19-02-2011

Klantcontact achter gordijnen

Voorzichtig schuift het blauwe gordijn opzij. Drie lingeriesetjes worden aangereikt. Een rood, wit en een blauw setje. De achtergrondmuziek zwelt aan. Lady Gaga vult plots de ruimte. Ik wurm me in het veel te nauwe pashokje in het rode setje. Met een poker face tuur ik in de spiegel. Dat wordt helemaal niks en ik roep Alejandro erbij. Alejandro biedt troost en een helpende hand. Hij loopt een blauwtje en ik, ik trek wit weg. It’s a bad romance.

Met een ferme ruk wordt het witte gordijn opzij geschoven. Een dame op crocs treedt binnen. Het gordijn wordt dicht geschoven. Hallo, uw naam en geboortedatum graag en rolt u de mouw maar even op. Een koude hand betast mijn arm op zoek naar een blauwe ader. Een scherpe naald schiet vlotjes het zachte vlees in. Mijn bloed wordt rood opgezogen. Ik krijg een pleister op de wonde. Drukt u hem maar even aan. Het gordijn wordt open geschoven. Goedendag. Service as cold as ice.

Het geroezemoes in de zaal neemt toe. Achter de coulissen nemen veertien dames hun positie in. Het blauwe licht dooft en tromgeroffel klinkt. Langzaam schuift het rode gordijn open. Mesdames et messieurs, je vous présente: a lovegame. Op het podium verschijnen de dames in witte sexy lingerie met prachtige verentooien op hun hoofd. Lenig gooien ze hun benen beurtelings in de lucht. Paparazzi kijken ademloos toe. The Can Can keeps the customers satisfied.

Zachtjes piept de badkamerdeur open. Contouren van een naakte vrouw schijnen door het plastic gordijn. Een vreemd personage glijdt door de blauwe stoom. In zijn hand blinkt fel wit het lemmet van een scherp mes. Krijsende violen kondigen onheilspellend onraad aan. Met grote molenwiekslagen maait de indringer dwars door het plastic gordijn heen, het mes een aantal keren in de borst van de naakte vrouw. Lichtrood bloed vermengt zich met water en sijpelt weg in het doucheputje. Psycho Killer qu'est que c'est?

De kassa rinkelt. Pink Floyd dreunt de stereo uit. Een voorname man met rode anjer loopt wat te paraderen. De liftdeur gaat open en een vlotte jongeman in wit pak heupwiegt van de trap. Achter de toonbank staat een oude man met plakhaar. Hij heeft een potlood achter zijn oor en om zijn nek hangt een plastic rolmeter. De klok slaat negen uur en de eerste klant loopt binnen. Hij neust wat rond. Vanachter een gordijn verschijnt een chique vrouw met een blauw kermiskapsel. Zij is zeer attent. Loopt op de klant af en roept bekakt: Are you being served?

Mien Can Can

Geschreven voor website Gek op Klanten

17-02-2011

Daar waar eens de sinaasappel bloeide

Heerlijk lig ik hier te gloren, op de aanrecht achter glas, languit in de fruitschaal. Een vluchtig leven is mij maar beschoren. U kent mij vast als appelsien. Juist ja, het appeltje uit China. Niet te verwaren met de mandarijn. In de fruitschaal lig ik zoet te dromen tot mijn tijd gekomen is.

Ik droom van al mijn lotgenoten en wat daarvan geworden is. Het is nog allemaal zo kort geleden. Zo hang je niets vermoedend aan een boom te bungelen, lekker in de warme wind, blakerend onder de Spaanse zon. Een big smile op je snoet. Loom luisterend naar gezoem van bijen rondom je heen. Ja, ja, het leven één groot feest. Maar niet voor lang.

Een houten ladder wordt plots onder je maag geschoven. Een bruine hand met schaar verschijnt. Hij knipt jou los van je geliefde tak. De navelstreng wordt doorgeknipt. Samen met je lotgenoten verdwijn je in een rieten mand. Een onzekere toekomst ga je tegemoet. Eerst ga je door de wasmachine. Ze leggen je te drogen. Ben je eenmaal goed op kleur dan wordt je nog even goed gewaxt. Oranjeblinkend ga je op maat gesorteerd het vliegtuig in, op transport naar het koude Noorden.

