Posts tonen met het label spotlight. Alle posts tonen
Posts tonen met het label spotlight. Alle posts tonen

16-11-2024

Zes verhandelingen over preutsheid

Preuts (1) ... op het strand

Twee spillebenen op het strand. Is er iemand die kijkt? Alle ogen gericht op wat? Te verwaarlozen denkt de schrijver. Niets is minder waar. Wat hij draagt kan niemand raden. Mag ook niemand zien. Het is zo groot. Men zou er zowaar van in paniek kunnen raken. Bij de aanblik. Nog nooit vertoond, zo groot en lelijk. Opgeblazen in het hoofd van de drager.

De onhandigheid van het behelpen gaat van kwaad tot erger. Onderbroekenlol is het station al lang gepasseerd. En dan brandt die zon ook nog eens zo vleselijk. Hij hoort de stralen haast sissen op zijn huid. IJsjes smelten in de handen van de spotters. En dan glijdt de handdoek in het zand. Pieliewielie in zijn hand.


Preuts (2) ... op de schaal van Richter

Preuts op de schaal van Richter. Ik richt me op van de krant. Dit is interessant. Alsof preutsheid gradaties kent. Welke dan? En hoe ziet die schaal er eigenlijk uit? Ik lees verder en val van de ene verbazing in de andere. Toch geen fake nieuws? 

Tegenwoordig weet je het niet meer. Moet je meerdere bronnen raadplegen. Links, rechts en ergens in het midden. Een beetje AI erbij en een beetje Maggi et voilà, de waarheid bijna binnen bereik. De zoete saus van waarheid. Alsof die zo belangrijk is? Waarom niet genoegen nemen met fake, fantasie 2.0. 

Ik ben niet preuts. En zeker niet op de schaal van Richter. Ik ben juist botergeil. Roombotergeil. Geen margarine voor mij. Echt niet.


Preuts (3) ... het nieuwe zijn

Preuts is het nieuwe zijn. Het bedekken van alles dat bloot is. We bouwen muren en kleding om ons heen. Zien wordt het zwijgen opgelegd. We horen te luisteren naar wegstopgedrag. Eigenlijk, diep beschouwd legt iedereen zichzelf een boerka op. Mannen dansen in hun rokken en de vrouwen gaan naar de pijpen. De wereld in shock.

Nou ja … de wereld … er zijn wel meerdere werelden op aarde. Gelukkig maar. Zeker in het licht van balansdagen. Minder eten, meer seks, meer beweging, lief zijn tegen elkaar. Maar onder onze kleren dragen we wel een stevige bra en op het strand geen billen en borsten meer bloot. We zijn als de dood voor ons blote lijf. Zelfs onderbroekenlol is uit den boze.

 

Preuts (4) ... van den beginne

Preuts van den beginne word ik geboren. Poedelnaakt. Mijn piemel en ballen zullen de rest van mijn leven nooit meer zo groot zijn in verhouding tot de rest van mijn lijf. Ik word onmiddellijk warm ingepakt door een lieve kraamhulp met blauwe ogen. En niet alleen vanwege mijn blootheid en geslachtsgrootte, maar ook vanwege de temperatuur.

De vraag is alleen, wie wie nu eigenlijk inpakt? Zij mij of ik haar? Zo schattig en mooi geschapen als ik ben, houd ik het op het laatste.

Hoe ik weet dat ze blauwe ogen heeft? Ben haar later nog eens tegen gekomen. En hoe? Weliswaar vijfentwintig jaar later, maar hee, op een oude fiets moet je het leren, nietwaar? Spiernaakt, iets minder preuts.


Preuts (5) ... etymologisch uitgeput

Preuts etymologisch uitgeput vanaf 1100 tot op heden. In brede zin alfabetisch gerangschikt in honderdvierenzestig woorden. Nederlandstalige woorden, met losse kruisverbanden en schijnbare tegenstellingen. Oud taalgebruik met vaak de oorsprong in het Frans ende of Latijn.

Achtbaar, bats, bedeesd, behaagziek, bescheiden, betamelijk, billijk, braaf, brooddronken, calvinistisch, dauwelijk, degelijk, deugdzaam, discreet, eerzaam, fatsoenlijk, fier, flink, geheimzinnig, gereserveerd, hovaardig, huichelachtig zedig, hygiënisch, ingebeeld, ingetogen, jannig, kalm, keurig, kies, koel, koket, lebbig, lichtzinnig, luimig, maagdelijk, manierlijk, matig, minaudier, modepop, modest, moedig, mijdel, nederig, nesterig, nestig, net, neuswijs meisje, nuf, onschuldig, oorbaar, oorsedig, oorskraam, orgueilleusement, overmoedig, preutelen, preutsch, preutziek, preux, proper, prude, pruesch, pruesschelick, prut, pruytsch, pudiek, puur, rechtschapen, rein, schaamachtig, schijnzedig, snar, struis, temerair, trots, trouw, tuttebel, vermetel, verwaand, verwaten, Victoriaans, ijdeltuit, zedig.


Preuts (6) ... in politiek

Na grondig onderzoek naar de alomvattendheid van het woord preuts, kom ik tot nieuwe inzichten. Waaronder nieuw inzicht in politiek. Nooit gedacht, nooit vermoed, dat politiek preuts kan zijn. Zo ook in ons huidige politieke klimaat.

In eerste opzicht zal men niet tot dit inzicht komen. Maar wat loert er achter de gordijnen, wat zit te beven op het pluche? Angst, voorzichtigheid, vertaald in preutsheid en eindeloos geouwehoer, draaien rond de pot; het onmogelijke volbrengen, met een overtuiging die grenst aan narrengedrag.

Ik spreek hier van ijdelheid in meest hardnekkige vorm; preuts het (ver)ongelijk niet erkennen. Liever sterven dan toegeven. De voorzichtigheid is de dood voor het geloof in democratie en vooruitgang. Stop het navelstaren en po(pu)lariseren. Stop de preutsheid. 

 

Geschreven en gepubliceerd op 120W tussen 11 en 16 november 2024  
Gepubliceerd op Web Tales tussen 14 en 17 november 2024 (Spotlight voor 4 t/m 6) 
Gepubliceerd op pomgedichten  19 november 2024

10-09-2024

Slechte bakfietsmoeder

Maak plaats, maak plaats, maak plaats ... zij heeft gigantisch veel haast. Met haar veel te korte benen kan ze amper bij de trappers. Maar ze doet haar best. Met een bezorgde blik kijkt ze voortdurend over het stuur. Zitten ze er nog wel in? Ze vliegt door de straten. Voor haar gevoel althans. Ze mogen niet te laat komen, want dat is een doodzonde. Zeker met zo'n strenge juf. De buurtgenoten houden hun hart vast. Als dat maar goed gaat. 112 Wordt gebeld. Een pientere buurvrouw van driehoog achter voorziet een ongeluk. Ook de moeder wordt ingeschakeld. Hopelijk is ze wakker. En Marieke maar trappen, met haar veel te korte beentjes. De poppen slapen nog. Het is al bijna tijd.

19-12-2023

Peace will come

Imaginair en echt
Zingt engel John
Bond zegt James
Vliegensvlug volgens Batman

Vrede hangt in de lucht
Yoko twijfelt nog
Q trekt een wenkbrauw omhoog
Robin zwijgt

We krijgen het niet voor niks
Eerst moet strijd geleverd
Iedereen moet om
Figuurlijk dan

Vrede heet opgediend
Ligt soms zwaar op de maag
Gekneed gekauwd gevreten
Zuur, zout, bitter, zoet

Uiteindelijk zal hij smaken
Door heel ons lijf heen
Van kaak tot tenen
Vrede als kers op de taart



12-03-2023

Smullen met Brel

Olympia bruist
Zanger vol gebarentaal
Vervoert het publiek

Meeslepend zijn verhaal
Vurig zingend, zweet en bloed
Hij verlaat ons niet

Met lief Marieke
Saam zwevend over plat land
Veilig hun haven

Gal en gif spuwend
De dichter weet van wanten
Tierend Frans en Vlaams

Voorspellend zijn blik
Polariserend het kwaad
Avant la lettre

Vriend en vijand eens
Hier staat een meesterzanger
Ons les te lezen

Handen ten hemel
Blik volledig extatisch
We smullen van Brel

--------

Voorgedragen tijdens Spotlight Jacques Brel bij PandP in Eindhoven op zondag 12 maart 2023.
Muzikanten en dichters bijeen met diverse en unieke hommages.
Organisatie Poëzieclub Eindhoven, Patrick van der Voort en Hans F. Marijnissen
Voor mijn voordracht (kersen)bonbons van AH uitgedeeld.
Muziekoptredens van onder andere, Nooit nooit en Hans Rombaut, Ruud Verhoeven en Jacques Smeets (Brel op zijn Limburgs).



30-01-2023

Webtales Haiku's Januari 2023

Hip gepensioneerdenbal (01-01-2023)

Tango en wals op
Hip gepensioneerdenbal
Met heel veel geschuur
 
 
Om flink te groeien (03-01-2023) (Spotlight op Web Tales)
 
Door groot minachting
Worden baby's goed verzorgd
Om flink te groeien
 
 
Stelling in stelling (04-01-2023)
 
Stelling in stelling
En in beton gegoten
Valt dus nooit meer om
 
 
Schatkamer schat (05-01-2023)
 
Kook-, tuin-, modeboek
Op de planken in de kast
Van schatkamer schat
 
 
Urgentiebureaus (06-01-2023)
 
Urgentiebureaus
UWV Belastingdienst
Nemen ruim de tijd  


Gasvoorraden op (07-01-2023)

Gasvoorraden op
Lichaam en geest beiden blij
Zo ook omgeving
 
 
Bladgroentegelsoep (08-01-2023)
 
Bladgroentegelsoep
Gemeente veegt stoep niet meer
Burgers de pisang
 
 
Zomaar en voor niets (10-01-2023)
 
Om flink te groeien
geef kleine beetjes aandacht
zomaar en voor niets
 
 
Gemeen delen (11-01-2023)
 
Wij delen gemeen
Getallen, cijfers tot breuk
Samen met elkaar
 
 
Maatregels (12-01-2023)
 
Maatregels helder
Bovenop de steigerplank
Val elkaar niet af
 
 
Spijkerhard worden (13-01-2023)
 
Spijkerhard word je
Als je te lang blijft liggen
Op een spijkerbed
 
 
Winter in het hoofd (14-01-2024)
 
Zomaar en voor niets
dwarrelt sneeuw voor de ogen
winter in het hoofd
 
 
Stratovulkaanlawaai (15-01-2023)
 
Heftig getokkel
Stratovulkaanlawaai met
Stratovarius
 
 
Vriendschappen (17-01-2023)
 
Vriendschappen sluit ik
met mezelf en mijn boeken
uit de doeken dus
 
Daar waar vriendschap stroomt
vloeien rivieren samen
eeuwig oeverloos
 
Ik vernoem je niet
nergens voor nodig immers
wij kennen elkaar
 
Zet ze op een rij
vriendschap op vriendschap 
tot de kast vol is
 
 
Slurven en turven (17-01-2023)
 
Slurven en turven
Dat doen surfende smurfen
Kwestie van durven
 
 
Paranoia van Goya (18-01-2023)
 
Lange nekkentik
paranoia van Goya
ins Blaue hinein
 
 
Domme despoot (19-01-2024)
 
Een domme despoot
dacht slim te regeren
dreef spot met zichzelf
 
 
Fout statiegeld (20-01-2023)
 
Trieste verdiensten
besmet met fout statiegeld
in oorlogstijden
 
 
Het zicht raak ik kwijt (21-01-2023)
 
Winter in het hoofd
Sneeuw dwarrelt voor mijn ramen
Het zicht raak ik kwijt
 
 
Toeslagaffaire (21-01-2023)
 
Wij zijn met vieren
flinke toetjesruzie door
toeslagaffaire
 
 
Er oor naar hebben (22-01-2023)
 
Er oor naar hebben
Waarheden vallen uit lucht
Opzoek naar liefde
 
 
Bankstellenexpo (25-01-2023)
 
