Posts tonen met het label wetenschap. Alle posts tonen
Posts tonen met het label wetenschap. Alle posts tonen

01-07-2019

Cobalamine

Cobalamines vormen een groep van macrocyclische oreganometaalverbindingen met een enkelvoudig, tweevoudig of drievoudig positief geladen koboltion, aldus Wikipedia. Ja, ook ik moest het even opzoeken. Geen concubine maar cobalamine. Tot in Italië duurde mijn zoektocht, maar uiteindelijk gevonden. De complete groep. Vooruit, het had wat voeten in aarde, maar toch. Ik ben nu een aantal levens wijzer. Hier mijn relaas.

Macrocyclisch. Dat betekent dus gewoon op een goedkope fiets. Zo gezegd, zo gedaan. Maar dan? Op zoek naar een oreganometaalverbinding. Nou, oregano ten overvloede, zo ook tomaten. Maar de metaalverbinding? Sorry, volledig mijn tanden op stukgebeten. Niet gevonden. Maar, toch nog wel iets gevonden. Tussen de oregano nota bene. Een kobolt. Een hele kleine weliswaar. Zo groot als een ion.

06-11-2017

Asten nu officieel Pecha Kucha 'stad'

Met dit nieuws opent Frank Kuijpers, een van de organisatoren van Pecha Kucha Peelland op vrijdag 3 november de achtste Pecha Kucha-avond in Hotel Nobis. Voor een publiek van vierhonderd toeschouwers. Een Pecha Kucha (spreek uit als één woord: petsja-koetsja) is afkomstig uit Japan. De letterlijke vertaling is gebabbel of prietpraat. Pecha Kucha Peelland biedt een platform aan ontwerpers, architecten, kunstenaars, wetenschappers, dromers, vakmensen, critici, studenten, al dan niet professioneel, om hun ideeën te presenteren. Dit gebeurt in een standaard format. Aan de hand van twintig plaatjes, die elk twintig seconden blijven staan, doet de spreker zijn verhaal.

Frank: “Ik kreeg heel verrassend vorige week een belletje van het hoofdkantoor Pecha Kucha (www.pechakucha.org) uit Tokio. Of wij als organisatie wel wisten dat wij echte Pecha Kucha’s hielden? Ze hadden ons vorig jaar niet gevonden omdat op dorpen niet gezocht wordt. Nu hebben we dus een officiële status als Pecha Kucha City Asten. Te gek. Asten is nu een stad. Het format en de spreiding van locaties wereldwijd wordt streng bewaakt. Super, deze nominatie."


Frank Kuijpers brengt het nieuws dat Asten officieel Pecha Kucha stad is (Foto: Rob Fritsen/SIRIS)

Tijdens de achtste Pecha Kucha gingen twaalf sprekers de uitdaging aan om met veel passie over hun onderwerp te vertellen. Die onderwerpen varieerden van Cisterciënzer abdijen tot buitenaards leven en van unieke Brabantse groenten tot de wondere wereld van insecten. Ook kreeg het publiek presentaties te zien over democratie, complexiteit en de taal Esperanto. Britt Vossen vertelde over haar ervaringen als deelneemster aan het televisieprogramma Utopia en wat dat opleverde voor haar modellenwerk.
Matt Verhaegh, medeorganisator en man achter de knoppen vertelt nog een anekdote.

“Op het allerlaatste moment zei nog iemand af vanwege zijn werk. Iedereen doet vrijwillig mee en niemand wordt betaald. Niet erg hoor, want ik had zelf een Pecha Kucha voorbereid en kon zodoende invliegen. Degene die niet kon doet volgend jaar gewoon weer mee. Zijn Pecha Kucha ging over het getal negen. Dat komt dan mooi uit want de volgende Pecha Kucha is de negende editie. Belangrijk bij Pecha Kucha’s is dat je goed kunt associëren en improviseren.”


