120 Woorden (120W) is een website gerund door vrijwilligers waarop ik kleine stukjes van exact 120 woorden plaats. Meestal aan de hand van opgelegde themawoorden.
Motto 120 Woorden: Er wordt veel te veel geschreven en daardoor veel te weinig gelezen. Weg met de breedsprakigheid. 120 woorden is precies genoeg.
Koeienjongetje ontmoet koeienmeisje (4-11-2018)
Ik zie hem zo voor me. Met een melkwit gezicht, olijke ogen, rode blosjes op de wangen en een guitig kuiltje in zijn kin. Gekleed in een roodwitzwart geblokte blouse. De mouwen opgestroopt. Spijkerbroek aan, van PME natuurlijk, want wie kent tegenwoordig nog Levis. Levis? Verkeerd geschreven misschien? Moet het niet Le Vis zijn? Non.
Ik zie haar zo voor me. Met een melkwit gezicht, ondeugende ogen, rode blosjes op de wangen, guitig kuiltje in haar kin. Gekleed in een roodwitzwart geblokte blouse. Mouwen opgestroopt. Spijkerbroek aan. Nee, geen rok. Omgeven door spannende cowboys, bruin, zongestraald, strak en lenig dansend. Madonna zwoel en hevig heupwiegend.
En ik, ik houd mijn lasso vast en wacht met ontwaken, uit mijn natte droom.
BonBonBloc (5-11-2018)
In mijn winkelwagentje steevast dezelfde producten. Een avocado, Coca-Cola en een BonBonBloc. Mijn nieuwe vriendin moet telkens lachen als ze op zaterdagochtend mijn koelkast opentrekt.
Een avocado is gezond, heb ik me laten vertellen. Smaakt bovendien heerlijk. Beetje naar noot en daar houd ik van. Wie niet? Mijn vriendin gelukkig ook. Ze gaat er spontaan van zingen. Van al die noten die ik op mijn zang heb. Mijn zang is dan ook mijn fijnste bezit. Zou hem voor geen goud willen missen.
De Coca-Cola is een ander verhaal. Bespaar ik u. Houd het er maar op dat zowel mijn lichaam als geest wel eens zwak zijn. Maar dan die BonBonBloc. Ultiem genot. Mijn vriendin fluit spontaan op mijn chocolade BonBonBlocfluit.
Bonbon superieur (5-11-2018)
Zijn armen dramatisch geheven, grote handen uitgestoken richting spotlights, vingers gestrekt gespreid. Hoofd omhoog gericht, nek idem dito gelijk een boze trotse kalkoen. Aderen op handen in nek en naast opengesperde ogen bonkend gezwollen. Haast liederlijk het beeld.
Op de stoelen, banken, in de loge hoog in de lucht, zittend op het puntje van spanning, vol zenuwgenot, spierplezier en ademnood te genieten. De lange lelijke man onder en voor op het podium, in treurig zwart pak gekleed, expresst wat in de hoofden van het in grote getale toegestroomd uitzinnig publiek vastgeklonken zit.
Een lied in donderend Frans klinkt door de zware theaterlucht, prikkelt de oren en ontluistert zoet. Bonbons superieur als vette metaforen. En hij maar zweten. In fondant mineur.
Bonbondozen (7-11-2018)
Gelikt, dat zijn ze, de fel gekleurde glanzende bonbondozen. Op ooghoogte liggen ze in de rekken van AH-XL. De Mon Cheries en Celebrations, de Merci’s en de After Eights, de Godiva’s en Delicata’s, de Milka’s en de Caluwé’s, de Lindts en Australians. ‘Grijp me, eet me, lik me, please me, kleed me uit, geef me weg, adore me.’
‘Reken me af!’, roept vervolgens het berekende winkelwagentje. ‘Ik zit propvol.’ De chauffeur weet wel beter. Hij of zij rijdt nog even terug. Het koekiemonster in de bijzit springt eruit. Scoort nog wat Marsen en andere repen en dirigeert zijn chauffeur nog even naar de notenbar en liquidstore. Het is morgen weekend, het mag. De bonbondozen lachen hun hart eruit. Wordt smullen.
Bonne-bonne-bonne bonbons (8-11-2018)
Bonne-bonne-bonne bonbons. Vol verwachting klopt hun hart. Binnenkort mogen ze weer mee naar Nederland, met de boot eerst een stuk over de koude Noordzee om dan opgeslagen te worden in een groot Amsterdams pakhuis. Pakhuis? Ik zeg afblijven huis. Er wordt niets, maar dan ook niets uit de juten zakken gepakt, huis.
Lekker knus zullen de bonne-bonne-bonne bonbons afwachten in welke kinderhanden- of schoentjes ze terecht gaan komen. De chocoladen hebben haast. Ze smelten langzaam, zo dicht op elkaar. Zeker als de kachel aan is in het pakhuis, door de bonne-bonne-bonne bonbons sinds jaar en dag bestemeld als blijf-van-mijn-lijf huis. Nog tig nachtjes slapen en dan is het zover. In een of andere hoek worden ze dan gesmeten. Hoe zoetzuur.
Bonbonbetonbloc (8-11-2018)
De manager van supermarkt Malle Pietje Leidseplein is het spuugzat. Zwerver Tinus Tokio, een heel klein miniatuurzwervertje van amper twaalf loopt nu al bijna een half jaar de snoeprekken te terroriseren. Hij bijt iedere dag een klein stukje chocolade weg uit de Bonbonbloc repen. Zowel de melk, puur als de noten repen.
Tinus Tokio is ondanks zijn lengte van amper een meter oersterk. Thaiquando, Jiejoetsie, Charate en Hudo, alle vechtsporten beheerst hij. Ooit won hij zelfs een K3 toernooi. Als lage bas. Knap hoor. Maar dat terzijde. Zijn ervaring zette hij ter verdediging in. Niemand die Tinus Tokio zijn bites in de Bonbonblocblokken durfden te ontzeggen.
Totdat het lumineuze idee ontstond de Bonbonblocblokken te vervangen door Bonbonbetonblocblokken. Nooit meer gezien.
Won Ton Ton bonbons (8-11-2018)
Liegen en bedriegen is er niet langer bij. Het management van popgroep Won Ton Ton is het zat. De bandleden is de wacht aan gezegd. De bonbonverslaving is compleet uit de hand gelopen. Uit de buik, beter gezegd. Tijdens de laatste optredens stroomde de vloeibare chocolade zowaar uit hun… Ik bespaar u de details, lieve lever… ehhh… lezer.
Ze weigerden al een poos op te treden als er geen bonbons aanwezig waren. Oogluikend werd dit gedrag getolereerd. Totdat de boel escaleerde tijdens hun publieke optreden op Leidseplein, midden in de nacht na Koningsdag. Jaren tachtig of was het negentig? Na het consumeren van vier kilo Mon Chérie was er geen houden meer aan. Een vieze chocoladefontijn beëindigde vroegtijdig hun moeziekcarrière.
Bonbons krijgt de bons na het eten van Mars (8-11-2018)
Harrie Bonbons, de orgelman van het Leidseplein rijdt teleurgesteld zijn orgel richting Leidsevaart. Heel even overweegt hij zijn orgel in de plons te gooien. Verband van het Leidseplein. Hij kan zich wel het haar uit zijn oren trekken. Op zijn hoofd staat immers al jaren niets meer. Wat is er gebeurd?
Harrie Bonbons, die eigenlijk gewoon Harrie van de Kimmenade heet, heeft contractbreuk gepleegd. Hij heeft en plein publique op het Leidseplein te Haarlem een Mars gegeten. En dat mag niet. Immers, contractueel heeft Harrie Bonbon zich verplicht alleen maar bonbons te eten van Koot ten Door. Geen Mars dus. En Koot heeft Harrie op eterdaad betrapt. Echt wel. Einde contract, einde carrière van Harrie van de Kimmenade. Best heftig.
