30-12-2018

120 Woorden December 2018

120 Woorden (120W) is een website gerund door vrijwilligers waarop ik kleine stukjes van exact 120 woorden plaats. Meestal aan de hand van opgelegde themawoorden.
Motto 120 Woorden: Er wordt veel te veel geschreven en daardoor veel te weinig gelezen. Weg met de breedsprakigheid. 120 woorden is precies genoeg.


Blankevlaflip (1-12-2018)

In traditie van vele jaren laten we ons de volgende traditie niet afnemen. De decembereditie van de Aller Hande. Ja met hoofdletters, wat denken jullie dan? Na Heineken, Philips. Unilever, Shell, Bavaria /Swinckels, Daf, ASML en Schiphol laten we ons toch niets meer afnemen in Nederlandse traditie.

Zelfs geen Agio en Hofnar hebben ooit zo moeten vrezen voor hun trots. Ach, ze wisselden wel eens van koers, wie niet? Van voorzitter of CEO zoals dat tegenwoordig zo mooi op zijn Brexits heet. Kunnen we die Angelsaksische termen misschien ook niet meteen overboord gooien soon?

Op de cover van de Aller Hande prijkt dit jaar een prachtig gerecht in nieuwe jas. De Blankevlaflip. We zullen ze krijgen die buitenlandse randstad dwarsliggers.


Vlaflipke van de Peel (1-12-2018)

Oom Kortooms uit de Peel, verre nazaat van Toon, heeft een nieuwe mascotte verzonnen voor de Nefteling. De Nefteling is een een klein pretpark in de buurt van Eindhoven. Om precies te zijn tussen Eindhoven en Venlo, hemelsbreed. Maar wel dichter bij Eindhoven dan Venlo. Geografisch een prachtig gebied natuurlijk, de Peel. Op zijn Brexits klinkt het helemaal mooi. Daar schudden John en Oom dan ook elkaar de hand. John Peel wie kent hem niet. Oom Kortooms heeft de mascotte heel toepasselijk gekneed naar eigen kunnen en inzicht. Een witte bôks, dito sokken, wollen, een rood jasje en witte koksmuts op zijn bôlleke. Hij lijkt gek genoeg een beetje op een Michelinmannetje. Maar dan een van vijf sterren. Vlaflipke Peel.


Kersenvlaflip (2-12-2018)

Dat is toch de lekkerste vlaflip die er bestaat. Niks geen aardbeiensiroop of bosbessengrenadine. Nee, kersensap op de bodem, of kersenranja, kersenjam mag ook. Kersensiroop is het allerlekkerste. Dat vindt mijn tante ook. Die woont in Haarlem of all places. Een echte taart dus. Met veel slagroom erop. Uit een spuitbus. Echte slagroom kan ze niet betalen. Ze woont namelijk in een jambuurt. Een buurt waar ze altijd vlaflip eten. Een duurder toetje zit er nooit aan. Echte kersen kan ze zich ook niet veroorloven. Veel te duur. Mijn tante is arm. En dan woont ze ook nog in Haarlem. Of all places. Met haar verjaardag stuur ik haar altijd een bosje echte kersen. Met de takjes er nog aan.


Proof of the vlaflip (3-12-2018)

Dit is een proof of the vlaflip. In Engeland ook wel bekend als een uitglijder. By all means I will vlaflip as best as I can. Lewis weet er over mee te praten. De rechercheur en de coureur. Beiden in geheel andere settings achter en voor de coulissen. De een met een helm op en vaag netje eronder de ander gewoon zonder. Moet kunnen. De ene lost op en de ander sprint. Het eindresultaat dan nog is bij beiden hoopvol hetzelfde. De eindstreep, finish moet gehaald. Het spel gewonnen. Maar er zijn ook altijd verliezers. Ze vallen naast het podium en ontberen champagne. Het team achter de helden edoch glundert. Het zijn en blijven helden. In communicatie en ook zonder.


Dienbladwijzer (3-12-2018)

Tafeltje 46, 3 bier, 2 water (rood), 1 droge witte en 1 cola (light). Tafeltje 45, 1 duvel, 1 kriek,. Tafeltje 41, 5 bier (maakt niet uit, doe maar wat), bitterballen (2 x 10). Tafeltje 9, 3 x 3 rood, kaasplankje (zonder brie). Tafeltje 7, 1 sjoef. Tafeltje 10, 1 whisky (de duurste die we hebben) en 1 port (ook de duurste).

Tafeltje 5 (zo meteen even terugkomen, weet het nog niet). Tafeltje 6, 1 sinas, 1 bier en 1 melk. Tafeltje 34, kaart brengen en iets beleefder tegen zijn, vonden me onvriendelijk en gestrest. Tafeltje 35 vraagt rekening. Tafeltje 37, 1 koffie, 1 thee en 1 appeltaart. Balkon rechts, tafeltje in hoek, 1 popcorn en een cola extra large.


Bladwijzer mens en communicatie (3-12-2018)

Het blad wijst tevergeefs. De herfst is haast op zijn eind en rept zich naar de winter. Fakenieuws denk ik dan. Niets is meer wat het lijkt. De herfst op sterven na dood met zijn 14 graden begin december. Encyclopedieën moeten herschreven. Aardrijkskundeboeken ook. Ja, u leest het goed lieve lezer. AardIJKskundeboeken. De boeken moeten herijkt. De aarde herijkt.

De evenaar schuift langzaam op. Niets is wat het lijkt. Kamelen op de Noordpool. Poolvossen in de Sahara. Het voelt nochtans allemaal goed. De wereld één dierentuin. Liever dan een gekkenhuis. Laten we vooral blijven communiceren mensen. Mensen communiceer. Er rest ons niet anders. In letters, woorden en bij zinnen. Het onderscheidt ons van de beesten. Vink het aan. Mensen, communiceren!


Onderwereldbladwijzeres (3-12-2018)

Nee, geen woord voor galgje. Gewoon een kleine bijbelbezinning. Lethargie niet te verwarren met liturgie. Lettergie, niet te verwarren met chirurgie. Hoewel, sommige letters kunnen wel een ingreep dragen. Zo heb ik altijd het dwarslatje van de t willen scalperen of in ieder geval halveren, wat laten zakken ook, een beetje schuin naar linksboven laten wijzen. Een letter t wil per slot van rekening ook wel eens een ander uiterlijk. Nee, geen botox. Het stokje hoeft niet dikker. Seks heeft de letter t toch nooit. En al helemaal niet met de x. Wat een lelijke letter is dat. Ik dwaal af. Onderwereldbladwijzeres. Ik bedoel natuurlijk Eva. Alsof Adam er iets aan kan doen. Aan het vijgenblad. Onder het vijgenblad. Nee.