Henk Kerkers presenteert zijn Pecha Kucha Unieke Brabantse groenten (Foto: Rob Fritsen/SIRIS)

Uit het gelach en geroezemoes in de zaal tijdens de Pecha Kucha’s en de pauzes blijkt hoe dit soort avonden wordt gewaardeerd. Het levert veel weetjes op. Nooit gedacht dat het aantal sterren in het universum zo groot is als het totaal aantal zandkorrels van alle stranden ter wereld. Dat zowel de bombardeerkever als de pyjamaschildwans een interessant seksleven hebben, en dat de stadsreus niet in Asten voorkomt. Zo weten we ook dat zaken en systemen eenvoudig, ingewikkeld, complex en chaotisch kunnen zijn. Maar dat ook op het randje van complex en chaotisch juist nieuwe en spannende dingen ontstaan.

De avond werd afgesloten met een improvisatie Pecha Kucha. Een random selectie van twintig dia’s uit alle Pecha Kucha’s van die avond die tien in plaats van twintig seconden blijven staan en aaneengepraat door iemand uit het publiek met een door het publiek gekozen thema. In dit geval truc. En een hele truc was het. Ondergetekende was, niet geheel onvrijwillig, de klos.


Ondergetekende wordt geïntroduceerd voorafgaand aan de improvisatie (Foto: Marjan Coppens)

Een Pecha Kucha meemaken of zelf meedoen? Zie: www.pechakuchapeelland.nl.
Foto's gemaakt door Rob Fritsen / SIRIS van Pecha Kucha Peelland (8). Zie hier.

Optredens in chronologische volgorde:
01) Henk Janssen - Geuren en kleuren
02) Britt Vossen - Twee maanden Utopia
03) Henk Kerkers - Unieke Brabantse groenten
04) Kees Smedema - De bibliotheek: van probleem tot parel
05) Frank Hertrooij - Esperanto
06) Matt Verhaegh - Buitenaards leven in zicht
Pauze
07) Jan Rooze - Cisterciënzer abdijen en andere kloosters
08) Herman Peeters - Mijn persoonlijke informatie op internet
09) Hans Brands - Complexiteit
10) Chris Jacobs - De wondere wereld van insecten
11) Sanne van de Valk - Overbrug de kloof tussen stad en platteland
12) Lisette Gast - Waarom de meerderheiddemocratie niet werkt en wat smoesjes daarmee te maken hebben
Improvisatie:
Rob Mientjes - Truc

NB: Op de website www.pechakucha.org staat Asten nog niet opgenomen in de Worldmap. Daarvoor is de benoeming nog te vers.

03-07-2017

Koude cold case froid kalt gestellt

Conclusie van een korte wetenschappelijke en soms literaire verhandeling over kou. Een koude cold case froid kalt gestellt.

Objectbepaling
Koud, niet te verwarren met koel en kil is een bijzondere gewaarwording die meestal gevoeld en opgemerkt wordt door de huid, of beter gezegd op de huid. Om meteen met de deur in huis te vallen. Iemand die je op de huid zit laat je niet koud. Een schijnbare tegenstelling literair gezien. Wetenschappelijk, lees, door jarenlang onderzoek, toetsbaar en in alle omstandigheden eenduidig, een ander verhaal. Subjectieve hoedanigheden kunnen nooit or never objectief hoog gehouden worden. Zelfs niet ijskoud het lekkerst.

Ervaring
Wat voor de een koud is kan door een ander gevoeld, lees ervaren worden, als lauw, of zelfs heet, afhankelijk van omstandigheden. Sterker nog, sommige mensen krijgen het bloedheet als ze door iets ijskoud geraakt worden. Tja, leg dat maar eens uit aan een wetenschapper die alpha-ongeletterd is. Enfin. Een ervaring wil niet alles zeggen. Die sluiten we aldus uit. Neo-wetenschap noemen we het. Niet te verwarren met Ego-wetenschap. Iets wat nieuw is wordt meestal ervaren als alleen ik voel het. Een unieke ervaring. Niets mis mee. Pas als ego-ervaringen, al dan niet nieuw, gedeeld worden, pas dan kunnen we een gemene deler zoeken.

