons vasthoudt maar met de losse hand. Hij

houdt niet van mij, het noorden is te koud
voor veenbrand. Daarom duikt hij onder de
rivier, in de warmte van gloeilampen die

hem doen groeien en zijn twijfels verdampen.
De bedding is zacht, lente geeft vals licht af.
Over geen rivier haal ik hem nog terug naar hier.

Jolies Heij


Valse bescheidenheid is den dichter en schrijver vreemd. Vandaar mijn bijdrage ook maar even benoemd. Hij viel best in goede aarde. Toch een beetje dichter in mij. Een klein beetje. Gestart met niet de lichtste kost. Twee trioletten. Daarna een kleine gimmick. Een gedicht van vier seconden, refererend aan de strenge hantering van de regels tijdens dit podium. 'Denk eraan het moeten gedichten zijn en je hebt vier minuten de tijd om voor te dragen'. Waarvan akte. Ik had de eierwekker voor de zekerheid meegenomen.

Een triolet als schuiftrompet (05-12-2017)
Toilettriolet (06-12-2017)
Een gedicht van vier seconden (25-03-2018)
Lentekramp (28-03-2017)

Helaas heb ik de mooie middag en avond maar mee kunnen maken tot en met de voordracht van Gérard Vromen. De rest heb ik vernomen uit betrouwbare bronnen. Speciale dank gaat uit naar Jan en Hans van Malle Abbe. Het gaat jullie verder goed. Naar Jolies Heij voor het mooie gedicht. Naar Marije Hendrikx en Bianca Hazenberg voor de mooie foto's, waarnaar ik verwijs in de volgende link. Marije maakte de zwart-wit foto's en Bianca de kleurenfoto's zonder iPhoneformaat.
Ook de gasten van boven de rivieren wil ik nog even extra bedanken. Ze hadden een lange weg te gaan. Edoch de moeite waard. Ik was onder de indruk van het hoge niveau van de voordrachten.

Foto-impressie van deze mooie middag en avond is hier te zien. In chronologische volgorde de dichters die hierboven genoemd zijn (uitgezonderd Jeanine Hoedemakers en Anne Dijkstra).


26-03-2018

Troostengel

Ik scheer me in bad zoals een cowboy doet. In zo’n grote houten ton. Ik rook een dikke sigaar en houd natuurlijk mijn hoed op. Die zit als het ware vast gekit aan mijn hoofd. Hij gaat nooit af. Een beetje cowboy geeft zich niet gauw bloot.

Eigenlijk zit ie vast gekid. Het is zijn kleine baby. Meestal bruin en zacht van leer. Het beschut het hoofd tegen regen en uitval. Dat laatste in geval van rijzende ouderdom. Haren vallen zo niet snel uit.

Het laatste dat een cowboy wil is haaruitval. Ooit een kale cowboy gezien? Ik niet. Of wacht, die ene bij Bonanza, hoe heet ie ook alweer? Echt, een cowboyhoed is de troostengel van het Wilde Westen.

25-03-2018

Een gedicht van vier seconden

Een gedicht van vier seconden

Uitvoering: neem een eierwekker en zet in op vier seconden. De truc is om het gedicht daadwerkelijk in vier seconden voor te dragen. Oefening baart kunst.
Voor het eerst voorgedragen tijdens Literair Podium PoëzieClub Eindhoven i.s.m. dichters Café Eijlders Amsterdam ter gelegenheid sluiting Kunstcafé Malle Abbe op 25 maart 2018 in Malle Abbe.

