De Winterspelen komen eraan. Ze worden gehouden in Pyeongchang in Zuid Korea. Noord Korea wil misschien ook meedoen. Dat noem ik nog eens finaal listig, oftewel vrij vertaald, finalistig. Nu kan het dus zomaar zijn dat we in februari een Noord-Koreaanse shorttracker uit de hoofdstad Pyongyang in Pyeongchang zien schitteren op een ijsbaan. Hoe ingewikkeld gaat dat zijn? Mogelijk strijden dan Kim Jan uit Pyongyang en Kim Jon uit Pyeongchang in Pyeongchang tegen elkaar op de 1500 meter. Hoe yang zal dat zijn? Of yin? Kan ook. Kunt u zich het commentaar al voorstellen, bij de volgende acties? Kim Jan haalt Kim Jon in de bocht in. Kim Jon gaat dan met Kim Jan de bocht uit, naast elkaar. En dan moeten ze ook nog eens van elkaar af blijven? Onmogelijk.
Mogelijk loopt ook nog eens Kim Jong-un op een raketplatform aan de grens de wedstrijd te beïnvloeden. Nee, dat gaat niet waar zijn. Daar heeft niemand short trek in. Laat staan Long. Die laatste is dan weer een geduchte kandidaat voor een gouden plak. Zeker op de lange afstand. Kim Long ja. Ik kan het ook niet helpen dat ze allemaal Kim met de voornaam heten. Maar Kim Long is de absolute favoriet op de 1500 meter shorttrack. Kim Long komt uit Hongkong. Gelukkig maar. Dat maakt het commentaar dan weer een stuk makkelijker.
Omdat de naam Kim me toch wel fascineert heb ik een klein onderzoek gedaan. Wat wil nu het geval? De Koreanen en Hongkongers, eigenlijk haast alle Aziaten, en dat zijn er veel, zijn dol op films. Met name films waarin lange dames met blond haar meedoen. En ja, dan kom je al snel uit bij Kim. Kim Basinger, wie kent haar niet? Qua leeftijd klopt het aardig. De twintigers van nu zouden de kinderen van Kim kunnen zijn. Oftewel, de ouders van de Kimmen hebben allemaal naar films met Kim Basinger gekeken. En ja, als je eenmaal naar Kim Basinger hebt gekeken, dan geef je zelfs je zonen de naam Kim. Zo simpel is het. En het bekt nog goed ook. De naam dan.
Ik ben dan ook zeer benieuwd welke Kim die ultieme shorttrackwedstrijd op de 1500 meter gaat winnen. Kim Jan, Kim Jon of Kim Long? Zolang Kim Sjinkie maar geen roet in het eten gooit. Want dan denkt Kim Jong-un vast 'bommen en granaten'. En dat willen we niet op 12 februari 2018. Zet die datum maar alvast in uw agenda. De grote clash tussen Zuid- en Noord-Korea vindt dan mogelijk plaats. Sportief laten we maar hopen. Sport zou moeten verbroederen, toch? Daar passen geen bommen en granaten bij. Zelfs niet die van Kapitein Haddock. Had Kim Jong-un toch nooit die Kuifjes gelezen. Dan zag de wereld er nu heel anders uit. Gelukkig is ook de president van Noord-Korea, Moon Jae-in, in to stripverhalen. En niet toevallig, ook nog eens van Kuifje. Zijn held is professor Zonnebloem. Maar of dat nu gaat helpen in deze warrige tijden van sport en oorlog? Wie zal het zeggen? Koreaans finalistig gaat het hoe dan ook worden. We hold our horses.
Posts tonen met het label olympische spelen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label olympische spelen. Alle posts tonen
02-01-2018
31-08-2016
120 Woorden Augustus 2016
120 Woorden (120W) is een website gerund door vrijwilligers waarop ik kleine stukjes van exact 120 woorden plaats. Meestal aan de hand van opgelegde themawoorden.
Motto 120 Woorden: Er wordt veel te veel geschreven en daardoor veel te weinig gelezen. Weg met de breedsprakigheid. 120 woorden is precies genoeg.
