Oratoriums vliegen in de maand december weer om onze oren. De ene nog indrukwekkender, oorontwekkender dan de ander. In januari zijn ze weer verdwenen. Van de bühne en van het theater. Ambachtelijke fanfares. Schuif de loftrompet maar vast uit. Vele kindekes worden er geboren. De geboorte van kleine kunstwerkjes. Met inspirator Johann Sebastian am Bach.
Am Bach heeft Johann Sebastian immers vaak vertoeft. En dan met name de Flödderbach die afwatert op de Hörsel in Eisenach (Thüringen). De Hörsel die de mooie Duitse stad queert en onderlangs de Wartburg loopt.
Wie kent de Wartburg nicht? Dit kasteel kent een rijke historie. Daar smeedde nog ooit Maarten Luther zijn humanistisch protestants manifest samen met zijn vakbroeders de reformatoren Huldrich Zwingli en Johannes Calvijn. Maar dat terzijde. Hoewel, schreef Bach niet ooit een paar prachtige reformatoriums opgedragen aan Maarten?
Maar was dat aan Maarten Luther of aan Sint Maarten? De historici twijfelen daar nog over. Sint Maarten, met daaraan verbonden het lichtjesfeest van 11 november. Althans in West-Europa in de vroege Middeleeuwen. Een heidens feest of toch christelijk van oorsprong?
Enfin, hoe dan ook, beiden heren gingen vooraan in de stoet. Een gemene deler zogezegd. De ene symbolisch stralend in licht en vruchtbaarheid als saint, Sint Maarten, en de ander als de grondlegger van diversiteit in geloofsuiting. Ambachtelijke fanfare. Want zeg nu eens eerlijk, wie gelooft nou wie? Allemaal een lieve heer uiteindelijk. So what. Life and let life zeg ik dan.
Intussen zit ik in de wachtrij. Nummertje 1025 heb ik. Dan ben ik online pas aan de beurt om kaartjes te bestellen voor het befaamde Weihnachtsoratorium van Bach am Flödderbach te Eisenach. Dit jaar een jubileumuitgave die voor de gelegenheid ter plekke am Bach uitgevoerd zal worden. Er is een gigantisch podium gebouwd in de stad, grenzend aan zowel de Flödderbach als de rivier de Hörsel, met prachtig uitzicht op de Wartburg. Nog effe warten dan maar en duimen, dat het me lukt.
Posts tonen met het label ambacht. Alle posts tonen
Posts tonen met het label ambacht. Alle posts tonen
14-11-2017
02-06-2016
Stilleven (13): Borduurwerk
Borduurwerken ik heb er grote bewondering voor. Altijd al gehad. Het zigeunerinnetje, het melkmeisje, het jongetje met de traan, n'importe quoi. Noeste arbeid borduurwerk. Het ligt ook in de naam opgesloten. Bord uur werk. Eigenlijk zou het bordurenwerk moeten heten, uren werken op een bord. Met een beetje visueel vermogen, is van iedere ondergrond een bord te maken, beeldend beeldig werk. Grote kunst. Uren en uren bezig zijn met het vullen en rijgen van puntjes, lijntjes en vlakjes. Geduld op de proef gesteld. Behalve bij mensen die alle tijd hebben. Hoewel? Zelfs tijd biedt geen garantie voor geduld. Je kunt ook heel lang ongeduldig zijn. Dan is borduurwerk niet aan je besteed. Het is ook heel aards, borduren. Ik heb nog nooit zwevende borduurders gezien. Zelfs niet als deze de draad lang doorhalen. Meestal gebeurt het borduren zittend. Borduurders maken veel zituren, geen vlieguren, want dan gaat het mis.
Goede ogen, dunne vingers, geduld, zit- en uithoudingsvermogen, vasthoudendheid, doorzettingsvermogen, vlijt, het zijn lichaamsdelen en competenties waarover succesvolle borduurders moeten bezitten. Succesvol? Ja, succesvol, zeker indien er prestaties verwacht worden. In de meeste gevallen is dat zo. ‘Ik borduur nog tot vanavond en dan ga ik naar bed’, of ‘Ik borduur het blauw nog af’, zijn veel gebezigde termen die tijdens borduursessies te horen zijn. Het is en blijft een ambacht dat vasthoudendheid en doorzettingsvermogen vraagt. Maar om het naar kunst te tillen, dat is een heel ander verhaal. Borduurkunst. De kunst zit hem in de omdraaiing, beter gezegd omkering. Letterlijk en figuurlijk. Ook al zo Zen, aarden en omkeren. Het vraagt veel van een borduurder. Het resultaat mag er uiteindelijk zijn. Zodra een borduursel zijn voltooiing vindt, de punten, lijnen en vakken op de juiste manier zijn ingekleurd, het ‘schilderij’ af is, alle stukjes van de puzzel in elkaar vallen, dan keert de rust terug in het lijf van de borduurder. Hij of zij komt dan in een kleine extase, te zien aan een brede glimlach rond de mond. Eindelijk mag de kurk van de fles. Lijstje eromheen of de vorm vullen met veertjes of dons, het lijstje inpakken in kleurrijk cadeaupapier, of ophangen aan de muur, of de vorm neerleggen op de bank of in de stoel. Grote voldoening sowieso.