Biebelebijbelse bonbons (8-11-2018)
Waar zijn de lepeltjes gebleven? Ja, die van papier-maché? We gaan hier toch geen gouden lepeltjes voor gebruiken? Verdwenen? Opsporing verzocht al ingeschakeld? Of op heterdaad betrapt? Met eigen ogen waargenomen? Of Life aid? Niemand? Helemaal niemand? Hoe moet dat nu verder dan? We kunnen toch niet verder gaan zonder onze papier-machéen Biebelebijbelse bonbonlepeltjes?
Iemand een idee om dit op te lossen? Jullie beseffen toch wel wat dit betekent? Zonder Biebelebijbelse bonbonlepeltjes geen voorstelling, toch? Dat willen we toch niet? Stel je toch eens voor? Peter, Peter, nee, nee, je gaat je nu toch niet voorstellen? Aanstellen dan? Tegenstellen? Afstellen? Willen we dat lieve toeschouwers? Nee toch? Gaan we nog een oplossing vinden heren, dames, jongens, meisjes? Geen idee zeker?
Bonbontijd (9-11-2018)
In de ochtend ben ik op zijn best. Dan is het voor mij bonbontijd. Niet dat ik me vergrijp aan bonbons lezer, begrijp me niet verkeerd. Ik schuim alle ochtendprogramma’s af op televisie. Aan YouTube oftewel liveblogging en -vlogging doe ik (nog) niet. Als correspondent én trendspotter is dat vooralsnog too much. Er gaan maar een paar uurtjes in een ochtend. Daar moet ik zuinig op zijn.
Mijn hoofd mag niet overlopen. Ik werk namelijk voor het ADD, de flipperkrant, zowel online als fysiek toonaangevend in haar branche. Vroege vogels en de Ontbijtquiz zijn mijn favoriete programma’s en Fit met Brit natuurlijk. Intussen shop ik wat af. Kijk synchroon naar acht beeldschermen en tik mijn teksten op vier sleutelborden. Smullen.
Bonbonton (9-11-2018)
Mijn tante heeft geen koektrommel maar een bonbonton. Een ton, wulps met flink aangezette ronde vormen. Nee, niet mijn tante maar de ton. Er kunnen wel tien kilo bonbons in de ton. De houdbaarheidsdatum of beter gezegd de doorlooptijd van de te nuttigen bonbons bedraagt een kleine week.
Mijn tante weegt driehonderdtwaalf kilo en ziet er nog prima uit. Alleen jammer dat niemand dat kan zien. Ze gaat, ze kan nog amper de deur uit. Gelukkig is mijn tante een ster in vloggen. Vierentwintig uur per dag zendt ze zichzelf life uit. Het is haar missie om iedereen aan de bonbon te krijgen. Een ijdele en kostbare missie. Maar ze geeft wel het goede voorbeeld. De schokolade-industrie is ook blij.
Nepbonbons (9-11-2018)
Nee, nee, nee, dit gaat niet over pralinee’s, dit stukje gaat over nepbonbons. Over Pleonidassen en andere wilde zoeternijen. Over Barsen en Butsen en Bnickers. Dit gaat over onvervalst genot. Grokoladeplezier en kladroomspuiten. Over kleine stukjes slagdroom die aan de lippen blijven zitten. Heerlijk toch?
Nepbonbons are my favourites, rites de favou. Miammie in Miami. Bon Chemie en Knoetjesrepen en dan afblussen met een fantoomfontein vol melkmodder, hemels. Broche, broche, broche en Kilkapolonaise, sweet dreams are made of this. Pralija’s en Langtongbrownies, ik lust er kilo’s van.
Velgische bonbons en Rotelebone, Lilkakoeiensnoepjes, Kaleboutjes en Mashmallootjes. Gevuld, gemarineerd, voor- of nagekauwd, ik kan het allemaal hebben. Moet het hebben. Pekulaasjes en kneperpoten, ultiem zacht fluim en tot slot hartige gebrande knotentaartbonbonnetjes.
Bonbonnière (10-11-2018)
Binnenkort, wat heet, binnen vier maanden, een druppel op een hete plaat, vijf seconden voor twaalf, gaat het weer gebeuren. Het feest der feesten. Vlezig leuk. Carnavale. Maar eerst wordt het nog 11 november. Prinsen van het jaar 2019 springen dan uit een doos of staan ineens op uit het publiek. De nieuwe Prinsen zijn geboren.
Zo ook in de Bonbonnière te Mestreech. Wie zal het dit jaar zijn? Maar eerst zullen Buutredners nog van zich laten horen. Tonpraters zullen een jaar samenvatten en kolderiek becommentariëren. Van de Prins geen kwaad. Alhoewel, Prins Rutte, hoe Limburgs kan een naam klinken, zal toch op zijn Marc-Marie’s gemangeld worden. Het zal mij worst wezen. Tilburgse worst, gezegend door de paters van Genoeg.
Knalbonbons (10-11-2018)
Je kent het wel. Zo’n snoepje dat explodeert in je mond zodra je het stuk bijt. Een knalbonbon. Ik zou ze eerder knalbomboms genoemd hebben, maar dat terzijde. Onlangs heb ik weer het ongenoegen gesmaakt van zo’n knalbombom. Ik heb het geweten. Het was een klein minigranaatje in de vorm van een klein ei. Een kindersurprise stond er nog op. Ik had al een beetje mijn twijfels, maar toch. Je kijkt een gegeven paard niet in zijn bek. Ik althans niet. Dat stinkt me veel te erg. Helaas zat aan mijn granaatei ook een luchtje. Wat zeg ik, luchtje? Na een fameuze knal, waarbij het bloed me uit de mond spatte, kwam er ook nog eens een rookexplosie. Gebakken lucht.
Bonbonken (10-11-2018)
Piet: Hoe was je weekend?
Jan: Goed, het jouwe?
Piet: Heerlijk gebonbonkt.
Jan: Ha, alweer, met wie dit keer?
Piet: Met Truus.
Jan: Nee… met… met… Truus van de… Piet… Bakker ja. En het was lekker!
Jan: Jazeker, die lust er wel pap van… maar ehhh… Piet:… hoe ik dat doe? Gewoon vragen.
Jan: Gewoon, wil je met me bonbonken?
Piet: Ja, maar nu niet. Ha, ha. Marieke wacht.
Jan: Nee… Marieke Pil?
Piet: Yep… Marieke Pil die wil van… Jan:… bil. Dat geloof ik niet. Die is toch …?
Piet:… lesbo? Niet meer. Sinds ze mij ontmoet heeft wil ze geen dames meer bonbonken.
Jan: Doen lesbo’s dat ook, bonbonken?
Piet: Geen idee. Vergeet niet te klokken.
Jan: Doe ik.
Mijn cockpit (12-11-2018)
Ik kan zo hard schudden als ik wil, het mag niet baten. En dat op het moment suprême. Laat me alsjeblieft niet in de steek. Nog een keer kijk ik in de grote passpiegel op de badkamerdeur en zucht. Op hoop van zegen loop ik de slaapkamer binnen. Wat zal ik nu toch eens zeggen? Hoe lang ben ik niet op de badkamer geweest?
Op het bed zit ze al te wachten. Het spel kan beginnen. Ze ziet er verrukkelijk uit in haar stewardessenoutfit. De lingerie-set van KLM maakt het helemaal af. Wat een mooi totaalpakketje zit daar op mijn vliegtuigsprei 'Boeing Boem Boem Nine Eleven'. Ze kijkt me ondeugend aan. Maar er gebeurt helemaal niets met mij. Mijn cockpit.
