Posts tonen met het label inkt. Alle posts tonen
Posts tonen met het label inkt. Alle posts tonen

10-03-2025

Pennenstreken

Brein ligt op bank
denkt na over stand der dingen
vraagt zich af
schaakmat gezet tussen kwabben
confuus als Rorschach
wie toch die leverancier is
van potloden
versteend hout
die het brein bestieren
kronkelen en worstelen
met gedachten die niet willen zijn
vloeibare draden resten
hersenspinsels in de lucht
blauw zijn de sporen
onbeschrijfelijke streken
die vloeien uit pen
gedachten vruchtbaar maken
inkt drinkbaar
tot op de bodem 
 
 
Gepubliceerd op pomgedichten
Bijdrage (8) als vaste columnist op de maandag 
(voorzien van een foto gemaakt in Groot Goor Mierlo-Hout)
 

01-11-2017

Inktvisser

Ik ben een inktvisser. En wat voor een. Ik vis kostbare inkt. Uit een gouden potje. Daarmee vang ik lezers. Weten doen ze niet. Die lezers van mij. Ik vang ze stiekem. De inkt werkt betoverend. Mien inkt is scherp. Ze ruikt ook lekker. Naar kamperfoelie en thijm. Het is natuurlijke inkt. Gemaakt van stoute planten. Kunnen planten stout zijn? Ik dacht van wel. Sommige planten kunnen prikken. Net als hun inkt. Ze kunnen ook zwammen. Vooral in de herfst. Dat is heel irritant. Uit de nek lullen. Vooral inktzwammen doen dat. Ga uit hun weg. Ze vlekken ook vreselijk. Pas op je kleren. Pluk ze beter niet. Zwammen zijn geen planten. Dat wist u al? Hoe weet u dat? Op school geleerd zeker? Maar klopt dit echt? Heeft u het ervaren? Proefondervindelijk getest ook misschien? We moeten alles onderzoeken. Anders is er ongeloof. Dan moeten we kerken. Weesgegroetjes prevelen, wel honderd. Dat willen we niet. Beter dopen we inkt. En tekenen we op. Dat wat we zien.

Ik ben een inktvisser. Ik vis kostbare inkt. Uit een gouden potje. Dat u het weet. Mijn inkt die bedwelmt. Maakt lezers vaak gelukkig. In hogere sferen zogezegd. Dan dansen ze gedichten. Zweven letterlijk door lucht. Inktstapsprongen tien meter ver. Zonder inkt geen lucht. Adem in adem uit. Smeer de keel zwart. Laat mijn woorden vloeien. U met teksten stoeien. Zoek dobber en angel. Hap toe en geniet. Mijn woorden zijn goud. Ze brengen geen verdriet. Zo af en toe. Roert u mijn inkt. Het komt dan goed. Wie roert brengt leven. Mijn inkt geeft energie. Ze laat u zweven. Laat inkt u meevoeren. Op papier in lucht. Tel letters en wolken. Zwarte wolken drijven over. Omdat inktvissers ze verjagen. Met noeste veren pennen. Ga vertel het voort. Inktvissers vangen wilde lezers. Met verhalen en gedichten. In night and day.

24-11-2016

Dag boek

Ik houd het al bijna mijn leven lang vast. Mijn dagboek. Ik sta ermee op en ga ermee naar bed. Sinds ik kan schrijven. Het wil maar niet loslaten en lijkt me continu te achtervolgen. Kan ook niet anders. Ik doe namelijk verschrikkelijk mijn best om het te vullen. En ik geef het onmiddellijk toe, niet altijd met de leukste verhalen. Integendeel. Ik noem mijn dagboek niet voor niets 'treurwel'. Niemand heeft de sleutel tot dit stuk verdriet. Angstvallig houd ik treurwel altijd onder mijn kleren verborgen, dicht op mijn huid. Niemand anders mag het lezen. Ik moet er niet aan denken.

