Hoor- en kijkspel in de vorm van een sprookje / verhaal zonder moraal, prins(es) of heks. Kan ook als voorleesverhaal dienen. Geschikt voor alle leeftijden. Bij voorkeur voordragen met twee personen.
Opmerking vooraf: Hans de wandelende tak heeft een spraakgebrek. Hij kan de H niet uitspreken.
Hans gaat mee op vakantie.
Wiebelend op de achterbank richting de wijde wereld.
Plots krijgt hij jeuk aan een van zijn poten, maar hij kan er niet bij.
"Elp, elp", roept Hans, "wie kan mij elpen?"
Voor in de auto klinkt gestommel en Giraf draait zijn nek om.
"Geen paniek Hans, ik heb een hele lange tong."
"Ik eet niet Ans, ik eet Ans!" roept Hans richting Giraf.
"Maar ik heb ook helemaal geen homger gekke Hans", lacht Giraf.
"Eb jij geen onger? Oe kan dat nou! Eb jij al een oop gegeten? Ik eb nog steeds jeuk!"
"Oké, als je nu even je poten over de stoelleuning gooit, lik ik met mijn lange blauwe tong de kriebel wel weg."
"Komt ie!"
"Oeps ... je bent korter dan ik dacht!" zegt de Giraf van schrik.
"Mrpffff ... allo ... mrmpffff ... allo ... ik zit vast in je lange nek. Wat is dat nu? Tis donker iero! Elp!"
"Ojé, kriebel in mijn keel!" roept Giraf. "Euche ... Eeeuuucchhee ... Euchhh!"
Hans plopt uit de keel van Giraf.
"Ee, ee, Giraf, de jeuk aan mijn poten is weg! Et is gelukt!"
"Nou zeg Hans. En ik heb geen kriebel meer in mijn keel. Hoera!"
"Oera!"
Geschreven samen met Ruud Meulendijks (leesconsulent Bibliotheek Helmond-Peel) op maandagmiddag 19 juni 2017 tijdens een workshop van Tania Heimans (stadsschrijver Helmond in 2016), tijdens een Bedankavond voor alle vrijwilligers van de VoorleesExpress Helmond (onderdeel van Stichting LEVgroep, organisatie voor brede welzijnszorg in Helmond en de Peelregio).
Posts tonen met het label voorlezen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label voorlezen. Alle posts tonen
20-06-2017
25-07-2016
Tafelcolumn
Een plastic zakje ligt voor me op tafel. Uitgeblust. Het brood heeft hem verlaten. Totaal geen functie meer. Had het bij mijn oma op tafel gelegen, was het vast en zeker beland in een lade. De plastic-zakjes-lade. Voor hergebruik. Bij mij niet. Het zakje mag de hele middag nog naar buiten staren, daarna verdwijnt het in de vuilnisbak. De vuilnisbak voor plastic. Hij mag blij zijn. Vroeger was ie beland in de allegaar vuilnisbak. Misschien wel vlak langs een leeg blikje ansjovis. Dat is pas echt stinken. Zeker bij 32 graden Celsius.
Een kleine loep ligt er vlak naast. Hij is echt klein. Zo klein dat het eigenlijk een glazen bol is. Alles vertekent in de loep. Wie wil dat nu? Ik probeer met de loep een heel klein stukje van de krant te lezen, maar geef al snel op. De krantenletters die rond en bol vervormen maken me misselijk. Ik doe nog een laatste poging op de sleutelhanger en de aangehechte keukensleutel. ‘Roberto, Bob, Robert, Robby’, mijn naam staat er niet op. De sleutel luistert naar de naam ‘DOM’ en twee letters waarvan ik de eerste niet kan plaatsen, zo stilistisch is deze vervormd. Ik houd het op een ‘r’ zonder hoekje. De letter die daarna komt mist dat hoekje namelijk ook. Het is een ‘n’. Toch wel handig zo’n kleine loep. ‘DOM rn.’