Peacockpit (12-11-2018)
Wordt u al geholpen, meneer? Dat doet kassabelletjes rinkelen en liftdeuren open – en dichtslaan. Met peacockpit en strakke blik het hoofd geheven, wacht men op de klanten. Geaffecteerd in het kwadraat, een enkeling daargelaten. Een droeve man met flaporen en een waterhoofd ziet vanachter het gordijn schaapachtig toe.
Dan gebeurt het. De befaamde Potemkinscène, maar dan anders. Een rolstoel met een magere oude man, die nu nog olijk uit de ogen kijkt, kiept voorover over de luie trap. De rolstoel stuitert vervaarlijk achter hem aan. Zo ook drie wulpse langblondharige dames in verpleegstersoutfit, die tevergeefs trachten de oude magere man in het gareel te houden. Wat dat dan ook überhaupt mag zijn, gareel?
Maar zaken gaan voor het meisje, toch?
Cockpitjes (12-11-2018)
Mijn oom ijlt. Heeft last van forse golvende pijnen in onderbuik, rug en soms ook in de heupstreek. Last van strangurie, pollakisurie en hematurie. Woorden waarvan galgjespelers smullen. Maar niet mijn oom. Hij vindt het ook nog eens stinken naar rotte eieren, bah. En dat terwijl het toilet zojuist nog een grote beurt heeft gehad. Bah, bah, zum kotzen, zo ruikt het.
Tante vindt dat oom overdrijft. Hij blaast de dingen altijd op. Maar oom pikt het niet langer, de stank, hij bezoekt de dokter. De symptomen zijn overduidelijk. En sterker nog, het toilet van de huisarts stinkt nu ook. Strangurie, pollakisurie en hematurie, score honderd procent. Mijn oom heeft last van blaasstenen. Aha, dat wordt cockpitjes spuiten, grapt tante.
Cockpitgame (12-11-2018)
Bloody hell. Bloed en hanenveren vliegen in de rondte. Tjakka. Weer een hielenhaal. Stoer wordt de borst geheven. Kom maar op? De blikken staan op oorlog. De lellen worden nu ook ingezet. Klatsj. Wat een lel! Haan Hans ziet zwart voor de ogen. Haan Harrie grijpt zijn kans. Met een kamikazesprong a la van Gaal schopt Harrie Hans met zijn hielhaak in zijn rechteroog. Hans stort kermend neer. Langs de kant klinken wilde kreten. “Sta op Hans!” Maar Hans legt het loodje. Poten en veren gestrekt. Harrie is de winnaar. Wederom. Een dijk van een haan als het op vechten aankomt. Vanavond mag hij extra vroeg met de kippen op stok. Morgen een nieuwe cockpitgame, met wederom een mooie inzet.
Restaurant de Cockpit (13-11-2018)
Even voor de duidelijkheid lieve lezer. Dit stukje gaat over de vrouw van een kok. Laat u niet misleiden door de titel. Het betreft hier namelijk niet een cockpit van een vliegtuig. Nee. Het gaat hier echt over een kok. Een luie kok. Hij slaapt het liefst. Zijn favoriete hobby. Eigenlijk zou het restaurant de Kokpit moeten heten. Maar zoiets kan alleen in Amsterdam. Daar begrijpen ze die humor. Zijn vrouw daarentegen heeft het nog geprobeerd. Edoch, de lieve vrouw is dyslectisch. In alle talen. Ook dat nog. En ze lijkt ook nog eens treffend op Hyacint. Juist ja, Bucket oftewel Bouqet. Qua karakter dan. Dan kom je al snel uit bij Restaurant de Cockpit. Ssstttt… want hij slaapt nog.
Cockpitjoke (13-11-2018)
Een boer in Groningen, hij ploegt voort. We tellen 1 april 1943 en het is best koud. Plotseling hoort de boer geronk. Het is niet zijn tractor. De lucht lijkt even te trillen. Hij kijkt omhoog. Nee! Een vliegtuig komt langzaam omlaag gestort richting boerderij. Paniek! Boer rent naar boerderij. Heel even heeft hij oogcontact met de piloot in de cockpit. Paniek! Het vliegtuig stort neer op het kippenhok. Alle kippen spurten weg. De boer is boos, woedend en stormt vloekend en tierend op de vlieger af. Die roept bedarend: “Keep quiet!” En steekt zijn handen naar voren om de boer op te vangen. “Wat!”, schreeuwt de boer, “kiep kwajt? Niet één kiep, menneke, al mien kiepen zien kwajt. Dju!”
Noppenfolie (13-11-2018)
De nieuwste trend op de voetbalvelden. Noppenfolie onder je voetbalschoenen. Zuinigheid? Nee. Waarom dan? Dat verdient nader uitleg. Kijk het is eigenlijk heel eenvoudig. Waartoe dient folie? Als achternaam voor Ellen? Nee, mallerd. We zijn hier niet bezig met baseball. Met honkbal ook niet. Er worden hier geen honken gestolen en ook geen dashboards bevlekt. Geen denken aan. Nee, folie zorgt juist voor opgeruimdheid en netheid. Het is een vondst van een nette moedervereniging, genaamd ‘het ijverige voetbalschoenenpoetsertje’. Het zit uiteraard nog in de testfase. Maar de eerste onderzoeksresultaten zijn veelbelovend. Door het plaatsen van noppenfolie onder de voetbalschoenen blijven deze langer gevrijwaard van modder, klei, löss en andere aardkloten. Dat scheelt drie keer per week het poetsen van voetbalschoenen.
Hardcockpitch (17-11-2018)
Hot op de arbeidsmarkt en in de banenpolonaise, de elevator pitch. Solliciteren op zijn Jansebaggers. Sommigen hebben een lift nodig die doorschiet tot de honderdste etage, anderen volstaan met tien. En dan nog is de snelheid van de lift bepalend. Allemaal oefenen voor de spiegel en voor de groep. Niets aan het toeval overlaten. Scoren in twittervaart en instagramtempo. Je kunt ook nog kiezen voor een videoboodschap of helemaal professioneel voor een TED Talk. Ik zie het ze allemaal doen. En toch, is het eigenlijk wel nodig? Hoe moet ik als stratosfeermaker en lampenkaphersteller dit aanpakken? Ik krijg vijf keer in de week tips voorgeschoteld hoe te solliciteren. Maar vooralsnog leun ik voorlopig op mijn hardcockpitch. Dat geeft tenminste bevrediging.
Sisyfusarbeid (19-11-2018)
Wekker uitzetten. Dekbed afslaan. Pantoffels aan. Effe plassen. Gezicht wassen. Tanden poetsen. Kleren aan. Make-up op. Juwelen om. Koffie thee. Ontbijt maken. Telefoon lezen. Hond uitlaten. Poes aaien. Tas mee. Deur uit. Fiets op. Auto in. Vliegen maar. Hoi hoi. Goedemorgen morgen. Naar koffiezetapparaat. Bakkie thee. Even kletsen. Alles goed. Alles behalve. Allesbehalve goed. Gaat wel. Computer aan. Muizen maar. Mail lezen. Daarna telefoon. Sociaal mediaën. Bulk wegwerken. Nieuwe orders. Even koffiepauze. Of thee. Speculaasje eten. Of mandarijn. Orders verwerken. Grote pauze. Buiten wandelen. Lekker weer. Even uitbuiken. Half dutje. Nieuwe orders. Bijna koffiepauze. Of thee. Collega jarig. Langzalzeleven zingen. Progressgebakje erbij. Nieuwe processen. Effe doorwerken. Naar huis. Auto in. Fiets op. Poes aaien. Hond uitlaten. Jas uit. Et cetera.
