Om het half jaar draai ik het halve boek dat aan de muur hangt om. Soms is het boek gesloten en soms open. Als het open is, dan altijd op pagina negenhonderd en een. Het beschrijft de klaproos en eindigt met klimop. Tussendoor heel kleinzielig nog wat kleinzoon. Het halve boek is moeilijk te lezen. Uitgesneden in het midden zijn de pagina's. Schimmig lonkt een gat. Een opberggat. Wat heeft er in het boek gelegen, dat niemand weten mag? Vergeeld is de pagina, aan alle drie de zijden van het boek. Dat geldt ook voor al zijn onderliggende volgers. Het is een oud boek, liggend op een grijze stoep. De titel is al lang gevlogen, onzichtbaar. Mijn fantasie vult de titel dan maar in. Wisselend op alle dagen van de week.
Het is dertig juni. Tijd om het halve boek weer eens om te draaien. Wat lonkt aan de linkerzijde van het boek is een donker zwart gat. Het boek lijkt in de stoep gevallen. Opgezogen door het gat. Een klein stuk gekantelde stoeptegel is nog zichtbaar aan de zijkant van het gat. Ik zie het goed. De grond onder de stoep is weggeslagen. Mosgroen zijn de omringende tegels. Ze omzomen een groot geheim. Zeker weten. Wat ik zie verward mij. Ik draai het halve boek vlug weer om. En kijk, daar springt het uit de stoep, uit het zwarte gat omhoog. Het blijft een groot mysterie. De wereld op zijn kop.
Ik splijt het beeld dat ik voor mij zie in twee. Rechts, een half boek opengesneden, vormt de ene helft. Mijn ogen vullen het boek automatisch aan met de andere helft. Het donkere gat in de stoep sluit qua vorm en formaat naadloos aan. De bovenrand van het gat links volgt de bovenzijde van het boek rechts. De onderrand van het gat links sluit aan op de binnenrand van de opengesneden pagina's rechts. Precies in het midden van het beeld, formaat A4 landscape, worden gat en boek gescheiden door een smalle stenen border. De klaproos en de klimop staan in Times Roman heel klein in de uithoeken van de bladzijde van het boek geprint. Net als kleinzielig en kleinzoon. Maar dan boven elkaar. Het boek dat open ligt, tuiniert. Dat mag duidelijk zijn.
Verhaal geschreven naar aanleiding van een fotowerk van Paul Bogaers
Posts tonen met het label boekbespreking. Alle posts tonen
Posts tonen met het label boekbespreking. Alle posts tonen
23-04-2015
18-04-2015
De jongens van de suikerwerkfabriek
Al jaren reizen Cor, Dirk, Rien en Theo met de trein naar de suikerwerkfabriek. Ze hebben een ‘eigen’ coupé. Theo, een jonge knaap die nog maar kort in de fabriek werkt is sinds een maand in hun groepje opgenomen.
De mannen hebben geen goede ervaringen met vrouwen. Cor's echtgenote heeft de ziekte van Parkinson en moet constant verzorgd worden. Dirk's echtgenote heeft Dirk een keer een blauw oog geslagen en hem verkracht. Rien vergezelt zijn echtgenote altijd naar sportevenementen om haar in de gaten te houden. Ook op de fabriek worden de jonge mannen vernederd door hun vrouwelijke bovengeschikten.
Rien vindt alle vrouwen hetzelfde, “Ze willen allemaal een koning voor hun kinderen en een prins in bed.” Ook Theo heeft geen prettige ervaringen met vrouwen. Hij wordt doodmoe van zijn dominante, belerende moeder, die zijn vader volkomen onder de duim houdt. Zijn tante Hanny deed zijn seksuele gevoelens ontwaken met verhalen over het Indische sprookje in de Efteling. De mooie erotische dromen worden echter ontluisterd als hij met zijn vriendinnetje Truusje voor het eerst naar bed gaat in de meubelzaak van zijn vader.