Bankstellenexpo
is door de bank genomen
gestoeld op verkoop
 
 
Inpakken (29-01-2023)
 
Bijna Valentijn
Doorpakken en inpakken
Samen en elkaar
 
 
Cupido meets Valentijn (30-01-2023)
 
Een match in heaven
Cupido meets Valentijn
Harten bonken hard
 
 
Kinderspelletjes (30-01-2023)
 
Jo jojoot maar wat
het gaat telkens op en neer
kinderspelletjes
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 




15-01-2023

Mijn muze mijn muziek

Bloemen tegen de muur
ijs moet nog ontdooien
knikkende knieën op vloer
zweet drupt van hoofd

schijnwerpers op haar gezicht
hart bonkend in keel
naald plugt in groef
op volle toeren los

dancing king leidt queen
discobal spiegelt en glundert
zwieren zwaaien draaien tollen
even verdrinken in elkaar

dagen dromen walsen wiegen 
nog hoeveel lentes lang
opdat het nooit ophoudt
mijn muze mijn muziek

12-04-2022

Over anderhalvemetermaatschappijen en onberekenbare lieden

Een liniaal van anderhalve meter. Die houdt nooit stand. Die breekt, vroeg of laat. Hetzelfde geldt voor een rolmeter. Zeker de goedkope. Die laat na een meter vaak al zijn koppie hangen. Van een liniaal zou je dat niet verwachten. Die zijn gemaakt van hout, hard plastic, aluminium of een ander metaal. Maar een liniaal van anderhalve meter is edoch zeldzaam. Te lang. Vertaald naar A-formaat kom je dan uit op pakweg een anderhalf A1-tje. In de lengte uiteraard. Niet in de breedte. Lang en breed uitgemeten komen we hier dus niet tot elkaar en houden de nodige afstand. Dat zijn we ondertussen wel gewend. Afstand houden. Fysiek. Het is nog even wennen, nu het weer mag, na de terugval van het coronamonster. Maar hoe zit het met de geestelijke afstand, de emotionele, de persoonlijke? Hoe groot (of hoe klein) is die gebleken. Verbleekt. Verwaterd.

Contact op afstand. Met onze neus op het beeldscherm. Tranenbuizen liepen leeg. Plastic glazen en raampjes knuffelen. Wie is het al vergeten? De telefoonhandel heeft miljarden verdiend. Softwarebedrijven keihard wol gespind bij alle malaise. Met afstand rijk geworden. Bah. Linialen breken. Meetlatten werken niet meer. De maat wordt ons genomen. Betalen zullen we. De nasleep van een vloek. Hoe gaan we dat straks duiden? Als we terug kijken naar de geschiedenis? In de waan van de dag leggen we de focus op lente. Een nieuwe lente zonder oorlog en andere extremiteiten. Rust willen we. De angel uit een snel en vluchtig bestaan. Laat de lentebij ons steken met een wonderserum, een geluksprikkel vol met zoete verse honing. Doping der natuur. Opdat die ons redt van anderhalvermetermaatschappijen en onberekenbare lieden.

14-05-2018

Webtales Gedichten Mei 2018

Vulkaanhellingtrek (01-05-2018)

examinator
grijpt snel in na foutieve
vulkaanhellingtrek


Nagelbedwelmend (02-05-2018)

ze gaat van haar sok
aceton prikt in haar neus
nagelbedwelmend


Stuitoefenen (03-05-2018)

ik oefen mijn stuit
in een kamer vol wierook
bips zegt namaste


Uitdiepen die pen (05-05-2018)

uitdiepen die pen
vanuit het hart en moede hoofd
dicht ik je neder


Spotvogel spotten (06-05-2018)

spotten, zit ie er
nee, dju, hij loopt met me weg
blijven zitten oen


Ka Trol (08-05-2018)

Ka Trol verziekt weer
takelt, stenigt en verwoest
schept bazig chaos


Rinkeldekinkel (08-05-2018)

rinkeldekinkel
'de stroom is uitgevallen'
bakeliet gesprek


Ica Rus (14-05-2018) (Spotlight)

Ica Rus vliegt hoog
Knalt met vleugels tegen zon
Plengt robottranen













30-04-2018

Webtales Gedichten April 2018

Bamboeklamboe (06-04-2018) 

stokken passen niet 
net verstrikt in bamboebos 
bamboeklamboepijn 


Vakantie geldt voor iedereen (13-04-2018) 

vakantie geldt voor iedereen 
in Tokio, Tunis en Kamtjatka 

vakantie geldt voor iedereen
voor planten en voor dieren 

vakantie geldt voor iedereen 
voor armen en voor rijken 

vakantie geldt voor iedereen 
voor werkenden en werkelozen 

vakantie geldt voor iedereen 
ook voor Trump, Poetin en andere malloten 

vakantie geldt voor iedereen 
voor zieken, zwakken en mensen met beperking 

vakantie geldt voor iedereen 
ook voor Restaurant de Liefde 

vakantie geldt voor iedereen 
voor gasten, koks, obers, afwashulp en bazen 

vakantiegeld voor iedereen 
en nu maar sparen ... 

(Inzending voor menukaart Restaurant de Liefde te Doesburg + Spotlight) 


Iglomarketentsterfan (14-04-2018) 

iglotentverkoop 
bij Mark in Marken 
iglomarketentsterfan


Integratief (15-04-2018)

ja, integratief
dat moeten we zijn mijn lief
een som van delen


Vanonderneming (16-04-2018)

meneer van boven
plaagt secretaresse met
vanonderneming


Bokkenpruikentijd (17-04-2018)

hoelang hang jij al?
aan dit haakje al eeuwen
sinds bokkenpruiktijd


Chocopasta beregoed (20-04-2018)

melkchocopasta
dat alleen vindt de beer goed
nu nog brood scoren


Doe de detective (22-04-2018)

dans detective
stiekem in het stikdonker
opdat niemand ziet


Onmenswaardig (30-04-2018)

onmensen liken
dat doen ze op het darknet
onmenswaardig vet









13-03-2018

Ongrijpbaard

Vandaag maak ik me mooi en geef mezelf een grote beurt. Ik douchte me met speciaal geparfumeerde showergel en dure shampoo. Knip in de weg zittende wenkbrauw- en neusharen voor de badkamerspiegel. Oksel- en borstharen scheer ik zorgvuldig weg en ik kuis ook mijn kruis. Niet dat iemand het zal zien, maar het gaat om het idee. En niet te vergeten het zelfbeeld. Ik doe een geurtje op en mijn mooiste kleren aan. Het liefst doe ik eigenlijk geen kleren aan. Zodat iedereen mijn goddelijk lijf kan zien. Maar dat is not done.

Mijn lief wacht me al op. Ook zij ziet er fantastisch uit. Om door een ringetje te halen. Die ring heeft ze ook bij. Ze is jongleur. Jongleuze eigenlijk of jongless, jonglin, jongling? Zeventien lentes jong. Een mooi meisje van duizend weken. Zo heb ik ze het liefst. Alleen jammer dat ze niet zo jong blijven. Ik kan het weten. Thuis heb ik namelijk een veel oudere versie zitten. Wel lief, maar niet meer zo strak. Ik doe het er mee. Gaat prima zo. Soms een beetje traag. Maar je hoort mij niet klagen.

Ze begroet me wat koeltjes en ik vraag of ze al lang op me staat te wachten. Een half uur. Waarom ze niet alvast naar binnen is gegaan? Plankenkoorts. Ja, best lastig in een circus met een houten piste. Ik krijg complimenten over mijn uiterlijk. Kleurrijk vandaag. Ik heb speciaal voor de gelegenheid mijn beste en tevens langste schoenen aangedaan. Een gestreken geblokte broek en bijpassend jasje. Een megagrote strik, een plastic roos met waterpomp. En niet te vergeten, een nieuwe neus. Een rode blinkende. Uiteraard. Ik draag ook een oranje pruik en een klein bolhoedje. Ja, ja, ook ik ben door een ringetje te halen. Net als de mooie leeuwen die ik hard hoor brullen.

En toch klopt er iets niet. Ik merk het aan de reactie van mijn lief. Ze streelt over mijn wang met een van haar fluwelen handen. Heerlijk, het voelt lekker glad en zacht. Ja, maar dat kan toch niet. Waar is in hemelsnaam mijn baard gebleven? Haar houvast is weg. Er valt nu niets meer te jongleren. Teleurgesteld laat ze mij dat weten. En hoe. Haar gedrag in de piste is ineens een stuk minder vriendelijk. Ik voel een einde nader komen. Niet zo vreemd ook. Nu ik mijn grijpbaard kwijt ben is ook de enige houvast verdwenen. Haar houvast. Jammer. Nimmer zal ik nog mijn baard knippen.

30-09-2017

Webtales Workshop Schrijfopdracht September 2017

Alle problemen opgelost (12-09-2017) (In de Spotlight op Web Tales)

Problemen zijn net als woorden. Maar dan op zijn Frans. Paroles, paroles, paroles. Ik heb het proefondervindelijk uitgeprobeerd. Problemen, problemen, problemen. De mensen in het metrostation verklaarden me heel even voor gek. Sterker nog, ze keken niet eens meer welke metro er kwam. Neu. Ze stapten gewoon bij de eerste de beste metro die kwam in. Weg van alle problemen. Dat dachten ze. Nu hadden ze pas echt een probleem.

Nog meer problemen

Ik spring net op het nippertje mee de metro in. De schrik staat op het gezicht van de mensen te lezen. Nee, nee, nee, lijken de gezichten te zeggen. Ik zoek het eerste slachtoffer en schreeuw keihard in zijn oor. Problemen, problemen, problemen. Ik doe het in G-mineur. Dat komt snoeihard binnen, dat verzeker ik u. De man schreeuwt het uit. Stop, stop, stop. Ik krijg medelijden en spreek zijn buurvrouw aan. Problemen, problemen, problemen. In C-largo. Dat moet ze kunnen hebben. Wat een oren heeft die vrouw. Maar ook zij kan de woorden niet verdragen. Ook al heb ik ze nog zo mooi gezongen. Een meneer die alles rustig bekeken heeft tikt op mijn schouder. Dàt had nu net niet moeten doen.

Nog veel meer problemen

Het vraagt om een lucide aanpak. Geen idee wat dat is maar ik ga ervoor. Je hoort zo nu en dan wel eens wat. De man voor me wijst naar zijn mond, vervolgens naar zijn oren en schudt driftig met zijn hoofd van links naar rechts. Daarna draait hij met zijn wijsvinger snelle rondjes voor zijn oorgat en daarna houdt hij diezelfde vinger opgeheven voor mijn ogen en schudt daarmee wederom driftig op en neer. Dan valt het kwartje. Doof. Die man is doof. Houdt ie me nu voor de gek? Ik neem de proef op de som en schreeuw zo hard als ik kan. Problemen, problemen, problemen. Bijna alle passagiers plakken nu tegen de raam van de metro. Behalve de dove man. Stokstijf staat ie stil. Heel even. Dan valt ie neer. Dood?

Nu heb ik echt een probleem

Ik weet niet goed wat te doen. De passagiers gaan in een klein kringetje rondom de man en mij staan. De metro dendert intussen door. Heel irritant. Niets zo irritant als een kring mensen in een op hol geslagen metro. Ze plakken en ze stinken. De man blijft liggen. Ook al zo irritant. Niets zo irritant als een man op een vloer omringd door mensen in een op hol geslagen metro die plakken en die stinken. Ik kan maar een ding doen. Problemen, problemen, problemen. In Z-lentisimo dit keer. Ik weet wel wanneer ik me moet inhouden. Eureka. De man richt zijn bovenlijf op. En roept heel irritant. Heb ik u laten schrikken. Neu.

Alle problemen opgelost

Dat is werkelijk waar too much. Zo vinden ook alle omstanders. Oké ik maak dan wel veel lawaai. Heel veel. Maar faken, daaraan heeft iedereen een broertje dood. Wat er daarna gebeurde had ik u liever niet verteld. Maar het moet. Het kan haast niet erger lieve mensen. En masse heft het hele metrocompartiment zijn stem aan. In alle letters van het alfabet in alle tempo's. Sommigen ijl anderen weer zwaar diep. Tot op de bodem en skyhigh in koor. Problemen. Problemen. Problemen. Iemand trekt aan de noodrem. En ik kan het u vertellen, niet de stomdove man, doofstom. Nee. Maar hij vliegt wel buiten. Ik blij.

