Nou, nou, gaat weer niet lukken vandaag of denk jij van wel?
Nee, gaat niet lukken.
Het is maandag.
Dan hebben de mensjes geen zin in dier.
Bovendien het is vandaag onze feestdag. Ho, ho, daar komen er weer een paar.
Kom op Myra, mooi zitten, doe nou eens je best.
Ja, hallo Martha, ik zit hier niet om pootjes te geven.
Vrolijk ratelt Martha verder in haar centrifuge.
Totdat er een grote bruine neus voor haar verschijnt.
Ze valt pardoes op haar rug van de schrik.
Snel draait ze zich om.
Iiiiièk, ga weg smerig beest, goh, wat stink jij.
De neus trekt zich kwispelend terug.
Vervolgens probeert een klein vingertje haar nek te kroelen.
Wat verder aan het vingertje zit begint ook nog eens flink te kraaien.
Oh, ik heb zo’n hekel aan kinderen.
Myra, kom eens gauw, we hebben weer een soepstengel, hiero.
Myra heeft wel trek in een lange vinger.
Met een flinke beet bijt ze zich vast en laat niet meer los.
Groot alarm wordt geslagen.
Een compleet gezin mensen moeit zich ineens.
De neus begint keihard te blaffen.
Met een scherpe paraplu wordt Myra plots in haar buik geprikt.
Het doet pijn en kietelt tegelijk.
Uiteindelijk laat ze los. Het bloed druipt van haar lip.
Mmmm … dat was nog eens een lekker vingertje.
Ze krabt tevreden over haar buik en laat een boertje.
Zeg Martha, heb jij het laatste nieuws nog meegekregen.
Onze buren, Blinkert en Frija zijn uit elkaar.
Dat meen je?
Ja, Frija ging vreemd.
Met wie?
Met Aal, je weet wel die gladjanus.
Dat meen je?
Ja, echt.
Wat erg voor Blinkert.
Ze gaan scheiden.
Blinkert behoudt wel zijn vijvertje.
Misschien kun jij hem een beetje troosten Myra.
Zeg Martha, nou maak je me aan het blozen.
Best een lekker ding hoor die Blinkert.
Mmm … mij iets te oud.
Oeps … Martha, ik zie nieuwe klanten.
O, o, Myra, de baas loopt met hun mee.
Dat is niet goed.
Ze komen deze kant op.
U zoekt twee lieve knuffeldiertjes, meneer?
Ik kan u deze aanraden.
Dit keer wordt een witte neus door de tralies gestoken.
Ze zijn eigenlijk wel schattig ja.
Wat kosten ze?
De baas krijgt geen tijd te antwoorden.
Martha en Myra hebben beiden een aanloop genomen en zich met lijf en leden gestort op de neus.
Onder luid gekreun probeert de neus zich terug te trekken.
Tevergeefs.
Met gestrekte lijven en kranige pootjes klampen Martha en Myra zich vast aan de tralies.
Een straaltje bloed en snot drijft langzaam in het stro en vermengt zich met wat keuteltjes.
Laat los, laat los, piept het gezicht achter de neus.
Martha, vind jij neusvleugeltjes ook het lekkerst?
Myra heeft geen tijd om te antwoorden en vreet zich door het malse vlees.
Grote paniek.
De baas denkt geen seconde na en grijpt naar de kleine visvijver.
Martha en Myra krijgen beiden een koude douche.
Proestend schudt Martha haar vel droog.
Hé klojo, wij zijn vandaag niet te koop.
Het is maandag en feestdag, capito!
Myra vindt het wel best.
Zij ontfermt zich over Blinkert die zojuist door de tralies in haar armpjes is gevallen.
Hij krijgt van haar een dikke kus in zijn natte nek.
Proficiat, oude lummel, het is vandaag weer dierendag.
Geschreven in het kader van een schrijfopdracht op ColumnX.
Onderwerp: Memento animali. Ter gelegenheid van dierendag 4 oktober 2010.
Spelregels:
- Schrijf een column over een voor jou bijzonder dier
- Je mag het beestje niet bij de naam noemen in de column
- Het mag niet over een mens, hond of kat gaan
- Schrijf de column in het teken van dierendag
- Begin de titel met Memento animali: ....