Twee toegangskaartjes, ‘DIENSTAG ALPINES CAMPEN’, zijn nog stille getuigen van een heerlijke vakantie. ‘Gültig: Sommer 2016’. Als ik het hardop aan mezelf voorlees (doe ik wel vaker, zeker als ik columns schrijf), klinkt het net alsof de kaartjes een schuld inlossen. ‘Gültig!’ ‘Es gelten die Tarif-, Beförderungs- und allgemeinen Geschäftsbedingungen.’ Heel even overweeg ik om ze eens op internet op te zoeken, al die ‘Bedingungen’. Heel even. Silvretta Montafon. Zucht, zat ik nog maar eventjes in de cabinelift. Bergop. Maar helaas, de vakantie is voorbij.
Het baardmannetje dat op de huisagenda 2016 prijkt, kijkt me doordringend aan. ‘Wordt het niet tijd om weer eens wat zinnigs te gaan doen?’ Lijkt hij mij te willen zeggen. Ik luister niet. Ik negeer hem. Heb de agenda gisteravond al ingekeken. Niets spannends te doen vandaag.
Zwart overheerst op tafel. Brillenkoker, hoesje autosleutel, mobiele telefoon (dichtgeklapt, nee niet omdat ie geen gespreksstof heeft, maar omdat ie uit staat), rekenmachine en kleine fotocamera in hoes, ze zijn allemaal zwart. Wordt het niet eens tijd voor wat meer kleur in mijn leven? Denk ik willekeurig. De tafel is bruin.
Midden op tafel staat nog een klein waxinelichtje in een glazen potje. Tegen het zwart geblakerde lontje rust een kleine knikker, een kattenoog, gevonden in de tuin. Ik zou natuurlijk kunnen knikkeren. Maar met slechts een knikker is dat wel een beetje zielig. Toch?
Op de hoek van de tafel liggen wat weekblaadjes opgestapeld. Klaar om weg te gooien. De week is allang voorbij. Het nieuws oud en gepasseerd. Ook liggen er wat enveloppen. Lege. De inhoud is al verwerkt en opgeborgen. Ze zijn gebruikt om aantekeningen op te maken. Telefoonnummers en zo. Ook nog een blauw briefje met losse woorden, die ik aanvankelijk niet kan plaatsen.
Prinses. Sloffen. Vleugels. Story cubes. Kamishibai. Verteltheater. Zoekboeken, Prentenboeken. Ik moet diep nadenken voordat het kwartje weer valt. O ja, ik weet het weer. Aantekeningen van de evaluatie ‘Interactief lezen’. Onder de weekbladen ligt mijn oorkonde. Bewijs van deelname. Raar woord, oorkonde. Iets dat kond doet aan een oor, maar dan uitgeschreven op papier. Geplastificeerd. Stel je voor dat iemand er thee of koffie op knoeit?
Een mooi zootje ongeregeld dat op mijn tafel ligt. Zal ik ze eens met elkaar in contact brengen? Wat zouden ze elkaar te vertellen hebben, vraag ik me dan stiekem af. De loep en het plastic zakje. De keukensleutel en autosleutel. De agenda en de telefoon. De twee toegangskaartjes en de weekbladen. De brillenkoker en het waxinelichtje. De oorkonde en de fotocamera. De rekenmachine begrijpt er in ieder geval niets van, net als de krant. Vreemd want de koppeltjes bevatten toch allemaal gemene delers. Denk daar maar eens over na? Wat ze in het gemeen delen? Doorzichtigheid, openheid (geslotenheid mag ook), afspraken, pretpapier, beter zicht, momentopname. Om maar iets te noemen. Een beginnetje.