Branding (01-08-2016) (Themawoord: Rots)
Een klein gezinnetje staat op een grote rotsblok in de branding. Nou ja, groot. Ze kunnen er net met z’n viertjes op blijven staan. Ze houden elkaar stevig vast. Zo te zien waait er een koude wind, want ze kijken nogal koud uit de ogen. Hun haren wapperen ook in de wind. Ik krijg het er zelf haast koud van als ik er naar kijk.
Het lijkt wel of ze voor de gelegenheid gekleed zijn. Ze dragen allemaal witrood gestreepte badkleding. Man, vrouw, dochtertje, zoontje. De kinderen kleine schepjes. De man en vrouw, beiden een bijpassende hoed. Het is en blijft een vreemd tafereel.
“Freeze, freeze, freeze!” Hoor ik plots vanaf een grote zandheuvel. Daar staat een fotograaf. Nieuwe strandmode?
Rots Stewart (02-08-2016) (Themawoord: Rots)
Er zijn zo van die artiesten die je altijd bij blijven. Rots Stewart is er een van. Een stuk, een lekkere brok, a sexy thing. Strakke broek. Werkt altijd. Blonde manen en gezegend met geen stem. I don’t want to talk about it. Nee, dat zal!
En dan die sjaaltjes. Begrijp nu ook waarom ie altijd zo verkouden klonk. Met het hemd wijd open zingen in een land waar het altijd waait en regent, dat is erom vragen, toch?
Maar eerlijk is eerlijk, Rots was voor velen een rots in de branding. Bleu kon je op zijn hese keelgeluid de eerste keer de liefde bedrijven. Voor sommigen ook de laatste keer. The first cut is the deepest. Vergeet dat niet!
Grr...rotschildering (03-08-2016) (Themawoord: Rots)
Ik staar naar mijn blote voeten die een blauwe uitstraling hebben. Blauw en toch niet geaard. Ik voel me licht in mijn hoofd en weet diep van binnen dat er ergens lang muziek heeft gespeeld. Het laatste nummer kan ik me niet meer herinneren, hoe goed ik mijn best ook doe.
En dan… heel langzaam… dringt het besef tot me door. Daar waar ik ben. Op de wereld, maar ook tevens van. Het schiet me weer te binnen. Op Ibiza! Maar waar? De omgeving voelt koud aan en het is best donker. Blauwe voeten, hoe kom ik eraan? Langzaam verschijnt de omgeving aan mij. Ik ben in een grot. Van de muur druipt verf. Blauwe verf. Grrr… van een rotsschildering.
Rots en Billie (05-08-2016) (Themawoord: Rots)
Rots en Billie zijn vrienden. Al eeuwen lang. Vrienden voor het leven. En dansgek. Samen dansen ze wat af. Op cowboylaarzen gaan ze heen en weer. Keer op keer. Op alle podia langs de West- en Oostkust. Van Amerika? Nee, van alle landen met water. Rots en Billie zijn namelijk wereldberoemd. Rots wat eerder dan Billie. Hij is de oudste van de twee. Hij verdiende op jonge leeftijd al erkenning door van podia te duiken. Als een raket. Hij was de stagediver avant la lettre. Daarom noemde ze hem ook Rots. Een hard hoofd heeft ie namelijk. Stuiterde telkens weer terug het podium op. Billie kwam er pas veel later bij. Vrienden voor het leven, al eeuwen lang. En dansgek.
Neus op de kier (08-08-2016) (Themawoord: Kier)
Twee kleine gitzwarte oogjes kijken de kamer in. Is er nog wat lol te beleven? Zeker nu Thomas het pand verlaten heeft? Voor hoelang? Dat is maar de vraag. Een nachtraaf is het. Net als het dier dat achter de kleine pretoogjes schuilt.
Het is best een komisch gezicht. De oogjes lopen strak op en neer, alsof ze aan een touwtje zitten. Soms vlak onder de plint, horizontaal. En dan weer verticaal, tussen twee plinten door. Een potlood ruimte hebben ze slechts nodig. Om te ontsnappen.