- Schrijfgereedschap: alles behalve een veer!
- Inzending anoniem onder alias 'Raad_wie_ik_ben'
28-09-2010
21-09-2010
Helpdeskboy
“Mag ik even uw PC-nummer weten, meneer?”
In lichte paniek staar ik apathisch naar mijn elektronische toverdoos. Met mijn ogen scan ik alle getallencombinaties af die mogelijk mijn PC-nummer zouden kunnen duiden. Securitycode, verpakkingscode, processorcode. Mijn hele PC staat vol cijfertjes. Maar waar kan ik in hemelsnaam mijn PC-nummer vinden?
“Het bestaat uit twee letters gevolgd door zes cijfers en het staat waarschijnlijk boven op uw PC, meneer.” Ik trek mijn antieke toverdoos met veel kabaal onder mijn bureau vandaan en warempel, daar zie ik een plaatje met inscriptie PS123456.
“Ja, meneer, bij een laptop was het eenvoudiger geweest”, hoor ik de helpdeskboy aan de andere kant van de lijn triomfantelijk zeggen. Hij heeft duidelijk mijn gemorrel en gestuntel door de telefoon waargenomen. Ik geef snel mijn PC-nummer door.
“Mag ik nu even uw PN weten?” Mijn hersens kraken, wat was dat ook alweer, PN? O ja, mijn personeelsnummer. Niet te verwarren met mijn telefoonnummer dat op één cijfer na hetzelfde is. Ik antwoord braaf en hoest de cijfers op. Vervolgens gaat de helpdeskboy verder met het diepte-interview.
“Hebt u de PC al een keer uit- en opnieuw aangezet?”
“Jazeker, antwoord ik voldaan.”
“Oké, en daarna doorloopt uw PC een security-scan, klopt dat? Tja, dat is vervelend hè, telkens zo’n check-up? En vervolgens worden er nieuwe patches geïnstalleerd, klopt dat? Mooi. Dan ga ik nu uw PC overnemen.”
“Er verschijnt een pop-up op uw beeldscherm en u wordt gevraagd om mij toe te laten op uw PC. Met remote control neem ik dan uw PC over. Daar komt ie.”
De laatste twee minuten van deze conversatie met de helpdeskboy voorspellen niet veel goeds. Ondanks de oorlogskretologie probeer ik rust en geduld te bewaren. Bijna mijn volledige doopcel heb ik moeten lichten alvorens er iets zinnigs over mijn PC-probleempje naar buiten komt. Nu ik eenmaal contact heb mag ik het niet verliezen. Er zitten nog veel wachtenden op de lijn. Dat weet ik. Zelf heb ik ook bijna 10 minuten moeten wachten.
Plots verschijnt het pop-up-scherm voor mijn ogen. Ik geef de helpdeskboy toestemming om mijn PC over te nemen. De cursorpijl vliegt als een razende roeland kriskras over mijn beeldscherm. Drie vensters worden achter elkaar open geklikt. Maar helaas, de vijand zit elders verhuld. De lijn en de cursorpijl vallen stil. De stilte duurt wel erg lang.
“Hallo helpdeskboy, bent u daar nog, kunt u mij even uitleggen wat er gebeurd, ik wil er wel wat van leren hoor?”
“Nou meneer, uw instellingen staan niet goed. U hebt ook een verouderd besturingssysteem en Internet Explorer kan daar niet mee overweg. Verder conflicteert uw Acrobat Reader met een andere PDF reader, die meegekomen is met de laatste patch.”
Mijn hersenen verwerken de nieuwe informatie. Even overweeg ik een andere hulplijn in te zetten. Maar ach, verdorie, dat kan niet, mijn toestel is immers al bezet. Aan de andere kant van mijn kantoor hoor ik een collega luid grinniken. Leedvermaak of herkenning?
Ik antwoord de helpdeskboy: “U stuurt mij werkelijk waar van de regen in de drup. Ik vraag alleen maar waarom mijn PC zo traag werkt en vervolgens wordt mijn PC seniel verklaart en ervan beticht dat hij zich inlaat met applicaties van slecht allooi. Daar kan die PC niets aan doen hoor?.”