Schildpad (21-11-2018)
Er zijn schildpaden waarover je niet wil lopen. Schindler’s list bevat zo’n schildpad. Wie herinnert zich het niet, die de film heeft gezien. Gruwelijk. Een pad aanleggen van grafschilden, wie verzint het? De duivel, het beest, de onmens, de tiran, de wreedaard. Grafschending om vervolgens de mensen de dood in te jagen over een gruwelpad. Ja, daartoe is de mens in staat. Nooit gedacht. Wens het niemand toe en wens het zelf nooit mee te maken. Zelfs niet met een slakken- of schildpadgang. Ongehoord. Deze toestanden. Mogen never nooit vergeten worden. En niet alleen herinnerd op Dodenherdenkingen of Bevrijdingsdagen. Bevrijd raken de mensen nooit, die achter en onder de schilden schuilen. Als oorlogsslachtoffer, beestachtig, schuldig én onschuldig vermoord. Blijf herinneren.
Flagrant (21-11-2018)
Het is flagrant, brandend, duidelijk, in het oog springend, onloochenbaar, onmiskenbaar, overduidelijk, uitdrukkelijk, zonneklaar, kortom zeer duidelijk, dat op heterdaad iemand betrappen die flamboyant, vlammend, vurig en hartstochtelijk schrijft, nooit iets kwalijk genomen kan worden betreffende zijn stijl, oftewel zijn samenstelling van artistieke elementen die samen een manier van uitdrukken vormen die kenmerkend is voor zijn individu, los van periode of volk, oftewel het lange, dunne deel van zijn stamper, tussen vruchtbeginsel en stempel, ook wel genoemd zijn pen. Wat overigens weer niet wil zeggen dat de schrijver voor wat betreft de inzet van zijn gereedschap niet ter verantwoording geroepen mag worden. Integendeel. Juist zijn gereedschap speelt een grote rol in de manier waarop hij zijn zegje te berde brengt.
Vlaflippen (26-11-2018)
Pas op. De vla in de supermarkten is niet meer zuivel. Zuiver bedoel ik natuurlijk. Maar eigenlijk klopt zuivel ook wel. Ze hebben namelijk wat in de vla gestopt waarvan je gaat flippen. Geen zuivele koffie. Eh, zuivere koffie natuurlijk. Nee, die zit er niet in. Dan zou het helemaal mooi worden. Cafeïne in de vla, het moet niet gekker worden. Hoewel bij de nieuwste vla, ja u zult het haast niet geloven, de mokkavla, nochtans sporen van cafeïne zijn ontdekt. Zuivele koffie dus toch. Dus opletten lieve supermarktgebruikers, hoedt u voor foute vla. De blanke vla, de zwarte vla, vla zonder suiker, de chocolade vla en gemengde vla. Aardbeienvla, bananenvla, caramelvla, laten staan. U gaat er van flippen, vlaflippen.
Bizarre vlaflip aka flegmaflip (26-11-2018)
“Jongens, we gaan niet van tafel voordat de spruitjes op zijn. Het is maar dat jullie het eten… eh… weten.”
Het was een van de zeldzame keren dat moeder zich versprak. Het organiseren van een goede maaltijd voor stuiterboys was geen sinecure. Zeker niet bij stuiterboys die ook nog eens beschikten over een buitennormaal IQ. Voor de niet zo scherpe lezer, buiten normaal, binnen absurd.
“Ja, maar mams, moeten we dan echt alle blaadjes van de spruitjes eten, of mogen we ons ook beperken tot de buitenste?”
“Open deur, Sjakie, daar trap ik niet meer in.”
“Die?”
“Nee, daar!”
Mams werd soms doodmoe van de woordspelletjes.
Tergend langzaam aten de jongens de spruitjes op.
Ze aasden op het toetje. Vlaflip.
Geen vlimmen in mijn vlaflip (27-11-2018)
Haaien in de soep en vlimmen in de vla. Gevaarlijk dinertje. Binnenkort mogen de Peppies en Kokkies zich allemaal weer uitleven met wilde kerstmenu’s en dito nieuwjaarsgangen. Vegetarisch prefereert dit jaar, aldus Appie Pappie’s meest recente Zonder Handen. Maak het dit jaar nog spannender en kook voor de gein eens geblinddoekt. Succes gegarandeerd.
Ik zie het voor me. En ook nog naakt. Schortje voor en billen bloot. Spannend. En bij de afwas zingen we de complete Top 2000 aan één stuk door. Zet de pantoffels maar badt klaar. Het wordt nachtwerk. Maar zonder gekheid op satéstokjes. Bij de borrel tieren kaas, ananas, stukjes augurk en zilveruitjes welig. Zolang ik maar geen vlimmen heb van haai of haring in mijn vlaflip.
Baklavlaflip (28-11-2018)
Ik sta bij de toonbank van een klein Turks winkeltje en verlekker me aan de baklavla. Bengür kijkt me wat vreemd aan als ik bestel. Hij is de eigenaar van dit prachtige winkeltje waar het exotisch ruikt naar vakantie en avontuur. Hij woont en werkt al veertig jaar in Nederland en spreekt bijna perfect Nederlands.
‘Het is baklava en niet baklavla.’
Ik moet lachen.
‘Nee hoor, baklava heb ik niet nodig Bengür, ik gebruik altijd bakboter. Met baklava kun je echt niet bakken vriend.’
Heel even hoort Bengür het in Köln donderen. Houd ik hem voor de gek, hoor ik hem denken. Hij is er nog pas geweest.
‘En doe er ook maar een bakje Baklavlaflip bij.’
‘Baklavaflip bedoelt u?’
Vlaflipperen (29-11-2018)
Eindelijk is het zover. Mijn nieuwe uitvinding wordt gelanceerd. In Casino Royaal. De eerste echte onvervalste flipperkast die in natura uitbetaalt. Geen punten of euro’s kun je cashen. Nee hoor. Gewoon vla krijg je meteen uitbetaald. Gele vla spuit uit de kast zodra je tegen een pionnetje flippert. Wie honger heeft kan die dus met flipperen stillen. Mijn vlaflipperkast zal een groot succes worden in binnen- en buitenland. Ik voorspel het u. Mijn ultieme doel dan nog is de hoop dat hij ook opgenomen wordt als vraag bij de inburgeringscursus. Al is het maar alleen om inburgeraars bekend te maken met het meest oerhollandse produkt van Nederland. De vla. De gele, de bruine, de witte, de chocolade en de blanke.
Vlaflipper (30-11-2018)
Mona en Mora zijn naarstig op zoek naar een nieuw rolmodel voor hun reclames. Ze hebben dan ook de handen in elkaar gestoken en besloten om de krachten te bundelen. Cora moet de deur uit, ze is nu echt te oud, een echte Truus is ze geworden. Geen excuus. Adios Cora.
Mona en Cora gaan de markt bestieren met een gemeenschappelijk rolmodel. Geen rolmops dit keer maar wel een ander geil dier. De dolfijn. Daar is iedereen dol op. Schijnt ook heerlijk te smaken, mits gefrituurd. En bij een dolfijne dolfijn denkt het management natuurlijk meteen aan Flipper.
Maar hoe past de vla van Mona in dit plaatje? ‘Eureka!’, roept een marketingmeisje stevavast. We dopen Flipper om in vla. ‘VLAFLIPPER!’
Vlaflipslipper (30-11-2018)
De melk is op en ik ben bloedgeil. Zo geil dat het bloed naar mijn hoofd stijgt. De melk is op, mijn hoofd loopt over. Het stoomt en vult zich heel langzaam met kopkaas. Ik moet nu snel handelen anders gaat het volledig mis. Die verrekte geiligheid ook. Dat daar geen pilletjes voor zijn? Tegen, moet ik eigenlijk zeggen.
Ik tel tot zestig, precies het aantal woorden die ik in het eerste deel van deze tekst geschreven heb. Het helpt een klein beetje, van me af schrijven. Maar de kopkaas blijft. Ik kan niet weer bij de buurvrouw aanbellen met hoge melknood. Totdat ik plots de oplossing vind in het kookboek van Margriet. Ik maak een flinke vlaflipslipper met buuf.