Speculazen bladwijzerplaatkoek (4-12-2018)

Speculazen bladwijzerplaatkoek, dat gaat Marieke maken. Ze is er uit. Speculaas heeft ze genoeg overgehouden, na al het Sintgebeuren. Ze is er ook helemaal klaar mee. Met al dat maffe kersttheater. De familie vindt dat ze niet origineel genoeg kookt met het jaarlijkse kerstkoken. Hoezo niet bij de tijd? Wacht maar, de Allerhande gaat nog een puntje zuigen aan haar kerstcreatie. Monden en ogen zullen versteld staan. Weer is haar ‘iets lekkers bij de koffie’ toebedeeld. Risicoloos. Nou, ze zullen het eten dit jaar.

Ze haalt de keukenklok van de muur en legt hem op het aanrecht, verwijdert het glas en haalt voorzichtig de wijzerplaat eruit. Insmeren met roomboter, beplakken met speculaas, e voilà!
‘Dingdong…!’
Aha, de familie is er.


Bladwijzer worden (7-12-2018)

Op dit moment word ik dagelijks bladwijzer. Dankzij de LOI. Ik volg namelijk een cursus bladwijzen. Ik doe dat op afstand en in deeltijd. De theorie althans.

De praktijk voer ik dagelijks uit. Dan ga ik op mijn knieën door en voor de natuur. Eerst door mijn tuin in de vroege morgen en later ook door het plantsoen. Dat laatste doe ik uiteraard incognito. Ik wil niet gespot worden door vogelaars. Want dan wordt het ruzie. Niets zo fanatiek als een vogelaar. Op de bladwijzer na, natuurlijk.

Ik zit in het laatste jaar van de cursus die drie jaar duurt. Ben al behoorlijk bladwijs. Nu het weer herfst is geniet en leer ik met volle teugen. Op naar het diploma.


Bladwijzeres (8-12-2018)

De boom staat in vol blad. Prachtig. Superieur. Althans voor mij. Alleen voor mij staat hij te pronken. Want er is niemand meer die hem kan zien en bewonderen. Hij wordt in stukkies gehakt. Met een vlijmscherpe aks. Het zal wel effe duren voor hij omgaat. Valt voor mij in volle pracht en vol ornaat. Ik rol de mouwen van mijn geruite blouse op. Stropen doe ik ze eigenlijk. Want de biceps staat reeds op springen. Ik kan het amper geloven maar hij moet er toch echt aan geloven. Ziek als hij is. Met zwammen in zijn oksels. Hij kent zijn lot. Een mooi lot. Hij leeft straks verder als bladwijzers. Wel duizend. Meer dan duizend. Mijn lieve, lieve bladwijzeres.


Scheerbladwijzer (9-12-2018)

Gilette pakt goed uit rond de feestdagen. Recent onderzoek heeft uitgemaakt dat baarden vanaf 2019 uit de mode zijn. Een trendwatcher van Gilette heeft dit snel opgepikt. De snor- en baardloze trendwatcher luisterend naar de naam Rasor Blade komt met het nieuws snel naar buiten. Om de concurrentie voor te zijn. Braun en Philips reageren sowieso altijd traag dus no problem.

Nog deze week wordt verwacht dat er een nieuw scheerapparaat op de markt komt. Sterker nog, twee. Een voor nat en een voor droog scheren. Maar Gilette doet toch niet aan droog. Echt wel. Sinds kort. En met een nieuwe vondst. Patent is al aangevraagd. Een scheerapparaat met scheerbladwijzer. Een heel klein tooltje wijst de weg over het gezicht...


Cactuspiek (10-12-2018)

Ik ken een man die zo’n vreselijke hekel aan kerstmis heeft dat hij het liefst een aantal weken zou willen onderduiken in een oord dat geen kerstdagen en -weken kent. Maar aangezien de persoon in kwestie niet vermogend is in geld noch moed noch daadkracht is de betreffende persoon gedoemd of erger nog veroordeeld van het doorstaan der tijd.

Kortom hij moet er het beste van maken. Maar hoe? Dat vraagt hij zich jaarlijks af. Een lotgenoten zelfhulpgroep oprichten is een optie. Er zijn zoveel zelfhulpgroepen dat hij in no time voldoende informatie heeft ingewonnen om er een te starten. De laatste restjes geld, moed en daadkracht bij elkaar geraapt is daar de advertentie. Lotgenoten gezocht voor kerstloos kerstmis vieren.


Cactus Mellitus (12-12-2018)


Mijn cactus heeft nood aan suiker. In zijn naalden zit nog amper suiker en die heeft hij toch echt broodnodig. In de moordende zon staan is nog daaraantoe, maar zonder suiker onmogelijk. Er zit zo weinig suiker in de naalden dat de resterende suiker hard is geworden. Amper doorstroming dus. Daar kan een cactus niet tegen. Ook niet de mijne, al behoorlijk oud en gehard door het leven en veel zon.

Vanochtend deed hij zijn beklag. Het kan zo niet langer doorgaan. Ik sta al bijna vijfenveertig jaar voor jouw raam en nog nooit heb ik de zon zo heet zien en voelen worden. Zet mij maar voortaan onder de kraan. Ik heb het gehad. Wat een vervelend klimaat. Klotezon.


Meneer Cactus weet bijna alles (12-12-2018)

Hij loopt rond in een pyjama met stropdas, en weet bijna alles. Ik zeg bijna, want degene die echt alles weet heet net even anders. Niet fonetisch maar alfabetisch. Die heet namelijk Meneer Kaktus. Nou kun je je nog afvragen of de cc’s anders uitgesproken worden dan de kk’s. Geen idee, ik ben geen uitspraaklerares of -leraar. Zo kun je ook twijfelen of je rans en rens moet zeggen? Of ranzig en renzig? Ik heb het me altijd afgevraagd, ook na alle beschuldigingen. Vals? Ik weet het niet. Mocht je het weten laat het me dan weten? Kwijtschulden en kwijtschelden, ook zoiets. Maar een ding staat vast. Als een paal boven water. Meneer Ckacktus weet hoe dan ook zeker alles.


Last van mijn cactussenbillen (14-12-2018)

Ik heb last van cactussenbillen. Dat is weer even wat anders dan last hebben van kikkerbillen. Ik verkies edoch de eerste last. Liever prikken dan springen. Liever in het zand dan in of op het water. Fonetisch heb ik al helemaal voorkeur voor kikkerbillen. Op kikkerbillen kun je verkikkerd zijn. Bij cactussenbillen is dat een heel ander verhaal. Want wie heeft er nu graag kak tussen zijn billen? Ik bedoel maar. Dan prikt het niet alleen maar jeukt het ook nog eens stevig. Je kont krabben? Laat maar zitten die kak. De stekels van je cactusbillen prikken de vingers lek. Dan wordt het pas echt een vieze boel. Jeukende vieze bruine vingers onder het bloed. Niet in je mond steken!


