Posts tonen met het label shining. Alle posts tonen
Posts tonen met het label shining. Alle posts tonen

20-06-2016

Het laatste verhaal van Roald Dahl

De man ligt languit op het gras en probeert met zijn vingers heel voorzichtig een kuiltje te graven. Langs hem liggen kleine plukjes gras op een stapeltje. Bij gebrek aan succes besluit hij nu toch gereedschap in te zetten. Een klein, maar vlijmscherp nagelvijltje moet het werk doen. Aan de grimas op het gezicht is af te lezen dat de man tevreden is over de voortgang. De kuil wordt groter en groter. De grasplukjes naast hem groeien gestaag. In no time is er geen man meer te zien. Alleen de hakjes van zijn schoenen steken nog boven de rand van de kuil.

De man tast volledig in het duister. De aarde, aardedonker, wil ineens amper wijken maar geeft uiteindelijk toch toe aan de scherpe kartelrand van het nagelvijltje. Het vijltje vreet de aarde stuk en brengt de man daar waar deze denkt dat hij wil zijn. Ongeveer. Want het is veel en veel te donker. Was ie maar een mol. Die hebben een scherpe neus. Maar aan die gedachte kan de man zich amper troosten. Hij moet hoe dan ook volhouden. Nu heeft hij nog een voorsprong. De kinderen zullen weldra volgen. Die wil hij coute que coute voorblijven.

De kinderen vinden al snel het gat in het grasveld. Daarvoor hoeven ze alleen maar de papa-geur te volgen. Die is zo onmiskenbaar. De geur dan. Ongelofelijk hoe hun papa in zo’n korte tijd door kan dringen diep in moeder aarde. Ze hebben diep respect voor hun pa. Stuk voor stuk. Johnnie, Laura, Sjakie en Theadora. Bij het laatste kind, de tweede dochter, waren pa en ma zo in de war geraakt dat er nog een dochter kwam dat ze niet konden kiezen tussen Thea en Dora. Dus kozen ze voor een combi. Maar dat terzijde. De kinderen duiken snel het gat in en kruipen snel richting vader.

Ware het niet dat er plots een tweesprong volgt. Hoe is dat mogelijk? Pa kan zich toch onmogelijk splitsen. Tenzij? Tenzij wat? De kinderen kiezen links. Om na tien meter weer een tweesprong te vinden. Links geaard is pa, dus de keuze is niet zo moeilijk. Hetzelfde proces herhaalt zich nog vier keer. Zou pa zich ingraven in cirkelgedachten? Dat kan haast niet anders. En ja hoor. Daar zien ze de vertrouwde hakjes van pa. Edoch, alleen de hakjes. Waar is de rest van pa gebleven? Snel kruipen ze terug. Dit is zo’n actie die ze kennen uit ‘the Shining’. Pa’s favoriete film. Hij is helemaal bezeten van het eindshot van ‘frozen’ Jack. Het is nochtans niet echt koud. Geen sneeuw en ijs te bespeuren. Sowieso een zeldzaamheid in Timboektoe.

In de ‘reverse’ vinden de kinderen nog meer kledingstukken. De gedachte om pa in zijn nakie aan te treffen op de eindbestemming vinden de kinderen helemaal niets. Ze besluiten dan ook de rest van de tocht geblinddoekt op de tast te doen. Na pakweg twee dagen kruipen in pa’s labyrinth hebben ze beet. De koude voeten van pa voelen naar. Zo ook de rest van zijn lijf. Maar ze weten het zeker. Hier moeten ze naar boven. Dit is het einde. Het krioelt van de kleine beestjes, maar daar trekken de kinderen zich niets van aan. Langzaam kruipen ze omhoog en komen bijna bij het einde. Zover is pa niet gekomen. Het is Johnnie die zijn hoofd stoot tegen de deksel van een kist. Het voelt als eikenhout. Het is eikenhout. Met z’n allen duwen ze de deksel omhoog. De aarde schuift omlaag. En daar staan ze dan. Oog in oog met Roald Dahl. Gevangen in marmer. Er wordt nog net geen entree geheven. Bij de ingang verkopen ze zoete koekjes. Van chocola. De beloning voor de kinderen.