Motto 120 Woorden: Er wordt veel te veel geschreven en daardoor veel te weinig gelezen. Weg met de breedsprakigheid. 120 woorden is precies genoeg.
Koeienjongetje ontmoet koeienmeisje (4-11-2018)
Ik zie hem zo voor me. Met een melkwit gezicht, olijke ogen, rode blosjes op de wangen en een guitig kuiltje in zijn kin. Gekleed in een roodwitzwart geblokte blouse. De mouwen opgestroopt. Spijkerbroek aan, van PME natuurlijk, want wie kent tegenwoordig nog Levis. Levis? Verkeerd geschreven misschien? Moet het niet Le Vis zijn? Non.
Ik zie haar zo voor me. Met een melkwit gezicht, ondeugende ogen, rode blosjes op de wangen, guitig kuiltje in haar kin. Gekleed in een roodwitzwart geblokte blouse. Mouwen opgestroopt. Spijkerbroek aan. Nee, geen rok. Omgeven door spannende cowboys, bruin, zongestraald, strak en lenig dansend. Madonna zwoel en hevig heupwiegend.
En ik, ik houd mijn lasso vast en wacht met ontwaken, uit mijn natte droom.
BonBonBloc (5-11-2018)
In mijn winkelwagentje steevast dezelfde producten. Een avocado, Coca-Cola en een BonBonBloc. Mijn nieuwe vriendin moet telkens lachen als ze op zaterdagochtend mijn koelkast opentrekt.
Een avocado is gezond, heb ik me laten vertellen. Smaakt bovendien heerlijk. Beetje naar noot en daar houd ik van. Wie niet? Mijn vriendin gelukkig ook. Ze gaat er spontaan van zingen. Van al die noten die ik op mijn zang heb. Mijn zang is dan ook mijn fijnste bezit. Zou hem voor geen goud willen missen.
De Coca-Cola is een ander verhaal. Bespaar ik u. Houd het er maar op dat zowel mijn lichaam als geest wel eens zwak zijn. Maar dan die BonBonBloc. Ultiem genot. Mijn vriendin fluit spontaan op mijn chocolade BonBonBlocfluit.
Bonbon superieur (5-11-2018)
Zijn armen dramatisch geheven, grote handen uitgestoken richting spotlights, vingers gestrekt gespreid. Hoofd omhoog gericht, nek idem dito gelijk een boze trotse kalkoen. Aderen op handen in nek en naast opengesperde ogen bonkend gezwollen. Haast liederlijk het beeld.
Op de stoelen, banken, in de loge hoog in de lucht, zittend op het puntje van spanning, vol zenuwgenot, spierplezier en ademnood te genieten. De lange lelijke man onder en voor op het podium, in treurig zwart pak gekleed, expresst wat in de hoofden van het in grote getale toegestroomd uitzinnig publiek vastgeklonken zit.
Een lied in donderend Frans klinkt door de zware theaterlucht, prikkelt de oren en ontluistert zoet. Bonbons superieur als vette metaforen. En hij maar zweten. In fondant mineur.
Bonbondozen (7-11-2018)
Gelikt, dat zijn ze, de fel gekleurde glanzende bonbondozen. Op ooghoogte liggen ze in de rekken van AH-XL. De Mon Cheries en Celebrations, de Merci’s en de After Eights, de Godiva’s en Delicata’s, de Milka’s en de Caluwé’s, de Lindts en Australians. ‘Grijp me, eet me, lik me, please me, kleed me uit, geef me weg, adore me.’
‘Reken me af!’, roept vervolgens het berekende winkelwagentje. ‘Ik zit propvol.’ De chauffeur weet wel beter. Hij of zij rijdt nog even terug. Het koekiemonster in de bijzit springt eruit. Scoort nog wat Marsen en andere repen en dirigeert zijn chauffeur nog even naar de notenbar en liquidstore. Het is morgen weekend, het mag. De bonbondozen lachen hun hart eruit. Wordt smullen.
Bonne-bonne-bonne bonbons (8-11-2018)
Bonne-bonne-bonne bonbons. Vol verwachting klopt hun hart. Binnenkort mogen ze weer mee naar Nederland, met de boot eerst een stuk over de koude Noordzee om dan opgeslagen te worden in een groot Amsterdams pakhuis. Pakhuis? Ik zeg afblijven huis. Er wordt niets, maar dan ook niets uit de juten zakken gepakt, huis.
Lekker knus zullen de bonne-bonne-bonne bonbons afwachten in welke kinderhanden- of schoentjes ze terecht gaan komen. De chocoladen hebben haast. Ze smelten langzaam, zo dicht op elkaar. Zeker als de kachel aan is in het pakhuis, door de bonne-bonne-bonne bonbons sinds jaar en dag bestemeld als blijf-van-mijn-lijf huis. Nog tig nachtjes slapen en dan is het zover. In een of andere hoek worden ze dan gesmeten. Hoe zoetzuur.
Bonbonbetonbloc (8-11-2018)
De manager van supermarkt Malle Pietje Leidseplein is het spuugzat. Zwerver Tinus Tokio, een heel klein miniatuurzwervertje van amper twaalf loopt nu al bijna een half jaar de snoeprekken te terroriseren. Hij bijt iedere dag een klein stukje chocolade weg uit de Bonbonbloc repen. Zowel de melk, puur als de noten repen.
Tinus Tokio is ondanks zijn lengte van amper een meter oersterk. Thaiquando, Jiejoetsie, Charate en Hudo, alle vechtsporten beheerst hij. Ooit won hij zelfs een K3 toernooi. Als lage bas. Knap hoor. Maar dat terzijde. Zijn ervaring zette hij ter verdediging in. Niemand die Tinus Tokio zijn bites in de Bonbonblocblokken durfden te ontzeggen.
Totdat het lumineuze idee ontstond de Bonbonblocblokken te vervangen door Bonbonbetonblocblokken. Nooit meer gezien.
Won Ton Ton bonbons (8-11-2018)
Liegen en bedriegen is er niet langer bij. Het management van popgroep Won Ton Ton is het zat. De bandleden is de wacht aan gezegd. De bonbonverslaving is compleet uit de hand gelopen. Uit de buik, beter gezegd. Tijdens de laatste optredens stroomde de vloeibare chocolade zowaar uit hun… Ik bespaar u de details, lieve lever… ehhh… lezer.
Ze weigerden al een poos op te treden als er geen bonbons aanwezig waren. Oogluikend werd dit gedrag getolereerd. Totdat de boel escaleerde tijdens hun publieke optreden op Leidseplein, midden in de nacht na Koningsdag. Jaren tachtig of was het negentig? Na het consumeren van vier kilo Mon Chérie was er geen houden meer aan. Een vieze chocoladefontijn beëindigde vroegtijdig hun moeziekcarrière.
Bonbons krijgt de bons na het eten van Mars (8-11-2018)
Harrie Bonbons, de orgelman van het Leidseplein rijdt teleurgesteld zijn orgel richting Leidsevaart. Heel even overweegt hij zijn orgel in de plons te gooien. Verband van het Leidseplein. Hij kan zich wel het haar uit zijn oren trekken. Op zijn hoofd staat immers al jaren niets meer. Wat is er gebeurd?
Harrie Bonbons, die eigenlijk gewoon Harrie van de Kimmenade heet, heeft contractbreuk gepleegd. Hij heeft en plein publique op het Leidseplein te Haarlem een Mars gegeten. En dat mag niet. Immers, contractueel heeft Harrie Bonbon zich verplicht alleen maar bonbons te eten van Koot ten Door. Geen Mars dus. En Koot heeft Harrie op eterdaad betrapt. Echt wel. Einde contract, einde carrière van Harrie van de Kimmenade. Best heftig.