Slappe cactussen leggen het loodje (14-12-2018)

De zon brandt weer stevig. Minstens 45 graden Celsius staat op de teller. Dat is heet. Celsiusheet. Zou het Fahrenheet zijn geweest dan zou het een stuk minder heet zijn geweest. Het is maar welke maat je verkiest. Celcius is wat meer ingeburgerd. Kelvinheet kan het ook nog zijn. Maar dat zullen we beter niet benoemen. Niet iedereen heeft trek in Kelvin. En al helemaal niet in een woestijn. Je zult maar cactus zijn in een zeer hete Zerenadenwoestijn. Daar kun je als cactus zeer beroerd van raken. De Zerenadenwoestijn in de Verenigde Emiraten Staten maakt veel slachtoffers onder de cactussen. Eerst laten ze het kopje hangen, dan de stekels. Vervolgens vallen ze om en leggen ze horizontaal het loodje.


Cactus in de schijnwerpers (14-12-2018)

Hoe langer ik naar de langwerpige foto kijk, hoe meer ik zie. Om een beter beeld te krijgen loop ik op de muur af. Mijn ogen focussen op de details. Heel langzaam struin ik het oppervlakte af, een beetje gebukt en mijn handen op de rug. De ogen van museumwachten prikken in mijn rug. Gelukkig doet het niet pijn. Zowel aan de voor- als achterkant van mijn lijf word ik prikkels gewaar. Het enige onderwerp op de foto is een breed landschap van cactussen. In diverse tinten grijs en groen staan ze in het nachtlicht van de maan. Gelijk een futuristische skyline. De stekels schitteren. Ik zie nu ook kleine woestijndieren tussen de cactussen. Prachtig fotowerk van Ruud van Empel.


Kus de cactus (14-12-2018)

De nieuwste speldquiz van SBS6. Kus de cactus. Alleen mensen met een speldje mogen meedoen. Maar welke speldjes volstaan? Hier de uitleg. Een speld moet voldoen aan een scherp steeltje, eindigend in een spitse punt. Aan de bovenkant moet een schildje zitten met tekst aan de voor- of achterkant. Het speldje moet zijn uitgereikt als beloning voor iets. Of als bewijs van deelname, dat mag ook.

De grootte van het speldje doet er niet zo toe. Maar er is wel een boven- en ondergrens. Minimaal twee centimeter lang inclusief schildje, anders kan de tekst niet gelezen worden. Maximaal veertig centimeter, anders ziet het er belachelijk uit. Het speldje moet immers gedragen door de deelnemer. Wat je kunt winnen? Een cactuskus.


Dicactus (16-12-2018)

Je bent dicactus of je bent het niet. Alles ontdijferen en dan goed doderen daar draait het allemaal om. Op juiste spelling let de dicactus niet. Dat is voor hem bijzaak. Het steekt niet. Het houdt zelfs geen steek. Op de juiste manier alles overbrengen, dat geeft pas een kidk. Maar waarom dan de eerste d niet vervangen door een c? Omdat het de dicactus gewoon niet boeit, qua spelling.

Cicactus had het dus ook mogen zijn. Of om helemaal de inversie door te voeren, cicadtus. Maar probeer dat laatste dan maar weer eens goed uit te spreken, laat staan taalkundig te verklaren. Daar komt een dicactus niet uit. Zelfs niet als hij zijn vest doet en zijn stekels opzet.


Scepter gooien (19-12-2018)

Val er niet over. Over mijn scepter. Hij kan zeer sceptisch reageren. Zwaaien kan ie niet. Helaas. Maar er wordt wat afgesmeten met dat ding. De scepter vliegt voortdurend door de lucht. Dat krijg je als de tamboer maître ineens ook Prins Carnaval is. Het publiek langs de kant kan er wel om lachen. Normaal torent Prins Carnaval hoog boven de mensen uit in zijn eigenste praalwagen, voor of achteraan de stoet. Maar dit keer loopt hij op de grond op de fanfare vooruit. Voor Sint Maarten zelfs. Kortom in de verkeerde stoet ook nog eens. Op een verkeerd tijdstip nota bene. Het moet nog Kerstmis worden én Nieuwjaar. Prins Carnaval is nu al een beetje de kluts kwijt. Helaas.


Jaarlijkse uitvaart (26-12-2018)

We leggen hem weer ter ruste, het oude jaar. Moe gestreden van twaalf uitputtende maanden. IJskoud geboren, de eerste januari. Groen en warm dragen we hem einde december naar buiten.

Een bewogen jaar. Voor jou, voor mij, voor ons. En wat blijft ons bij van jou, mij en hem? Of is het een haar? We genderden er flink op los in tweeduizendachtien. Me too, you too, he or she too. We waren weer even van Gender en Loos.

En de orde(r)diensten maar overuren draaien. Ze kwamen dit jaar weer handen tekort, Post en Politie NL. Ook bij ons kwamen ze dit jaar te laat. Voortaan gewoon de politie de post laten bezorgen. Vangen we meteen twee vliegen in een klap.


Beschuitvaart (27-12-2018)

Een nieuwe geboorte, alweer. Het elfde kindje in aantocht. De familie puilt langzaam uit. Maar pa en ma genieten met volle teugen. Een huis vol. Dat is wat ze willen. En ze hebben nog wat kamers over in hun hart en huis.

Broers en zussen zeggen ook. Laat die nieuwe kleine maar komen. Een elftal klein grut dat is toch prachtig. Kunnen we samen gezellig korfballen of handballen. En ook op vakanties is het dan echt gezellig. We hebben geen camper maar een bus. En daarmee rijden we naar het einde van de wereld.

Maar eerst wachten we op de boot. Die willen we niet missen. De beschuitvaart is al onderweg. Worden het roze of blauwe muizen? Een boot vol.


Stuitvaart (29-12-2018)

Het is dit jaar weer niet gelukt. Geen witte kerst in Nederland. En ja, het klimaat krijgt de schuld. Een slecht klimaat gecreëerd door ons, homo sapiens neerlantalis erectus maar ook zittend. Achter onze luie telefoons zien we al lang niet meer wat er rondom ons heen precies gebeurt. Hitte maakt niet alleen kwaad maar voorkomt ook sneeuw. De lage landen zinken steeds dieper. En toch, we doen ons stinkende best. Blijven dat ook doen. Tegen beter weten in. En ik heb besloten, ik doe niet meer mee. Het zal sneeuwen potverdrie. Dus spuit ik sneeuw op mijn stoep, kunstsneeuw en haal mijn slee van de zolder. Ik neem een flinke aanloop en land via mijn buik in blauwe stuitvaart.