Les 1 Opdracht 1 Workshop Schrijfopdracht Web Tales: Suspense!


Stomdoof (13-09-2017)

Een stomdove man loopt over het perron van de metro. Het is nog vroeg. Zonder stok, want die heeft een stomdove man niet nodig. Althans dat denkt de man. Hij moest eens weten. Deze ochtend zou hij spijt krijgen van deze onbezonnen daad. Waarom? Dat vertel ik u zo. Ik ga vooralsnog eerst de spanning nog een beetje opbouwen. Naar een probleem, een groot probleem.

Ergens voelt de stomdove man toch wat argwaan. Een vreemd woord eigenlijk want wat is arg nu precies? Wanen kennen we wel. Toch? Nou, let op. De goede man heeft niet voor niets een feilloos gevoel voor wat er te gebeuren staat. Een zesde zintuig noem ik het. Op het perron lijkt alles rustig te verlopen. Een gewone doordeweekse ochtend. Maar zoals ik al zojuist voorzichtig aankondigde, schijn bedriegt. Niet dat ik de stomdove man als bedrieger wil duiden maar toch. Arg, wat geeft het ook? No problem.

Nee, u kent dat wel, zo'n dreigend unheimisch gevoel dat rondom metrostations kan hangen. Hitchcock zou er zowaar een puntje aan kunnen zuigen. Suspense. Niet meer dan dat. Totdat de metro het station komt binnenrollen. Zonder vogels, maar wel met piepende remmen. En dan gebeurt het. Het onverwachte.

'Problemen, problemen, problemen.' Een kleine long tall Bert met zwart haar, forse wenkbrauwen en een rode neus heeft zich uit de massa opgericht en zingt uit volle borst. Vals. Vals. Vals! Niet om aan te horen. De mensenmassa spurt zonder nadenken de metro in en kijkt verschrikt uit het raam. Althans de mensen die een plekje hebben weten te bemachtigen voor het raam. De stomdove man grijpt naar zijn stok. Arg. Mis!

Les 1 Opdracht 2 Workshop Schrijfopdracht Web Tales: Suspense!


Der Bomber (14-09-2017)

De zandloper staat op tafel. Heel langzaam zie ik het zand door het kleine gaatje stromen. En ik kan maar een ding denken. Laat het alsjeblieft heel even regenen in het bovenste deel van de zandloper. Kan dat? Nee, natuurlijk kan dat niet. Maar ik kan het wel denken, toch? Zodat het zand stroperig wordt en niet meer door het gaatje kan. Alsjeblieft. Ik moet toch ergens tijd winnen?

De zandloper staat nog steeds op tafel. Tien paar ogen staren me aan. Hoelang houd ik dit nog vol? Zie ik nu pretogen of bezorgde ogen? Ik kan het maar moeilijk peilen. Mijn eigen blik bevat maar een staat. Een staat van paniek. Ik voel ook tranen prikken. Nu al? Ik heb toch nog tijd? Mijn gedachten dwalen weer af. Wat als er nu een heel klein mannetje in de bovenste helft van de zandloper zou opstaan uit het zand? En dan, ja sorry, een heel klein poepje zou doen? Maar pas nadat hij driftig met zijn kleine handjes eerst een flinke kuil heeft gegraven. Kan dat? Ik stel het mezelf voor. Nee, dat gaat nooit lukken, graven en poepen tegelijk. Ik zie het zand steeds sneller stromen. Weg tijd.

De vraag, wat was nu ook alweer de vraag? Tien paar ogen staren me nog steeds aan. Een sportvraag. Wie scoorde in 1974 het bevrijdende doelpunt voor de Duitsers tijdens het WK voetbal? Wat een rotvraag. Hoezo bevrijdend doelpunt? Is dit een flauwe grap? Wil ik die vraag überhaupt wel beantwoorden? Maar opgeven is geen optie. Tien paar ogen kijken me op het moment suprême heel ernstig aan. Tien handen kloppen met hun vingers ongeduldig op de tafel. Hoezo tijdsdruk? De bonusvraag, in welke minuut werd er gescoord, laat ik schieten. Schieten, bombarderen? Der Bomber! Gerd. Gerd Müller! Ik zie de laatste korrel door het gaatje glijden. Shit! Weer verloren.

Les 1 Opdracht 3 Workshop Schrijfopdracht Web Tales: Suspense!


Goud in benen (15-09-2017)

Dick speelt advocaat van de duivel met engelengeduld. De mannen aan tafel kijken hem opgewonden aan. Zou deze man echt de oplossing hebben? Vanavond mogen ze wat langer opblijven en een spelletje spelen. In oranje pyjama's. De druk moet eraf, zo legt Dick uit. De mannen weten nog niet goed wat er boven hun hoofd hangt. Dick wel. Uitsluiting. Niemand wil dat. Maar Dick weet raad. Wie goed kijkt ziet ook dat er langzaam twee rode hoorntjes op zijn voorhoofd verschijnen. Spelletjes spelen helpt altijd.

'Wie is er aan de beurt?' Zenuwachtig kijken tien paar ogen naar Janssen, die vervolgens een kaart op tafel omdraait. 'Hoe heet de man die goud in benen had, maar datzelfde goud uit handen gaf toen bleek dat de verzekering niet langer zijn linkerbeen dekte en daarnaast ook nog eens een verkeerd merk schoenen droeg?' Wat een rotvraag, denkt Janssen en kijkt naar de zandloper die snel wordt omgedraaid. De tijd gaat in.

Het zand in de zandloper kleurt ineens goud. Dat kan toch niet. Tien paar ogen aan tafel zien hetzelfde. Dick grijpt in. Hij is niet voor niets advocaat van de duivel. 'Wie deze vraag weet mag de zandloper houden.'

Geroezemoes aan tafel. Robben steekt zijn vinger omhoog, wacht niet af en begint meteen te spreken.
'Dat is niet eerlijk. Janssen is aan de beurt en die vraag is veel te makkelijk!'
'Cruijff!', roept Sneijder ins Blaue hinein.
'Kop dicht Wesley, Janssen is aan de beurt!'
'Ho, ho!', valt Dick bij. 'Iedereen mag raden en Wes heeft gelijk. Het antwoord is Cruijff. Hij wint de gouden zandloper.'

Even blijft het stil aan tafel. Maar dan breekt de pleuris uit. Alle oranje pyjama's vallen elkaar ineens aan en zetten hun tanden in elkaars nekken. Bloed spat tegen het plafond. Wat gebeurt er nu? Dick ziet het allemaal met grote ogen aan. Heeft hij dan toch de macht? Twee grote rode hoornen op zijn voorhoofd knipperen fel aan en uit. Vervolgens wordt er luid op de deur geklopt. Ruud, die de deur bewaakt zet zijn fotocamera aan en gooit de deur open. Elf rode duivels vliegen naar binnen. De kamer verandert in een gekkenhuis. Totdat plots de zandloper stilvalt en weer kleurt in zandbruin.

Les 1 Opdracht 4 Workshop Schrijfopdracht Web Tales: Suspense!


De herfst was laat dit jaar (17-09-2017)

De herfst was laat dit jaar. De blaadjes bleven heel lang hangen aan de bomen. Evenzo de eikels. Was dit weer het zoveelste teken aan de wand? Aan de wand van het bos in de Ardennen?

Nee, dit is toch niet de tekst die Mischa voor ogen heeft. Een wand van het bos? Hoe komt ie erop. Dat gaat helemaal nergens over. En het ergste van al. Alle verdere inspiratie ontbreekt. Komop, denkt ie. Laat ik maar eens door een bos gaan lopen. Een echt bos. Niet zo'n plastic bos van IKEA.

Dat plastic bos had Mischa de afgelopen week nog bekeken. In een gids. Een kleurengids. Lelijk. Oerlelijk. Daar zou hij nooit en te nimmer inspiratie in vinden. Nee, dit keer moest hij als kunstenaar, als jonge schrijver, toch eens voor het echie kiezen.

Het deed Mischa denken aan de kunstacademie, waar ie geflopt was. Waar een boom van een kerel, luisterend naar dezelfde naam hem had voorgesteld eens een weekend in een kuil te gaan zitten. In een bos. En alleen maar waar te nemen wat er in die kuil gebeurde. Met de kuil en met hem. Een maffe opdracht die Mischa meteen had doen besluiten te stoppen met de academie.

Daan zit ie dan. In het bos dat nog herfst moet worden. Met een klein schepje graaft ie zich autobio. Hij doet er lang over. Hij is dan ook geen meesterschepper. Helemaal niet. Na drie uur spaden duikt hij in de kuil en geeft zich over aan het ontluiken van de herfst. Maar de herfst komt maar niet. De eikels vallen niet en evenmin de blaadjes.

Vier weken bivakkeert Mischa in zijn kuil. Zijn moeder komt hem af en toe voeren. En 's-avonds wordt er een klein grondzuil over de kuil gelegd. In een overlevingsslaapzak brengt ie de nachten door. En ja, na vier weken vindt hij dan eindelijk inspiratie, gaat naar huis en schuift aan tafel.

Maar laten we eerlijk zijn, lieve lezer. Het slaat als een tang op een varken. Toch? De tekst uit de eerste alinea kan niet echt door de beugel. Wel? Nou, helpt u dan Mischa verder in zijn kunstenaarschap. Alle ideeën zijn welkom. Zijn impresario houd zich war aanbevolen. Schrijven kan naar. Walnootstraat 12, 4367 CK Beukendorp. Graag ter attentie van Mischa Art. Dank u wel. Namens Mischa.


Les 2 Workshop Schrijfopdracht Web Tales: Inspiratieopdracht herfst


Vakantiebeleving (20-09-2017)

Ik zit in de auto. Dat kan zeven dingen betekenen. Ik ga naar mijn werk, ik doe boodschappen, ik ga op bezoek bij vrienden of familie, ik ga op museum- of theaterbezoek, ik toer wat rond, ik ga naar het benzinestation, ik ga op vakantie. Hiep, hiep hoera, bij de laatste optie. Of ben ik er toch nog een vergeten? Ja, natuurlijk. Ik zit bij iemand anders in de auto. Dat kan natuurlijk ook.

Je kent dat wel. Een auto. Zo'n ding op vier wielen, of zes, of acht, of misschien wel tien. Al naar gelang de bestemming. Vrachtauto's reken ik ook tot auto's. Maar wat als de auto nu plots een vliegtuig wordt? Kan dat dan? Ja, dat kan. Ik ga het u vertellen. Een vakantiebeleving, want dat was het.

Aan het benzinestation ergens in Italië, sta ik peentjes te zweten. Zo warm is het. Ik ben nog maar zeventien en een bezorgde moeder zou denken: 'Wat doet die jongen daar, zo alleen bij een benzinestation?'. Maar die moeder heb ik niet. Dus daar hoef ik me geen zorgen over te maken. Over de moeder dan. En vice versa.

Maar daar sta ik dan. Met het zweet op mijn voorhoofd en een kartonnen bord in de hand. Ik houd van simpel en direct. Holland staat er opgeschreven. In kapitalen. Want de automobilisten moeten het wel goed kunnen zien. Na lang wachten stopt er een dikke vette Mercedes. Anders kan ik het niet uitdrukken. Dit moet gevoeglijk bijvoeglijk verteld worden. Ik permitteer me dat. Ondanks de opdracht om bijvoegingen te mijden. Show don't tell.

Nou, de show was compleet. De chauffeur had echter wat argwaan. Of ik een briefje wilde ondertekenen dat hij niet verantwoordelijk was voor eventueel letsel berokkend tijdens de reis. Ach, wat kon mij nu gebeuren?