Een kleine loep ligt er vlak naast. Hij is echt klein. Zo klein dat het eigenlijk een glazen bol is. Alles vertekent in de loep. Wie wil dat nu? Ik probeer met de loep een heel klein stukje van de krant te lezen, maar geef al snel op. De krantenletters die rond en bol vervormen maken me misselijk. Ik doe nog een laatste poging op de sleutelhanger en de aangehechte keukensleutel. ‘Roberto, Bob, Robert, Robby’, mijn naam staat er niet op. De sleutel luistert naar de naam ‘DOM’ en twee letters waarvan ik de eerste niet kan plaatsen, zo stilistisch is deze vervormd. Ik houd het op een ‘r’ zonder hoekje. De letter die daarna komt mist dat hoekje namelijk ook. Het is een ‘n’. Toch wel handig zo’n kleine loep. ‘DOM rn.’
Twee toegangskaartjes, ‘DIENSTAG ALPINES CAMPEN’, zijn nog stille getuigen van een heerlijke vakantie. ‘Gültig: Sommer 2016’. Als ik het hardop aan mezelf voorlees (doe ik wel vaker, zeker als ik columns schrijf), klinkt het net alsof de kaartjes een schuld inlossen. ‘Gültig!’ ‘Es gelten die Tarif-, Beförderungs- und allgemeinen Geschäftsbedingungen.’ Heel even overweeg ik om ze eens op internet op te zoeken, al die ‘Bedingungen’. Heel even. Silvretta Montafon. Zucht, zat ik nog maar eventjes in de cabinelift. Bergop. Maar helaas, de vakantie is voorbij.
Het baardmannetje dat op de huisagenda 2016 prijkt, kijkt me doordringend aan. ‘Wordt het niet tijd om weer eens wat zinnigs te gaan doen?’ Lijkt hij mij te willen zeggen. Ik luister niet. Ik negeer hem. Heb de agenda gisteravond al ingekeken. Niets spannends te doen vandaag.
Zwart overheerst op tafel. Brillenkoker, hoesje autosleutel, mobiele telefoon (dichtgeklapt, nee niet omdat ie geen gespreksstof heeft, maar omdat ie uit staat), rekenmachine en kleine fotocamera in hoes, ze zijn allemaal zwart. Wordt het niet eens tijd voor wat meer kleur in mijn leven? Denk ik willekeurig. De tafel is bruin.
Midden op tafel staat nog een klein waxinelichtje in een glazen potje. Tegen het zwart geblakerde lontje rust een kleine knikker, een kattenoog, gevonden in de tuin. Ik zou natuurlijk kunnen knikkeren. Maar met slechts een knikker is dat wel een beetje zielig. Toch?
Op de hoek van de tafel liggen wat weekblaadjes opgestapeld. Klaar om weg te gooien. De week is allang voorbij. Het nieuws oud en gepasseerd. Ook liggen er wat enveloppen. Lege. De inhoud is al verwerkt en opgeborgen. Ze zijn gebruikt om aantekeningen op te maken. Telefoonnummers en zo. Ook nog een blauw briefje met losse woorden, die ik aanvankelijk niet kan plaatsen.
Prinses. Sloffen. Vleugels. Story cubes. Kamishibai. Verteltheater. Zoekboeken, Prentenboeken. Ik moet diep nadenken voordat het kwartje weer valt. O ja, ik weet het weer. Aantekeningen van de evaluatie ‘Interactief lezen’. Onder de weekbladen ligt mijn oorkonde. Bewijs van deelname. Raar woord, oorkonde. Iets dat kond doet aan een oor, maar dan uitgeschreven op papier. Geplastificeerd. Stel je voor dat iemand er thee of koffie op knoeit?