Uitvaartmiss (30-12-2018)

Ik sta buiten op haar te wachten, mijn uitvaartmiss. Wat ben ik dol op haar. Niets houdt me tegen en alles wat ik wil is haar mijn liefde tonen. Ze weet namelijk nog niet dat ik gek op haar ben. En hoe beter kan ik dat doen dan bij een kerk. Zij is mijn heilige kerk. Mijn enige kerk.

Daar komt ze eindelijk naar buiten. Door de zijdeur. Uit respect voor degene die zojuist naar buiten is gedragen. Voor de laatste reis. Naar het hiernamaals. En ik, ik mag gelukkig nog even in het heden blijven. Sterker nog mijn toekomst delen met mijn nieuwe vlam. Dat dat toch zo maar mag zijn. Ik dank mijn meisje. Die nog niet weet.

06-12-2018

Het paard van Sinterklaas is een kameel

Ben jij een paard?
No.
Maar wel wit?
Yep.
En vier benen?
Yep, poten mag ook.
Je loopt veel?
Yep.
Op diesel?
No.
Ook 's-nachts?
Vooral 's-nachts.
Je bent een luipaard.
No.
Jaag je wel?
No.
Heb je een staart?
Yep.
Groot?
Een kleintje met een zwart kwastje aan het end.
Ben jij draagbaar?
Hoe bedoel je?
Kan ik jouw dragen?
No.
Draag jij dingen?
Soms.
Mensen?
Soms.
Ben jij een witte olifant misschien?
No.
Ben jij grijs?
No.
Heb jij een ziekte?
Een beperking.
Oh, ernstig?
Vervelend alleen.
Hoezo?
Ik word snel gezien.
Is dat erg dan?
In mijn geval wel.
Altijd?
Incidenteel, meestal een paar dagen.
Jaarlijks?
Yep.
Tijdens een kinderfeest misschien?
Yep, maar ook voor volwassenen.
Met Sinterklaas?
Met Sinterklaas.
Ben jij zwart?
No.
Zucht. Ik geef het op.
Mooi zo, ik krijg langzaam bulten van jouw gevraag.
Bulten?
Yep?
Een of twee?
Twee.
Aha. Werk jij?
Yep.
Interim?
Tijdelijk ja. Ik val in.
Nee! Ik weet het! Wit? Twee bulten? Draagt dingen en mensen? Beperking?
Yep. Yep. Yep.
Een kameel, je bent een kameel.
Yep!
Maar ... ehhh ... een witte?
Albino!
Ach, natuurlijk!
Gefeliciteerd!
Dank je. Nu ben ik weer.

30-11-2018

120 Woorden November 2018

120 Woorden (120W) is een website gerund door vrijwilligers waarop ik kleine stukjes van exact 120 woorden plaats. Meestal aan de hand van opgelegde themawoorden.
Motto 120 Woorden: Er wordt veel te veel geschreven en daardoor veel te weinig gelezen. Weg met de breedsprakigheid. 120 woorden is precies genoeg.


Koeienjongetje ontmoet koeienmeisje (4-11-2018)

Ik zie hem zo voor me. Met een melkwit gezicht, olijke ogen, rode blosjes op de wangen en een guitig kuiltje in zijn kin. Gekleed in een roodwitzwart geblokte blouse. De mouwen opgestroopt. Spijkerbroek aan, van PME natuurlijk, want wie kent tegenwoordig nog Levis. Levis? Verkeerd geschreven misschien? Moet het niet Le Vis zijn? Non.

Ik zie haar zo voor me. Met een melkwit gezicht, ondeugende ogen, rode blosjes op de wangen, guitig kuiltje in haar kin. Gekleed in een roodwitzwart geblokte blouse. Mouwen opgestroopt. Spijkerbroek aan. Nee, geen rok. Omgeven door spannende cowboys, bruin, zongestraald, strak en lenig dansend. Madonna zwoel en hevig heupwiegend.

En ik, ik houd mijn lasso vast en wacht met ontwaken, uit mijn natte droom.


BonBonBloc (5-11-2018)

In mijn winkelwagentje steevast dezelfde producten. Een avocado, Coca-Cola en een BonBonBloc. Mijn nieuwe vriendin moet telkens lachen als ze op zaterdagochtend mijn koelkast opentrekt.

Een avocado is gezond, heb ik me laten vertellen. Smaakt bovendien heerlijk. Beetje naar noot en daar houd ik van. Wie niet? Mijn vriendin gelukkig ook. Ze gaat er spontaan van zingen. Van al die noten die ik op mijn zang heb. Mijn zang is dan ook mijn fijnste bezit. Zou hem voor geen goud willen missen.

De Coca-Cola is een ander verhaal. Bespaar ik u. Houd het er maar op dat zowel mijn lichaam als geest wel eens zwak zijn. Maar dan die BonBonBloc. Ultiem genot. Mijn vriendin fluit spontaan op mijn chocolade BonBonBlocfluit.


Bonbon superieur (5-11-2018)

Zijn armen dramatisch geheven, grote handen uitgestoken richting spotlights, vingers gestrekt gespreid. Hoofd omhoog gericht, nek idem dito gelijk een boze trotse kalkoen. Aderen op handen in nek en naast opengesperde ogen bonkend gezwollen. Haast liederlijk het beeld.

Op de stoelen, banken, in de loge hoog in de lucht, zittend op het puntje van spanning, vol zenuwgenot, spierplezier en ademnood te genieten. De lange lelijke man onder en voor op het podium, in treurig zwart pak gekleed, expresst wat in de hoofden van het in grote getale toegestroomd uitzinnig publiek vastgeklonken zit.

Een lied in donderend Frans klinkt door de zware theaterlucht, prikkelt de oren en ontluistert zoet. Bonbons superieur als vette metaforen. En hij maar zweten. In fondant mineur.


Bonbondozen (7-11-2018)

Gelikt, dat zijn ze, de fel gekleurde glanzende bonbondozen. Op ooghoogte liggen ze in de rekken van AH-XL. De Mon Cheries en Celebrations, de Merci’s en de After Eights, de Godiva’s en Delicata’s, de Milka’s en de Caluwé’s, de Lindts en Australians. ‘Grijp me, eet me, lik me, please me, kleed me uit, geef me weg, adore me.’

‘Reken me af!’, roept vervolgens het berekende winkelwagentje. ‘Ik zit propvol.’ De chauffeur weet wel beter. Hij of zij rijdt nog even terug. Het koekiemonster in de bijzit springt eruit. Scoort nog wat Marsen en andere repen en dirigeert zijn chauffeur nog even naar de notenbar en liquidstore. Het is morgen weekend, het mag. De bonbondozen lachen hun hart eruit. Wordt smullen.