Les 3 Workshop Schrijfopdracht Web Tales: Schrijven is schrappen


Kale dialoog (21-09-2017)

Wassen en knippen?
Graag.
Mooi weer vandaag.
Ja, gisteren en morgen niet.
U bedoelt?
Precies wat ik zeg, gisteren en morgen niet.
Ja, ja.
Volgens Pien dan.
Armand?
Die ja, die kan het weten.
Hoezo?
Nou gisteren klopte het weer zoals hij voorspelde.
Ja.
Dan klopt het morgen weer.
Dat is een aanname meneer.
Klopt. Niets mis mee toch?
Let maar eens op. Overmorgen komt het uit.
Dat het weer van gisteren klopt?
Precies.
Nu heeft u mij tuk.
Daar heb ik geen zin in.
Waarin?
In Tuc.
U bedoelt?
Ik heb zojuist al gegeten.
Oh, die Tuc bedoelt u?
Een zout koekje.
Ja, dat smaakt niet bij de koffie.
Hoever bent u al kapper?
Halverwege.
Links of rechts?
Van allebei een beetje.
Overdwars dus.
Precies.
Geen bloempotkapsel hoor?
Nee, ik zou niet durven.
De vorige keer stak mijn vrouw spontaan rozen in mijn oren.
Het is niet waar?

Les 4 Opdracht 1 Workshop Schrijfopdracht Web Tales: Dialoog


Vergeten groenteman (Het verhaal) (26-09-2017)

Sta ik bij de groenteman, kruipt er een klein mannetje voor. Met een rollator. Ik denk wat krijgen we nu? Dat gaat hier niet gebeuren. Al een uur sta ik te wachten op drie mensen voor me die de meest onmogelijke dingen bestellen. De groenteboer houdt het amper bij. Hij moet zelfs 'nee' verkopen aan een van zijn klanten. Afrikaanse vijgentakken heeft hij niet. Nog nooit van gehoord ook. Kun je die überhaupt eten, denk ik dan. Of de groenteman even op zijn laptop wil kijken.

Laptop? Laptop? Dat is geen laptop. Dat is een weegschaal. O. Of de groenteboer dan vergeetviolen heeft. Wat? Vergeetviolen, groene. Groene? Groene vergeetviolen? Bestaan die dan? Wordt hier iemand voor de gek gehouden? Het lijkt er veel op. Achter in de zaak laat iemand van zich horen. Een luide bas klinkt. Ja, die zijn er zeker. Hij heeft ze gisteren nog gegeten.

De groenteman slaat nu een kruisteken en richt zijn armen omhoog. Lieve heer, zeg me dat het niet waar is? Nou, hij stak ze toch echt omhoog. Ineens wordt een beetje onduidelijk wie wat zegt. Eigenlijk wordt het hoogste tijd voor aanhalingstekens en namen. Maar zelfs die heeft de groenteboer niet. Wat nu? Gewoon opnieuw beginnen? Neu, geen denken aan.

Het kleine mannetje met de rollator staat inmiddels voor de toonbank. Met veel pijn en moeite kan hij maar net zijn pet op de toonbank leggen. Op zijn tenen. Dat wordt straks lachen als ie moet betalen. Dit is een hippe groenteman. Hier kun je alleen maar pinnen. Ananas en meloen. Wedden dat ik straks zijn pincode mag intoetsen? Mooi niet.

Het kleine mannetje dringt nog meer voor. Dat doet ie door met een paraplu lichtjes in de zij te prikken van zijn buurvrouw. Die schrikt en slaakt een klein gilletje. Ze slaat ook nog haar hand voor de mond en roept schalks: ‘Oeps’. Vervolgens slaat ze de kleine man keihard in zijn gezicht. Ik vraag me nu serieus af, was dat wel haar zij?

Tien kilo aardappelen wil de man en tien kilo wortels en vier netten grote uien. Drie keer raden wat het kleine mannetje de komende weken eet. Hij kijkt me onderzoekend aan terwijl hij zijn portemonnee trekt. Ik voel de bui al hangen. Voor mijn paard, zegt hij plotsklaps. Niet voor hemzelf hoor. Of ik even voor hem wil afrekenen? Hij kan niet bij de pinautomaat. Luid en duidelijk schreeuwt hij de cijfers in mijn oor zodra ik buk. Ik ben niet doof? Hij wel.


Vergeten groenteman (De dialoog)

“Hé, hallo, gaan we hier voordringen meneer? Dat ken echt niet. Gezien hoeveel mensen er nog voor je staan. Kleine koekenbakker.”
Het is inderdaad een heel klein mannetje met rollator dat probeert voor te dringen bij de groenteboer.
“Maar meneer, u ziet toch dat ik slecht ter been ben. Moet ik dan heel lang blijven wachten misschien? Waar is de hoffelijkheid gebleven?”
Een aantal mensen om mij heen kijkt me nu bedenkelijk aan.
“Vooruit dan maar. Opdondertje. Maar ik ga niet voor jou pinnen, als je dat maar weet.”

“Voor wie zijn de Afrikaanse vijgentak?”, roept de groenteman verstrooit.
“Voor mij Schillenboer, zet ze hier maar neer.”
De groenteboer is niet blij met zijn koosnaam, maar hé, het zijn en blijven klanten. Koningsklanten.
“Wat ga je er eigenlijk mee doen, Deus?”
Ook Deus is niet blij met zijn koosnaam, maar hé, het is wel de groenteboer en hij heeft Afrikaanse vijgentakken. Probeer die maar eens ergens anders te krijgen.
“Eh, weet ik nog niet Schillenboer, puree van maken denk ik. Ik moest ze meenemen van mijn vrouwtje, ons Sofieke.”
“Ons, ons, ons? Van wie is ze dan allemaal Deus?”
“Nou van Karel, Dre en Teun. Dat weet je toch? Flauwerd.”
De drie zonen dus, van Deus en Sofieke.
Schillenboer moet lachen. Net als de rest van de winkel.

“Dan heb ik hier nog een pondje groene vergeetviolen. Van wie zijn die?”
Geen antwoord. Geroezemoes in de winkel.
“Hallo, vergeetviolen, groene, van wie?”
“Dat heb je nou met die kleredingen, die worden altijd vergeten. Klootviolen.”

“Meneer, meneer, ben ik al aan de beurt?”
Het kleine rollatormannetje zwaait met zijn kleine petje boven de toonbank uit.
“Wie roept daar? Ik hoor u niet?”
Met een vette knipoog kijkt Schillenboer alle aanwezigen in de winkel aan.
“Hier, hier, hiero!”
“Oh, ben jij het weer pet, aan het voorkruipen zeker?”
“Neu, ik zou niet durven, die meneer hier achter mij liet me voor.”

“Ho, ho, wacht eens even!”, klinkt een iel hoog stemmetje naast hem. Daar staat een koket dametje op naaldhakken en staart het kleine rollatormannetje vanuit de hoogte heel erg uit de hoogte aan. “Ik ben aan de beurt!”
"O, ja!"
“Meneer, meneer, wat doet u nu. Oeh, ah, lekker, nee, nee.”
Met een grote smak slaat ze het mannetje met haar vlakke hand tegen zijn gezicht.
“Viespeuk!”

“Graag tien kilo aardappelen, tien kilo wortelen en vier zakken uien Schillenboer. En hij betaald.”
Ik krijg een pasje in mijn hand geduwd en ik buk. Vier cijfers schreeuwt ie in mijn oor en nog wat anders.
“Voor mijn paard. Begrijpt u wel?”

Les 4 Opdracht 2 Workshop Schrijfopdracht Web Tales: Dialoog


Boos (28-09-2017)

Ik ben verschrikkelijk boos. Zo boos ben ik nog nooit geweest. Het gaat alle boosheid te boven. En ik heb wat boosheden meegemaakt. Poe poe. Dat wil je niet weten. Natuurlijk wil je het weten. Maar ik ga het niet allemaal vertellen. Boos is eigenlijk mijn zijn. Kom je me ergens tegen, zie je me boos. Ook als ik lach ben ik eigenlijk boos. Hoe dat zo komt? Nou heel simpel. Boos geboren in een hele boze omgeving. Kan dat? Ja dat kan. Mij is verteld dat zowel de vroedvrouw als de dokter even terugdeinsden toen deze me voor het eerst zagen. Zo boos was ik al. Ik huilde niet. Ik krijste. Ik krijste een complete collectieve boosheid van pakweg tweeduizend maanden naar buiten. Het hield eenvoudigweg niet meer op.

Tweeduizend maanden? Ja, boosheid van tweeduizend maanden. Ik ga niet alles benoemen van die opgekropte, uitgelopen, collectieve boosheid. Ik zal slechts het begin benoemen. Op de dag af tweeduizend maanden geleden, 28 januari 1851 om precies te zijn, keerde mijn familie de goedheid voorgoed de rug toe en stortte zich in boosheid. Wat volgde is een herhaling van zetten, keer op keer, generatie op generatie. Het werd altijd doodgezwegen. De grondslag van de boosheid. Jammer maar helaas. Alles werd erbij gesleept om toch maar de boosheid te kunnen plaatsen. Boosheid moest een reden hebben.

Totdat er in de jaren vijftig een omslagpunt kwam. De hippietijd moest nog aanbreken. Maar onze familie was er al snel bij. Boosheid moest men koppelen aan liefde. Aldus geschiedde. Het is daarom dat ik zeg dat mijn boosheid eigenlijk geen boosheid is maar liefde. Kijk, dat klinkt al veel liever, leuker en gezelliger, toch? Met zo iemand wil u wel in contact treden, toch? Zeker als de liefde ook een beetje stout is. Mag. Niets leuker dan stoute liefde. Maar let op. Eigenlijk draait het hier om stoute boosheid. In ons geval. In mijn geval. Boos is lief. Onthoud dat goed.

Lief

Omringd door louter lieve mensen heb ik altijd mijn boosheid ingeslikt. Is dat verstandig? Buikpijn heeft het mij opgeleverd. Aanhoudende buikpijn. Alleen maar om de liefde te dienen. Wie wil nu niet dat de ander lacht en blij is? Daar is voor boosheid geen enkele plek. Ik weet het, het is nooit leuk om alleen maar boos te zijn of boosheid uit te stralen. Daarmee maak je geen vrienden. Maar toch? Is de mantel der liefde dan zo’n warme deken? Ik weet het niet.

Ik vertrouw zelfs de mantel van Sinterklaas niet meer. Nooit gedaan overigens. Sinds ome Toon mij vertelde dat die mantel een nepmantel is die helemaal niet uit Spanje komt, ben ik voorgoed afgehaakt bij goedheid in mensheid. Zeker toen ome Toon mij heel duidelijk aanwees, op de rug van Sinterklaas, waar onze asbak had gestaan? Onze asbak? Ja, want het was ook ons rode tafelkleed, dat de Sinterklaas om zijn nek had geslagen. Nou ja, eigenlijk nog niets aan de hand, want Sinterklaas vergeet ook wel eens iets en misschien was zijn mantel wel in de was. Zo probeerde de familie de boel nog te redden. Maar toen andere ome Toon zijn baard omlaag trok en in zijn mond een glaasje jonge jenever knikkerde, toen wist ik genoeg.

Fake, fake, fake. Ik leef in een fakewereld. Hoe kan ik dan nog lief blijven? Nou, niet zo moeilijk. Voor de cadeautjes natuurlijk. Want die wilde ik niet missen. Gelukkig was ik nog steeds omringd door lieve mensen, en een hele boze. Ome Toon de eerste sprong werkelijk waar uit zijn vel. Hij kwam voor mij op. Supertof. En al mijn woede ventileerde zich in ome Toon. Wie nog een keer dit mannetje voor de gek zou houden, zou te maken krijgen met ome Toon.

Andere ome Toon was intussen omgevallen. Klaar. Uitgeteld. En de rest van de familie kon alleen maar lachen. En lief zijn. Maar was dat dan wel echt? Ik twijfelde voort aan alles. En ik zal het u eerlijk zeggen. Ik twijfel nog steeds. Aan alles. Maar hoe dan ook. Alles beter dan boos. Veel beter ben je lief. Zelfs in het spelen. Lief spelen werkt altijd.