Biebelebijbelse bonbons (8-11-2018)
Waar zijn de lepeltjes gebleven? Ja, die van papier-maché? We gaan hier toch geen gouden lepeltjes voor gebruiken? Verdwenen? Opsporing verzocht al ingeschakeld? Of op heterdaad betrapt? Met eigen ogen waargenomen? Of Life aid? Niemand? Helemaal niemand? Hoe moet dat nu verder dan? We kunnen toch niet verder gaan zonder onze papier-machéen Biebelebijbelse bonbonlepeltjes?
Iemand een idee om dit op te lossen? Jullie beseffen toch wel wat dit betekent? Zonder Biebelebijbelse bonbonlepeltjes geen voorstelling, toch? Dat willen we toch niet? Stel je toch eens voor? Peter, Peter, nee, nee, je gaat je nu toch niet voorstellen? Aanstellen dan? Tegenstellen? Afstellen? Willen we dat lieve toeschouwers? Nee toch? Gaan we nog een oplossing vinden heren, dames, jongens, meisjes? Geen idee zeker?
Bonbontijd (9-11-2018)
In de ochtend ben ik op zijn best. Dan is het voor mij bonbontijd. Niet dat ik me vergrijp aan bonbons lezer, begrijp me niet verkeerd. Ik schuim alle ochtendprogramma’s af op televisie. Aan YouTube oftewel liveblogging en -vlogging doe ik (nog) niet. Als correspondent én trendspotter is dat vooralsnog too much. Er gaan maar een paar uurtjes in een ochtend. Daar moet ik zuinig op zijn.
Mijn hoofd mag niet overlopen. Ik werk namelijk voor het ADD, de flipperkrant, zowel online als fysiek toonaangevend in haar branche. Vroege vogels en de Ontbijtquiz zijn mijn favoriete programma’s en Fit met Brit natuurlijk. Intussen shop ik wat af. Kijk synchroon naar acht beeldschermen en tik mijn teksten op vier sleutelborden. Smullen.
Bonbonton (9-11-2018)
Mijn tante heeft geen koektrommel maar een bonbonton. Een ton, wulps met flink aangezette ronde vormen. Nee, niet mijn tante maar de ton. Er kunnen wel tien kilo bonbons in de ton. De houdbaarheidsdatum of beter gezegd de doorlooptijd van de te nuttigen bonbons bedraagt een kleine week.
Mijn tante weegt driehonderdtwaalf kilo en ziet er nog prima uit. Alleen jammer dat niemand dat kan zien. Ze gaat, ze kan nog amper de deur uit. Gelukkig is mijn tante een ster in vloggen. Vierentwintig uur per dag zendt ze zichzelf life uit. Het is haar missie om iedereen aan de bonbon te krijgen. Een ijdele en kostbare missie. Maar ze geeft wel het goede voorbeeld. De schokolade-industrie is ook blij.
Nepbonbons (9-11-2018)
Nee, nee, nee, dit gaat niet over pralinee’s, dit stukje gaat over nepbonbons. Over Pleonidassen en andere wilde zoeternijen. Over Barsen en Butsen en Bnickers. Dit gaat over onvervalst genot. Grokoladeplezier en kladroomspuiten. Over kleine stukjes slagdroom die aan de lippen blijven zitten. Heerlijk toch?
Nepbonbons are my favourites, rites de favou. Miammie in Miami. Bon Chemie en Knoetjesrepen en dan afblussen met een fantoomfontein vol melkmodder, hemels. Broche, broche, broche en Kilkapolonaise, sweet dreams are made of this. Pralija’s en Langtongbrownies, ik lust er kilo’s van.
Velgische bonbons en Rotelebone, Lilkakoeiensnoepjes, Kaleboutjes en Mashmallootjes. Gevuld, gemarineerd, voor- of nagekauwd, ik kan het allemaal hebben. Moet het hebben. Pekulaasjes en kneperpoten, ultiem zacht fluim en tot slot hartige gebrande knotentaartbonbonnetjes.
Bonbonnière (10-11-2018)
Binnenkort, wat heet, binnen vier maanden, een druppel op een hete plaat, vijf seconden voor twaalf, gaat het weer gebeuren. Het feest der feesten. Vlezig leuk. Carnavale. Maar eerst wordt het nog 11 november. Prinsen van het jaar 2019 springen dan uit een doos of staan ineens op uit het publiek. De nieuwe Prinsen zijn geboren.
Zo ook in de Bonbonnière te Mestreech. Wie zal het dit jaar zijn? Maar eerst zullen Buutredners nog van zich laten horen. Tonpraters zullen een jaar samenvatten en kolderiek becommentariëren. Van de Prins geen kwaad. Alhoewel, Prins Rutte, hoe Limburgs kan een naam klinken, zal toch op zijn Marc-Marie’s gemangeld worden. Het zal mij worst wezen. Tilburgse worst, gezegend door de paters van Genoeg.
Knalbonbons (10-11-2018)
Je kent het wel. Zo’n snoepje dat explodeert in je mond zodra je het stuk bijt. Een knalbonbon. Ik zou ze eerder knalbomboms genoemd hebben, maar dat terzijde. Onlangs heb ik weer het ongenoegen gesmaakt van zo’n knalbombom. Ik heb het geweten. Het was een klein minigranaatje in de vorm van een klein ei. Een kindersurprise stond er nog op. Ik had al een beetje mijn twijfels, maar toch. Je kijkt een gegeven paard niet in zijn bek. Ik althans niet. Dat stinkt me veel te erg. Helaas zat aan mijn granaatei ook een luchtje. Wat zeg ik, luchtje? Na een fameuze knal, waarbij het bloed me uit de mond spatte, kwam er ook nog eens een rookexplosie. Gebakken lucht.
Bonbonken (10-11-2018)
Piet: Hoe was je weekend?
Jan: Goed, het jouwe?
Piet: Heerlijk gebonbonkt.
Jan: Ha, alweer, met wie dit keer?
Piet: Met Truus.
Jan: Nee… met… met… Truus van de… Piet… Bakker ja. En het was lekker!
Jan: Jazeker, die lust er wel pap van… maar ehhh… Piet:… hoe ik dat doe? Gewoon vragen.
Jan: Gewoon, wil je met me bonbonken?
Piet: Ja, maar nu niet. Ha, ha. Marieke wacht.
Jan: Nee… Marieke Pil?
Piet: Yep… Marieke Pil die wil van… Jan:… bil. Dat geloof ik niet. Die is toch …?
Piet:… lesbo? Niet meer. Sinds ze mij ontmoet heeft wil ze geen dames meer bonbonken.
Jan: Doen lesbo’s dat ook, bonbonken?
Piet: Geen idee. Vergeet niet te klokken.
Jan: Doe ik.
Mijn cockpit (12-11-2018)
Ik kan zo hard schudden als ik wil, het mag niet baten. En dat op het moment suprême. Laat me alsjeblieft niet in de steek. Nog een keer kijk ik in de grote passpiegel op de badkamerdeur en zucht. Op hoop van zegen loop ik de slaapkamer binnen. Wat zal ik nu toch eens zeggen? Hoe lang ben ik niet op de badkamer geweest?
Op het bed zit ze al te wachten. Het spel kan beginnen. Ze ziet er verrukkelijk uit in haar stewardessenoutfit. De lingerie-set van KLM maakt het helemaal af. Wat een mooi totaalpakketje zit daar op mijn vliegtuigsprei 'Boeing Boem Boem Nine Eleven'. Ze kijkt me ondeugend aan. Maar er gebeurt helemaal niets met mij. Mijn cockpit.
Peacockpit (12-11-2018)
Wordt u al geholpen, meneer? Dat doet kassabelletjes rinkelen en liftdeuren open – en dichtslaan. Met peacockpit en strakke blik het hoofd geheven, wacht men op de klanten. Geaffecteerd in het kwadraat, een enkeling daargelaten. Een droeve man met flaporen en een waterhoofd ziet vanachter het gordijn schaapachtig toe.