Bonne-bonne-bonne bonbons (8-11-2018)

Bonne-bonne-bonne bonbons. Vol verwachting klopt hun hart. Binnenkort mogen ze weer mee naar Nederland, met de boot eerst een stuk over de koude Noordzee om dan opgeslagen te worden in een groot Amsterdams pakhuis. Pakhuis? Ik zeg afblijven huis. Er wordt niets, maar dan ook niets uit de juten zakken gepakt, huis.

Lekker knus zullen de bonne-bonne-bonne bonbons afwachten in welke kinderhanden- of schoentjes ze terecht gaan komen. De chocoladen hebben haast. Ze smelten langzaam, zo dicht op elkaar. Zeker als de kachel aan is in het pakhuis, door de bonne-bonne-bonne bonbons sinds jaar en dag bestemeld als blijf-van-mijn-lijf huis. Nog tig nachtjes slapen en dan is het zover. In een of andere hoek worden ze dan gesmeten. Hoe zoetzuur.


Bonbonbetonbloc (8-11-2018)

De manager van supermarkt Malle Pietje Leidseplein is het spuugzat. Zwerver Tinus Tokio, een heel klein miniatuurzwervertje van amper twaalf loopt nu al bijna een half jaar de snoeprekken te terroriseren. Hij bijt iedere dag een klein stukje chocolade weg uit de Bonbonbloc repen. Zowel de melk, puur als de noten repen.

Tinus Tokio is ondanks zijn lengte van amper een meter oersterk. Thaiquando, Jiejoetsie, Charate en Hudo, alle vechtsporten beheerst hij. Ooit won hij zelfs een K3 toernooi. Als lage bas. Knap hoor. Maar dat terzijde. Zijn ervaring zette hij ter verdediging in. Niemand die Tinus Tokio zijn bites in de Bonbonblocblokken durfden te ontzeggen.

Totdat het lumineuze idee ontstond de Bonbonblocblokken te vervangen door Bonbonbetonblocblokken. Nooit meer gezien.


Won Ton Ton bonbons (8-11-2018)

Liegen en bedriegen is er niet langer bij. Het management van popgroep Won Ton Ton is het zat. De bandleden is de wacht aan gezegd. De bonbonverslaving is compleet uit de hand gelopen. Uit de buik, beter gezegd. Tijdens de laatste optredens stroomde de vloeibare chocolade zowaar uit hun… Ik bespaar u de details, lieve lever… ehhh… lezer.

Ze weigerden al een poos op te treden als er geen bonbons aanwezig waren. Oogluikend werd dit gedrag getolereerd. Totdat de boel escaleerde tijdens hun publieke optreden op Leidseplein, midden in de nacht na Koningsdag. Jaren tachtig of was het negentig? Na het consumeren van vier kilo Mon Chérie was er geen houden meer aan. Een vieze chocoladefontijn beëindigde vroegtijdig hun moeziekcarrière.


Bonbons krijgt de bons na het eten van Mars (8-11-2018)

Harrie Bonbons, de orgelman van het Leidseplein rijdt teleurgesteld zijn orgel richting Leidsevaart. Heel even overweegt hij zijn orgel in de plons te gooien. Verband van het Leidseplein. Hij kan zich wel het haar uit zijn oren trekken. Op zijn hoofd staat immers al jaren niets meer. Wat is er gebeurd?

Harrie Bonbons, die eigenlijk gewoon Harrie van de Kimmenade heet, heeft contractbreuk gepleegd. Hij heeft en plein publique op het Leidseplein te Haarlem een Mars gegeten. En dat mag niet. Immers, contractueel heeft Harrie Bonbon zich verplicht alleen maar bonbons te eten van Koot ten Door. Geen Mars dus. En Koot heeft Harrie op eterdaad betrapt. Echt wel. Einde contract, einde carrière van Harrie van de Kimmenade. Best heftig.


Biebelebijbelse bonbons (8-11-2018)

Waar zijn de lepeltjes gebleven? Ja, die van papier-maché? We gaan hier toch geen gouden lepeltjes voor gebruiken? Verdwenen? Opsporing verzocht al ingeschakeld? Of op heterdaad betrapt? Met eigen ogen waargenomen? Of Life aid? Niemand? Helemaal niemand? Hoe moet dat nu verder dan? We kunnen toch niet verder gaan zonder onze papier-machéen Biebelebijbelse bonbonlepeltjes?

Iemand een idee om dit op te lossen? Jullie beseffen toch wel wat dit betekent? Zonder Biebelebijbelse bonbonlepeltjes geen voorstelling, toch? Dat willen we toch niet? Stel je toch eens voor? Peter, Peter, nee, nee, je gaat je nu toch niet voorstellen? Aanstellen dan? Tegenstellen? Afstellen? Willen we dat lieve toeschouwers? Nee toch? Gaan we nog een oplossing vinden heren, dames, jongens, meisjes? Geen idee zeker?


Bonbontijd (9-11-2018)

In de ochtend ben ik op zijn best. Dan is het voor mij bonbontijd. Niet dat ik me vergrijp aan bonbons lezer, begrijp me niet verkeerd. Ik schuim alle ochtendprogramma’s af op televisie. Aan YouTube oftewel liveblogging en -vlogging doe ik (nog) niet. Als correspondent én trendspotter is dat vooralsnog too much. Er gaan maar een paar uurtjes in een ochtend. Daar moet ik zuinig op zijn.

Mijn hoofd mag niet overlopen. Ik werk namelijk voor het ADD, de flipperkrant, zowel online als fysiek toonaangevend in haar branche. Vroege vogels en de Ontbijtquiz zijn mijn favoriete programma’s en Fit met Brit natuurlijk. Intussen shop ik wat af. Kijk synchroon naar acht beeldschermen en tik mijn teksten op vier sleutelborden. Smullen.


Bonbonton (9-11-2018)

Mijn tante heeft geen koektrommel maar een bonbonton. Een ton, wulps met flink aangezette ronde vormen. Nee, niet mijn tante maar de ton. Er kunnen wel tien kilo bonbons in de ton. De houdbaarheidsdatum of beter gezegd de doorlooptijd van de te nuttigen bonbons bedraagt een kleine week.

Mijn tante weegt driehonderdtwaalf kilo en ziet er nog prima uit. Alleen jammer dat niemand dat kan zien. Ze gaat, ze kan nog amper de deur uit. Gelukkig is mijn tante een ster in vloggen. Vierentwintig uur per dag zendt ze zichzelf life uit. Het is haar missie om iedereen aan de bonbon te krijgen. Een ijdele en kostbare missie. Maar ze geeft wel het goede voorbeeld. De schokolade-industrie is ook blij.


Nepbonbons (9-11-2018)

Nee, nee, nee, dit gaat niet over pralinee’s, dit stukje gaat over nepbonbons. Over Pleonidassen en andere wilde zoeternijen. Over Barsen en Butsen en Bnickers. Dit gaat over onvervalst genot. Grokoladeplezier en kladroomspuiten. Over kleine stukjes slagdroom die aan de lippen blijven zitten. Heerlijk toch?