De mannen klagen in de coupé hun nood bij elkaar. Uiteindelijk accepteren zij gelaten de wereld zoals die is, die voltrekt zich immers buiten hun invloed om. Dit verandert plotseling als op een ochtend een nieuwe, jonge conductrice hun kaartjes komt knippen. Theo heeft vergeten zijn maandkaart te verlengen en de conductrice schrijft een boete uit.
Een onbekende kracht haalt de mannen uit hun lethargie en als een soort wraak op alle vrouwen kleden zij de conductrice uit. Als zij helemaal naakt is en de haat van de mannen overgaat in liefkozingen, breekt het verzet van de conductrice; zij komt klaar en begint te huilen. Beduusd laten de mannen haar gaan, nog vlug haar bundeltje kleren in haar handen stoppend. Verdwaasd stapt de conductrice naakt het perron op.
Vrije 'eh man cipatorische' vertaling van een boekbespreking van 'Anoniem' (5VWO 2002) van de verhalenbundel 'De jongens van de suikerwerkfabriek' van Theo van het Loo (Werknemerspers, Amsterdam, 1983).
Toelichting:
Geschreven n.a.v. 8e schrijfopdracht op ColumnX (april 2015), van professioneel schrijfcoach Hella Kuipers (http://heldenreis.nl):
-Beschrijf een momentopname in een willekeurige situatie in 290-310 woorden.
Edit 29-04-2015:
De inzending van deze schrijfopdracht op ColumnX is door de redactie verwijderd op verdenking van plagiaat. Ik ben het daar niet mee eens en heb besloten om verder uit te zoeken of daadwerkelijk sprake is van plagiaat of vrijheid in schrijven. In mijn ogen is het namelijk een bewerking. Wordt vervolgd.
Edit 12-05-2015:
N.a.v. mailcorrespondentie met een redactielid van www.scholieren.com, een ICT-jurist en Tessa de Loo ben ik tot de conclusie gekomen dat publicatie van mijn verhaal op de website ColumnX als plagiaat beticht kan worden, omdat ik niet meteen de bronvermelding vermeld heb. Dit had ik achteraf gezien wel moeten doen, maar had ik uitgesteld vanwege de schrijfopdracht. Ik heb hierover mijn spijt betuigd op de website ColumnX.
Het plaatsen van dit verhaal op mijn weblog is geen plagiaat omdat ik bij het verhaal wel meteen een bronvermelding heb geplaatst.
Kortom een vervelende situatie waarvan ik veel geleerd heb. Ik heb besloten het verhaal op mijn weblog te laten staan.
Tessa stond mij toe haar antwoord n.a.v. mijn mail te plaatsen op ColumnX en op mijn weblog. Hieronder onze mailcorrespondentie.
01-05-2015: Mail aan Tessa de Loo:
Beste Tessa de Loo,
Mijn naam is Rob Mientjes en ik schrijf columns en verhalen op een website
waar ik lid van ben en die tevens openbaar toegankelijk is. Onlangs heb ik
op deze website meegedaan aan een schrijfopdracht: beschrijf een
momentopname in een willekeurige situatie in maximaal 290-310 woorden.
Voor deze opdracht heb ik vrijwel letterlijk gebruik gemaakt van een
boekverslag op www.scholieren.com van een scholier 5VWO, anoniem
geplaatst. Zie: www.scholieren.com/boekverslag/47824. Het betreft
een boekverslag van het titelverhaal van uw boek 'De meisjes van de
suikerwerkfabriek'. Een boek dat ik zeer bewonder. In dit boekverslag heb
ik bewust de man-vrouw rol omgedraaid en de namen van de hoofdpersonen en
de titel aangepast. Zo wordt in de hoofdscène (het door mij gekozen moment
voor de schrijfopdracht) niet de conducteur in de treincoupé door vrouwen
uitgekleed, maar de conductrice door mannen.
Onderaan mijn schrijfopdracht heb ik op ludieke wijze een verkapte
bronvermelding aangebracht. Maar het moet gezegd, niet echt duidelijk. Het
doel van deze letterlijke overname en omwerking van de tekst uit het
boekverslag was om de actualiteit van agressie in het openbaar vervoer en
de emancipatie van de man met elkaar te verbinden.