Een mooi zootje ongeregeld dat op mijn tafel ligt. Zal ik ze eens met elkaar in contact brengen? Wat zouden ze elkaar te vertellen hebben, vraag ik me dan stiekem af. De loep en het plastic zakje. De keukensleutel en autosleutel. De agenda en de telefoon. De twee toegangskaartjes en de weekbladen. De brillenkoker en het waxinelichtje. De oorkonde en de fotocamera. De rekenmachine begrijpt er in ieder geval niets van, net als de krant. Vreemd want de koppeltjes bevatten toch allemaal gemene delers. Denk daar maar eens over na? Wat ze in het gemeen delen? Doorzichtigheid, openheid (geslotenheid mag ook), afspraken, pretpapier, beter zicht, momentopname. Om maar iets te noemen. Een beginnetje.
25-06-2016
VoorleesExpress
Het is vrijdagmiddag en dat betekent voor mij maar een ding. Boeken verzamelen, sloffen in de tas en op pad naar mijn wekelijkse date. Met Katinka, amper drie jaar oud, zwart haar en twee korte vlechtjes. Ik parkeer de auto op de smalle parking en ik zie een klein meisje voor de deur staan. Als de moeder open doet staat Katinka te springen op de mat. ‘Lob, Lob, lezen!’
Vandaag heb ik het prinsessenboek en het giraffenboek meegenomen. Het prinsessenboek is een schuifboek met allemaal meisjes die in een prinses veranderen. Het giraffenboek heeft in het midden een gat waar je je hand in kunt steken. Precies, in het lege hoofd van een stoffen giraf. Op iedere pagina maakt de giraf iets geks mee en de giraf die beweegt en praat mee bij de plaatjes uiteraard. Nijntje ontbreekt ook niet. Voor de zekerheid. En natuurlijk ook een prentenboek: Nina krijgt een zusje. De moeder van Katinka is hoogzwanger.
Ik moet eerst de sloffen aantrekken anders mag ik niet binnen. Dan moet ik op de witte bank plaatsnemen en duikt Katinka in de plastic zak met boeken. Als eerste wordt het prinsessenboek tevoorschijn getoverd. Ze luistert amper naar het verhaal. Op iedere pagina wordt meteen aan het lintje getrokken dat ervoor zorgt dat elk meisje op iedere pagina transformeert in een prinses. Dan giert Katinka het uit. Met pretlichtjes in haar donkere ogen. Na vijf minuten voorlezen is Katinka het beu en zoekt een nieuwe uitdaging. De speelgoedkast wordt opengetrokken. Intussen krijg ik van moeder een kopje thee.
Katinka staat voor me met een toverstaf en vleugeltjes. ‘Elfje!’ Roept ze luid. Ik weet alweer hoe laat het is. Tijd voor het elfenspel. Ik moet de vleugeltjes omdoen en intussen zwaait ze uitbundig met haar toverstaf. Ze danst met grote lompe pasjes in het rond. Ik weet al wat er gaat gebeuren. Pats … Boem … Daar ligt ze op de grond. En een lol. Moeder grijpt nu in. ‘Katinka luisteren. Lob voorlezen!’ Ik grinnik. Ze blijft me steevast Lob noemen. Katinka en moeder zijn Koreaans. Papa komt uit China. En de moeder van papa woont ook in huis. En niet te vergeten de hond. Die is een poosje op logies. Katinka is er dol op.
Een uur is zo voorbij. Nieuwe rituelen vinden plaats. Waar is de stempelkaart? Op het dressoir. Katinka racet al naar het kleine tafeltje, spitst haar tenen en plukt de kaart uit een bakje dat op het dressoir staat. Ze neemt weer plaats op de bank. Ik houd een stickervel met prinsessen voor haar. ‘Kies er maar een uit?’ Ze kiest het kleinste prinsesje uit en plakt het in het vakje dat ik aanwijs op de kaart. Nummer 12. Wat gaat het snel. Nog maar 8 keer te gaan. Dan zit mijn eerste VoorleesExpress ervaring erop. Wat zal ik Katinka missen. Zo’n lieve meid.