Nepbonbons are my favourites, rites de favou. Miammie in Miami. Bon Chemie en Knoetjesrepen en dan afblussen met een fantoomfontein vol melkmodder, hemels. Broche, broche, broche en Kilkapolonaise, sweet dreams are made of this. Pralija’s en Langtongbrownies, ik lust er kilo’s van.

Velgische bonbons en Rotelebone, Lilkakoeiensnoepjes, Kaleboutjes en Mashmallootjes. Gevuld, gemarineerd, voor- of nagekauwd, ik kan het allemaal hebben. Moet het hebben. Pekulaasjes en kneperpoten, ultiem zacht fluim en tot slot hartige gebrande knotentaartbonbonnetjes.


Bonbonnière (10-11-2018)

Binnenkort, wat heet, binnen vier maanden, een druppel op een hete plaat, vijf seconden voor twaalf, gaat het weer gebeuren. Het feest der feesten. Vlezig leuk. Carnavale. Maar eerst wordt het nog 11 november. Prinsen van het jaar 2019 springen dan uit een doos of staan ineens op uit het publiek. De nieuwe Prinsen zijn geboren.

Zo ook in de Bonbonnière te Mestreech. Wie zal het dit jaar zijn? Maar eerst zullen Buutredners nog van zich laten horen. Tonpraters zullen een jaar samenvatten en kolderiek becommentariëren. Van de Prins geen kwaad. Alhoewel, Prins Rutte, hoe Limburgs kan een naam klinken, zal toch op zijn Marc-Marie’s gemangeld worden. Het zal mij worst wezen. Tilburgse worst, gezegend door de paters van Genoeg.


Knalbonbons (10-11-2018)

Je kent het wel. Zo’n snoepje dat explodeert in je mond zodra je het stuk bijt. Een knalbonbon. Ik zou ze eerder knalbomboms genoemd hebben, maar dat terzijde. Onlangs heb ik weer het ongenoegen gesmaakt van zo’n knalbombom. Ik heb het geweten. Het was een klein minigranaatje in de vorm van een klein ei. Een kindersurprise stond er nog op. Ik had al een beetje mijn twijfels, maar toch. Je kijkt een gegeven paard niet in zijn bek. Ik althans niet. Dat stinkt me veel te erg. Helaas zat aan mijn granaatei ook een luchtje. Wat zeg ik, luchtje? Na een fameuze knal, waarbij het bloed me uit de mond spatte, kwam er ook nog eens een rookexplosie. Gebakken lucht.


Bonbonken (10-11-2018)

Piet: Hoe was je weekend?
Jan: Goed, het jouwe?
Piet: Heerlijk gebonbonkt.
Jan: Ha, alweer, met wie dit keer?
Piet: Met Truus.
Jan: Nee… met… met… Truus van de… Piet… Bakker ja. En het was lekker!
Jan: Jazeker, die lust er wel pap van… maar ehhh… Piet:… hoe ik dat doe? Gewoon vragen.
Jan: Gewoon, wil je met me bonbonken?
Piet: Ja, maar nu niet. Ha, ha. Marieke wacht.
Jan: Nee… Marieke Pil?
Piet: Yep… Marieke Pil die wil van… Jan:… bil. Dat geloof ik niet. Die is toch …?
Piet:… lesbo? Niet meer. Sinds ze mij ontmoet heeft wil ze geen dames meer bonbonken.
Jan: Doen lesbo’s dat ook, bonbonken?
Piet: Geen idee. Vergeet niet te klokken.
Jan: Doe ik.


Mijn cockpit (12-11-2018)

Ik kan zo hard schudden als ik wil, het mag niet baten. En dat op het moment suprême. Laat me alsjeblieft niet in de steek. Nog een keer kijk ik in de grote passpiegel op de badkamerdeur en zucht. Op hoop van zegen loop ik de slaapkamer binnen. Wat zal ik nu toch eens zeggen? Hoe lang ben ik niet op de badkamer geweest?

Op het bed zit ze al te wachten. Het spel kan beginnen. Ze ziet er verrukkelijk uit in haar stewardessenoutfit. De lingerie-set van KLM maakt het helemaal af. Wat een mooi totaalpakketje zit daar op mijn vliegtuigsprei 'Boeing Boem Boem Nine Eleven'. Ze kijkt me ondeugend aan. Maar er gebeurt helemaal niets met mij. Mijn cockpit.


Peacockpit (12-11-2018)

Wordt u al geholpen, meneer? Dat doet kassabelletjes rinkelen en liftdeuren open – en dichtslaan. Met peacockpit en strakke blik het hoofd geheven, wacht men op de klanten. Geaffecteerd in het kwadraat, een enkeling daargelaten. Een droeve man met flaporen en een waterhoofd ziet vanachter het gordijn schaapachtig toe.

Dan gebeurt het. De befaamde Potemkinscène, maar dan anders. Een rolstoel met een magere oude man, die nu nog olijk uit de ogen kijkt, kiept voorover over de luie trap. De rolstoel stuitert vervaarlijk achter hem aan. Zo ook drie wulpse langblondharige dames in verpleegstersoutfit, die tevergeefs trachten de oude magere man in het gareel te houden. Wat dat dan ook überhaupt mag zijn, gareel?

Maar zaken gaan voor het meisje, toch?


Cockpitjes (12-11-2018)

Mijn oom ijlt. Heeft last van forse golvende pijnen in onderbuik, rug en soms ook in de heupstreek. Last van strangurie, pollakisurie en hematurie. Woorden waarvan galgjespelers smullen. Maar niet mijn oom. Hij vindt het ook nog eens stinken naar rotte eieren, bah. En dat terwijl het toilet zojuist nog een grote beurt heeft gehad. Bah, bah, zum kotzen, zo ruikt het.

Tante vindt dat oom overdrijft. Hij blaast de dingen altijd op. Maar oom pikt het niet langer, de stank, hij bezoekt de dokter. De symptomen zijn overduidelijk. En sterker nog, het toilet van de huisarts stinkt nu ook. Strangurie, pollakisurie en hematurie, score honderd procent. Mijn oom heeft last van blaasstenen. Aha, dat wordt cockpitjes spuiten, grapt tante.


Cockpitgame (12-11-2018)

Bloody hell. Bloed en hanenveren vliegen in de rondte. Tjakka. Weer een hielenhaal. Stoer wordt de borst geheven. Kom maar op? De blikken staan op oorlog. De lellen worden nu ook ingezet. Klatsj. Wat een lel! Haan Hans ziet zwart voor de ogen. Haan Harrie grijpt zijn kans. Met een kamikazesprong a la van Gaal schopt Harrie Hans met zijn hielhaak in zijn rechteroog. Hans stort kermend neer. Langs de kant klinken wilde kreten. “Sta op Hans!” Maar Hans legt het loodje. Poten en veren gestrekt. Harrie is de winnaar. Wederom. Een dijk van een haan als het op vechten aankomt. Vanavond mag hij extra vroeg met de kippen op stok. Morgen een nieuwe cockpitgame, met wederom een mooie inzet.