De redactie van de website heeft na een opmerking van een lid van de
website mijn inzending geduid als plagiaat en een week later van de
website verwijderd. Ik heb dat gerespecteerd maar twijfel of hier
daadwerkelijk sprake is van plagiaat. In mijn gedachtegang heb ik een
duidelijke bewerking en interpretatie gegeven in dichterlijke vrijheid.
Dat de bron waaruit ik geput heb in zekere zin anoniem was maakte het niet
makkelijk. Met naam en toenaam had ik deze ongetwijfeld onmiddellijk als
bron opgenomen. Omdat ik de beschuldiging van plagiaat erg beschadigend
vind wil ik graag uw mening vragen of u ook vindt dat hier sprake is van
plagiaat.
Op mijn eigen weblog is de schrijfopdracht nog terug te lezen. Zie:
http://mienweblog.blogspot.nl/2015/04/de-jongens-van-de-suikerwerkfabriek.html.
Met dit verschil dat ik de link naar het originele boekverslag in de
opmerking onder de schrijfopdracht niet heb opgenomen in de inzending naar
de website. De intentie was om dat later te doen, pas nadat de leden hun
commentaar hadden gegeven op deze bewerking.
Beste Tessa de Loo, wellicht een lang verhaal, maar kunt u mij helderheid
geven of hier sprake is van plagiaat? Wat is uw mening? Mocht hier sprake
zijn van plagiaat dan wil ik langs deze weg ook aan u, als auteur van het
verhaal, mijn welgemeende excuses aanbieden. Ik zal mijn excuses dan ook
overbrengen aan de redactie van http://www.scholieren.com. In geval van plagiaat
zal ik ook de publicatie van mijn weblog verwijderen.
Ik hoop dat u tijd vindt en de noodzaak inziet om mijn vraag te beantwoorden.
Met vriendelijke groet,
Rob Mientjes
-------------------
04-05-2015: Antwoord Tessa de Loo:
Beste Rob Mientjes,
In antwoord op je vraag of er in dit geval sprake is van plagiaat:
Je verhaal heeft het karakter van een boekverslag, dus is er hooguit plagiaat
gepleegd van een boekverslag. Met de oorspronkelijke novelle 'De meisjes van de
suikerwerkfabriek' heeft het naar mijn oordeel niets van doen - daarvoor mist het de
structuur, het uitdiepen van de karakters, het opbouwen van spanning etc., kortom
alles wat een meeslepend verhaal nodig heeft. Bovendien is het 'unieke' in dat
verhaal het feit dat daarin een man verkracht wordt door vier vrouwen. Het
verkrachten van vrouwen door mannen gebeurt dagelijks (helaas) en ik kan dan ook
niets emancipatorisch zien in jouw omkering.
Gezien de opdracht begrijp ik niet waarom je voor dit ingewikkelde onderwerp gekozen
hebt. Wanneer je een verhaal wilt vertellen in max.310 woorden, kun je alleen maar
voor één eenvoudige handeling kiezen, of voor het genre van de column.
Ik kan je dus geruststellen: er is op geen enkele manier sprake van plagiaat. Mocht
je belangstelling hebben voor het avontuur dat het creëren van een boeiend verhaal
altijd weer is en je een week lang willen verdiepen in alle aspecten die daarbij
komen kijken, dan nodig ik je uit een keer een workshop te komen volgen, hier aan de
zuidelijke rand van Europa. Voor informatie verwijs ik je naar mijn website.
Tenslotte wens ik je veel schrijfplezier,in welke vorm dan ook...Met een hartelijke
groet,Tessa de Loo.
------------
Voor degenen met interesse in de workshops van Tessa de Loo in Portugal zie:
https://tessadeloo.com/schrijfcursus-in-portugal-door-tessa-de-loo
De mannen hebben geen goede ervaringen met vrouwen. Cor's echtgenote heeft de ziekte van Parkinson en moet constant verzorgd worden. Dirk's echtgenote heeft Dirk een keer een blauw oog geslagen en hem verkracht. Rien vergezelt zijn echtgenote altijd naar sportevenementen om haar in de gaten te houden. Ook op de fabriek worden de jonge mannen vernederd door hun vrouwelijke bovengeschikten.