17-03-2018

Eierenrek

Mijn kippen hebben last van eierenrek. Nu weet ik dat kippen best een vreemd loopje kunnen hebben. Maar wat ik nu zie slaat alles en zeer zeker mijn verbazing. De kippen kruipen haast over de grond. Ze wandelen niet meer snel. Vond ik sowieso al geen gezicht dat snelwandelen van kippen maar het kruipen is helemaal buitensporig. Ze lijken hun billen bij elkaar te knijpen terwijl ze door het zand slepen. Ze hebben ook allemaal rode konen. Neem ik ben niet in de war met lellen. De lellebellen, want dat zijn ze zeer zeker, lellebellen helemaal niet meer. Het lijkt wel of ze last hebben van opstopping. Ze liggen allemaal achter elkaar en aan hun kopjes te zien hebben ze het zwaar. Ze lijken op springen te staan. Al liggend op de grond? Ja, dat kan. Vliegen kunnen ze niet. Maar springen heb ik mijn kippen regelmatig zien doen. Ze zijn niet echt opvliegend maar wel opspringend. Zeker in de huidige situatie waarin ze zich bevinden. Ziek, zwak en misselijk, dat mag duidelijk zijn. Nu weet ik dat het momentum van de eisprong weldra nadert. Zou het daar dan mee te maken hebben? Het lijken nu wel echte plofkippen. Kijk ze de billen eens bij elkaar knijpen. Ieder moment kan de grote explosie daar zijn.

Aan de rand van de kippenren zie ik ineens een haas verschijnen. Verkleed op zijn paasbest. Een mooie strik om zijn nek en een geruit jasje aan. Hij draagt ook een vreemd hoedje. Waar gaat dit over? Met een kleine verrekijker bespiedt hij de kippen. Is hij uit op hun eieren? Nee toch? Daar legt de eerste kip haar ei. Nou ja, leggen? Het gaat gepaard met veel gekreun en het komt er zeer moeizaam uit. De kip moet er gewoonweg van huilen. Heel hard huilen. Bijna net zo hard als tokkelen. Het doet pijn aan de oren. Ze houdt zelf haar kleine kippenvleugeltjes over de oren. Na veel gepers poept ze het ei uit. Wat een groot ei. Enorm. Het is geen gewoon ei het is een superei. En het is ook nog eens zeer lang gerekt. Wel tien centimeter. Dat ze dat heeft kunnen uitpoepen, ongelooflijk. Nee, mijn kippen, dat mag duidelijk zijn, hebben erg veel last van eierenrek. Intussen heeft de hele ren gelegd. Gepoept zogezegd. De haas is al bezig met verzamelen. Dat hij die vreemde eieren pikt?

13-03-2018

Ongrijpbaard

Vandaag maak ik me mooi en geef mezelf een grote beurt. Ik douchte me met speciaal geparfumeerde showergel en dure shampoo. Knip in de weg zittende wenkbrauw- en neusharen voor de badkamerspiegel. Oksel- en borstharen scheer ik zorgvuldig weg en ik kuis ook mijn kruis. Niet dat iemand het zal zien, maar het gaat om het idee. En niet te vergeten het zelfbeeld. Ik doe een geurtje op en mijn mooiste kleren aan. Het liefst doe ik eigenlijk geen kleren aan. Zodat iedereen mijn goddelijk lijf kan zien. Maar dat is not done.

Mijn lief wacht me al op. Ook zij ziet er fantastisch uit. Om door een ringetje te halen. Die ring heeft ze ook bij. Ze is jongleur. Jongleuze eigenlijk of jongless, jonglin, jongling? Zeventien lentes jong. Een mooi meisje van duizend weken. Zo heb ik ze het liefst. Alleen jammer dat ze niet zo jong blijven. Ik kan het weten. Thuis heb ik namelijk een veel oudere versie zitten. Wel lief, maar niet meer zo strak. Ik doe het er mee. Gaat prima zo. Soms een beetje traag. Maar je hoort mij niet klagen.

Ze begroet me wat koeltjes en ik vraag of ze al lang op me staat te wachten. Een half uur. Waarom ze niet alvast naar binnen is gegaan? Plankenkoorts. Ja, best lastig in een circus met een houten piste. Ik krijg complimenten over mijn uiterlijk. Kleurrijk vandaag. Ik heb speciaal voor de gelegenheid mijn beste en tevens langste schoenen aangedaan. Een gestreken geblokte broek en bijpassend jasje. Een megagrote strik, een plastic roos met waterpomp. En niet te vergeten, een nieuwe neus. Een rode blinkende. Uiteraard. Ik draag ook een oranje pruik en een klein bolhoedje. Ja, ja, ook ik ben door een ringetje te halen. Net als de mooie leeuwen die ik hard hoor brullen.