Restaurant de Cockpit (13-11-2018)

Even voor de duidelijkheid lieve lezer. Dit stukje gaat over de vrouw van een kok. Laat u niet misleiden door de titel. Het betreft hier namelijk niet een cockpit van een vliegtuig. Nee. Het gaat hier echt over een kok. Een luie kok. Hij slaapt het liefst. Zijn favoriete hobby. Eigenlijk zou het restaurant de Kokpit moeten heten. Maar zoiets kan alleen in Amsterdam. Daar begrijpen ze die humor. Zijn vrouw daarentegen heeft het nog geprobeerd. Edoch, de lieve vrouw is dyslectisch. In alle talen. Ook dat nog. En ze lijkt ook nog eens treffend op Hyacint. Juist ja, Bucket oftewel Bouqet. Qua karakter dan. Dan kom je al snel uit bij Restaurant de Cockpit. Ssstttt… want hij slaapt nog.


Cockpitjoke (13-11-2018)

Een boer in Groningen, hij ploegt voort. We tellen 1 april 1943 en het is best koud. Plotseling hoort de boer geronk. Het is niet zijn tractor. De lucht lijkt even te trillen. Hij kijkt omhoog. Nee! Een vliegtuig komt langzaam omlaag gestort richting boerderij. Paniek! Boer rent naar boerderij. Heel even heeft hij oogcontact met de piloot in de cockpit. Paniek! Het vliegtuig stort neer op het kippenhok. Alle kippen spurten weg. De boer is boos, woedend en stormt vloekend en tierend op de vlieger af. Die roept bedarend: “Keep quiet!” En steekt zijn handen naar voren om de boer op te vangen. “Wat!”, schreeuwt de boer, “kiep kwajt? Niet één kiep, menneke, al mien kiepen zien kwajt. Dju!”


Noppenfolie (13-11-2018)

De nieuwste trend op de voetbalvelden. Noppenfolie onder je voetbalschoenen. Zuinigheid? Nee. Waarom dan? Dat verdient nader uitleg. Kijk het is eigenlijk heel eenvoudig. Waartoe dient folie? Als achternaam voor Ellen? Nee, mallerd. We zijn hier niet bezig met baseball. Met honkbal ook niet. Er worden hier geen honken gestolen en ook geen dashboards bevlekt. Geen denken aan. Nee, folie zorgt juist voor opgeruimdheid en netheid. Het is een vondst van een nette moedervereniging, genaamd ‘het ijverige voetbalschoenenpoetsertje’. Het zit uiteraard nog in de testfase. Maar de eerste onderzoeksresultaten zijn veelbelovend. Door het plaatsen van noppenfolie onder de voetbalschoenen blijven deze langer gevrijwaard van modder, klei, löss en andere aardkloten. Dat scheelt drie keer per week het poetsen van voetbalschoenen.


Hardcockpitch (17-11-2018)

Hot op de arbeidsmarkt en in de banenpolonaise, de elevator pitch. Solliciteren op zijn Jansebaggers. Sommigen hebben een lift nodig die doorschiet tot de honderdste etage, anderen volstaan met tien. En dan nog is de snelheid van de lift bepalend. Allemaal oefenen voor de spiegel en voor de groep. Niets aan het toeval overlaten. Scoren in twittervaart en instagramtempo. Je kunt ook nog kiezen voor een videoboodschap of helemaal professioneel voor een TED Talk. Ik zie het ze allemaal doen. En toch, is het eigenlijk wel nodig? Hoe moet ik als stratosfeermaker en lampenkaphersteller dit aanpakken? Ik krijg vijf keer in de week tips voorgeschoteld hoe te solliciteren. Maar vooralsnog leun ik voorlopig op mijn hardcockpitch. Dat geeft tenminste bevrediging.


Sisyfusarbeid (19-11-2018)

Wekker uitzetten. Dekbed afslaan. Pantoffels aan. Effe plassen. Gezicht wassen. Tanden poetsen. Kleren aan. Make-up op. Juwelen om. Koffie thee. Ontbijt maken. Telefoon lezen. Hond uitlaten. Poes aaien. Tas mee. Deur uit. Fiets op. Auto in. Vliegen maar. Hoi hoi. Goedemorgen morgen. Naar koffiezetapparaat. Bakkie thee. Even kletsen. Alles goed. Alles behalve. Allesbehalve goed. Gaat wel. Computer aan. Muizen maar. Mail lezen. Daarna telefoon. Sociaal mediaën. Bulk wegwerken. Nieuwe orders. Even koffiepauze. Of thee. Speculaasje eten. Of mandarijn. Orders verwerken. Grote pauze. Buiten wandelen. Lekker weer. Even uitbuiken. Half dutje. Nieuwe orders. Bijna koffiepauze. Of thee. Collega jarig. Langzalzeleven zingen. Progressgebakje erbij. Nieuwe processen. Effe doorwerken. Naar huis. Auto in. Fiets op. Poes aaien. Hond uitlaten. Jas uit. Et cetera.


Schildpad (21-11-2018)

Er zijn schildpaden waarover je niet wil lopen. Schindler’s list bevat zo’n schildpad. Wie herinnert zich het niet, die de film heeft gezien. Gruwelijk. Een pad aanleggen van grafschilden, wie verzint het? De duivel, het beest, de onmens, de tiran, de wreedaard. Grafschending om vervolgens de mensen de dood in te jagen over een gruwelpad. Ja, daartoe is de mens in staat. Nooit gedacht. Wens het niemand toe en wens het zelf nooit mee te maken. Zelfs niet met een slakken- of schildpadgang. Ongehoord. Deze toestanden. Mogen never nooit vergeten worden. En niet alleen herinnerd op Dodenherdenkingen of Bevrijdingsdagen. Bevrijd raken de mensen nooit, die achter en onder de schilden schuilen. Als oorlogsslachtoffer, beestachtig, schuldig én onschuldig vermoord. Blijf herinneren.