Les 5 Workshop Schrijfopdracht Web Tales: Ontdekkend schrijven


In de bus met Trudie Kortjakje (02-10-2017)

Honderdenzes wordt Trudie Kortjakje vandaag. Je zou het niet zeggen. Ze ziet er maar voor de helft zo uit. De andere helft is vijfentwintig. De bovenhelft zogezegd. Trudie gaat op bezoek bij haar tweelingzus Funny. Die is van hetzelfde kaliber en net zo vief. In de verte ziet ze de bus al aankomen. Stoer steekt Kortjakje de duim omhoog. De bus die moet wel stoppen bij Langelindelaan 4.

Met een diepe zucht ploft de deur open. Kortjakje hijst zichzelf naar boven. Haar onderkant is toch wel oud. De benen willen amper mee. Die hebben vandaag geen zin in lopen. Ze blijven veel liever staan. Stevig spoort Trudie beide benen aan.

"Graag een retourtje Waaghalslaan, meneer de buschauffeur."
"Weet u dat wel zeker, mevrouw Kortjakje?"

Haar blik is veelzeggend. Trudie is niet van de grappen. Ze tuurt even snel de bus in. Shit, stampvol. Shit, een nieuw woord uit het kersverse vocabulaire van mevrouw. Ze volgt namelijk al drie weken een cursus Haags straatslang.
Ze telt vijf euro dertig neer op de kleine schuifla.

"Het is weer druk vandaag, Bernhard."
"Komt goed, mevrouw."

Een korte blik van verstandhouding stemt Trudie gerust.

Op de eerste tien stoelen van de bus zitten grote, lange, slungelachtige puberkabouters met oortjes in en telefoontjes in de hand. Hun verhoudingen van lijf en ledematen zijn nog buiten proportioneel. Uit de boekentassen onder de stoelen puilen dikke boterhammentrommels. De elastieken staan op springen. Snel loopt Trudie door. Ook achter in de bus is geen plek. Nors kijkt ze richting Bernhard. Die heeft Trudie's trage wandelgang nauwlettend in de spiegel gevolgd. Hij weet nu wat te doen.

"Hallo, hallo, attentie, attentie. Wil er iemand achterin even plaats maken voor mevrouw Kortjakje, ze is al honderdenvijf!"
"Honderdenzes vandaag!, gilt Trudie keihard terug.

De hele bus schiet wakker. Als oudsopraan van het beroemde Nationale Balalaika Koor uit Boedapest staat ze nog steeds haar vrouwtje. De puberkabouters voor in de bus laten van schrik hun telefoontjes los en grijpen naar de oren. Nee, de oortjes zitten er nog in. Hoe is dat mogelijk? Dwars door vier oren heen, komt ze vierkant binnen.

"O, maar dan gaan we even zingen voor Trudie jongens ... met z'n allen ...!", schreeuwt Bernhard door de microfoon.
"Lang zal Trudie leven, lang zal Trudie leven ... lang zal ... in de Gloria ... hiep, hiep, hoera!"

Intussen heeft een busbewoner plaats gemaakt voor Trudie. Onderuitgezakt zit ze in de zetel. Een hoopje mens dat Trudie heet. Trudie heette. Trudie is niet meer.


In de bus met Trudie Kortjakje (Extended version)

Honderdenzes wordt Trudie Kortjakje vandaag. Ze heeft twee armen, twee benen en een hoofd. Alles stevig ingepakt in bontmantel. Ze mag dan wel Kortjakje heten, haar mantel reikt tot over de enkels. Het vriest namelijk om en nabij de vijfentwintig graden. Honderdenzes. Je zou het niet zeggen. Ze ziet er maar voor de helft zo uit. De andere helft is vijfentwintig. De bovenhelft zogezegd. Trudie gaat op bezoek bij haar tweelingzus Funny. Die is van hetzelfde kaliber en net zo vief. Met dit verschil, dat Funny niet zo grappig is als Trudie. Eigenlijk hebben de ouders verkeerde namen geplakt op hun dochters. Maar dit terzijde. In de verte ziet ze de bus al aankomen. Stoer steekt Kortjakje de duim omhoog. De bus die moet wel stoppen bij Langelindelaan 4, een mooie laan vol grote zomereiken, zonder blad, het is immers winter. Al vier weken.

Met een diepe zucht ploft de deur open. Kortjakje hijst zichzelf naar boven. Haar onderkant is toch wel oud. De benen willen amper mee. Die hebben vandaag geen zin in lopen. Ze blijven veel liever staan. Stevig spoort Trudie beide benen aan. Dat doet ze met een klein leren zweepje, dat ze met ferme uithalen, achter op haar dijbenen loslaat. Ze moet wel stevig slaan om effect te sorteren door het dikke bont. Maar het gaat vooruit. Langzaam.

"Graag een retourtje Waaghalslaan, meneer de buschauffeur."
"Weet u dat wel zeker, mevrouw Kortjakje?"

Haar blik is veelzeggend. Trudie is niet van de grappen. Ze tuurt even snel de bus in. Shit, stampvol. Shit, een nieuw woord uit het kersverse vocabulaire van mevrouw. Ze volgt namelijk al drie weken een cursus Haags straatslang.
Ze telt vijf euro dertig neer op de kleine schuifla.

"Het is weer druk vandaag, Bernhard."
"Komt goed, mevrouw."

Een korte blik van verstandhouding stemt Trudie gerust.

Op de eerste tien stoelen van de bus zitten grote lange slungelachtige puberkabouters met oortjes in en telefoontjes in de hand. Hun verhoudingen van lijf en ledematen zijn nog buiten proportioneel. Uit de boekentassen onder de stoelen puilen dikke boterhammentrommels. De elastieken staan op springen. Snel loopt Trudie door. Ook achter in de bus is geen plek. Nors kijkt ze richting Bernhard. Die heeft Trudie's trage wandelgang nauwlettend in de spiegel gevolgd. Hij weet nu wat te doen.

"Hallo, hallo, attentie, attentie. Wil er iemand achterin even plaats maken voor mevrouw Kortjakje, ze is al honderdenvijf!"
"Honderdenzes vandaag!, gilt Trudie keihard terug.

De hele bus schiet wakker. Als oudsopraan van het beroemde Nationale Balalaika Koor uit Boedapest staat ze nog steeds haar vrouwtje. De puberkabouters voor in de bus laten van schrik hun telefoontjes los en grijpen naar de oren. Nee, de oortjes zitten er nog in. Hoe is dat mogelijk? Dwars door vier oren heen, komt ze vierkant binnen. Ook de mensen van de middenrij laten van schrik alles los wat ze vasthadden. Met het bizarre gevolg dat er nu plots zeven goudvissen wegspoelen richting busputje achtervolgd door een wilde hongerige poes, die weer achtervolgd wordt door een leipe teckel. Ja, echt waar. Het lag aanvankelijk allemaal op schoot.

Dit kan Bernhard niet over zich heen laten gaan, zo maar laten passeren en hij parkeert de bus even langs de kant.
"Oké jongend, maar dan gaan we even zingen voor Trudie ... komop met z'n allen ...!", schreeuwt Bernhard door de microfoon.
"Lang zal Trudie leven, lang zal Trudie leven ... lang zal ... in de Gloria ... hiep, hiep, hoera!"

Intussen heeft een busbewoner plaats gemaakt voor Trudie. Onderuitgezakt zit ze in de zetel. Een hoopje mens dat Trudie heet. Trudie heette. Trudie is niet meer.


In de bus met Trudie Kortjakje (Limited version)

Honderdenzes wordt Trudie Kortjakje vandaag. Ze gaat op bezoek bij haar tweelingzus Funny. In de verte ziet ze de bus al aankomen en steekt haar duim omhoog. De bus stopt bij Langelindelaan 4.

De deur ploft open. Kortjakje hijst zichzelf naar boven.

"Graag een retourtje Waaghalslaan, meneer de buschauffeur."
"Weet u dat wel zeker, mevrouw Kortjakje?"

Haar blik is veelzeggend. Trudie is niet van de grappen. Ze tuurt even snel de bus in. Shit, stampvol. Ze telt vijf euro dertig neer op de kleine schuifla.

"Het is weer druk vandaag, Bernhard."
"Komt goed, mevrouw."

Op de eerste tien stoelen van de bus zitten grote puberkabouters met oortjes in en telefoontjes in de hand. Snel loopt Trudie door. Ook achter in de bus is geen plek. Nors kijkt ze richting Bernhard. Die heeft Trudie's trage wandelgang nauwlettend in de spiegel gevolgd. Hij weet nu wat te doen.

"Hallo, hallo, attentie, attentie. Wil er iemand achterin even plaats maken voor mevrouw Kortjakje, ze is al honderdenvijf!"
"Honderdenzes vandaag!, gilt Trudie keihard terug.

De hele bus schiet wakker. Als oudsopraan van het beroemde Nationale Balalaika Koor uit Boedapest staat ze nog steeds haar vrouwtje.

"O, maar dan gaan we even zingen voor Trudie jongens ... met z'n allen ...!", schreeuwt Bernhard door de microfoon.
"Lang zal Trudie leven, lang zal Trudie leven ... lang zal ... in de Gloria ... hiep, hiep, hoera!"

Intussen heeft een busbewoner plaats gemaakt voor Trudie. Onderuitgezakt zit ze in de zetel. Een hoopje mens dat Trudie heet. Trudie heette. Trudie is niet meer.

Les 6 Workshop Schrijfopdracht Web Tales: Ontdek jouw stijl

19-09-2017

Van der Stokke wacht op antwoord (vervolgverhaal met meerdere auteurs)

Vervolgverhaal geschreven met een aantal schrijvers op website Web Tales in de periode 19-09-2017 tot en met 04-12-2017.
Hieronder een overzicht van mijn bijdragen en links naar de bijdragen van anderen.
Deelnemers in chronologische volgorde (tussen haakjes aantal bijdragen):
Mien (8) - J.A. XXer (7) - Breinpijn (2) - Esperanza (2) - Silk (3) - Mixmaus (6) - Astra (6) - Runner (4)

------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

Van der Stokke wacht op antwoord (1) (In de Spotlight op Web tales)

Hij had allang niet meer geschreven. Julius van der Stokke. Heel vreemd, want als er iemand is die graag schrijft dan is het van der Stokke. En dat wist iedereen. Ze hebben het allemaal aangezien. De kroegtijgers van café Epistel. Maar geen van allen voelde zich geroepen om er ook maar iets aan te doen. Wat is er toch aan de hand met Julius? Al jarenlang bezoekt hij zijn stamineeke iedere woensdagavond. Schrijft dan tot haast middernacht op zijn schrijfblok, om vervolgens klokslag twaalf uur zijn pen neer te leggen, rechtop te staan en een selectie van het zojuist geschrevene hardop voor te dragen. Goed. Altijd goed. Daar zijn alle kroegtijgers het over eens.

Maar nu zit Julius op woensdagavond alleen nog voor zich uit te staren. Niemand, maar ook niemand die hem durft te vragen naar zijn talen. Waarom schrijft en orakelt Julius niet meer? Ook kroegbaas Zuup Lotharius weet er zich geen raad mee. Bijna dertien jaar geleden zag hij Julius voor het eerst zijn kroeg binnenstappen. Meteen was er die klik geweest. Niets zeggen, potje bier drinken, schrijven aan tafel en dan de oprichting. Het verheven taalgebruik. De donkere bas die gedichten buldert rond de klok van twaalf. En nu, nu orakelt Julius niet meer. Hoe dat zo?


Van der Stokke wacht op antwoord (2) - J.A. XXer
Van der Stokke wacht op antwoord (3) - Breinpijn
Van der Stokke wacht op antwoord (4) - Esperanza
Van der Stokke wacht op antwoord (5) - Silk (In de Spotlight op Web Tales)
Van der Stokke wacht op antwoord (6) - Mixmaus
Van der Stokke wacht op antwoord (7) - Astra


Van der Stokke wacht op antwoord (8) (In de Spotlight op Web tales)

Zuup kijkt over de schouder van Julius mee en leest hardop voor: ‘Troela Mineroela, waarzegster in goede en slechte tijden. Alleen telefonische consulten. Bellen kan dagelijks, drieëntwintig uur, zeven dagen per week. Uitgezonderd ’s avonds tussen elf en twaalf. Telefoonnummer: 06-0987654321’.
Het is best een knappe vrouw. Niet bepaald een zigeunertypje. Ze heeft lange, blonde haren tot op haar schouders. Een heel klein decolleteetje is zichtbaar, inclusief een medaillon tussen de kleine borsten. Het medaillon lijkt nog het meeste op een crucifix. Heel eenvoudig zonder tierlantijntjes. Intussen hebben ook de biljartspelers zich achter Julius en Zuup geschaard. Ze stemmen allemaal in met wat ze zien. Wat een mooie vrouw!

