12-07-2011

Getapte mop

Vrijdagavond. Kees fietst naar het werk. Hij heeft er niet zoveel zin in vandaag. Maar plicht roept. Langzaam stromen de arbeiders op het industrieterrein de poorten binnen. Het distributiecentrum waar Kees werkzaam is ruikt naar meel, verpakkingsmateriaal en weeë zure lucht. Snel stopt hij zijn kaart in de prikklok en bergt zijn jas op. Door de grote speakers in de megahal klinkt Skyradio. Hol en leeg. De muziek zal zich vannacht herhalen. Moonlight shadow. Wel drie keer.

Zwijgzaam haalt Kees een pallettruck op, ook wel BT genoemd. De accu’s van de BT zijn gelukkig al opgeladen voor de nachtploeg. Bij de magazijnchef haalt Kees zijn eerste orderbon op. Het wordt een vrachtje toiletpapier en chips laden. Lekker makkelijk. Kees stuurt zijn BT de toiletpapier- en chipsgang in en kan nog net de heftruck ontwijken die midden in de gang staat. Het is de heftruck van dronken Willem. Die laat zich altijd omhoog takelen door zijn collega Dries. Hij heeft weer eens flink gedronken en gaat zijn roes uitslapen op stelling 44, tussen het toiletpapier. Na de nachtlunch gaat hij pas aan de slag. Hij hoeft maar 20 orders te verwerken. Met zijn ervaring a piece of cake.

Om het uur gaat de pauzezoemer. Heel fijn want een bak koffie gaat er altijd in en houdt de nachtploeg wakker en scherp. Kees is nog niet echt opgenomen bij de nachtploeg. Hij is student en uitzendkracht. In de stoere distributiewereld kost het dan extra moeite om een plek te veroveren. Na de pauze checkt Kees of zijn BT niet stiekum is vastgebonden aan een stelling. Zijn twee pallets staan hoogopgestapeld en propvol. Het moment om waakzaam te zijn. De vaste krachten zijn dol op breukpakketten. Het is hun extra bonus. Een stukje verder staat een nieuweling zijn omgevallen vracht uit te pluizen. Hij is het slachtoffer van de nacht. De vaste krachten lachen in hun vuistje. Op de pallet stond veel wijn. Dat wordt een mooi breukpakket.

De lunch is altijd het breekpunt van de nachtdienst. De pauze duurt veel te lang. Tijd voor een praatje. Onderwerp van gesprek zijn steevast gore moppen. De mannen met de meeste tattoes lachen het hardst. Kees lacht schaapachtig mee. Hij wil er graag bij horen. Ook de magazijnchef lacht mee. Heel belangrijk om hem te vriend te houden. Hij deelt namelijk de orders uit. De moppen zijn van bedenkelijk niveau. “Wat krijg je als je pinokkio pijpt?” “Splinters in je mond!” Er wordt hard gelachen. “Waarom mag sperma niet heter zijn dan 40 graden?” “Anders gaat je leuter fluiten”.

De nachtdienst zit er op. Het is 06:00 uur. Kees is blij dat ie naar huis kan. Met een leeg en slaperig hoofd glijdt hij op z’n fiets door de ochtendnevel. In de woonwijken staan de rozen in bloei en hangen de vlaggen en boekentassen in top. Vanavond heeft hij weer een eindexamenfeest. Thuis duikt Kees snel in bed. Hij heeft vanmiddag nog strafcornertraining. Die mag hij niet missen. Kees speelt tophockey en zondag staat een belangrijke wedstrijd op het programma. Gauw dus effe een paar uurtjes vooruitslapen.

Het is een half uur fietsen naar het hockeyveld. Kees stroopt zijn kousen omlaag en doet zijn scheenbeschermers uit. Het is veel te warm. Aanvoerder Gerard spreekt hem aan. “Hee kerel hoe gaat ie? Hoezo moe? Werk je nog steeds in dat distributiecentrum? Je bent gek.” Gerard vindt het maar niks dat Kees in een distributiecentrum werkt en nachtploegen draait. Dat gaat ten koste van slagkracht. De hockeywedstrijd van aanstaande zondag is een hele belangrijke. Kees denkt er het zijne van.

De warming-up is van korte duur. Tijdens de rekkingsoefeningen is er tijd voor een praatje. Onderwerp van gesprek zijn steevast gore moppen. De mannen met de grootste mond lachen het hardst. Kees lacht schaapachtig mee. Hij is nog niet lang bij de club en wil er graag bij horen. De moppen zijn van bedenkelijk niveau. “Wat krijg je als je pinokkio pijpt?” “Splinters in je mond!” Er wordt hard gelachen. “Waarom mag sperma niet heter zijn dan 40 graden?” “Anders gaat je leuter fluiten.” Gegrinnik in de groep.

Kees ligt in een deuk van het lachen. Alle hockeyers kijken hem bedenkelijk aan. De anders zo nuchtere en stille Kees moet nog harder lachen. Hij kan het niet uitleggen. Het is frapant hoezeer zijn hockeymaten overeenkomstig gedrag vertonen met de arbeiders uit het distributiecentrum? Alleen de tattoes ontbreken. Ze moesten eens weten. Kees herinnert zich plots het gesprek met de directeur van zijn school, dat hij afgelopen week had. De directeur van de Academie Beeldende Vorming had hem gevraagd hoe hij in hemelsnaam zijn kunststudie kon combineren met het spelen van tophockey. Dat waren toch totaal verschillende werelden? De directeur moest eens weten? Bulderend van het lachen hervat Kees de rekkingsoefeningen, zijn hockeymaten in verwarring achterlatend. Zou dronken Willem alweer aan het bier zitten?