Rien vindt alle vrouwen hetzelfde, “Ze willen allemaal een koning voor hun kinderen en een prins in bed.” Ook Theo heeft geen prettige ervaringen met vrouwen. Hij wordt doodmoe van zijn dominante, belerende moeder, die zijn vader volkomen onder de duim houdt. Zijn tante Hanny deed zijn seksuele gevoelens ontwaken met verhalen over het Indische sprookje in de Efteling. De mooie erotische dromen worden echter ontluisterd als hij met zijn vriendinnetje Truusje voor het eerst naar bed gaat in de meubelzaak van zijn vader.
De mannen klagen in de coupé hun nood bij elkaar. Uiteindelijk accepteren zij gelaten de wereld zoals die is, die voltrekt zich immers buiten hun invloed om. Dit verandert plotseling als op een ochtend een nieuwe, jonge conductrice hun kaartjes komt knippen. Theo heeft vergeten zijn maandkaart te verlengen en de conductrice schrijft een boete uit.
Een onbekende kracht haalt de mannen uit hun lethargie en als een soort wraak op alle vrouwen kleden zij de conductrice uit. Als zij helemaal naakt is en de haat van de mannen overgaat in liefkozingen, breekt het verzet van de conductrice; zij komt klaar en begint te huilen. Beduusd laten de mannen haar gaan, nog vlug haar bundeltje kleren in haar handen stoppend. Verdwaasd stapt de conductrice naakt het perron op.
Vrije 'eh man cipatorische' vertaling van een boekbespreking van 'Anoniem' (5VWO 2002) van de verhalenbundel 'De jongens van de suikerwerkfabriek' van Theo van het Loo (Werknemerspers, Amsterdam, 1983).
Toelichting:
Geschreven n.a.v. 8e schrijfopdracht op ColumnX (april 2015), van professioneel schrijfcoach Hella Kuipers (http://heldenreis.nl):
-Beschrijf een momentopname in een willekeurige situatie in 290-310 woorden.
Edit 29-04-2015:
De inzending van deze schrijfopdracht op ColumnX is door de redactie verwijderd op verdenking van plagiaat. Ik ben het daar niet mee eens en heb besloten om verder uit te zoeken of daadwerkelijk sprake is van plagiaat of vrijheid in schrijven. In mijn ogen is het namelijk een bewerking. Wordt vervolgd.
Edit 12-05-2015:
N.a.v. mailcorrespondentie met een redactielid van www.scholieren.com, een ICT-jurist en Tessa de Loo ben ik tot de conclusie gekomen dat publicatie van mijn verhaal op de website ColumnX als plagiaat beticht kan worden, omdat ik niet meteen de bronvermelding vermeld heb. Dit had ik achteraf gezien wel moeten doen, maar had ik uitgesteld vanwege de schrijfopdracht. Ik heb hierover mijn spijt betuigd op de website ColumnX.
Het plaatsen van dit verhaal op mijn weblog is geen plagiaat omdat ik bij het verhaal wel meteen een bronvermelding heb geplaatst.
Kortom een vervelende situatie waarvan ik veel geleerd heb. Ik heb besloten het verhaal op mijn weblog te laten staan.
Tessa stond mij toe haar antwoord n.a.v. mijn mail te plaatsen op ColumnX en op mijn weblog. Hieronder onze mailcorrespondentie.
01-05-2015: Mail aan Tessa de Loo:
Beste Tessa de Loo,
Mijn naam is Rob Mientjes en ik schrijf columns en verhalen op een website
waar ik lid van ben en die tevens openbaar toegankelijk is. Onlangs heb ik
op deze website meegedaan aan een schrijfopdracht: beschrijf een
momentopname in een willekeurige situatie in maximaal 290-310 woorden.