“Wat zegt u, voor dit soort kwesties moet ik bij een andere afdeling zijn? Maar dit is toch de helpdesklijn? O, daar gaat u niet over? Bij wie moet ik dan zijn om mijn PC te begraven? Bij Facilitaire Zaken? Dat meent u? Die komen hem dan ophalen? En dan gaat ie naar afdeling EHBPC voor een acute digitale transplantatie. Dat vind ik nou niet bepaald klantvriendelijk. Ik zou graag als klant wat meer easy geholpen willen worden. Een beetje klanteasy zal ik maar zeggen. Dat zou ook een stuk beter zijn voor uw klandizie. O, u hebt al genoeg klanten. Nou tot volgende week dan maar weer, dag.” In mijn oor klinkt irritant: “Tuut, tuut, tuut …” De helpdeskboy is alweer op weg naar een nieuwe klus. En ik, ik bel Facilitaire Zaken.
Mien redder in nood
Ook gepubliceerd op website Gek op Klanten
In lichte paniek staar ik apathisch naar mijn elektronische toverdoos. Met mijn ogen scan ik alle getallencombinaties af die mogelijk mijn PC-nummer zouden kunnen duiden. Securitycode, verpakkingscode, processorcode. Mijn hele PC staat vol cijfertjes. Maar waar kan ik in hemelsnaam mijn PC-nummer vinden?
“Het bestaat uit twee letters gevolgd door zes cijfers en het staat waarschijnlijk boven op uw PC, meneer.” Ik trek mijn antieke toverdoos met veel kabaal onder mijn bureau vandaan en warempel, daar zie ik een plaatje met inscriptie PS123456.
“Ja, meneer, bij een laptop was het eenvoudiger geweest”, hoor ik de helpdeskboy aan de andere kant van de lijn triomfantelijk zeggen. Hij heeft duidelijk mijn gemorrel en gestuntel door de telefoon waargenomen. Ik geef snel mijn PC-nummer door.
“Mag ik nu even uw PN weten?” Mijn hersens kraken, wat was dat ook alweer, PN? O ja, mijn personeelsnummer. Niet te verwarren met mijn telefoonnummer dat op één cijfer na hetzelfde is. Ik antwoord braaf en hoest de cijfers op. Vervolgens gaat de helpdeskboy verder met het diepte-interview.
“Hebt u de PC al een keer uit- en opnieuw aangezet?”
“Jazeker, antwoord ik voldaan.”
“Oké, en daarna doorloopt uw PC een security-scan, klopt dat? Tja, dat is vervelend hè, telkens zo’n check-up? En vervolgens worden er nieuwe patches geïnstalleerd, klopt dat? Mooi. Dan ga ik nu uw PC overnemen.”
“Er verschijnt een pop-up op uw beeldscherm en u wordt gevraagd om mij toe te laten op uw PC. Met remote control neem ik dan uw PC over. Daar komt ie.”
De laatste twee minuten van deze conversatie met de helpdeskboy voorspellen niet veel goeds. Ondanks de oorlogskretologie probeer ik rust en geduld te bewaren. Bijna mijn volledige doopcel heb ik moeten lichten alvorens er iets zinnigs over mijn PC-probleempje naar buiten komt. Nu ik eenmaal contact heb mag ik het niet verliezen. Er zitten nog veel wachtenden op de lijn. Dat weet ik. Zelf heb ik ook bijna 10 minuten moeten wachten.
Plots verschijnt het pop-up-scherm voor mijn ogen. Ik geef de helpdeskboy toestemming om mijn PC over te nemen. De cursorpijl vliegt als een razende roeland kriskras over mijn beeldscherm. Drie vensters worden achter elkaar open geklikt. Maar helaas, de vijand zit elders verhuld. De lijn en de cursorpijl vallen stil. De stilte duurt wel erg lang.
“Hallo helpdeskboy, bent u daar nog, kunt u mij even uitleggen wat er gebeurd, ik wil er wel wat van leren hoor?”
“Nou meneer, uw instellingen staan niet goed. U hebt ook een verouderd besturingssysteem en Internet Explorer kan daar niet mee overweg. Verder conflicteert uw Acrobat Reader met een andere PDF reader, die meegekomen is met de laatste patch.”
