27-06-2013

Werkplek

Op zoek naar een nieuwe baan. Dat valt tegenwoordig niet meer mee. Behalve als je veel kennis bezit. Kennissen bezit, moet ik eigenlijk zeggen. Zonder kennissen heb je geen netwerk. Ik vijzel kennis en kennissen op. Op LinkedIn en feestjes en partijen.

Ik schuur, plamuur, vertimmer en verbouw. Met alle tools die ik bezit. Mijn netwerk groeit boven mijn hoofd. Ik voer het pokon en water. Al mijn contactlijstjes heb ik kaalgeplukt. Bijna iedereen zit in een sabbatical. Of renteniert in volkstuin of Marbella. Ik moet nog bijna twintig jaar.

Hoe houd ik dat toch vol? Mijn huidige betrekking zuigt me leeg. Een groot bedrijf dat kennis borgt. Het heeft mij niet meer nodig. Een reorganisatie ruimt zo makkelijk op. Als troost mag ik werk ervaren. Voor Pietje, Truusje en Jan Lul. Ik neem dagelijks een opscheplepel mee. En hark het onzinwerk naar binnen.

Vandaag een afspraak met het loopbaancentrum. Ik spring daar in een caroussel. Hij heet jobrotating en maakt misselijk. Competenties, vaardigheden, ik spuw ze uit. Maak ‘en profil’ een nieuw profiel. Ik netwerk en profileer me suf. Mijn elevatorpitch duurt minstens dertig verdiepingen. Ik oefen hem zes weken lang. De buurman, de pompbediende, de kassajuffrouw. Ze moeten er allemaal aan geloven.

Van eentje ben ik alvast collega. Ik schrijf en blijf bij zinnen. Ik tol wat op mijn bureaustoel. Het is mijn vierde van vandaag. Wat is mijn werkplek toch flexibel. Geen enkel zitvlak geeft meer rust. Mijn lauweren hangen aan de muur. Ik trek ze van de wand. Diploma’s heb ik niet meer nodig. Ik tel heel rustig tot zes. Verder kom ik helaas niet meer.