Dan gebeurt het. De befaamde Potemkinscène, maar dan anders. Een rolstoel met een magere oude man, die nu nog olijk uit de ogen kijkt, kiept voorover over de luie trap. De rolstoel stuitert vervaarlijk achter hem aan. Zo ook drie wulpse langblondharige dames in verpleegstersoutfit, die tevergeefs trachten de oude magere man in het gareel te houden. Wat dat dan ook überhaupt mag zijn, gareel?
Maar zaken gaan voor het meisje, toch?
Cockpitjes (12-11-2018)
Mijn oom ijlt. Heeft last van forse golvende pijnen in onderbuik, rug en soms ook in de heupstreek. Last van strangurie, pollakisurie en hematurie. Woorden waarvan galgjespelers smullen. Maar niet mijn oom. Hij vindt het ook nog eens stinken naar rotte eieren, bah. En dat terwijl het toilet zojuist nog een grote beurt heeft gehad. Bah, bah, zum kotzen, zo ruikt het.
Tante vindt dat oom overdrijft. Hij blaast de dingen altijd op. Maar oom pikt het niet langer, de stank, hij bezoekt de dokter. De symptomen zijn overduidelijk. En sterker nog, het toilet van de huisarts stinkt nu ook. Strangurie, pollakisurie en hematurie, score honderd procent. Mijn oom heeft last van blaasstenen. Aha, dat wordt cockpitjes spuiten, grapt tante.
Cockpitgame (12-11-2018)
Bloody hell. Bloed en hanenveren vliegen in de rondte. Tjakka. Weer een hielenhaal. Stoer wordt de borst geheven. Kom maar op? De blikken staan op oorlog. De lellen worden nu ook ingezet. Klatsj. Wat een lel! Haan Hans ziet zwart voor de ogen. Haan Harrie grijpt zijn kans. Met een kamikazesprong a la van Gaal schopt Harrie Hans met zijn hielhaak in zijn rechteroog. Hans stort kermend neer. Langs de kant klinken wilde kreten. “Sta op Hans!” Maar Hans legt het loodje. Poten en veren gestrekt. Harrie is de winnaar. Wederom. Een dijk van een haan als het op vechten aankomt. Vanavond mag hij extra vroeg met de kippen op stok. Morgen een nieuwe cockpitgame, met wederom een mooie inzet.
Restaurant de Cockpit (13-11-2018)
Even voor de duidelijkheid lieve lezer. Dit stukje gaat over de vrouw van een kok. Laat u niet misleiden door de titel. Het betreft hier namelijk niet een cockpit van een vliegtuig. Nee. Het gaat hier echt over een kok. Een luie kok. Hij slaapt het liefst. Zijn favoriete hobby. Eigenlijk zou het restaurant de Kokpit moeten heten. Maar zoiets kan alleen in Amsterdam. Daar begrijpen ze die humor. Zijn vrouw daarentegen heeft het nog geprobeerd. Edoch, de lieve vrouw is dyslectisch. In alle talen. Ook dat nog. En ze lijkt ook nog eens treffend op Hyacint. Juist ja, Bucket oftewel Bouqet. Qua karakter dan. Dan kom je al snel uit bij Restaurant de Cockpit. Ssstttt… want hij slaapt nog.
Cockpitjoke (13-11-2018)
Een boer in Groningen, hij ploegt voort. We tellen 1 april 1943 en het is best koud. Plotseling hoort de boer geronk. Het is niet zijn tractor. De lucht lijkt even te trillen. Hij kijkt omhoog. Nee! Een vliegtuig komt langzaam omlaag gestort richting boerderij. Paniek! Boer rent naar boerderij. Heel even heeft hij oogcontact met de piloot in de cockpit. Paniek! Het vliegtuig stort neer op het kippenhok. Alle kippen spurten weg. De boer is boos, woedend en stormt vloekend en tierend op de vlieger af. Die roept bedarend: “Keep quiet!” En steekt zijn handen naar voren om de boer op te vangen. “Wat!”, schreeuwt de boer, “kiep kwajt? Niet één kiep, menneke, al mien kiepen zien kwajt. Dju!”
Noppenfolie (13-11-2018)
De nieuwste trend op de voetbalvelden. Noppenfolie onder je voetbalschoenen. Zuinigheid? Nee. Waarom dan? Dat verdient nader uitleg. Kijk het is eigenlijk heel eenvoudig. Waartoe dient folie? Als achternaam voor Ellen? Nee, mallerd. We zijn hier niet bezig met baseball. Met honkbal ook niet. Er worden hier geen honken gestolen en ook geen dashboards bevlekt. Geen denken aan. Nee, folie zorgt juist voor opgeruimdheid en netheid. Het is een vondst van een nette moedervereniging, genaamd ‘het ijverige voetbalschoenenpoetsertje’. Het zit uiteraard nog in de testfase. Maar de eerste onderzoeksresultaten zijn veelbelovend. Door het plaatsen van noppenfolie onder de voetbalschoenen blijven deze langer gevrijwaard van modder, klei, löss en andere aardkloten. Dat scheelt drie keer per week het poetsen van voetbalschoenen.
Hardcockpitch (17-11-2018)
Hot op de arbeidsmarkt en in de banenpolonaise, de elevator pitch. Solliciteren op zijn Jansebaggers. Sommigen hebben een lift nodig die doorschiet tot de honderdste etage, anderen volstaan met tien. En dan nog is de snelheid van de lift bepalend. Allemaal oefenen voor de spiegel en voor de groep. Niets aan het toeval overlaten. Scoren in twittervaart en instagramtempo. Je kunt ook nog kiezen voor een videoboodschap of helemaal professioneel voor een TED Talk. Ik zie het ze allemaal doen. En toch, is het eigenlijk wel nodig? Hoe moet ik als stratosfeermaker en lampenkaphersteller dit aanpakken? Ik krijg vijf keer in de week tips voorgeschoteld hoe te solliciteren. Maar vooralsnog leun ik voorlopig op mijn hardcockpitch. Dat geeft tenminste bevrediging.
Sisyfusarbeid (19-11-2018)
Wekker uitzetten. Dekbed afslaan. Pantoffels aan. Effe plassen. Gezicht wassen. Tanden poetsen. Kleren aan. Make-up op. Juwelen om. Koffie thee. Ontbijt maken. Telefoon lezen. Hond uitlaten. Poes aaien. Tas mee. Deur uit. Fiets op. Auto in. Vliegen maar. Hoi hoi. Goedemorgen morgen. Naar koffiezetapparaat. Bakkie thee. Even kletsen. Alles goed. Alles behalve. Allesbehalve goed. Gaat wel. Computer aan. Muizen maar. Mail lezen. Daarna telefoon. Sociaal mediaën. Bulk wegwerken. Nieuwe orders. Even koffiepauze. Of thee. Speculaasje eten. Of mandarijn. Orders verwerken. Grote pauze. Buiten wandelen. Lekker weer. Even uitbuiken. Half dutje. Nieuwe orders. Bijna koffiepauze. Of thee. Collega jarig. Langzalzeleven zingen. Progressgebakje erbij. Nieuwe processen. Effe doorwerken. Naar huis. Auto in. Fiets op. Poes aaien. Hond uitlaten. Jas uit. Et cetera.