En toch klopt er iets niet. Ik merk het aan de reactie van mijn lief. Ze streelt over mijn wang met een van haar fluwelen handen. Heerlijk, het voelt lekker glad en zacht. Ja, maar dat kan toch niet. Waar is in hemelsnaam mijn baard gebleven? Haar houvast is weg. Er valt nu niets meer te jongleren. Teleurgesteld laat ze mij dat weten. En hoe. Haar gedrag in de piste is ineens een stuk minder vriendelijk. Ik voel een einde nader komen. Niet zo vreemd ook. Nu ik mijn grijpbaard kwijt ben is ook de enige houvast verdwenen. Haar houvast. Jammer. Nimmer zal ik nog mijn baard knippen.

Notenkraker meets Shrek

Jantje is in de war. Twee nieuwe boeken liggen er op tafel. Zojuist uitgepakt en heel snel gelezen. Jantje is namelijk hoogbegaafd. Zijn leestempo is van dien aard dat hij kruislings boeken leest, in pakweg tien pagina’s per minuut. Sprookjesboeken vliegen er dan ook in als peanuts. In een notendop zogezegd.

Shrek ging heel vlug. De Notenkraker vervolgens brengt Jantje volledig in de war. In beide boeken komt een gembermama voor. Dat geldt ook voor Russische zuurstokken, Chinese koffie en Spaanse chocolade. Levende miniaturen. Weird!

Op de achtergrond klinkt muziek. Klassiek. Jantje is immers hoogbegaafd. Zo ook zijn oren. Taaikofski klinkt de muziek. En vals. Erg vals. Een poppendokter moet er aan te pas komen. Jantje is ziek. Misselijk. Spuugziek.

06-03-2018

Afvalrace 17: Grip op koolhydraten

Grip hebben en houden op koolhydraten. I love it en ik kan het iedereen aanraden. Sinds de start van het nieuwe jaar laat ik oud vet van mijn buikwand verdwijnen. Het kost amper moeite. In navolging van mijn lieve vrouw, die een maand eerder gestart is heb ik mijn afvalrace als inhaalrace weer opgepakt en nieuw leven ingeblazen. En het werkt. Waarachtig.

Met grote dank aan Yvonne Lemmers. Yvonne wie? Yvonne Lemmers, de schrijfster van inmiddels drie of misschien wel vier boeken die handelen over de omgang met koolhydraten, Grip op Koolhydraten, noodzakelijk kwaad en tevens onontbeerlijke levensenergie. Onder ons gezegd, en dan heb ik het niet over grammen, maar over ponden en kilo's, het vliegt ervanaf en het kost amper moeite, de inhaalafvalrace. Ik ben alweer een gaatje kwijt op mijn broekriemen. Sterker nog, dat wat over is aan het uiteinde van de riem hangt er als een slappe tong bij. Mijn riem heeft geen honger meer en zelfs geen trek. Hoe is het mogelijk? Van 91 kilo (december 2017) naar 80 kilo in twee maanden tijd. Ik leg het uit.

In de morgen neem ik een bakje Griekse yoghurt (drie afgestreken eetlepels, 10% vetgehalte) met een eetlepel mix van noten. Vooraf neem ik een glas water  glaasje water met twee pilletjes silicium en een grote rode pil Dagravit Totaal 30.

In de middag (door mijn vrouw) zelfgemaakt brood. Dit is een mix van ei, kaas, yoghurt in afwisselende verhoudingen en soms met toevoeging van notenmix. Ook toegevoegd wat psyllium, vezelstof voor een goede stoelgang. In totaal dagelijks een halve snee brood. Je kunt voor twee weken vooruit maken en dit in de vriezer bewaren. Daarnaast eet ik ook een klein bakje salade bestaand uit sla (voor de broodnodige afwisseling, soms ijsberg, soms veld en soms rucola), een stukje geschilde komkommer, een klein snoeptomaatje, twee olijven, een halve kleingesneden augurk, een eetlepel kiemen, bij voorkeur 'Sprouty' en een klein stukje kaas (feta of brie). Is dat genieten? Dat is genieten.