Voorlezen, zo belangrijk voor kleine kinderen. Wat een goede actie van onze gemeente. Al meer dan 100 gemeentes zijn aangesloten bij dit mooie project, de VoorleesExpress. Ik kan het iedereen aanbevelen. Een mooi samenwerkingsverband tussen basisscholen, gemeente, openbare bibliotheek en maatschappelijk werk. Gerund door vrijwilligers in samenwerking met profs.
De naam Katinka is een verzonnen naam en is een vervanging voor de echte naam.
Inzending VEC juni 2016 voor schrijvers- en lezerswebsite ColumnX
Vandaag heb ik het prinsessenboek en het giraffenboek meegenomen. Het prinsessenboek is een schuifboek met allemaal meisjes die in een prinses veranderen. Het giraffenboek heeft in het midden een gat waar je je hand in kunt steken. Precies, in het lege hoofd van een stoffen giraf. Op iedere pagina maakt de giraf iets geks mee en de giraf die beweegt en praat mee bij de plaatjes uiteraard. Nijntje ontbreekt ook niet. Voor de zekerheid. En natuurlijk ook een prentenboek: Nina krijgt een zusje. De moeder van Katinka is hoogzwanger.
Ik moet eerst de sloffen aantrekken anders mag ik niet binnen. Dan moet ik op de witte bank plaatsnemen en duikt Katinka in de plastic zak met boeken. Als eerste wordt het prinsessenboek tevoorschijn getoverd. Ze luistert amper naar het verhaal. Op iedere pagina wordt meteen aan het lintje getrokken dat ervoor zorgt dat elk meisje op iedere pagina transformeert in een prinses. Dan giert Katinka het uit. Met pretlichtjes in haar donkere ogen. Na vijf minuten voorlezen is Katinka het beu en zoekt een nieuwe uitdaging. De speelgoedkast wordt opengetrokken. Intussen krijg ik van moeder een kopje thee.
Katinka staat voor me met een toverstaf en vleugeltjes. ‘Elfje!’ Roept ze luid. Ik weet alweer hoe laat het is. Tijd voor het elfenspel. Ik moet de vleugeltjes omdoen en intussen zwaait ze uitbundig met haar toverstaf. Ze danst met grote lompe pasjes in het rond. Ik weet al wat er gaat gebeuren. Pats … Boem … Daar ligt ze op de grond. En een lol. Moeder grijpt nu in. ‘Katinka luisteren. Lob voorlezen!’ Ik grinnik. Ze blijft me steevast Lob noemen. Katinka en moeder zijn Koreaans. Papa komt uit China. En de moeder van papa woont ook in huis. En niet te vergeten de hond. Die is een poosje op logies. Katinka is er dol op.
Een uur is zo voorbij. Nieuwe rituelen vinden plaats. Waar is de stempelkaart? Op het dressoir. Katinka racet al naar het kleine tafeltje, spitst haar tenen en plukt de kaart uit een bakje dat op het dressoir staat. Ze neemt weer plaats op de bank. Ik houd een stickervel met prinsessen voor haar. ‘Kies er maar een uit?’ Ze kiest het kleinste prinsesje uit en plakt het in het vakje dat ik aanwijs op de kaart. Nummer 12. Wat gaat het snel. Nog maar 8 keer te gaan. Dan zit mijn eerste VoorleesExpress ervaring erop. Wat zal ik Katinka missen. Zo’n lieve meid.
Voorlezen, zo belangrijk voor kleine kinderen. Wat een goede actie van onze gemeente. Al meer dan 100 gemeentes zijn aangesloten bij dit mooie project, de VoorleesExpress. Ik kan het iedereen aanbevelen. Een mooi samenwerkingsverband tussen basisscholen, gemeente, openbare bibliotheek en maatschappelijk werk. Gerund door vrijwilligers in samenwerking met profs.
De naam Katinka is een verzonnen naam en is een vervanging voor de echte naam.
Inzending VEC juni 2016 voor schrijvers- en lezerswebsite ColumnX
Abonneren op:
Posts (Atom)