Gemene deler
Dit zijn dan meteen de enige proefondervindelijke ervaringen die rechtsgeldigheid hebben in een wetenschappelijke verhandeling. Met literatuur heeft het dan uiteraard nauwelijks iets te maken. De poëtische of als het niet anders kan, prozaïsche benadering laten we derhalve buiten beschouwing. Hoe zeer dat ook mogelijk pijn doet bij de letterintelligentia. Op de keper beschouwd, de puntjes op de i gezet, zullen we niets maar dan ook niets delen met betastoppers. Iets delen met beta is vragen om problemen. Het lost nauwelijks iets op. Laten we bij de zaak blijven. De cold case kalt froid stellen.

Oplossing
Ook wel conclusie genoemd. Immers een mens, anders dan een plant, dier of ander metafysisch object, is over het algemeen abject gericht op resultaat, onder ons gezegd de eindsom. En wat vermag de eindsom dan wel niet zijn? Juist. Koud. Niet warm. Noch koel noch kil. Koud. IJskoud, cool, kalt en froid gestellt. Nederlanders, Engelsen, Duitsers, Fransen ze ervaren het allemaal hetzelfde maar leggen het anders uit. Het heet niet voor niets anderstalig. Dit kunnen we doortrekken naar alle landen van de wereld. Zolang anderstaligheid niet uit de wereld geholpen wordt zullen we moeten dealen met interpretaties. Een eenduidige oplossing is er dus niet. Helaas. Koud is en blijft subjectief en onoplosbaar, ergens diep van binnen.

Seksueel gezien
Hoe doen de seksen het dan? Man en vrouw seksueel gezien. Sekseëeel bestaat niet, dus ja, we ontkomen er niet aan, seksueel ontstaat behoorlijk wat discrepantie bij het fenomeen koude. Men zou zeggen het trekt aan. Maar niets is minder waar. Het stoot juist af. Koude. In man-vrouw-contact is wrijving tot op zekere hoogte een noodzakelijke voorwaarde om de koude uit de lucht te halen. Uit de lucht? Correctie. Uit het lijf te halen. Uit de gedachten kan ook. Cool kalt stellen ontstaat meestal tussen de oren. Meestal bij de man onmiddelijk gevolgd bij de vrouw. Die laatste heeft het cool kalt stellen meestal het eerste door en probeert de eerste dan ook voor te zijn. Ja en dan gaat het pas echt broeien en branden. Smelten is dan het gevolg. Wie heeft het dan nog over cool kalt stellen? Niemand toch?

09-05-2016

Donderwolk: een vreemde ervaring

Ik moet naar de lucht kijken. Vandaag, de hele dag. Volgens het KNMI gaat er vandaag iets bijzonders gebeuren. Ze weten alleen nog niet precies wat en wanneer. Dat verbaast me enigszins. Hoe kan dat nu, met al die moderne techniek? Ik sta heel even paf. Net als de wetenschap. En die laatste kan daar maar moeilijk mee overweg.

Ik moet nog even de beste plek zoeken. Volgens het KNMI is dat daar waar de horizon het minst vervuild is. Dat wordt moeilijk. Zeker in Nederland bepaald geen sinecure. Ik doe mijn best en besluit op zoek te gaan op mijn fiets. Lekker gezond en milieuvriendelijk. Waar kan ik het beste een horizon vinden die niet vervuild is? Gelukkig woon ik vlakbij wat landerijen. Die liggen meestal plat. En ja hoor. Ik vind al snel een plekje vlakbij een bosschage, uit de wind.