Inzending schrijfwedstrijd juni 2016 op ColumnX. Op basis van priming een verhaal schrijven. Oftewel associatief schrijven met de 'primer': Roald Dahl.

21-01-2016

Een lange vakantie

Het is lang geleden en ik koester er slechte herinneringen aan. Ik schat zo'n dertig jaar geleden. Mijn eerste wintersport. Ik zal het nooit niet meer vergeten. Fanatiek en jong als we waren. Mijn vrienden en ik. Gek gemaakt door al wat we mee zouden maken, kropen we in een veel te klein autootje richting München. In alles hadden we voorzien. Om de beurt rijden genoeg eten en drinken in de auto en lekker muziekje in het cassettedeck. Jetz geht's los!

Garmisch Partenkirchen daar moesten we heen. Het klonk als een aria van Wagner. Wir fahren nach Garmisch Partenkirchen. Nicht nach Lotz. Het kleine hotelletje waar we een week lang zouden bivakkeren lag in een prachtige omgeving, nabij de grote skischans, toch het hoogtepuntje van het dorp. De dennenbomen en lariksen hingen vol sneeuw en we hadden er alledrie zin in. De pistes en de sneeuw waren perfect en het zonnetje scheen. De biertjes smaakten uitstekend en thuis hadden we uiteraard al getraind op het eten van schnitzels. We waanden ons in een schnitzelparadijs. So far so good.

Iedere dag liepen we met onze ski's in de nek langs de skischans en het moet gezegd hij lonkte. De laatste dag van ons verblijf hield ik het niet meer. Ik zou en moest dat de ding verkennen. De jongens liepen al naar het hotel maar ik bleef hangen, in de 'Stube', en dronk mezelf wat moed in. Ik had al gezien dat het mogelijk was de skischans te betreden. Er was een groot gat geknipt in het hoge hek achter een zware lariks. Ik nam mijn kans waar. Maar hoe kwam ik nu op de schans? Wat een hoog ding is het eigenlijk. Het geluk was met mij. Een deur naar de noodtrap stond open.

Ik klom, met mijn skischoenen nog aan, de ijzeren wenteltrap op. Voorzichtig want hij was best glad. Er leek geen einde aan te komen en begon wat misselijk te worden. Na een eeuwigheid stapte ik op een klein platform langs de piste. Ik durfde niet naar beneden te kijken. Iets in mij vertelde dat ik dat beter nog even niet kon doen. Ik besloot mezelf te trakteren op het zicht dat die koene luchtridders hadden vanaf de start. Een beetje overmoedig wellicht, maar ik hield me voor, ik hoef niet omlaag te springen.

Voorzichtig kroop ik over de reling richting de balk die bedoeld was om vanaf te glijden, uiterst behoedzaam met de rug naar het dal en me stevig vasthoudend aan de balk. Ik haalde een keer diep adem en zwaaide mijn been omhoog zodat ik schrijlings op de balk kon zitten. Ik vroeg me even af hoe die schansspringers dat eigenlijk deden met hun lange ski's. Maar zo ging het ook. Ik schoof wat met mijn billen zodat ik stevig grip had en deed mijn ogen open. En toen gebeurde het.

Ik bevroor van angst. Voor me lag een hele lange witte baan waar geen einde aan leek te komen. Zo ook aan mijn hoogtevrees. Die nam onmetelijke proporties aan. Het zou mijn langste vakantie ooit worden, in vele opzichten. Lang van angst, lang van kou, lang van formaat. De volgende dag werd ik gevonden. Zwaar onderkoeld en ingesneeuwd, gelijk Jack Nicholson in The Shining, als een domme kip op een balk, met sneeuw in plaats van pek met veren. Het schijnt dat Bavaria mijn leven heeft gered.

Toelichting:
Geschreven naar aanleiding van een idee van Hella Kuipers
Zie ook: http://heldenreis.nl/schrijfveren
Schrijfveer: Een lange vakantie (21-01-2016)