En deze gave, die zo ogenschijnlijk eenvoudig nietig overkomt en resulteert in kleurrijke landschappen, stillevens, voorstellingen, portretten, die mag, die moet gezien worden. En niet alleen in de huiskamer. Het ambacht schreeuwt om erkenning en exposure. De exponenten van deze vorm van kunst mogen niet alleen maar toebedeeld en voorbehouden zijn aan familie, vrienden en vage kennissen. Niet verstopt op toiletten, slaapkamers en zolders, verdwijnen in containers, verpieteren bij kringloopwinkels. Nee, deze vorm van kunst die moet getoond aan iedereen, shinen aan museummuren, erkenning krijgen. Niets mooiers dan bloed, zweet en tranen, gevlochten met een draad. Alle draden tezamen vertellen verhalen, roddels over voor- en tegenspoed, over geluk, pijn, eenzaamheid en verdriet. De tijd van alle tijden geregen op een bord. Wat wil een mens nog meer?
Het zoeken kan beginnen.
‘Ja, doe die ook maar. Wat? Nee, doe ze maar allemaal. Inpakken? Hoeft niet. Doei!’
Tien jaar later heeft hij drie loodsen vol. Zijn werk kan beginnen. De grond ligt bezaaid met doek. Meer dan duizend werken. Gesorteerd op dradig alfabet, maakt hij keuzes in klank en kleur. De juiste toets de juiste toon het juiste palet. Alles komt bij elkaar. Van blijdschap rolt hij door zijn atelier. Hier gaat het om.
‘Draai ze nu eens allemaal om. Wauw, die abstractie, de vervaging, de expressie die impressie kust, de orde versus wanorde, geniaal. Kijk de stukken gaan allemaal iets met elkaar aan. De variaties op een thema. De aanpak. De discipline. Ieder borduursel vertelt zijn eigen verhaal. Aan de achterkant, geweldig! Niets meer aan doen. De achterkant van het gelijk! Jeder ist ein Künstler. De show kan beginnen.
Geschreven naar aanleiding van de Embroidery Show van Rob Scholte in Museum de Fundatie
Klik hier voor een link naar mijn blog op de website www.robscholtemuseum.nl.
Goede ogen, dunne vingers, geduld, zit- en uithoudingsvermogen, vasthoudendheid, doorzettingsvermogen, vlijt, het zijn lichaamsdelen en competenties waarover succesvolle borduurders moeten bezitten. Succesvol? Ja, succesvol, zeker indien er prestaties verwacht worden. In de meeste gevallen is dat zo. ‘Ik borduur nog tot vanavond en dan ga ik naar bed’, of ‘Ik borduur het blauw nog af’, zijn veel gebezigde termen die tijdens borduursessies te horen zijn. Het is en blijft een ambacht dat vasthoudendheid en doorzettingsvermogen vraagt. Maar om het naar kunst te tillen, dat is een heel ander verhaal. Borduurkunst. De kunst zit hem in de omdraaiing, beter gezegd omkering. Letterlijk en figuurlijk. Ook al zo Zen, aarden en omkeren. Het vraagt veel van een borduurder. Het resultaat mag er uiteindelijk zijn. Zodra een borduursel zijn voltooiing vindt, de punten, lijnen en vakken op de juiste manier zijn ingekleurd, het ‘schilderij’ af is, alle stukjes van de puzzel in elkaar vallen, dan keert de rust terug in het lijf van de borduurder. Hij of zij komt dan in een kleine extase, te zien aan een brede glimlach rond de mond. Eindelijk mag de kurk van de fles. Lijstje eromheen of de vorm vullen met veertjes of dons, het lijstje inpakken in kleurrijk cadeaupapier, of ophangen aan de muur, of de vorm neerleggen op de bank of in de stoel. Grote voldoening sowieso.
En deze gave, die zo ogenschijnlijk eenvoudig nietig overkomt en resulteert in kleurrijke landschappen, stillevens, voorstellingen, portretten, die mag, die moet gezien worden. En niet alleen in de huiskamer. Het ambacht schreeuwt om erkenning en exposure. De exponenten van deze vorm van kunst mogen niet alleen maar toebedeeld en voorbehouden zijn aan familie, vrienden en vage kennissen. Niet verstopt op toiletten, slaapkamers en zolders, verdwijnen in containers, verpieteren bij kringloopwinkels. Nee, deze vorm van kunst die moet getoond aan iedereen, shinen aan museummuren, erkenning krijgen. Niets mooiers dan bloed, zweet en tranen, gevlochten met een draad. Alle draden tezamen vertellen verhalen, roddels over voor- en tegenspoed, over geluk, pijn, eenzaamheid en verdriet. De tijd van alle tijden geregen op een bord. Wat wil een mens nog meer?
Het zoeken kan beginnen.
‘Ja, doe die ook maar. Wat? Nee, doe ze maar allemaal. Inpakken? Hoeft niet. Doei!’
Tien jaar later heeft hij drie loodsen vol. Zijn werk kan beginnen. De grond ligt bezaaid met doek. Meer dan duizend werken. Gesorteerd op dradig alfabet, maakt hij keuzes in klank en kleur. De juiste toets de juiste toon het juiste palet. Alles komt bij elkaar. Van blijdschap rolt hij door zijn atelier. Hier gaat het om.
‘Draai ze nu eens allemaal om. Wauw, die abstractie, de vervaging, de expressie die impressie kust, de orde versus wanorde, geniaal. Kijk de stukken gaan allemaal iets met elkaar aan. De variaties op een thema. De aanpak. De discipline. Ieder borduursel vertelt zijn eigen verhaal. Aan de achterkant, geweldig! Niets meer aan doen. De achterkant van het gelijk! Jeder ist ein Künstler. De show kan beginnen.
Geschreven naar aanleiding van de Embroidery Show van Rob Scholte in Museum de Fundatie
Klik hier voor een link naar mijn blog op de website www.robscholtemuseum.nl.
Abonneren op:
Posts (Atom)