Daar wacht een bijzondere modeshow in een koude loods. Bij de afslag mag je hopen op een goede uitslag. Uitgeknepen en uitgebuit wachten dan bange dagen in de Appiehappie of de Aldi en heel misschien in de frisse buitenlucht op een Hollandse markt. Sommigen onder ons ondergaan een ander lot. Dat zijn de luxepaardjes. Zij gaan linea recta naar de haute cuisine. Worden daar eerst zachtaardig gerold en gemasseerd. Vervolgens onthoofd, gepeld, geveld en ontvezeld. Al het wit wordt weggesneden. De frisse sla of roomijs waar je in gewenteld wordt verzachten enigszins de pijn. Als slagroom op de toet wordt dan ook nog even je pels aan gort geraspt. Het angstzweet breekt uit en je komt als sinaasappelsausje bovendrijven.

Toch kan de lotsbestemming nog iets chiquer, als zalfje of fragrance. Uitgeperst als concentraat eindig je in een trendy pot of flesje. Wel een beetje wrang hoor. Als zalfje zalvend eindigen op een sinaasappelhuid. Nee, dan nog liever sterven in een koekje. Bitterzoet verorberd worden als een kleine Pim.
Ach, hoe makkelijk laten wij ons toch als fruitige typjes kneden, met de hand of met de pers. Met weemoed denk ik terug aan daar waar ik eens als sinaasappel bloeide. O sole mio.

Mien Appelsien

01-02-2011

Tulpenklok

Mijn klok met rode tulpen kijkt me uitnodigend aan. Hij weet dat ik hem regelmatig aanschouw. Geduldig lijkt hij argeloos en wat verveeld mijn tijd weg te tikken. Met elke tik brengt hij de lente dichterbij. Het is alsof de tulpenklok dat weet. Plagend, ingehouden en tergend langzaam loopt hij routineus zijn rondjes. Voldaan en zelfverzekerd. Met een big smile, zo lijkt het wel. Maar niets is minder waar.

Als ik mijn oor aandachtig te luister leg hoor ik de klok met regelmaat kleine zuchtjes slaken. Vooral als hij met zijn secondewijzer dicht in de buurt van de tweecijferige getallen komt. Heel vreemd wat er dan gebeurt. Zodra de secondewijzer de 9 passeert breekt hem het angstzweet uit. En vlak voor het getal 10 dan stokt de wijzer. Heel eventjes. Blokkeert als een geschrokken paard dat pal voor een moeilijke barrière staat.

Ik heb lang moeten nadenken waar deze merkwaardige blokkade vandaan komt. Totdat ik bij een klokkenmaker informeerde. Die wist mij te vertellen dat tulpenklokken speciale klokken zijn. Het zijn klokken met een ongeduldig karakter en zeer onzeker. Een fatale combinatie voor goede tijdwaarneming. Door hun onzekerheid en ongeduld hebben zij hun klokjestraining niet succesvol afgerond. Een klokdiploma hebben zij nooit verkregen.

Tot 10 tellen heeft iedere klok wel ooit geleerd. De tulpenklokken zijn nooit verder gekomen. De getallen 10, 11 en 12 zijn voor de tulpensecondewijzer daardoor vreemden en worden als zodanig niet herkent. Toch moet ook de tulpensecondewijzer eraan geloven. Voortgedreven door zijn mechaniek komt na het passeren van de 9 als vanzelf de 1 van 10 naderbij. Die 1 dat kan de wijzer nog bevatten. Hij denkt: “1, ik ga weer terug naar af.” Maar zodra de 0 van 10 aan hem verschijnt, raakt hij onmiddellijk het Noorden kwijt. Hij heeft geen keus, de klok tikt verder. Een nieuwe 1 doemt al snel weer op. Het is de eerste 1 van 11. Al gauw gevolgd door een tweede. De wijzer raakt zijn paadje kwijt.

Gauw schakelt hij over op de automatische piloot. Maar het lijkt wel of de duvel met hem speelt. Nog geen seconde later treft hem weer een 1. Dit keer is hij gauw gerustgesteld, want vrijwel onmiddellijk volgt een vertrouwde 2. De secondewijzer is weer even bij de les. Hij houdt de pas er stevig in. Totdat, ja verdorie, weer een 1 aan zijn horizon verschijnt. Dat is toch niet te volgen. In korte tijd krijgt hij maar liefst 5 enen voor zijn plaat. De logica lijkt ver te zoeken. Totdat … warempel … opnieuw een 2 verschijnt. Geduld behouden is een goede zaak. Nu naderen geheel staccato de 3, de 4, de 5, de 6, de 7, de 8 de 9. Ze naderen met krasse schreden. De tulpensecondewijzer gaat op herhaling. De lente komt steeds dichterbij.

Mien seconde wijzer