Zojuist heb ik speciaal voor mijn dagboek een heel bijzondere toer uitgehaald. Zo nu en dan vind ik het nodig om het wat lucht te geven. Ik neem mijn boek dan mee naar buiten. De frisse lucht in. Dit keer naar het bos. Bij de grote bosvijver hebben we samen een plons genomen. Een plons? Kan dat dan met een boek? Hoe zit het dan met de inkt? Vloeit die dan niet weg? Nee. De inkt die ik gebruik is watervast en loopt niet weg. Dat geldt ook voor al de woorden die ik gebruik. Voor eeuwig staan ze in mijn dagboek opgetekend. De inkt die ik gebruik kan ook tegen vuur. Mijn inkt is water- en vuurvast. Een hele geruststelling. Kan ook niet anders met al die droeve en verhitte situaties waarin ik steeds verzeild raak. En even voor de duidelijkheid. Ze overkomen mij, de situaties, ik zoek ze niet op.

Zeiknat kruip ik na een half uur samen met mijn boek de vijver uit. De plons heeft mij een bijzonder inzicht ingegeven. Als natte wolf in schaapskleren begrijp ik ineens waarom het me vaak niet lukt om mezelf op het droge te krijgen. Eureka. Als ik ze nu eens afwerp, die natte kleren? En als blote wolf door het leven ga. Zou dat helpen? Ik vertrouw het toe aan mijn dagboek. En het geeft zoals gewoonlijk, geen antwoord. Treurwel houdt niet van moeilijke vragen en zeker niet van oplossingen. Immers, dan houdt onmiddellijk zijn bestaansrecht op. Is dat ook wat ik wil? Nee. Me spiegelen aan bosvijvers en aan dagboeken? Nee. En daarom zeg ik bij deze gedag aan mijn dagboek. Dag boek. Blanco pagina's beheersen voort mijn leven. Ik pluk de dag.

08-01-2016

Permanent perkament

Ik doop mijn schrijfveer in vette inkt. Het wordt mijn jaar 2016. Zeker weten. De inkt druipt heel langzaam zwart omlaag en spint letters op perkament. Het moet een boek worden. Een roman of een verhalenbundel. Een perkamenten boek. Verlucht en versiert met plaatjes. Zelfgeschapen, zelf geschoten. Met mijn Lumix TZ6. Ja, ik weet het, een oud beestje, maar het volstaat. Ik houd wel van een grove korrel. Imperfect is perfect. Ik neem ook wat gedichten op.

Al snel heb ik de hoofdpersonen op een rijtje. Stuk voor stuk dichters met mooie verhalen. Ik werk ze uit tot op het bot, in hun natuurlijke omgeving. Een beetje autobio gaat er ook in. Verstopt in hoekjes tover ik mezelf met regelmaat tevoorschijn. Nee, niet in beeld. Nou, een klein stukje dan. Een plukje haar. Ergens in het midden, halverwege bladzijde tachtig. Honderdzestig pagina’s telt mijn boek. Een belofte die ik mezelf voorhoud.

Waarom honderdzestig? Omdat het mijn geluksgetal is. Honderdzestig? Ja, weer eens wat anders dan zeven. En anders zou mijn boek ook veel te summier zijn. En dan de inhoud. De inhoud ja. Het allerbelangrijkste. Ik schrijf toch niet enkel uit ijdele schoonheid? Nee, nee, de inhoud van het hoofd van de lezer dient ook bevredigd. Welk kunstje zal ik daar eens voor opvoeren? Ik jongleer wat in mijn rugzak en kom met verrassend materiaal te voorschijn.

Ik merk dat ik nu toch enigszins bekneld raak in dilemma’s. De verhouding inhoud, vorm is uit verhouding. Vette inkt op perkament vraagt om even zware gedachten. Ik pijnig mijn geest. Ik schrijf en schrap. Wel tweehonderd pagina’s. Hoe verwoord ik verrassend materiaal? Een ware verzuchting. Maar uiteindelijk lukt het, met het gewenste resultaat. Dat had ik mezelf ook beloofd. Trots pak ik naald en draad. Klaar voor de eindfase. Ongebonden bind ik mijn boek, mijn eersteling. Oplage een. Ik trek een flesje open, kijk in de spiegel en geef mezelf een knipoog. Vet.

Toelichting:
Geschreven n.a.v. 13e schrijfopdracht op ColumnX (januari 2016), van professioneel schrijfcoach Hella Kuipers (http://heldenreis.nl):
-Werk een goed voornemen uit
-Dik het aan, maak het smeuíg, maar houd de geloofwaardigheid in zicht
-Waarheid of fictie
-Schrijf de opdracht in plusminus 300 woorden (275-325)