Maar het lijkt of de duvel ermee speelt. De zwarte oogjes kunnen het gat niet meer vinden. Nieuwe plinten? Te veel kaas gegeten misschien? Of nee, wacht, het is zomer. De plinten zetten uit!
Skier onnodig (08-08-2016) (Themawoord: Kier)
Zoek dat maar eens op. Skier onnodig. Niet te vinden op een gangbare browser, see kuu zoekmachine. De taalgeleerden zijn het er edoch allen over eens. Skier is een bestaand woord. Met en zonder puntjes op de ‘e’.
Er staat gelukkig maar een ‘e’ in de titel anders was het wel erg lastig geworden. Maar dat terzijde. Nou ja, terzijde, eigenlijk erboven. Niet erboven dus.
Skier is Fries. Met puntjes een Fries op latten. Een Fries heeft er doorgaans weinig last van. Skier last. Fonetisch uitgesproken komt het ook nog in de buurt van Limburgs. [Woar hubs dich de skier geloate?] Waar heb jij de schaar gelaten?
Nee, en zoekmachine hebben we amper nodig. Een Sint Bernhardhond is daarentegen handig.
Volle kierketel (09-08-2016) (Themawoord: Kier)
Het is vroeg in de ochtend en ijskoud. Ik trek de fiets uit de schuur en doe kruik en broodtrommel in de fietstas. De kruik voelt lekker warm dus wrijf ik mijn koude handen er nog eens overheen. De damp slaat er vanaf.
De fabriekspoorten staan wagenwijd open. Het werkvolk druipt binnen. Links en rechts wordt mompelend gegroet. Eerst klokken en dan mijn fiets wegzetten. Vervolgens de kruik legen. Het is druk bij de kierketel. Ik moet heel even wachten, de kierketel is al vol.
Geduldig wacht ik tot de lege ketel weer terugkomt. Ik trek mijn kruik open en laat de ochtendurine in de ketel lopen. Zure pis kookt het garen. Het voelt als een warme deken, van Aabe.
Kieren (10-08-2016) (Themawoord: Kier)
Er zijn maar weinig werkwoorden waar ik warm voor loop. Maar eentje wil ik toch niet onvermeld laten. Kieren. Ik mag graag kieren. Het komt niet vaak voor, maar als het voorkomt dan gaan bij mij alle remmen los. Het liefste kier ik van plezier. Ik weet eigenlijk niet of er nog een andere manier van kieren bestaat, dan kieren van plezier.
Met lachen is dat anders. Je kunt lachen van plezier, van angst, van verdriet, zelfs van boosheid. Als ik het zo teruglees dan is lachen eigenlijk helemaal niet zo leuk. Nee, laat mij maar kieren. Lachen doe je voor de lol, en kieren doe je van plezier. Of wacht, van genot ook. Maar dat rijmt dan weer niet.
Kierstandhouders (12-08-2016) (Themawoord: Kier)
De Olympische Spelen in Rio de Janeiro zijn iets meer dan een week aan de gang. Tijd voor een Oranje tussenstand. Successen en decepties tekenen de eerste week. Roeiers die de boot missen, zwemmers in stroperig water, judoka’s op een gladde mat. Veel net niet of vierde plaatsen. En toch ben ik apetrots op onze landgenoten.
Tot de laatste seconde houden deze kierstandhouders dapper vol. Vol overtuiging en gevoed door vier lange jaren van training en opoffering. Hoe hard ook soms het gelag, deelnemen is uiteindelijk belangrijker dan winnen. Met noeste arbeid dapper strijden belichaamt de Olympische gedachte van de grondlegger, Pierre de Coubertin.
Mooie prestaties in teamsporten liggen in het verschiet. Mits de tweede week, goede wind in zeilen.