Schildpad (21-11-2018)
Er zijn schildpaden waarover je niet wil lopen. Schindler’s list bevat zo’n schildpad. Wie herinnert zich het niet, die de film heeft gezien. Gruwelijk. Een pad aanleggen van grafschilden, wie verzint het? De duivel, het beest, de onmens, de tiran, de wreedaard. Grafschending om vervolgens de mensen de dood in te jagen over een gruwelpad. Ja, daartoe is de mens in staat. Nooit gedacht. Wens het niemand toe en wens het zelf nooit mee te maken. Zelfs niet met een slakken- of schildpadgang. Ongehoord. Deze toestanden. Mogen never nooit vergeten worden. En niet alleen herinnerd op Dodenherdenkingen of Bevrijdingsdagen. Bevrijd raken de mensen nooit, die achter en onder de schilden schuilen. Als oorlogsslachtoffer, beestachtig, schuldig én onschuldig vermoord. Blijf herinneren.
Flagrant (21-11-2018)
Het is flagrant, brandend, duidelijk, in het oog springend, onloochenbaar, onmiskenbaar, overduidelijk, uitdrukkelijk, zonneklaar, kortom zeer duidelijk, dat op heterdaad iemand betrappen die flamboyant, vlammend, vurig en hartstochtelijk schrijft, nooit iets kwalijk genomen kan worden betreffende zijn stijl, oftewel zijn samenstelling van artistieke elementen die samen een manier van uitdrukken vormen die kenmerkend is voor zijn individu, los van periode of volk, oftewel het lange, dunne deel van zijn stamper, tussen vruchtbeginsel en stempel, ook wel genoemd zijn pen. Wat overigens weer niet wil zeggen dat de schrijver voor wat betreft de inzet van zijn gereedschap niet ter verantwoording geroepen mag worden. Integendeel. Juist zijn gereedschap speelt een grote rol in de manier waarop hij zijn zegje te berde brengt.
Vlaflippen (26-11-2018)
Pas op. De vla in de supermarkten is niet meer zuivel. Zuiver bedoel ik natuurlijk. Maar eigenlijk klopt zuivel ook wel. Ze hebben namelijk wat in de vla gestopt waarvan je gaat flippen. Geen zuivele koffie. Eh, zuivere koffie natuurlijk. Nee, die zit er niet in. Dan zou het helemaal mooi worden. Cafeïne in de vla, het moet niet gekker worden. Hoewel bij de nieuwste vla, ja u zult het haast niet geloven, de mokkavla, nochtans sporen van cafeïne zijn ontdekt. Zuivele koffie dus toch. Dus opletten lieve supermarktgebruikers, hoedt u voor foute vla. De blanke vla, de zwarte vla, vla zonder suiker, de chocolade vla en gemengde vla. Aardbeienvla, bananenvla, caramelvla, laten staan. U gaat er van flippen, vlaflippen.
Bizarre vlaflip aka flegmaflip (26-11-2018)
“Jongens, we gaan niet van tafel voordat de spruitjes op zijn. Het is maar dat jullie het eten… eh… weten.”
Het was een van de zeldzame keren dat moeder zich versprak. Het organiseren van een goede maaltijd voor stuiterboys was geen sinecure. Zeker niet bij stuiterboys die ook nog eens beschikten over een buitennormaal IQ. Voor de niet zo scherpe lezer, buiten normaal, binnen absurd.
“Ja, maar mams, moeten we dan echt alle blaadjes van de spruitjes eten, of mogen we ons ook beperken tot de buitenste?”
“Open deur, Sjakie, daar trap ik niet meer in.”
“Die?”
“Nee, daar!”
Mams werd soms doodmoe van de woordspelletjes.
Tergend langzaam aten de jongens de spruitjes op.
Ze aasden op het toetje. Vlaflip.
Geen vlimmen in mijn vlaflip (27-11-2018)
Haaien in de soep en vlimmen in de vla. Gevaarlijk dinertje. Binnenkort mogen de Peppies en Kokkies zich allemaal weer uitleven met wilde kerstmenu’s en dito nieuwjaarsgangen. Vegetarisch prefereert dit jaar, aldus Appie Pappie’s meest recente Zonder Handen. Maak het dit jaar nog spannender en kook voor de gein eens geblinddoekt. Succes gegarandeerd.
Ik zie het voor me. En ook nog naakt. Schortje voor en billen bloot. Spannend. En bij de afwas zingen we de complete Top 2000 aan één stuk door. Zet de pantoffels maar badt klaar. Het wordt nachtwerk. Maar zonder gekheid op satéstokjes. Bij de borrel tieren kaas, ananas, stukjes augurk en zilveruitjes welig. Zolang ik maar geen vlimmen heb van haai of haring in mijn vlaflip.
Baklavlaflip (28-11-2018)
Ik sta bij de toonbank van een klein Turks winkeltje en verlekker me aan de baklavla. Bengür kijkt me wat vreemd aan als ik bestel. Hij is de eigenaar van dit prachtige winkeltje waar het exotisch ruikt naar vakantie en avontuur. Hij woont en werkt al veertig jaar in Nederland en spreekt bijna perfect Nederlands.
‘Het is baklava en niet baklavla.’
Ik moet lachen.
‘Nee hoor, baklava heb ik niet nodig Bengür, ik gebruik altijd bakboter. Met baklava kun je echt niet bakken vriend.’
Heel even hoort Bengür het in Köln donderen. Houd ik hem voor de gek, hoor ik hem denken. Hij is er nog pas geweest.
‘En doe er ook maar een bakje Baklavlaflip bij.’
‘Baklavaflip bedoelt u?’
Vlaflipperen (29-11-2018)
Eindelijk is het zover. Mijn nieuwe uitvinding wordt gelanceerd. In Casino Royaal. De eerste echte onvervalste flipperkast die in natura uitbetaalt. Geen punten of euro’s kun je cashen. Nee hoor. Gewoon vla krijg je meteen uitbetaald. Gele vla spuit uit de kast zodra je tegen een pionnetje flippert. Wie honger heeft kan die dus met flipperen stillen. Mijn vlaflipperkast zal een groot succes worden in binnen- en buitenland. Ik voorspel het u. Mijn ultieme doel dan nog is de hoop dat hij ook opgenomen wordt als vraag bij de inburgeringscursus. Al is het maar alleen om inburgeraars bekend te maken met het meest oerhollandse produkt van Nederland. De vla. De gele, de bruine, de witte, de chocolade en de blanke.
Vlaflipper (30-11-2018)
Mona en Mora zijn naarstig op zoek naar een nieuw rolmodel voor hun reclames. Ze hebben dan ook de handen in elkaar gestoken en besloten om de krachten te bundelen. Cora moet de deur uit, ze is nu echt te oud, een echte Truus is ze geworden. Geen excuus. Adios Cora.
Mona en Cora gaan de markt bestieren met een gemeenschappelijk rolmodel. Geen rolmops dit keer maar wel een ander geil dier. De dolfijn. Daar is iedereen dol op. Schijnt ook heerlijk te smaken, mits gefrituurd. En bij een dolfijne dolfijn denkt het management natuurlijk meteen aan Flipper.
Maar hoe past de vla van Mona in dit plaatje? ‘Eureka!’, roept een marketingmeisje stevavast. We dopen Flipper om in vla. ‘VLAFLIPPER!’
Vlaflipslipper (30-11-2018)
De melk is op en ik ben bloedgeil. Zo geil dat het bloed naar mijn hoofd stijgt. De melk is op, mijn hoofd loopt over. Het stoomt en vult zich heel langzaam met kopkaas. Ik moet nu snel handelen anders gaat het volledig mis. Die verrekte geiligheid ook. Dat daar geen pilletjes voor zijn? Tegen, moet ik eigenlijk zeggen.
Ik tel tot zestig, precies het aantal woorden die ik in het eerste deel van deze tekst geschreven heb. Het helpt een klein beetje, van me af schrijven. Maar de kopkaas blijft. Ik kan niet weer bij de buurvrouw aanbellen met hoge melknood. Totdat ik plots de oplossing vind in het kookboek van Margriet. Ik maak een flinke vlaflipslipper met buuf.