In de avond is het uurtje van genot. Een uur waarbinnen gewoon gegeten mag worden. Ook wel genoemd het koolhydratenuur. Pasta, aardappelen, rijst, frites, brood het mag dan allemaal. Binnen het uur ook vlees, vis of vega en groenten nuttigen en ook een stuk fruit (kiwi, appel of banaan). Ook het koekje bij de koffie of chocolaatje valt binnen het uur. En in het weekend ook een lekker glas whiskey. Goed vol te houden allemaal.

Geen tussendoortjes tijdens de dag of avond. Uitgezonderd een stukje kaas, of worst of wat walnoten. Ja, het kan en mag allemaal. Het koolhydratenuur mag ook in de ochtend of middag worden ingezet. Maar dat vraagt dan wel wat meer improvisatie. Mijn voorkeur heeft de avond. De boeken van Yvonne bevatten ook lekkere recepten en kookschema's. Daarnaast een zeer goede uitleg over de zin en onzin van koolhydraten en wat je lijf daadwerkelijk nodig heeft.

En het moet gezegd, ik noem het niet eens een dieet. Eerder een nieuwe levensstijl. De eerste twee weken heb je nog af en toe een hongergevoel, daarna niet meer. Het lijf is dan gewend aan het nieuwe eetpatroon. Je hebt dan ook geen behoefte meer aan tussendoortjes. Wat een rust geeft het voor het lijf. Geen ups en downs meer in het hongergevoel, je voelt je een stuk fitter. Geen grote pieken en dalen meer in mijn suiker. De glucosespiegel is veel meer in evenwicht. Ik spuit ook veel minder insuline, de snelwerkende is teruggebracht van 6 naar 2 eenheden voor de maaltijden. En de langwerkende insuline van 26 naar 18. Toe maar.

Ik voel me een stuk fitter met deze grip op koolhydraten. En het leuke is dat na verloop van tijd je ook zo nu en dan kan, mag en moet zondigen. Je kan het makkelijk hebben. Ik kan het iedereen aanraden. Grip op koolhydraten. Ban het gif. Nooit geweten dat suiker zo'n rotzooi is. Dat ervaar je pas als je met dit dieet, deze nieuwe levenswijze start. En wat ruikt de wereld ook weer ineens een stuk lekkerder en intenser. Ik zeg let's go GOK! Op naar de 76 kilo en 94 cm middelomtrek.

Gewicht 04-11-2005: 88,00 kilo
Gewicht 02-12-2005: 86,50 kilo
Gewicht 23-12-2005: 86,29 kilo
Gewicht 27-01-2006: 87,00 kilo
Gewicht 01-04-2006: 86,50 kilo
Gewicht 19-07-2006: 86,50 kilo
Gewicht 06-09-2010: 90,00 kilo
Gewicht 14-10-2010: 86,00 kilo – Middelomtrek: 105 cm
Gewicht 09-12-2010: 84,00 kilo – Middelomtrek: 103 cm
Gewicht 23-02-2011: 84,00 kilo – Middelomtrek: 103 cm
Gewicht 12-06-2012: 87,00 kilo – Middelomtrek: 106 cm
Gewicht 18-03-2013: 89,00 kilo – Middelomtrek: 107 cm
Gewicht 15-11-2013: 84,50 kilo – Middelomtrek: 105 cm
Gewicht 06-01-2014: 85,50 kilo – Middelomtrek: 105 cm
Gewicht 25-02-2015: 83,50 kilo – Middelomtrek: 102 cm
Gewicht 19-07-2016: 87,00 kilo – Middelomtrek: 107 cm
Gewicht 17-03-2017: 86,50 kilo – Middelomtrek: 107 cm
Gewicht 06-03-2018: 80,00 kilo – Middelomtrek:   99 cm

‘Afvalrace’, een compilatie van hersenspinsels uitgebraakt tijdens het afvallen van schrijver Mien anno 2005/2018. Oftewel verhalen van een jonge schrijver zonder trekdrop met zwemband.