Het waait behoorlijk en sta stokstijf stil. Dat is niet echt nodig maar dat doe ik voor het idee. Gezonde spanning over wat ik ga zien. Hopelijk. Het valt me op dat het redelijk druk is rondom de landerijen. Vreemd, heel vreemd. Meestal is er geen kip te zien. Behoudens de koeien die sloom het gras tongen zie ik opvallend veel fietsers. Ze stoppen regelmatig en kijken dan druk om zich heen. Ze zijn duidelijk op zoek naar iets. Maar naar wat? Ze turen veelal in de lucht. Sommigen doen dat met een vlakke hand boven hun ogen. Het lijken wel indianen die de horizon afturen. Anderen hebben zelfs een verrekijker bij zich. Toch geen vogelaars? Nee, zo zien ze er niet uit. Ze dragen bijna allemaal een witte lange stofjas. Nee, meer een laboratoriumjas. Enfin een witte jas in ieder geval.

Mijn nieuwsgierigheid wint het van de spanning. Ik wil toch wel eens weten waarom het hier zo druk is en besluit een witte jas aan te spreken. Het blijken wetenschappers te zijn op zoek naar eureka. Naar wat? Naar eureka. Weermannen, biologen, natuurwetenschappers, ze zijn er allemaal op afgekomen. De oproep van het KNMI om vandaag naar buiten te gaan. Er is namelijk een eureka-moment voorspeld. En dat is alweer eventjes geleden. De witte jas vraagt of ik nu verder wil zwijgen. Het eureka-moment kan ieder moment verschijnen. Aan de hemel, zo weet de wetenschapper mij te vertellen.

En ja hoor. Daar gebeurt het. Midden in de polder. Boven de landerijen. Vliegensvlug en met veel kabaal schiet er een pikzwarte donderwolk door de lichtblauwe lucht. Van links naar rechts. Nooit eerder gezien. Wat een vreemde ervaring. Het spektakel duurt nog geen twee seconden. Ja, zo vlug ging het. De donderwolk had nauwelijks tijd te donderen. Twee keer maar.

De wetenschappers staan perplex. Dit hebben ze nog nooit gezien. En wat nog erger is, niemand heeft het weten vast te leggen. De mobiele telefoons reageerden allemaal veel te traag. Bang om uiteindelijk met een lege batterij te zitten had iedereen zijn foon uitgeschakeld. Dom, dom. Maar ja, wie had er nu kunnen bedenken wat er voorbij zou komen, en hoe snel? Laten we eerlijk zijn. Niemand. Gelukkig hebben we nog ons geheugen en het schrift. Gelukkig maar.

Inzending schrijfwedstrijd mei 2016 op ColumnX. Combinatie van Primer (Donderwolk) en Schrijfveer (Een vreemde ervaring) van 9 mei 2016. Naar aanleiding van een opgegeven woord / zinsnede vrij associëren.

04-10-2010

Memento animali: Darwin's Darlings

Even gebeld met Darwin. Zeg makker, kun jij mij vertellen wat voor beest ik hier in handen heb? Het lijkt in zijn gedragingen verrekte veel op een uil. Of is het een sluwe vos met veren? Ik dank je de koekoek om zo’n dier op mij af te sturen. Wat een nestbevuiler. Enig idee welk territorium dit maffe dier bestiert? Het beest heeft behoorlijk last van opvliegers en is vaak in de rui. Het is een gevederde opruier.

En brullen dat ie kan. Met zijn witte manen lijkt hij verdomd veel op een bejaarde versie van Loekie de Leeuw. Met dit verschil dat hij absoluut geen humor heeft. Bovendien maakt hij ook nog eens slecht reclame in het buitenland. Hij blijft ook voortdurend in ieders nek hijgen. Beste Darwin, kun jij mij vertellen welke gedragsstoornissen nog meer bij deze schreeuwlelijk horen. O ja, en heel irritant. Hij steekt ook voortdurend zijn tong naar buiten. Spottend als een kameleon. Daarmee vangt hij voortdurend vliegen af.