Voor deze opdracht heb ik vrijwel letterlijk gebruik gemaakt van een
boekverslag op www.scholieren.com van een scholier 5VWO, anoniem
geplaatst. Zie: www.scholieren.com/boekverslag/47824. Het betreft
een boekverslag van het titelverhaal van uw boek 'De meisjes van de
suikerwerkfabriek'. Een boek dat ik zeer bewonder. In dit boekverslag heb
ik bewust de man-vrouw rol omgedraaid en de namen van de hoofdpersonen en
de titel aangepast. Zo wordt in de hoofdscène (het door mij gekozen moment
voor de schrijfopdracht) niet de conducteur in de treincoupé door vrouwen
uitgekleed, maar de conductrice door mannen.
Onderaan mijn schrijfopdracht heb ik op ludieke wijze een verkapte
bronvermelding aangebracht. Maar het moet gezegd, niet echt duidelijk. Het
doel van deze letterlijke overname en omwerking van de tekst uit het
boekverslag was om de actualiteit van agressie in het openbaar vervoer en
de emancipatie van de man met elkaar te verbinden.
De redactie van de website heeft na een opmerking van een lid van de
website mijn inzending geduid als plagiaat en een week later van de
website verwijderd. Ik heb dat gerespecteerd maar twijfel of hier
daadwerkelijk sprake is van plagiaat. In mijn gedachtegang heb ik een
duidelijke bewerking en interpretatie gegeven in dichterlijke vrijheid.
Dat de bron waaruit ik geput heb in zekere zin anoniem was maakte het niet
makkelijk. Met naam en toenaam had ik deze ongetwijfeld onmiddellijk als
bron opgenomen. Omdat ik de beschuldiging van plagiaat erg beschadigend
vind wil ik graag uw mening vragen of u ook vindt dat hier sprake is van
plagiaat.
Op mijn eigen weblog is de schrijfopdracht nog terug te lezen. Zie:
http://mienweblog.blogspot.nl/2015/04/de-jongens-van-de-suikerwerkfabriek.html.
Met dit verschil dat ik de link naar het originele boekverslag in de
opmerking onder de schrijfopdracht niet heb opgenomen in de inzending naar
de website. De intentie was om dat later te doen, pas nadat de leden hun
commentaar hadden gegeven op deze bewerking.
Beste Tessa de Loo, wellicht een lang verhaal, maar kunt u mij helderheid
geven of hier sprake is van plagiaat? Wat is uw mening? Mocht hier sprake
zijn van plagiaat dan wil ik langs deze weg ook aan u, als auteur van het
verhaal, mijn welgemeende excuses aanbieden. Ik zal mijn excuses dan ook
overbrengen aan de redactie van http://www.scholieren.com. In geval van plagiaat
zal ik ook de publicatie van mijn weblog verwijderen.
Ik hoop dat u tijd vindt en de noodzaak inziet om mijn vraag te beantwoorden.
Met vriendelijke groet,
Rob Mientjes
-------------------
04-05-2015: Antwoord Tessa de Loo:
Beste Rob Mientjes,
In antwoord op je vraag of er in dit geval sprake is van plagiaat:
Je verhaal heeft het karakter van een boekverslag, dus is er hooguit plagiaat
gepleegd van een boekverslag. Met de oorspronkelijke novelle 'De meisjes van de
suikerwerkfabriek' heeft het naar mijn oordeel niets van doen - daarvoor mist het de
structuur, het uitdiepen van de karakters, het opbouwen van spanning etc., kortom
alles wat een meeslepend verhaal nodig heeft. Bovendien is het 'unieke' in dat
verhaal het feit dat daarin een man verkracht wordt door vier vrouwen. Het
verkrachten van vrouwen door mannen gebeurt dagelijks (helaas) en ik kan dan ook
niets emancipatorisch zien in jouw omkering.
Gezien de opdracht begrijp ik niet waarom je voor dit ingewikkelde onderwerp gekozen
hebt. Wanneer je een verhaal wilt vertellen in max.310 woorden, kun je alleen maar
voor één eenvoudige handeling kiezen, of voor het genre van de column.