Mijn hersenen verwerken de nieuwe informatie. Even overweeg ik een andere hulplijn in te zetten. Maar ach, verdorie, dat kan niet, mijn toestel is immers al bezet. Aan de andere kant van mijn kantoor hoor ik een collega luid grinniken. Leedvermaak of herkenning?
Ik antwoord de helpdeskboy: “U stuurt mij werkelijk waar van de regen in de drup. Ik vraag alleen maar waarom mijn PC zo traag werkt en vervolgens wordt mijn PC seniel verklaart en ervan beticht dat hij zich inlaat met applicaties van slecht allooi. Daar kan die PC niets aan doen hoor?.”
“Wat zegt u, voor dit soort kwesties moet ik bij een andere afdeling zijn? Maar dit is toch de helpdesklijn? O, daar gaat u niet over? Bij wie moet ik dan zijn om mijn PC te begraven? Bij Facilitaire Zaken? Dat meent u? Die komen hem dan ophalen? En dan gaat ie naar afdeling EHBPC voor een acute digitale transplantatie. Dat vind ik nou niet bepaald klantvriendelijk. Ik zou graag als klant wat meer easy geholpen willen worden. Een beetje klanteasy zal ik maar zeggen. Dat zou ook een stuk beter zijn voor uw klandizie. O, u hebt al genoeg klanten. Nou tot volgende week dan maar weer, dag.” In mijn oor klinkt irritant: “Tuut, tuut, tuut …” De helpdeskboy is alweer op weg naar een nieuwe klus. En ik, ik bel Facilitaire Zaken.
Mien redder in nood
Ook gepubliceerd op website Gek op Klanten
16-09-2010
Zeldzame klant
Pardon meneer, hoezo ben ik hier klant? Omdat ik hier toevallig door de winkel loop? Dat noem ik nog eens voorbarig. Omdat ik hier toevallig voor u toonbank sta? Absurd. Hoezo, u vindt mij lastig? Ik ben op voorhand noch klant noch lastig. Integendeel. Ik ben een door u zeer gewenste, vriendelijke mógelijke klant. Zodra ik met mijn papieren euro’s om uw oren sla, gaat u spontaan kwispelen.
Hoezo, u vindt mijn benadering agressief? U bedoelt wellicht assertief. Ik zeg waar het op staat. Overal en altijd. Daar heb ik toch recht op, als mogelijke klant? Hoezo … ssssttttt … iedereen hoort mij? Dat is toch de bedoeling. Ik ben hier toch bij de gehoorafdeling? Ik word hier toch zeker wel gehoord? Mooi, dan staan onze klokken in ieder geval gelijk.
Wat mijn vraag nu is? Wat denkt u? U houdt mij nu toch niet voor het lapje? Dan bent u mij kwijt hoor. Wat zegt u? U neemt mij zeer serieus. Ja, dat mag ik hopen. Ik behoor namelijk tot het uitstervende ras zeldzame klanten. Daar zou u als winkelier zeer zuinig op moeten zijn.
Maar vertelt u mij eens, wat heeft u zoal in de aanbieding? Wat zegt u, er zijn geen aanbiedingen? Vanwege de recessie? Dat kunt u niet maken. U wentelt uw economische crisis toch zeker niet op mij af, als zeldzame klant. Ik kan u verzekeren, met dit soort kermispraktijken kunt u mijn mogelijke aankoop, mijn Koninklijke Return of Investment én mijn coulance, acuut vergeten. Nee, precies, dat wilt u niet.
Dus, wat gaat u daar aan doen, Mister Sell? Ah, u gaat overleggen met uw baas Tell? Gaat u gang. Ben benieuwd hoeveel pijlen Tell op zijn boog heeft. Ik laat me hier toch zeker niet voor mijn kop schieten. Doet u mij intussen maar alvast een kopje koffie.
Pardon, u hebt geen koffie? Vanwege een koffieboycot? U knijpt uw zeldzame klanten af met een koffieboycot? Hoezo, u hebt geen keus? De boycot is goedgekeurd door de WPC? U bedoelt te zeggen, de winkeliersvereniging van de PC staat hier volledig achter? Wat goedkoop. Nooit geweten dat in de PC door crisis een dergelijke armoede wordt geleden.