Ja, dit vreemde beest is van vele markten thuis. Hij blijft voortdurend kriebelen, als een luis in de pels. Krabben heeft totaal geen zin en slaan nog minder. Toch jeukt het behoorlijk. Als deze Jodocus zijn kwak niet krijgt dan draait hij zijn kont tegen de krib. Soms, heel soms, in een verloren moment, begint hij spontaan te huilen. Met grote droeve, lede ogen kijkt hij mij dan aan. De gladjanus. Als ik hem dan troost prikt zijn snor in mijn nek. Liefst zou ik hem dan onmiddellijk de Noordzee in willen drijven. Lekker laten dobberen voor de kust van Engeland. Daar voelt hij zich als een vis in het water. De bastard.

En beste Darwin, weet je wat zo vreemd is, hij komt vrijwel altijd weg met zijn apenstreken. Af en toe is het net een dolle stier. Een brute olifant in een porseleinkast. Als één van de grootste evenhoevige zoogdieren staat hij vaak op zijn achterste poot. Hij deelt dan met zijn foute ik, zonder gewij, vaak rake klappen uit. Gelijk een woeste boxkangoeroe. Amai zunne, een Vlaams kieken zou er bij verbleken. En kakelen dat ie kan. Als een kip zonder kop. Oh my God. Ik houd mijn hart vast als dit beest doorgefokt gaat worden.

Lieve Darwin, ben maar blij dat jij dit clownentijdperk niet hoeft mee te maken. Je zou versteld staan van alle mutanten die je tegen zou komen. Over de biotoop van dit levende fossiel maak ik mij eigenlijk nog de meeste zorgen. Hij is niet in toom te houden. Zijn expansiedrift is grenzeloos. Als doorgeslagen crusader tart hij misgelovigen wereldwijd. Hoe dubbel. Want van crossing borders heeft hij totaal geen besef. Een keffende beagle is, het spoor totaal bijster.

Maar nu de hamvraag beste Charles. Waar is het nu precies evolutionair misgegaan met deze holhoornige droogkloot uit Xhosa? Binnen zijn habitat zet hij zich af tegen varkens. Maar zelf gedraagt hij zich als een domme koe. Wat een rund? Hoe brengen we dit grillige dier nu back to basic. Liefst voor dierendag. Want hoe wild sommige beesten zich ook gedragen, ze verdienen uiteindelijk allemaal een vette knuffel. Dear Darwin I won’t kill your darlings. I just kiss them.


Geschreven in het kader van een schrijfopdracht op ColumnX.
Onderwerp: Memento animali. Ter gelegenheid van dierendag 4 oktober 2010.
Spelregels:
- Schrijf een column over een voor jou bijzonder dier
- Je mag het beestje niet bij de naam noemen in de column
- Het mag niet over een mens, hond of kat gaan
- Schrijf de column in het teken van dierendag
- Begin de titel met Memento animali: ....
- Schrijfgereedschap: alles behalve een veer!
- Inzending anoniem onder alias 'Raad_wie_ik_ben'

02-07-2010

De bal is niet rond

Mijn leren voetbal van vroeger, altijd drachtig van vette modder en regen, was absoluut niet rond. Hij hing met leren draadjes aan elkaar. Bovendien was hij vierkant tegen mij. Hij deed absoluut niet wat ik wilde. Kruising zoeken en scoren? No way. Blauwe tenen kreeg ik van dat afgetrapte monster. En stinken dat hij deed. Zodra ik mijn neus tegen het natte leer duwde, zweefden mijn neusvleugels onmiddellijk naar een Nirvana waar junks jaloers van zouden worden.

Nee, de bal is niet rond. Nooit geweest ook. Kijk maar naar zijn geschiedenis. Ooit begon de voetbal zijn carrière in de vorm van een schedel. De Vikingers sloegen en trapten elkaar de kop in en schopten vervolgens hun schedels vierkant kaal. Men had niet echt controle over de richting die deze knoken bal uitging. In een poging het boerse spel soepeler te laten verlopen maakte men na verloop van tijd gebruik van opgeblazen varkensblazen. Achteraf ook geen succes. Na een kwartiertje trappen nam de lubberbal vormen aan die niet geassocieerd konden worden met rond. Bovendien werd de blaas continu lek geschoten.