Ik kan je dus geruststellen: er is op geen enkele manier sprake van plagiaat. Mocht
je belangstelling hebben voor het avontuur dat het creëren van een boeiend verhaal
altijd weer is en je een week lang willen verdiepen in alle aspecten die daarbij
komen kijken, dan nodig ik je uit een keer een workshop te komen volgen, hier aan de
zuidelijke rand van Europa. Voor informatie verwijs ik je naar mijn website.
Tenslotte wens ik je veel schrijfplezier,in welke vorm dan ook...Met een hartelijke
groet,Tessa de Loo.
------------
Voor degenen met interesse in de workshops van Tessa de Loo in Portugal zie:
https://tessadeloo.com/schrijfcursus-in-portugal-door-tessa-de-loo
26-11-2008
Mensenpraat en prietpraat
Een ode aan Armando en Scheherazade
Twee boeken liggen naast elkaar op tafel. Kruisbestuiving vindt plaats. Ogen struinen letter voor letter, woord na woord, in beiden boeken alinea’s af, op zoek naar verwondering. Woorden en zinnen vechten om aandacht, prikkelen de nieuwsgierigheid en blijven hangen bovenkamers. Stiekem sluipen ze uit de twee boeken weg en zoeken elkaar op. Woorden en zinnen verenigen zich in een warrig hoofd. De chaos is compleet en gaat op zoek naar nieuwe orde.
Zoals moedertaal zoekt naar wegen om het onontgonnen vaderland te beschrijven. Zo zoekt prietpraat verbinding met mensenpraat op zoek naar eensgezindheid in verwondering en wijsheid. Via tweegesprekken. Niet meer en niet minder. Onbeduidend en nodeloos zijn ze opgetekend voor de eeuwigheid. De stilte overwinnend en de leegte brekend. Mensenpraat is de taal der vertwijfeling.
Prietpraat daarentegen is niets anders dan een verzameling van kindergezegden. Een weergave. Een rationele verklaring voor ongrijpbare dingen. Wijsheden geuit door kinderen. Prietpraat is een bundeling uitlatingen van onverwachte charme.
Hier volgen enkele optekeningen uit het labyrint van kinderdenken en volwassen hersenspinsels. Nodeloze mededelingen die wellicht na enkele ogenblikken vergeten zullen zijn. In rook opgegaan. Een korte beschouwing op humor en filosofie van de hoogste plank, losgelaten in een warm zwembad van eenvoudige taalkunst en verwondering.
Geen woord is verzonnen. Thanks to Armando en Scheherazade.
Een jochie kijkt naar een film over een ontvoerd kind, waar één miljoen losgeld voor wordt geëist. Het zegt stomverbaasd: ‘ Gò mam, ik wist niet dat mensen zo dúúr waren!’
- Ach, het is droog.
- Hoe bestaat het.
- Dat had ik niet verwacht.
- In ieder geval beter dan dat het regent.
- Ja, je kan het beter droog hebben.
- Word je tenminste es een keer niet nat.
- Hè, gelukkig dat het droog is.
Alex drie jaar:
‘Oma, jij hebt geen vader meer, hè?’
‘Nee, die is dood.’
Alex: ‘Nou, dan mag je mijn vader wel gebruiken, hoor!’
- Daar?
- Nee, daar niet.
- Of hier.
- Nee, hier ook niet.
- Waarom niet?
- Zo dicht bij de deur.
- Wat wil je dan.
- Daar misschien.
- Of daar.
- Nee, hier.
Kinderen over voorlichting:
‘Het klinkt allemaal maar eng. Hebben jullie wel de gordijnen dichtgedaan toen je er mee bezig was?’
‘Dat van die zaadjes en zo, doen jullie dat ook wel eens voor de flauwekul?’
‘Van konijnen vind ik het niet zo erg, maar van je eigen vader en moeder …’
- O, kijk es, wat een mooie vissen.
- Ach, die ken ik toch.
- O, hij kent ze weer.