Flagrant (21-11-2018)

Het is flagrant, brandend, duidelijk, in het oog springend, onloochenbaar, onmiskenbaar, overduidelijk, uitdrukkelijk, zonneklaar, kortom zeer duidelijk, dat op heterdaad iemand betrappen die flamboyant, vlammend, vurig en hartstochtelijk schrijft, nooit iets kwalijk genomen kan worden betreffende zijn stijl, oftewel zijn samenstelling van artistieke elementen die samen een manier van uitdrukken vormen die kenmerkend is voor zijn individu, los van periode of volk, oftewel het lange, dunne deel van zijn stamper, tussen vruchtbeginsel en stempel, ook wel genoemd zijn pen. Wat overigens weer niet wil zeggen dat de schrijver voor wat betreft de inzet van zijn gereedschap niet ter verantwoording geroepen mag worden. Integendeel. Juist zijn gereedschap speelt een grote rol in de manier waarop hij zijn zegje te berde brengt.


Vlaflippen (26-11-2018)

Pas op. De vla in de supermarkten is niet meer zuivel. Zuiver bedoel ik natuurlijk. Maar eigenlijk klopt zuivel ook wel. Ze hebben namelijk wat in de vla gestopt waarvan je gaat flippen. Geen zuivele koffie. Eh, zuivere koffie natuurlijk. Nee, die zit er niet in. Dan zou het helemaal mooi worden. Cafeïne in de vla, het moet niet gekker worden. Hoewel bij de nieuwste vla, ja u zult het haast niet geloven, de mokkavla, nochtans sporen van cafeïne zijn ontdekt. Zuivele koffie dus toch. Dus opletten lieve supermarktgebruikers, hoedt u voor foute vla. De blanke vla, de zwarte vla, vla zonder suiker, de chocolade vla en gemengde vla. Aardbeienvla, bananenvla, caramelvla, laten staan. U gaat er van flippen, vlaflippen.


Bizarre vlaflip aka flegmaflip (26-11-2018)

“Jongens, we gaan niet van tafel voordat de spruitjes op zijn. Het is maar dat jullie het eten… eh… weten.”
Het was een van de zeldzame keren dat moeder zich versprak. Het organiseren van een goede maaltijd voor stuiterboys was geen sinecure. Zeker niet bij stuiterboys die ook nog eens beschikten over een buitennormaal IQ. Voor de niet zo scherpe lezer, buiten normaal, binnen absurd.
“Ja, maar mams, moeten we dan echt alle blaadjes van de spruitjes eten, of mogen we ons ook beperken tot de buitenste?”
“Open deur, Sjakie, daar trap ik niet meer in.”
“Die?”
“Nee, daar!”
Mams werd soms doodmoe van de woordspelletjes.
Tergend langzaam aten de jongens de spruitjes op.
Ze aasden op het toetje. Vlaflip.


Geen vlimmen in mijn vlaflip (27-11-2018)

Haaien in de soep en vlimmen in de vla. Gevaarlijk dinertje. Binnenkort mogen de Peppies en Kokkies zich allemaal weer uitleven met wilde kerstmenu’s en dito nieuwjaarsgangen. Vegetarisch prefereert dit jaar, aldus Appie Pappie’s meest recente Zonder Handen. Maak het dit jaar nog spannender en kook voor de gein eens geblinddoekt. Succes gegarandeerd.

Ik zie het voor me. En ook nog naakt. Schortje voor en billen bloot. Spannend. En bij de afwas zingen we de complete Top 2000 aan één stuk door. Zet de pantoffels maar badt klaar. Het wordt nachtwerk. Maar zonder gekheid op satéstokjes. Bij de borrel tieren kaas, ananas, stukjes augurk en zilveruitjes welig. Zolang ik maar geen vlimmen heb van haai of haring in mijn vlaflip.


Baklavlaflip (28-11-2018)

Ik sta bij de toonbank van een klein Turks winkeltje en verlekker me aan de baklavla. Bengür kijkt me wat vreemd aan als ik bestel. Hij is de eigenaar van dit prachtige winkeltje waar het exotisch ruikt naar vakantie en avontuur. Hij woont en werkt al veertig jaar in Nederland en spreekt bijna perfect Nederlands.
‘Het is baklava en niet baklavla.’
Ik moet lachen.
‘Nee hoor, baklava heb ik niet nodig Bengür, ik gebruik altijd bakboter. Met baklava kun je echt niet bakken vriend.’
Heel even hoort Bengür het in Köln donderen. Houd ik hem voor de gek, hoor ik hem denken. Hij is er nog pas geweest.
‘En doe er ook maar een bakje Baklavlaflip bij.’
‘Baklavaflip bedoelt u?’


Vlaflipperen (29-11-2018)

Eindelijk is het zover. Mijn nieuwe uitvinding wordt gelanceerd. In Casino Royaal. De eerste echte onvervalste flipperkast die in natura uitbetaalt. Geen punten of euro’s kun je cashen. Nee hoor. Gewoon vla krijg je meteen uitbetaald. Gele vla spuit uit de kast zodra je tegen een pionnetje flippert. Wie honger heeft kan die dus met flipperen stillen. Mijn vlaflipperkast zal een groot succes worden in binnen- en buitenland. Ik voorspel het u. Mijn ultieme doel dan nog is de hoop dat hij ook opgenomen wordt als vraag bij de inburgeringscursus. Al is het maar alleen om inburgeraars bekend te maken met het meest oerhollandse produkt van Nederland. De vla. De gele, de bruine, de witte, de chocolade en de blanke.


Vlaflipper (30-11-2018)

Mona en Mora zijn naarstig op zoek naar een nieuw rolmodel voor hun reclames. Ze hebben dan ook de handen in elkaar gestoken en besloten om de krachten te bundelen. Cora moet de deur uit, ze is nu echt te oud, een echte Truus is ze geworden. Geen excuus. Adios Cora.

Mona en Cora gaan de markt bestieren met een gemeenschappelijk rolmodel. Geen rolmops dit keer maar wel een ander geil dier. De dolfijn. Daar is iedereen dol op. Schijnt ook heerlijk te smaken, mits gefrituurd. En bij een dolfijne dolfijn denkt het management natuurlijk meteen aan Flipper.

Maar hoe past de vla van Mona in dit plaatje? ‘Eureka!’, roept een marketingmeisje stevavast. We dopen Flipper om in vla. ‘VLAFLIPPER!’


Vlaflipslipper (30-11-2018)

De melk is op en ik ben bloedgeil. Zo geil dat het bloed naar mijn hoofd stijgt. De melk is op, mijn hoofd loopt over. Het stoomt en vult zich heel langzaam met kopkaas. Ik moet nu snel handelen anders gaat het volledig mis. Die verrekte geiligheid ook. Dat daar geen pilletjes voor zijn? Tegen, moet ik eigenlijk zeggen.

Ik tel tot zestig, precies het aantal woorden die ik in het eerste deel van deze tekst geschreven heb. Het helpt een klein beetje, van me af schrijven. Maar de kopkaas blijft. Ik kan niet weer bij de buurvrouw aanbellen met hoge melknood. Totdat ik plots de oplossing vind in het kookboek van Margriet. Ik maak een flinke vlaflipslipper met buuf.