In het huidige voetbal zijn behoorlijk wat karakteristieken van deze antieke ballen terug te herkennen. Sommige hoofden van spelers vertonen angstvallige gelijkenis met schedels en varkensblazen van weleer.

In 1855 werd een nieuwe poging gedaan om meer ronding te geven aan de bal. Charles Goodyear introduceerde gevulkaniseerd rubber in de voetballerij. De voetbal dreigde hierdoor uit de band te springen. De bal kreeg door deze toepassing wel een betere grip. Hij bleef nu lekker plakken. Voor de perfecte ronding werd heil gezocht in een andere materiaalsoort. Edel leer deed zijn intrede. De nieuwe bal kreeg ook nog een kleurtje en een veter. Je zou bijna denken, de voetbal is klaar voor een strandgang. Alleen een zonnebril en zonnecrème ontbraken nog.

Brazilië omarmde al snel deze sport met leren bal. Een likje verf om waterabsorptie tegen te gaan was daar niet nodig. Deze salonvoetballers waren mooiweerspelers. Als het regende voetbalden ze niet. Ook vonden de Brazilianen het grote onzin om twaalf lederen vijfhoeken en twintig zeshoeken met een leren veter aan elkaar te naaien. Daarmee kreeg je echt geen ronde bal. Zij gebruikten de veter voor andere doeleinden. Zij dekten er de scheidslijn mee af tussen vlezige rondingen en hielden daardoor hun gebruinde sambaballen in toom. Alleen op het strand en tijdens Carnaval uiteraard.

Op het Noordelijk halfrond braken westerse wiskundigen hun hoofd over de ultieme perfectie in de rondingen van de voetbal. De afknotting van een twintigvlak had nog niet geleid tot een wereldbal. Het bleef een stompe bal. Een rijgspel van vijf-, zes- en zevenhoeken bood ook geen soelaas. Elliptische, euclidische, hyperbolische krommingen ten spijt, het mocht allemaal niet baten. Ook de Siamese voetbal was geen succes. Twee voetballen waarbij de overgang tussen beiden ballen door zevenhoeken gebeurt was not done.

Zowel de voetbal als de wiskundigen dreigden door te draaien. Wijsgeergedachten cirkelden als bezetenen in complexe hoofden rond. Echter zonder chaos geen creativiteit. Het aaneenrijgen van driehoeken en zeshoeken vond toepassingen in de bouwwereld en in de geneeskunde. Het Eden Project in Cornwall bestaat uit niets anders dan aan elkaar gelaste grote voetballen. Voetbalidolatrie onder bouwvakkers is alom bekend. Wie DNA goed bekijkt ziet een opeenstapeling van regelmatige twaalfvlakken in twee verstrengelde spiralen. Het is dan ook niet vreemd dat veel artsen voetballiefhebber zijn. De voetbal zit hen in de genen.

Tegenwoordig is de voetbal van polyurethaan en luistert naar prozaïsche namen als Azteca, Etrusco Unico, Questra, Tricolore, Fevernova, Teamgeist en Jabulani. Daarbij denk je niet gelijk aan rond, maar wel aan pizza’s. Dat dit plastic balletje de Teamgeist op het veld af en toe hoorndol maakt mag duidelijk zijn. Maar hoe je de bal of wendt op keert, vetert of plakt, het blijft een afgeknotte icosaëder, en die is niet rond.

Mien houdt de bal hoog





Gebruikte bronnen:
http://www.kennislink.nl/publicaties/de-bal-is-rond
http://nl.wikipedia.org/wiki/Voetbal_(voorwerp)

15-05-2009

Verjaardag van Pi

Ik heb hem weer gemist. De verjaardag van Pi. De veertiende dag van de derde maand. Gevierd in vele landen op de wereld. Al 303 jaren lang. Ik kan die dag maar niet onthouden. Laat staan de decimalen. Ook Appie Einstein zag op 14 maart het levenslicht, in 1879. Maar toeval bestaat niet in de wetenschappelijke wereld, toeval is slechts een kruising der wegen.