De biljartspeler die zo even geleden het kaartje opraapte realiseert zich plots dat hij ook nog een muntstuk in de hand heeft. Een euromuntstuk van een vreemd land. Dat heeft hij met zijn kennersoog onmiddellijk gespot. Een euroland dat de biljartspeler niet kent. Het voelt enorm heet aan in zijn hand. Alsof het gloeit. Het begint zelfs zo zeer te gloeien dat hij al snel het muntstuk moet overhevelen naar zijn andere hand. Wat vreemd. En waar is de mevrouw van de tonic nu eigenlijk naartoe? Ze kan nog niet weg zijn. Alle biljartspelers barricaderen namelijk de deur.

Naast het rode gordijn bij de deuropening ziet de biljartspeler de vrouw staan. Ze staat op het punt van vertrekken. De ogen van alle aanwezigen richten zich op de vrouw en de biljartspeler (wacht ik zal hem eens een naam geven, wel zo makkelijk) ... en Tinus over de Rooije stapt op de vrouw af. Ze duikt weg achter het gordijn en slaat snel ook nog een hoofddoek om haar hoofd. Wat heeft zij ineens te verbergen? Daar houden mannen niet van. En al helemaal biljartspelers niet. Ook de ogen van Zuup en Julius zoeken de vrouw nu op. Het wordt wel heel dreigend voor de vrouw achter het gordijn. Ze heeft maar een uitweg en dat is zichzelf blootgeven. Het kan niet anders. Ze laat de doek weer van haar hoofd glijden en buigt het wat verlegen naar beneden.

Tinus over de Rooije, stoere gast, ruwe inborst maar ook gezegend met een enorm groot hart, is de kwaadste niet. Met zachte hand grijpt hij heel lieflijk de kleine dame bij haar kin en duwt deze met zijn eigenlijk best wel grote kolenschop heel teder omhoog. Lichtgroene ogen staren hem aan. Blond, langkrullend haart valt in plooien rond haar melkwitte hals. Ze ruikt ook nog eens heerlijk, naar iets onbestemd, zoet, vanilleachtig.
“Maar ik ken jou ergens van?”, roept Tinus hardop uit. Terwijl hij dit roept kijken alle ogen van de omstanders beurtelings naar de foto in de hand van Julius en naar het verlegen meisje. Het is niet waar? Maar dat is ze. De gelijkenis is onbetwist groot. Heel groot.
“Jij, jij, ... jij bent het? Jij bent de waarzegster. Het is niet waar?”, roept haast iedereen in koor. “Maar dan kunnen we aan jou … nu …


Van der Stokke wacht op antwoord (9) - J.A. XXer
Van der Stokke wacht op antwoord (10) - Runner
Van der Stokke wacht op antwoord (11) - Esperanza (In de Spotlight op Web Tales)
Van der Stokke wacht op antwoord (12) - Silk
Van der Stokke wacht op antwoord (13) - Mixmaus (In de Spotlight op Web Tales)
Van der Stokke wacht op antwoord (14) - Astra


Van der Stokke wacht op antwoord (15)

“Cut, cut, cut!”. De man die een enorme toeter voor zijn mond houdt is blijkbaar woedend. “Ja, doe de lichten maar even aan, we houden vijf minuten pauze. Godsakker. Zijn we er bijna, verknoeit Petra weer eens de boel. Hoe kan dat toch?”

Petra kijkt wat bedeesd opzij. Ze had de rol nooit op haar moeten nemen, dat weet ze nu. Meedoen in een crimi is niet haar ding. Al die tijd heeft ze moeten wachten op haar eerste optreden en nu, net nu zij aan de beurt is, gaat het mis. En het ergste van al, ze weet nog niet eens precies waarom. Maar dat gaat Woody haar ongetwijfeld uitleggen. Ze rekent er al op.

“Petra, wil je even bij mij komen, lieverd!”
Zie je wel, daar begint het gevlei al. Altijd op je hoede zijn meid. Je hebt al vaker met dit bijltje moeten hakken.
“Ja, sorry Woody, ik weet het, ik bak er niets van, toch? Dat microfoontje mocht ik er nog niet uithalen. Ik weet het, ik weet het. Eerst mijn pistool en dan in de volgende scène het microfoontje. Sorry, sorry, ik ben ook zo zenuwachtig, zoveel goede spelers en dan kom ik hier kijken met mijn apensmoeltje. Het is gewoon teveel!”
“Nou, nou, meid, zo erg is het nu ook weer niet. Kom eens bij me zitten. Hier zo ja. Op de bank. Dicht tegen mij aan. Voelt dit al beter?”

Intussen heeft de complete crew de zaal verlaten. Woody en Petra zijn voor even alleen. Licht, geluid, cameramensen en alle acteurs zijn snel naar buiten gerend. Ze hebben de kans waargenomen. Dit komt namelijk niet zo gauw voor, Woody die een pauze neemt. Ze waren al doodmoe van het uren draaien en opnemen. Ze wisten het toen ze eraan begonnen, lange takes en heel, heel veel herhaling. En nu dit weer, de laatste scene. Best wel lastig met een regisseur die moeite heeft met ontknoping en eindtakes. Die eigenlijk het liefst van al de boel open houdt. Open einden daar houdt Woody van. Alleen, de producent, die vindt dat niet zo leuk. Overschrijdende budgets. En ja, onder ons gezegd, waar moet Web Tales dat nu van betalen?

“We moeten dit toch samen oplossen Petra, en ik heb wel een idee. Die pa van jou, die wil toch ook dat jij een grote ster wordt aan het grote filmfirmament, niet?”
“Ja … jaha …!”, snikt Petra.
“Misschien moet je eens met hem praten. Dan laten we het voor vandaag rusten en kijken we morgen of we weer wat meer budget hebben. Dan kan ik een fantastische laatste wending geven aan ons verhaal. Ik weet inmiddels welk antwoord van der Stokke nog nodig heeft. Maar de centjes, de centjes hè, die zijn langzaam op. Ik voorzie nog een belangrijke rol voor jou weggelegd. En eens even kijken, ik heb volgens onze woordenteller, nog ruimte voor pakweg zevenhonderdvijftig woorden. Dat moet toch lukken. Spreek jij even met je pa en alles komt goed. Hij heeft vast nog wat centjes over. Ik verzeker het je.”

De crew wordt weer bij elkaar geroepen. Dat kost nogal wat moeite. Ze zijn allemaal blijven hangen in het filmcafé Fliffy. Daar heeft de complete crew zich even toegelegd op de laatste games. Dat geeft ontspanning. Eerlijk gezegd hadden ze verwacht dat het wel wat langer zou duren. Iedereen weet hoe moeilijk Woody het heeft met ontknoping en eindtakes. Zeker nu hij een oogje heeft laten vallen op zijn febbeke Petra. Ze hebben al gewed hoelang hij haar nog in huis weet te houden. De ervaren crew kent elkaar en pappenheimer Woody. En de teller! Die staat op 12.230 woorden! Er is nog ruimte binnen het woordenbudget. Gelukkig maar.


Van der Stokke wacht op antwoord (16) - J.A. XXer
Van der Stokke wacht op antwoord (17) - Runner
Van der Stokke wacht op antwoord (18) - Silk


Van der Stokke wacht op antwoord (19)

Julius van der Stokke ligt amper een half uur in bed als de telefoon gaat. Op de display van de telefoon die naast hem op het nachtkastje ligt verschijnen groene letters: Akkefiet. Vervolgens kijkt Julius op de wekker. Half elf, zo laat nog? Wil hij de telefoon wel opnemen? Maar de nieuwsgierigheid wint het van zijn moeheid. De afgelopen uren, dagen, weken zijn behoorlijk uitputtend en belastend geweest, maar vooruit, dokter Akkefiet belt niet voor niets. Hij neemt op.
“Julius, hoe gaat het jongen?” Klinkt het meteen aan de andere kant van de lijn.
“Goed Carl-Sigmund, eigenlijk best wel goed, maar ik sliep bijna, eindelijk!”
“Ha, ha, daar kan ik inkomen, beste jongen, behoorlijk wat meegemaakt de afgelopen tijd, nietwaar. Ik begrijp dat je tegelijkertijd in een filmscenario en wildwestverhaal hebt gebivakkeerd, en dat in jouw toestand. Niet niks.”
“Kom ter zake Akkefiet, ik wil echt slapen nu!”
“Zojuist had ik inspecteur Derk Kojak Colombo aan de lijn Julius met een verontrustende mededeling.”
“Derk Kojak wie …?”
“Kom op Julius, we gaan nu geen geintjes uithalen, wil je? Je kent het verhaal toch wel van Carlos? Derk Kojak is al jaren naar hem op zoek geweest en heeft hem eindelijk gevonden in de coulissen van Cafe Epistel. Zuup heeft hem nog gebeld daarover, maar ook verteld dat jij er meer van wist. Hij wil nu weten of ie jou kan bevragen daarover. Hij was wel zo wijs om mij daarover eerst te consulteren. Je bent toch een periode behoorlijk out de running geweest Juul.”
Aan de telefoon blijft het even stil. Julius heeft even tijd nodig om bij zinnen te komen. Dit is geen complot, dat mag duidelijk zijn. En Derk Kojak heeft hem nodig nu. Hij die altijd zwaar is genegeerd door het volledige politiecorps. Hij die nu de helpende hand moet bieden. Wil Julius dat wel?
“Wat vind jij ervan Carl-Sigmund, moet ik dit wel willen, moet ik dit wel doen?”
“Eerlijk antwoord, Juul?”
“Graag!”
“Op therapeutische basis, zou ik dat zeker aanbevelen Juul. Kan jij je nog de zweeftoestand herinneren van twee maanden geleden? En de korte inzinking een paar dagen terug? Die houden verband jongen. Dat moet je verder onderzoeken. En nu is de ultieme kans. Je komt nu rechtstreeks in contact met Derk Kojak en zijn politiecorps. Ik zeg: spijkers met koppen slaan jongen. Bovendien heb je ook nog wat te stellen met Carlos, niet?”
“Verrek, Akkefiet, je hebt helemaal gelijk. Daar had ik nog niet aan gedacht. Aan Carlos ben ik zeker schatplichtig. Eigenlijk, eigenlijk zou ik hem eerder willen spreken dan Derk Kojak. Maar dat is haast onmogelijk.”
“Niets is onmogelijk Juul. Ik heb zo mijn connecties in Blok 12 van gevangenis het Hemelpoortje. Ik heb begrepen dat Carlos daar is ondergebracht. Wil ik een ontmoeting organiseren? Derk Kojak kan ik nog wel even aan het lijntje houden. Ik verschuil me achter mijn geheimhoudingsplicht en leg hem uit dat je nog even tijd nodig hebt om bij te komen.”
“Tof Akkefiet. Mag ik je nog wat vragen, nu ik je toch aan de lijn heb? Hoe gaat het met Zuup? Ik heb hem zo tekort gedaan de afgelopen weken. Hij wist niet wat hij over zich heen haalde met zijn toezegging aan Woody voor gebruikmaking van Café Epistel als filmlocatie. Zeker niet met de recentste ontwikkelingen. Nooit gedacht dat Carlos zijn gezicht zou durven laten zien.”
“Met Zuup komt het goed. Bartenders krijgen veel te verduren, maar Zuup kan veel hebben. Ik moest je sowieso de groeten doen van hem. En een ding Juul. De drie-eenheid die wij samen hebben kan niemand verbreken. Don’t forget that! Doeg, houd je goed, ik neem nog contact op. Ga nu even bellen met Derk Kojak.