Culinair hoogstandje (15-08-2016) (Themawoord: Strijkbout) (Verkozen tot Weekwinnaar 33 van 2016)
Vandaag een boze brief geschreven naar Jonnie Boer. Ik ben het namelijk spuugzat, al die nieuwe culinaire hoogstandjes waar mijn maag van omdraait. Afgelopen weekend was helemaal het toppunt.
Speciaal voor de gelegenheid, 11 jaar getrouwd, met vrouwlief naar het restaurant. Reserveren niet nodig. We kunnen altijd zo binnenlopen bij Jon. Meestal vragen we niet eens de kaart en vertrouwen we blindelings op de aanbieding.
Maar onze laatste restaurantbezoeken, bij deze en gene, maken ons een beetje argwanend. De trends gaan er de laatste tijd in als zoete broodjes. Blind bestellen durven we niet meer.
We bestellen de strijkbout. U raadt het al. Kip gevangen bij strijklicht. Heel bijzonder. Maar schijn bedriegt. Mijn schattebout blaast tot op heden stoom af.
Strijkbout (16-08-2016) (Themawoord: Strijkbout)
Ik heb er zo’n godsgruwelijke hekel aan. Die kleine kuthondjes die over mijn stoep lopen, schuw achter hun baasje aan. U kent die hondjes wel denk ik. Van die verwende enkelbijtertjes, die net doen of ze er niet zijn als ze over straat lopen. Maar owee, als je bij hen aanbelt. Kef, kef en bijten maar. Ja, die hondjes.
Ze worden door hun baasjes gevoerd met Mariakoekjes, leverworst en Chappie. Of ergere rommel. Die vervolgens slecht verteerd in hun tere buikjes. En, u raadt het al, die rommel eventjes later als kleffe strijkbout op mijn stoep uitschijten. Vieze kleine poepmonsters zijn het.
Nee, geef mij dan maar zo’n goudeerlijke, familiale, kindvriendelijke labrador die een stevige berg uitfloept. Ruimt makkelijker op.
Zichtbare strijkbout (19-08-2016) (Themawoord: Strijkbout)
De hele dag liep de keizer al te ijsberen door zijn gigantisch grote kasteel. Iedereen lachte hem uit. Vierkant in zijn gezicht. De hovelingen namen niet eens moeite om het te camoufleren. Niks geen guitige glimlachjes achter wegwuifhandjes. Nee, gewoon voluit.
Het was niet omdat de keizer in zijn nakie liep, in zijn onzichtbare kleren. Nee hoor. Van ergernis had hij het dan toch maar gevraagd. Na lang talmen durfde hij het aan en overwon zijn schroom. De freule die het eerst voorbij kwam zou hij het vragen. Proestend had de freule naar zijn achterste gewezen.
Daar stond hij voor de koninklijke spiegel. Met zijn rug gekeerd. Hij moest nu ook lachen. Strijkbout tot aan de haren op zijn onderrug.
Koper (20-08-2016)
Nederland doet het als klein land tussen de grote mogendheden steengoed. Maar toch moet me iets van het hart. Hoeveel meer had Nederland kunnen scoren indien de vierde plaatsen ook beloond zouden worden? Zowel individueel als in de teamsport visten onze olympische sporters net achter het net?
Ik pleit dan ook voor uitbreiding van het erepodium. Beloon de vierde plaats ook met metaal. Voeg een vierde trapje toe. Met koper. Tin mag ook. Bijna alle sportdisciplines kennen een indeling in groepsfase c.q. voorronde c.q. kwalificatie, kwartfinale, halve finale, finale. De verliezer van de finale wint zilver. Laat de verliezer van de halve finale dan ook een prijsje winnen.
Een trapsgewijs erepodium in vier treden. Mooi toch? Goud, zilver, brons, koper!
Nachtje doorbeuken op stropop (22-08-2016) (Themawoord: Stropop)
Geweldig was het. Mijn avontuur op Stropop bij het Tjeukemeer. Nooit is een festival mij zo goed bevallen. Nu is het weer negen maanden wachten. Dan worden de nieuwe namen weer bekend gemaakt.