- Ja, ik heb toevallig meer van de wereld gezien dan jij.
- Ja, dat weten we wel.
- Nou dan.
Mien Ode aan Armando en Scheherazade
Gedestilleerd, gecombineerd en opgetekend uit:
Mensenpraat / Armando
1995, 2e druk
ISBN: 90-234-3403-X
en
Prietpraat / Maria Oomkens (Scheherazade)
1986, 3e druk
ISBN: 90-269-6926-0
Twee boeken liggen naast elkaar op tafel. Kruisbestuiving vindt plaats. Ogen struinen letter voor letter, woord na woord, in beiden boeken alinea’s af, op zoek naar verwondering. Woorden en zinnen vechten om aandacht, prikkelen de nieuwsgierigheid en blijven hangen bovenkamers. Stiekem sluipen ze uit de twee boeken weg en zoeken elkaar op. Woorden en zinnen verenigen zich in een warrig hoofd. De chaos is compleet en gaat op zoek naar nieuwe orde.
Zoals moedertaal zoekt naar wegen om het onontgonnen vaderland te beschrijven. Zo zoekt prietpraat verbinding met mensenpraat op zoek naar eensgezindheid in verwondering en wijsheid. Via tweegesprekken. Niet meer en niet minder. Onbeduidend en nodeloos zijn ze opgetekend voor de eeuwigheid. De stilte overwinnend en de leegte brekend. Mensenpraat is de taal der vertwijfeling.
Prietpraat daarentegen is niets anders dan een verzameling van kindergezegden. Een weergave. Een rationele verklaring voor ongrijpbare dingen. Wijsheden geuit door kinderen. Prietpraat is een bundeling uitlatingen van onverwachte charme.
Hier volgen enkele optekeningen uit het labyrint van kinderdenken en volwassen hersenspinsels. Nodeloze mededelingen die wellicht na enkele ogenblikken vergeten zullen zijn. In rook opgegaan. Een korte beschouwing op humor en filosofie van de hoogste plank, losgelaten in een warm zwembad van eenvoudige taalkunst en verwondering.
Geen woord is verzonnen. Thanks to Armando en Scheherazade.
Een jochie kijkt naar een film over een ontvoerd kind, waar één miljoen losgeld voor wordt geëist. Het zegt stomverbaasd: ‘ Gò mam, ik wist niet dat mensen zo dúúr waren!’
- Ach, het is droog.
- Hoe bestaat het.
- Dat had ik niet verwacht.
- In ieder geval beter dan dat het regent.
- Ja, je kan het beter droog hebben.
- Word je tenminste es een keer niet nat.
- Hè, gelukkig dat het droog is.
Alex drie jaar:
‘Oma, jij hebt geen vader meer, hè?’
‘Nee, die is dood.’
Alex: ‘Nou, dan mag je mijn vader wel gebruiken, hoor!’
- Daar?
- Nee, daar niet.
- Of hier.
- Nee, hier ook niet.
- Waarom niet?
- Zo dicht bij de deur.
- Wat wil je dan.
- Daar misschien.
- Of daar.
- Nee, hier.
Kinderen over voorlichting:
‘Het klinkt allemaal maar eng. Hebben jullie wel de gordijnen dichtgedaan toen je er mee bezig was?’
‘Dat van die zaadjes en zo, doen jullie dat ook wel eens voor de flauwekul?’
‘Van konijnen vind ik het niet zo erg, maar van je eigen vader en moeder …’
- O, kijk es, wat een mooie vissen.
- Ach, die ken ik toch.
- O, hij kent ze weer.
- Ja, ik heb toevallig meer van de wereld gezien dan jij.
- Ja, dat weten we wel.
- Nou dan.
Mien Ode aan Armando en Scheherazade
Gedestilleerd, gecombineerd en opgetekend uit:
Mensenpraat / Armando
1995, 2e druk
ISBN: 90-234-3403-X
en
Prietpraat / Maria Oomkens (Scheherazade)
1986, 3e druk
ISBN: 90-269-6926-0
Abonneren op:
Posts (Atom)