“Met Derk Kojak Colombo, wie belt me hier middenin de nacht?”
“Hallo, met Carl-Sigmund Akkefietje, ik heb zojuist een lang telefoongesprek gehad met Julius van der Stokke …”


Van der Stokke wacht op antwoord (20) - J.A. XXer
Van der Stokke wacht op antwoord (21) - Mixmaus (In de Spotlight op Web Tales)
Van der Stokke wacht op antwoord (22) - Runner
Van der Stokke wacht op antwoord (23) - Astra


Van der Stokke wacht op antwoord (24)

Van schrik valt iedereen aan de lange vergadertafel van zijn stoel. Behalve de notaris. De stoffige lange Brillemans beleeft zijn hoogtepunt. Dit is zijn momentum, hij richt zich op en trekt heel langzaam aan de hand. Een handreiking van Els, een verrijzing. Uit het testament stijgt nu ook rook omhoog. Iedereen moet kuchen. Wat een stank. Heel langzaam verrijst een spookachtige gedaante in de nevel. Het is Els, Els Benevelo Rossini Luisignol Rodenrijs. Het effect is groot, maar duurt slechts heel even.

“Cut, cut, cut! Nee, nee, nee, weer niet goed. Waar is de effectenman? Verdomme. Ik heb nog zo gezegd geen Harry Potter-taferelen! Pauze, opgesodemieterd allemaal. Ga maar naar Fliffy. Over een uur gaan we weer verder. Sjors en Jimmy, Petra en Sjaak en de effectenman, hoe heet ie nou ook alweer? Frits, nu weet ik het weer. Jullie blijven even hier voor de nabespreking."

De rest druipt af. Alweer een draaidag met veel troubles. Woody is langzaam aan zijn eind. Hij weet dat het geld dat hij gekregen heeft van Koeievoeten uiteindelijk toereikend moet zijn om de film tot een bevredigend einde te brengen. Maar dan moeten de effecten wel beter tot zijn recht komen. Frits van Nevel wordt op het matje geroepen.

“Kijk Frits, ik wil dat Sjors en Jimmy beter uitgelicht worden. Zij spelen de hoofdrol in deze scène. Dat wil ik dan ook zien."
“Wie is Sjors ook alweer?"
“De dokter oen, Carl-Sigmund Akkefietje, en nou niet meer vergeten!”
“En Jimmy?”
“Julius van der Stokke!!! Hoe vaak moet ik dat nog zeggen. Lezen jullie je draaiboek niet goed of zo?”
“Ja, maar ik doe de belichting helemaal niet, dat doet toch Peer Dark?
“Da’s waar. Da’s waar. Maar de nevel gaat ook niet helemaal goed van Nevel! Ik wil niet dat die zo snel verdwijnt. Suzanne moet echt langer in die mist blijven. Los het alsjeblieft op.”

Frits vertrekt en haalt Peer erbij. Die krijgt een klaagzang naar zijn oren gegooid waar de honden geen brood van lusten. Zal Woody het einde van deze vermoeiende draaidag wel halen?
Sjors en Jimmy kijken elkaar ongerust aan. Zij hebben wel wat beters te doen dan tig keer dezelfde scene repeteren. Het is bijna weekend en dan gaan ze los. Samen. Ze spelen niet alleen de hoofdrollen in deze bizarre film maar ook een hoofdrol in elkaars leven. Sinds kort. Niemand die het weten mag. En zeker Woody niet.

“Sjors, roep jij even de filmcrew terug. We gaan weer beginnen!”

De filmcrew is kompleet en iedereen neemt plaats aan de vergadertafel. De laatste take van vandaag moet een voltreffer worden. Woody besluit om wel eerst nog een keer de dialogen droog te oefenen. Hij heeft geen zin om weer veel geld kwijt te raken aan de speciale effecten.

“Suzanne, it’s up to you! Begin maar met je tekst vanaf de onthulling in de nevel.”

“Beste mensen, hier ben ik dan. Els Benevelo Rossini Luisignol Rodenrijs, in vol ornaat. Zo te zien maak ik jullie aan het schrikken. Niets is minder waar. Zo’n schrik als mij is aangedaan, daarvoor wil ik jullie behoeden. Uit de dood herrezen inderdaad, voor even, want ik wil zo snel mogelijk weer ter rusten gaan, het bevalt mij uitstekend in het onderaardse. Jullie in het bovenaardse hebben nog een lange weg te gaan. Ik benijd jullie niet. Eentje mag zo meteen gelijk met mij mee vertrekken, een echte bofferd. Dat is dan ook meteen mijn geheim. Ja, het geheim waarnaar jullie hunkeren. Alleen beseffen jullie nog niet de volle breedte van de uitwerking van dit bijzondere geheim. Brillemans hier naast me, wilde eigenlijk mijn testament aan jullie voorlezen en toelichten. Maar ik heb besloten om het toch zelf te doen. Zijn er tot op heden vragen?”

Sjaak en Petra steken tegelijkertijd hun handen op. Broer en zus Henk en Sarah hebben wel enkele vragen. Zo staat ook in het script. Sjaak begint, als jongste heeft hij altijd zijn mond al moeten houden. Nu durft hij eigenlijk. Na al het tumult.

“Mams, lieve mams, ben jij het echt? Ik ben zo blij je weer te zien, maar kan me jou amper herinneren. Ik geloof het bijna niet. Heb jij een bewijs?”

Petra vult aan.
“Ja mams, ook ik wil een bewijs. Ik kan mijn ogen haast niet geloven.”

Suzanne legt een medaillon op tafel en neemt het woord.
“Kijk Henk en Sarah, herkennen jullie niet dit medaillon, dit mooie crucifix, kijk eens goed naar het smaragd middenin het kruis. Komt het jullie bekend voor?”

Klaartje neemt het woord. Met haar blonde haren lijkt ze als twee druppels water op de Maagd Maria.
“Maar zussie, lieve zussie, dat is hetzelfde medaillon als ik heb. Dan is het dus waar. Jij bent mijn zussie. Mijn lieve zussie.”

Woody is tevreden.
“Oké, jongens tot hier en niet verder. Prima zo. De intonatie en gelaatsuitdrukkingen zijn uitstekend. De timing is ook perfect. We gaan de scène nu definitief opnemen met alle speciale effecten. Morgen gaan we dan verder met de verdere lezing van het testament. Genoeg dus voor vandaag.”


Van der Stokke wacht op antwoord (25) - J.A. XXer
Van der Stokke wacht op antwoord (26) - Mixmaus
Van der Stokke wacht op antwoord (27) - Runner (In de Spotlight op Web Tales)
Van der Stokke wacht op antwoord (28) - Astra (In de Spotlight op Web Tales)


Van der Stokke wacht op antwoord (29)

Woody en Charles Koeievoeten plegen even overleg. Het gedoe met de drones gaat klauwen geld kosten. Maar het is nu eenmaal Charles’ stokpaardje. Woody besluit dan ook zijn keutel in te houden en gooit het over een andere boeg. Het script begint nu wel heel dicht zijn einde te naderen. Dat betekent dat er nu een duidelijke keuze gemaakt moet worden om al dan niet van filmlocatie te veranderen. Een groot probleem vormen echter de vliegrechten van drones in Lapland. Het verhaal een schop geven richting Amsterdam is dan ook weer zo goedkoop. Charles denkt na en komt al snel met een besluit. Ze besluiten door te gaan op de zojuist ingeslagen koers. Ze naderen sowieso het eind en er is voldoende budget beschikbaar. Zelfs voor speciale effecten.
Charles geeft uiteindelijke zijn fiat en voegt nog een wijze raadgeving toe. De eigen inbreng van de hoofdrolspelers bepaalt waar het verhaal naartoe gaat. Bij Lisa is sowieso al twijfel geconstateerd. Dus laten we daar de twijfel verder aanwakkeren. Het geeft alleen maar ruimte voor mooie plotwendingen. Maar een ding is en blijft leading. Petra blijft een belangrijke rol spelen. Dus eindigt het verhaal zoals is afgesproken met het succes van Sarah.
Gelukkig kan Woody zich hierin vinden. Met het blijde nieuws worden de opnames vervolgd. Na een korte briefing kan er weer gefilmd worden. Iedereen kan helemaal los gaan. Een unicum op een filmset. Woody belooft alleen nog maar bij te sturen daar waar nodig. Dialogen worden ook niet meer droog geoefend. Voortaan wordt er rechtstreeks opgenomen. In latere montage aan het einde van de draaidag kan altijd nog geknipt.

Take 301017 Aan huis bij Severinus

Notaris Brillemans haast zich naar zijn huis in de Donkere Kastanjelaan. Carlos en Derk-Kojak zijn er al. Ze wachten hem voor de deur op.
“Severinus Zeperd, ben je daar nu eindelijk?” roept Derk-Kojak keihard door de straat.
“Sstt … oelewapper niet zo hard, niemand, maar dan ook niemand mag weten dat ik Severinus Zeperd ben.”
“Sorry, maat, even vergeten. Het ging zojuist toch allemaal goed nietwaar?”
Carlos houdt zich gedeisd en met z’n drieën stappen ze het huis van Severinus binnen. Ze zijn wel toe aan een kopje koffie. De mannen scharen zich aan een kleine ronde tafel die midden in de woonkamer staat. Boven de tafel hangt een klein gloeilampje aan een stoffen zwarte draad. De bekabeling laat duidelijk te wensen over. Dat is wat Carlos onmiddellijk opvalt. Carlos heeft ervaring met bedrading op allerlei gebied. Dat strekt van ervaring van bekabeling van drones tot het betere bommenwerk. Dat kan nu wel eens goed van pas komen. Severinus zet intussen koffie. Vanuit de keuken roept hij de twee mannen toe.
“Carlos of Derk, kijk eens even in de bovenste lade van de kast rechts naast de deur. Daar zit een grote kaart in van Lapland. Die hebben we nu nodig.”
Derk die het nieuwsgierigst is trekt de lade open en haalt er een geplastificeerde kaart van Lapland uit. Op de kaart staan vijf plaatsen met rood omcirkelt. Een plaats zelfs dubbel. Meteen gaat een belletje rinkelen. Aandachtig bestuderen de beide mannen de kaart, in het bijzonder de plaatsen die omcirkeld zijn. Jokkmokk, Kiruna, Lulea, Boden en Kalix. Jokkmokk is dubbel omcirkeld.
“Ah, jullie hebben de kaart gevonden. Zoals jullie zien liggen de omcirkelde plaatsen allemaal in een omtrek van nog geen honderd kilometer van elkaar. In Jokkmokk ligt de koffer zonder geld begraven. Vandaar de dubbele cirkel. “
Triomfantelijk kijkt Severinus de twee mannen een voor een aan. Die begrijpen er helemaal niets van. Hoe is Severinus in hemelsnaam aan deze informatie gekomen? Het is strikt geheim. Dat is ook te zien aan de stempel die in de hoek van de kaart staat. Top secret.
“Severinus, je weet toch wel dat deze informatie geheim is?” legt Derk-Kojak voor.
“Komop Derk, niet zo schijnheilig. Jij wist net zo goed als ik van de complotten. We zijn niet de enige die samenwerken en informatie op een speciale manier kunnen achterhalen. Als we partij willen bieden tegen Lisa en consorten, dan moet je van goede huize komen vriend en ik ga niet vertellen hoe ik aan deze informatie kom!”
Derk-Kojak zwijgt en Carlos neemt het woord.
“Kijk jongens, binnen nu en vierentwintig uur is er bij iedereen het besef hoe de steel mogelijk in de vork steekt. Onze tegenstanders zijn niet dom. Ze weten dat mijn verhaal niet klopt. Maar niet iedereen heeft dezelfde informatie. Laten we er ons voordeel mee doen. Los nog van het feit hoe we aan de informatie gekomen zijn. Twee drones zijn in ieder geval al neergestort. De filmcrew heeft dus minder tweetallen om in het vizier te houden. Bovendien zijn ze de verbinding met onze drone kwijt. Dat moest ook wel want anders hadden ze nu al geweten dat Severinus bij ons hoort.”
Sverinus knikt en neemt het woord weer over.
“Kijk mannen, het is heel simpel. De kaartjes, het vervoer en de logies zijn al geregeld. Het is nu alleen zaak dat we er eerder zijn dan de rest. Dus drink je koffie op en bamos.”