Mien BT

08-07-2011

Middenleven

Het middenleven, waar begint dat ergens? Meestal zo rond de veertig vijftig. Het aanvangstijdstip verschilt nogal van persoon tot persoon. Onvermijdelijk dient het zich vroeg of laat aan. Er is geen ontkomen aan. Het middenleven is een levensfase die zich opdringt aan ieder mens. Willens en wetens. Het loert en bekruipt.

Het middenleven kondigt zich meestal voor het eerst aan tussen de lakens, vroeg in de ochtend. Een doof gevoel maakt zich dan meester van lijf en leden. Stijgt vanuit de voeten langzaam naar het hoofd om zich te nestelen tussen de oren. Het zeurt en prikkelt en verlamt. Het kost veel moeite om lijf en leden te laten doen waar het toe aangespoord wordt, door een irritant stemmetje in het hoofd: “Kom op joh, vermannen, opstaan, de dageraad lonkt!”

Maar het liefst blijft het logge lijf liggen. Bij het opstaan zijn volgorde en ritme danig verstoord. Er lijkt een vertrager te zitten op alle bad- en kleedrituelen. Eerst gezicht wassen en dan tanden poetsen of was het andersom? Twijfel maakt zich meester en vraagt om houvast. Ook in kleine zaken. De houdbaarheidsdatum van tandpasta wordt zelfs in twijfel getrokken. Maar helaas de lettertjes zijn te klein om van de tube af te lezen. Het kost grote moeite om de sokken aan te trekken. Het katoen krult, protesteert en stropt. De voeten lijken niet meer mee te willen werken. Een vrije val is onvermijdelijk. Het warme bed biedt gelukkig een dankbaar vangnet. Eenmaal aangekleed zakken de sokken samen met de moed volledig in de schoenen. Schrik slaat toe. De dageraad is niet langer wat ie is geweest.

Dit middenleven spot met elke vorm van eigendunk en zelfwaarde. Er is geen ontsnapping mogelijk aan de intrede van menselijk verval. Ontkenning en zelfspot bieden slechts kort een ontsnappingsroute. Zij die het volle leven omarmen geven zich het eerste over. Een zoektocht begint. Naar bezinning en reflectie, naar religie en spiritualiteit, naar zen en yoga. Ze geven verdieping en nadere betekenis aan het bestaan. Drank en drugs, sex en ouderwetse rock and roll, bieden een zoete tijdelijke vlucht voor hen die het verval maar moeilijk kunnen accepteren. Een opborrelend broeiend hormonenspel, dreigt jarenlange, zorgvuldig opgebouwde en gekoesterde evenwichten te verstoren. Sommige relaties gaan diep door het stof. Andere herrijzen. Schone schijn verbrokkeld. Waarheid en ware liefde zegevieren.

Hevig heimwee naar het voorleven brengt zoete herinneringen terug en geeft richting aan nieuwe dromen. Kortstondige herleving van ongekende naïviteit en enthousiasme zet de wereld tijdelijk op z’n kop. Motorles en groene blaadjes lonken in onbegrensde euforie. Nieuwe horizonten worden in het middenleven grondig verkend. Onder het mom van sabbaticals. Crossing borders met een rugzak vol ervaring. Helaas treft in deze levensfase ziekte en verval ook vele dierbaren. Being there vormt de essentie van het middenleven. Met veel aandacht en zorg voor de ander en voor de eigen persoon. Het biedt de enige garantie voor een prettig naleven. Een naleven dat zich hopelijk zal ontwikkelen naar volle wasdom. Een naleven waarin nieuwe generaties ontkiemen en gaan groeien. Again and again. Stroom stroom stroom, de loop van het leven gaat almaar door.

Mien Cyclus

01-07-2011

Geslaagd met vlag en wimpel

Ik zie ze hangen, ja daar in de straat.
Ik zie ze hangen, ja daar in de straat.
Yeah, yeah, yeah.

Nou moet je weten, het kostte heel wat kruim
Hardop leren, hardop schrijven, meer dan honderd keer.
Maar nou ben ik trots, ik schreeuw het van de daken.
Man wat ben ik trots, ik schreeuw het van de daken.

Ze zeiden allemaal, hee, gabber hou het nou toch effe vol.
Het maakte mij wat broeia, het was echt geen lol.
Maar nu het einde is gekomen vind ik stuka best wel knopje.
Die oldies hebben toch gelijk gekregen, stuka is best styling.

Ik zie ze hangen, ja daar in mijn straat.
Ik zie ze hangen, ja daar in mijn straat.
Yeah, yeah, yeah.

Duh, stuka kan ook best wel faja zijn.
Relax man, sisas en bradas gingen mij al voor.
Stuka is niet dede en zonder stuka ben ik doekoeloos.
Ik ga weer snel naar skoro.

Maar eerst een fesa vieren. Yo man.
De vlag mag buiten, zo ook mijn tas.
Ik ga daarna weer snel naar skoro.
Mijn oldies zijn nu helemaal happy.

Ik zie ze hangen, rood wit en blauw.
Ik zie ze hangen, rood wit en blauw.
Mijn boekentassie eronder.
Geslaagd met vlag en wimpel.

Met dank aan oldies en docenten.
Man wat ben ik trots.

Mien zweeft en zwetst door Helmond-West

Gepubliceerd in Wijkkrant Helmond West Juli 2011 > Geslaagd met vlag en wimpel