De verjaardag van Pi, schrijf daar maar eens een column over. Dat werd mij ingefluisterd door twee bètafanaten. Als alfamannetje liet ik mij niet graag kennen. StoiStijns ging ik op zoek naar de juiste definitie. Een zoektocht naar de geheime verhoudingen tussen de omtrek en middellijn van een Vincentieuze cirkel. Een transcendente speurtocht naar het oneindige. Naar poolcoördinaten, polynomen en complexe getallen, imaginair en binair.

Eerst verdiepte ik mij in de pi-analen van het collectieve geheugen, de Wipipedia. Daar raakte ik vertrouwd met ongekende pipi-terminologie en de namen van wis- en natuurkundigen met elegante nomenclatuur. Weerbarstig ging een wiskundige wereld voor mij open. Ik zag veelvuldig cijfers en letters, groen en geel voor ogen. Het leek of mijn brein linguïstisch kwadrateerde. Het werd een heel gevecht. Eerdere ervaring in sudokuworstelen en lingojudo kwam mij goed van pas.

Met behulp van mnemotechniek en piphilologie kon ik gelukkig een paar literaire ezelsbruggen slaan. Pi meets proza en wiskundige poëzie. Dankzij Isaac Asimov, de bekendste piphilologist onder de wiskundigen kon ik plotsklaps uit mijn hoofd pi coderen tot veertien decimalen achter de komma. 3,14159265358979. How I want a drink, alcoholic of course, after the heavy lectures involving quantum mechanics! Ook Eva bood mij steun. Door haar kon ik het hersenzand los laten in de zeef van mijn geheugen. Eva o lief, o zoete hartedief, uw blauwe oogen zyn wreed bedrogen.

Na wat spoedcursussen poëtisch tellen kon bij mij de lol niet meer op. Want wat bleek? Het getal Pi had oneindig veel cijfers achter de komma en was niet op te schrijven. Pi was evenmin in breuken uit te drukken. Pi was een irrationaal getal. Ook wel transcendent genoemd. Ik lachte me een breuk. Pi irrationaal. Niet te berekenen. De exacte wetenschap tot wanhoop gedreven. Zij moest het doen met een benadering. Alfabeten lachten zich helemaal alfaslappi met deze bètafoor.

Jarenlang joegen wiskundigen, tot waanzin gedreven, pi-records na. Pi kreeg daardoor diverse benamingen. Het getal werd eerst bekend onder de constante van Archimedes en het getal van Metius totdat Jones en Euler het uiteindelijk tot Pi verhieven, naar de Griekse beginletter van perimetros, dat omtrek betekent. In de geschiedenis kwam ik ook nog Ludolph van Ceulen tegen. Hij berekende rond 1600 de eerste 35 decimalen. Hij was zo trots op zijn prestatie dat hij ze op zijn grafsteen liet graveren. Een kopie is nog steeds zichtbaar in de Pieterskerk te Leiden. Pi werd toen het getal van Ludolph genoemd.

Sinds 2002 staat het pi-record op 1,24 biljoen cijfers schoon achter de tokiose komma. Kom op zeg, Bèta’s, dat moet toch te verbeteren zijn. Laat die hoofden rinkelen en convergeren. Met formules en algoritmen. Desnoods met dominostenen. Dat record dat moet te breken zijn. Vega, Machin, Bailey, Borwein, Plouffe, Leibniz, Wallis, allen braken zij hun hoofd erover. Laat die cirkels, bollen, kegels, cilinders en ellipsen maar eens deftig rollen. Binair of hexidecimaal. Desnoods met transcendente meditatie of met Hocus Pocus Pilatus pas. Met Macintosh of Hitachi. Het kost hooguit 400 uurtjes rekentijd. Binnen die tijd kan men van de stress nog heel wat Pipi’s machen.

Mien Pi