Take 301017 De overval op Julius en Carl-Sigmund

Julius en Carl-Sigmund vallen elkaar in de armen. Het motorzijspan met Lisa en Zuup scheurt keihard door de straat en verdwijnt aan de horizon. Kort door de bocht, onder ons gezegd, zo hard als Max Verstappen in een Red Bull. Een klein moment van onoplettendheid heeft ervoor gezorgd dat Lisa de envelop uit de handen heeft gerist van Julius. Die baalt vreselijk.
“Non de ju. Daar gaat onze potentiële goudmijn. Heb ik eindelijk een beetje geluk en hoef ik me mogelijk geen zorgen meer te maken om inkomen als broodschrijver, plukt die verdomde Lisa zomaar het geluk uit mijn handen. “
Carl-Sigmund schrikt van de reactie van Julius. Zo heeft hij zijn vriend al lang niet meer gezien. Zo verbolgen. Hij weet wat er gaat komen en besluit meteen actie te ondernemen. De enige juiste actie. Dokters zijn ook maar mensen. Een hulplijn heeft hij nodig, voor Julius. Nu, onmiddellijk. Niet langer wachten. Carl grijpt in een van de kleine zakjes van zijn vestje en haalt er een telefoon uit. Dit is een noodgeval, absoluut. Hij scrollt naar de ‘R’ in zijn contactenlijst. Ah, daar is ie. Lang niet meer gebeld. Rossi. Dokter Rossi. De telefoon gaat over.


Van der Stokke wacht op antwoord (30) - J.A. XXer
Van der Stokke wacht op antwoord (31) - Mixmaus
Van der Stokke wacht op antwoord (32) - Astra


Van der Stokke wacht op antwoord (33) (In de Spotlight op Web tales)

Rudolf, het roodgeneusde rendier huppelt vrolijk verder op weg naar de Lappesuando Lodge. Nog even en hij is bij zijn last post. Hier zal straks het plot van 'Van der Stokke wacht op antwoord' zich openbaren. Hij hoeft ook niet echt langer incognito te zijn. Wat heet incognito? Rudolf vindt het veel te leuk om zichzelf te verkleden. Hij is niet voor niets acteur. Van het moment dat Woody de acteurs de vrijheid heeft gegeven om zelf te komen met plotwendingen weet Tony Truffatori genoeg. Hij ruikt zijn kans. Al snel transformeert ie van Rudolf in Dominique Kroes. De rol van commissaris ligt Tony veel en veel beter. Hij hoeft nu slechts te wachten in Lappesuanda Lodge tot iedereen voorbijkomt. Net als notaris Severinus Zeperd, Carlos Antonius Benevelo Rossini en Derk-Kojak Colombo (RIP) is hij gekend in het plot en weet hij dat ieder team uiteindelijk via de ontdekkingen in de koffer bij de lodge zal arriveren. Van hem mag het gerust een eeuwigheid duren. Loopt ie lekker binnen. Het zal producent Charles Koeievoeten worst wezen, zijn budget is onuitputtelijk, zeker waar het zijn dochter Petra aangaat.

Over Petra gesproken, waar zit dat mooie fotomodelletje Sarah nu precies? Rijdt ze niet rond in een Renaultje Clio samen met haar broertje Henk? Jazeker. En ze rijden stevig door. Ze hebben er ook goede aard aan en zingen vrolijk liedjes met elkaar. “En dat we toffe jongens zijn, dat willen we weten!” De lange rit naar Lapland nemen ze de tijd voor elkaar. Ze hebben genoeg te vertellen. Met recht zijn ze het gelukkigste team binnen de wedstrijd.

Met Julius en Carl-Sigmund gaat het een stuk slechter. Na de aanrijding met Lisa en Zuup Lotharius is dokter Rossi gebeld. Na een drie uur durend consult, naar het schijnt is de dokter naast ijdeltuit ook een ongelofelijke gelddigger, heeft ibuprofen Julius weer op de been geholpen. Zonder envelop lijkt hun rol uitgespeeld in filmverhaal ‘Van der Stokke wacht op antwoord’, maar niets is minder waar. Onder zijn jas haalt Julius een kleine glazen bol tevoorschijn. Carl kijkt Julius bedenkelijk aan. “Die ga je nu toch niet inzetten Julius, wat hebben we nu afgesproken?” Julius begint te stotteren. “Ma … ma … ma … rrr … rrr … maaaaaa … maarrrr … maar … d … d … d … d … de … de … de … di … di … ! “ Ongeduldig breekt Carl Julius af. “Nee Julius, dit is geen noodgeval!” “Wellus!” Julius krijgt plots de geest. “Ik ga kijken, nu!”

De volgende vraag dringt zich nu aan de lezer op. Als Julius in het bezit is van een glazen bol, dan kan ie toch makkelijk alle antwoorden vinden? Klopt lezer. Maar dat gaan we hier dus niet doen. Geduld. Laat u verrassen.

“Kijk, kijk, ik zie het al. Hier kijk, zei je die rode Scania daar?” Carl gluurt in de bol maar ziet niets. Een bekend fenomeen. De glazen bol is slechts zichtbaar voor diegene die erin gelooft. Aangezien Carl een wetenschapper is van het eerste uur, houdt hij zichzelf blind. Jammer dan. “Ik zie niks Juul!”
“Wauw, het is een Scania Red Bull Max 33. En kijk, kijk daar, zie je dat mannetje niet springen van blijdschap? Daar bij die koffer. Geld Carl. Hij heeft geld in zijn handen, veel geld. “ Carl kijkt Juul nu wat verwonderlijk aan. Zoveel energie die in een keer loskomt. Een goed teken. “Ik zal even inzoomen Carl, let op. Zie je nu wel. Kijk eens naar dat briefje in de koffer, ja daar tegen de wand geplakt!” Verrek, nu ziet Carl het ook. Zijn wil om te zien heeft hem zijn wetenschappelijke principes even doen vergeten. “Je hebt gelijk Juul, wat staat er nu precies, ik kan het niet goed lezen.” Julius leest hardop voor. “De vinder van deze koffer vindt behalve geld, veel geld, vijf miljoen om precies te zijn, ook nog antwoorden. Heel veel antwoorden. Vijf miljoen om precies te zijn.”
Een vreemd briefje concluderen beiden heren. Heel erg cryptisch. Ze piekeren zich even suf.
"We moeten er naartoe Carl. Nu onmiddellijk. Geen tijd te verliezen. Ik track wel even via de glazen bol de juiste coördinaten. En ja, we hebben mazzel. Ik ben namelijk ook in het bezit van de transportmodule van mijn glazen bol. Houd je vast. Want zodra ik de coördinaten weet te tracken wordt het transport geactiveerd en transporteren we automatisch."
Carl houdt Julius stevig vast en Julius activeert de trackcoördinator. In een oogopslag zien ze de coördinaten verschijnselen. 66° 36′ NB, 19° 50′ OL. En weg zijn ze. Met een plof landen ze in een weiland. Een stukje verder zien ze een brug liggen, de Kalixälven brug.


Van der Stokke wacht op antwoord (34) - J.A. XXer
Van der Stokke wacht op antwoord (35) - Mixmaus
Van der Stokke wacht op antwoord (36) - Breinpijn
Van der Stokke wacht op antwoord (37) - Astra


Van der Stokke wacht op antwoord (38)

Woody en Charles hangen nu boven het Noorse landschap. Ze hebben wel trek in een tripje ‘ins Blaue hinein’. Al dat gedoe op de filmset steeg de beide heren even naar het hoofd. Het was een goed plan geweest van Charles om even de kop leeg te gooien. Alles liep redelijk in kannen en kruiken, totdat de drones moeilijk gingen doen en maar geen lucht kregen van de teams. Het zij zo. De oude helikopter van de Duitse luchtmacht komt nu goed van pas. Ongelofelijk dat Charles in een hangar in het Zweedse Noorden een helikopter gestald heeft staan. Woody kan er haast niet bij.

Vanuit Amsterdam is de hele crew kortgeleden naar vliegveld Kiruna gevlogen en heeft zich daar geïnstalleerd in het kleine stadje Kalix. Al snel vatten de mannen post bij het dichtstbijzijnde café bij de filmlocatie. Ze bombarderen het gelijk tot Fliffy 2.0. Fliffy omdat het warme herinneringen teweeg brengt en 2.0 omdat het werkelijk waar een Zweeds café is met alle hightech multimedia snufjes die maar mogelijk zijn. Die Zweden zijn echt wel bij. Zelfs G5 hebben ze al. Top.
De crew is blij met de mededeling dat het script mogelijk wat aangepast gaat worden de komende dagen omdat een van de hoofdrolspelers plotseling ernstig ziek is geworden. Zo ziek dat ie zelfs in coma ligt. De rol van Julius zal daarmee een andere dimensie, een andere invulling krijgen. Woody en Charles zijn er nu over in beraad. Onder het mom van een pleziertochtje. Leer de crew hun bazen kennen. Ze weten wel beter.

Intussen bibberen Sarah en Henk steeds meer. Ze zoeken elkaars gezelschap in de hoop dat de helikopter die boven hen zweeft niet zal landen. Er is daarvoor nochtans plek genoeg. De fjorden kennen ongekende leegtes hoog op hun ruggen. Dat is niet het punt.
“Eigenlijk ben jij best wel een leuke vrouw Sarah, weet je dat wel?”
Sarah kijkt Henk verbaast aan. Dat haar broer dat nu juist op dit moment moet zeggen. Mannen en timing, het gaat niet samen.
“Dank je Henk, lief dat je dat zegt, maar er hangt ons op dit moment iets boven het hoofd waarvan ik de reden mogelijk niet wil weten.” Henk draait zich naar Sarah toe en legt een hand om haar schouder.
“Dat weet ik lieverd, zullen we elkaar dan niet beter vasthouden?”
Sarah trekt de arm van Henk van haar schouder en schreeuwt het uit.
“Ze landen, ze landen, kijk, daar!”
En ja hoor, de helikopter landt.

Woody en Charles stappen uit de helikopter. Ze hebben Sarah en Henk in hun Clio allang gespot. Ze zijn de Sjaak. Nu heet Henk natuurlijk al eigenlijk Sjaak, maar dat is niet grappig bedoeld. Maar dat terzijde. Ze lopen lachend op Henk en Sarah af.
“Wat doen jullie hier in Noorwegen, als ik vragen mag?”, begint Woody.
“De … de … de … het … het … het … is een idee … van … van … ons …”
Sarah kan het stotteren van Henk niet langer aanhoren.
“... van ons beiden ja, een idee om te capituleren. We vinden deze maffe soap eigenlijk helemaal niets. We worden amper op de hoogte gesteld van wat komen gaat en het script floepert alle kanten op. En jij, godverdomme pa, jij had me een hoofdrol toegezegd. Nou mooi niet. En nu kom je zeker vragen of ik erin wil springen he, jou uit de nood wil helpen nu Jimmy in coma ligt? Nou mooi niet hoor. Bekijk het maar.”
Woody kijkt Charles argwanend aan, benieuwd naar diens reactie. Wat maakt die kleine druktemaker van een Petra zich nu druk om.
Charles begint keihard te lachen.
“Maar liefje, dat is helemaal niet ons plan. Wij zaten hierboven samen wat te cocoonen in mijn heli om tot oplossingen te komen en toen zagen we die Renault Clio, die ik natuurlijk uit duizenden herken. Jouw favoriete rode wagentje, Petra. Ik zeg landen. En dat deed ik ook. Maar … maar … lieverd … je brengt me haast op een idee. Ik denk dat ik je moet gaan koppelen aan Lisa. Dat is de enige manier om dit verhaal nog een beetje vlot te trekken. Wat vindt je daarvan? Dat is toch echt wel een hoofdrol. Lisa komt het sterkste uit het verhaal en dan kun jij prima tegengas bieden.”