Enfin, haal nu maar onmiddellijk baas Tell erbij. Met hem heb ik een appeltje te schillen. Een schot in zijn edele roos kan hij krijgen. Geen koffie in de PC? Wat een gierigheid. Op deze manier verliest u klandizie, als u dat maar weet. Dit ernstige euvel zal ik melden bij de Vakbond Zeldzame Klanten. De VZK will not be amused. Schending van koffierecht is een kwalijke zaak.
Wat zegt u? De heer Tell heeft geen tijd voor mij. Dan is deze foute Willem de sigaar. Het koffierecht is voor zeldzame klanten een fel bedongen recht. De VZK zal hier ongetwijfeld werk van maken en contact opnemen met de KKS, de Koninklijke Koffiebranders Stichting. Ik vrees dat de gehele PC dan op de blaren zal zitten én aan de slappe thee. Mij ziet u hier voorlopig niet meer terug. Geen koffie in de PC. Waanzin. Tot nader orde bivakkeer ik bij Brandmeester’s of AH. Adieu.
Mien Koffienood
Geschreven voor website Gek op Klanten
Hoezo, u vindt mijn benadering agressief? U bedoelt wellicht assertief. Ik zeg waar het op staat. Overal en altijd. Daar heb ik toch recht op, als mogelijke klant? Hoezo … ssssttttt … iedereen hoort mij? Dat is toch de bedoeling. Ik ben hier toch bij de gehoorafdeling? Ik word hier toch zeker wel gehoord? Mooi, dan staan onze klokken in ieder geval gelijk.
Wat mijn vraag nu is? Wat denkt u? U houdt mij nu toch niet voor het lapje? Dan bent u mij kwijt hoor. Wat zegt u? U neemt mij zeer serieus. Ja, dat mag ik hopen. Ik behoor namelijk tot het uitstervende ras zeldzame klanten. Daar zou u als winkelier zeer zuinig op moeten zijn.
Maar vertelt u mij eens, wat heeft u zoal in de aanbieding? Wat zegt u, er zijn geen aanbiedingen? Vanwege de recessie? Dat kunt u niet maken. U wentelt uw economische crisis toch zeker niet op mij af, als zeldzame klant. Ik kan u verzekeren, met dit soort kermispraktijken kunt u mijn mogelijke aankoop, mijn Koninklijke Return of Investment én mijn coulance, acuut vergeten. Nee, precies, dat wilt u niet.
Dus, wat gaat u daar aan doen, Mister Sell? Ah, u gaat overleggen met uw baas Tell? Gaat u gang. Ben benieuwd hoeveel pijlen Tell op zijn boog heeft. Ik laat me hier toch zeker niet voor mijn kop schieten. Doet u mij intussen maar alvast een kopje koffie.
Pardon, u hebt geen koffie? Vanwege een koffieboycot? U knijpt uw zeldzame klanten af met een koffieboycot? Hoezo, u hebt geen keus? De boycot is goedgekeurd door de WPC? U bedoelt te zeggen, de winkeliersvereniging van de PC staat hier volledig achter? Wat goedkoop. Nooit geweten dat in de PC door crisis een dergelijke armoede wordt geleden.
Enfin, haal nu maar onmiddellijk baas Tell erbij. Met hem heb ik een appeltje te schillen. Een schot in zijn edele roos kan hij krijgen. Geen koffie in de PC? Wat een gierigheid. Op deze manier verliest u klandizie, als u dat maar weet. Dit ernstige euvel zal ik melden bij de Vakbond Zeldzame Klanten. De VZK will not be amused. Schending van koffierecht is een kwalijke zaak.
Wat zegt u? De heer Tell heeft geen tijd voor mij. Dan is deze foute Willem de sigaar. Het koffierecht is voor zeldzame klanten een fel bedongen recht. De VZK zal hier ongetwijfeld werk van maken en contact opnemen met de KKS, de Koninklijke Koffiebranders Stichting. Ik vrees dat de gehele PC dan op de blaren zal zitten én aan de slappe thee. Mij ziet u hier voorlopig niet meer terug. Geen koffie in de PC. Waanzin. Tot nader orde bivakkeer ik bij Brandmeester’s of AH. Adieu.
Mien Koffienood
Geschreven voor website Gek op Klanten
Abonneren op:
Posts (Atom)