Maar niet te ver vooruitlopen. Het afgelopen festival was helemaal top. En dan de namen. Shaken not disturb Stevens. De nieuwe naam van Cat. Ja, hij treedt weer op. Zonder bijgeloof. Keihard ‘Tea for the Tillerman’ was het absolute hoogtepunt.
En dan CD/CA. Loud en met korte broek. De korte broek was wel a look a like. Niet in Zeeman-outfit maar gewoon cool in C&A-pak. We loved it.
En dan Lydan Bob bij nachtlicht. Alle antwoorden zweefden in de wind. High, high, high. Volgend jaar weer Stropop.
BistroPopUp (23-08-2016) (Themawoord: Stropop)
Een gat in de markt, dat zoeken we allemaal. Kleine jonge ondernemers en stokoude ZZPers. Niemand die het vindt. Nou ja, niemand? Bijna niemand. Het is ook zo vluchtig zo’n gat. Iedereen doet natuurlijk ontzettend zijn best. En zodra het gat gevonden wordt, tja, dan duikt iedereen er in.
Badmutsen noem ik ze. De gatenduikers. Stelen nog voordat een gat is gepatenteerd. Oneerlijk. Bah. Ook trends zou men binnen no time moeten kunnen patenteren.
Sorry lezer, voor de vier werkwoorden in een zin. Jonge ondernemer, maar nog niet weten te communiceren. Over mijn gat in de markt. Mijn oude nieuwe trend. Mijn onvervalste BistroPopUp.
Er wel snel bij wezen. Ik sta op het Noorderstrand. Vlak bij de Noorderzon. Tot zo!
Kettingreactie (24-08-2016) (Themawoord: Stropop
Hij wasmaar een beginnend schrijver en wist dat hij voorinzending beter eerst zijn stukken liet redigeren. Gelukkig had hij veelvrienden die vertrouwd waren met Nederlandsetaal. Zo liet hij Cheesje altijd naar de spelling kijken en Charel naar de grammatica. Chobie deed dan altijd de eindredactie, of detekst uiteindelijk allemaal een beetje vloeiendliep.
Cheesje, Charel en Chobie waren zijn gouden drie-eenheid die met hun kettingreactie waarborgden dat zijn teksten goedliepen. Hij had al zeven schrijfwedstrijden gewonnen. En telkens met dezelfde stukken. Tweestukken om precies te zijn. De juryrapporten dichtten hem telkens een bijzondertalent toe. Vollof. Het aaneenrijgen van mooiewoorden kwam in zijn stukken tot ongekendehoogten.
Helaas kon de jonge schrijver alleroem niet aan en hing zichzelf als stropop aan de stropop.
Vijf manieren om het elke uit te vinden (25-08-2016)
1) Men neme een handvol klinkers en medeklinkers, nee, twee keer een handvol klinkers en medeklinkers, anders werkt het niet. Gooi ze in de lucht en blijf dat herhalen. Totdat er vier op elke vallen.
2) Men neme een flink stuk klei en boetseren maar. Naar naaktmodel. Zoek naar de elkepijp. Zo niet vindt haar uit.
3) Bezoek een heel druk strand (bijvoorbeeld Strandvoort aan Zee) en neem lokroep Elke in de mond. Wedden dat ze reageert.
4) Duik diep in het oerwoud van de Amazone. Bij voorkeur in het midden. Let op alles wat vliegt. Elke vlieg. Beet.
5) Tot slot. Voor de hand liggend. Pagina 269 Verklarend Handwoordenboek der Nederlandse Taal. Ik verklap het u hier: onbep. vnw.
Stropop (26-08-2016) (Themawoord: Stropop)
Verbaasd loop ik het terrein op. Het stinkt naar modder en pis. De regenval van afgelopen dagen heeft geen goed gedaan. Er staan wat tractoren geparkeerd. Juweeltjes, stuk voor stuk. Om trots op te zijn. Zo vinden ook de mannen die van hun tractor stijgen, wilde hengsten, beiden. Sommige praten zelfs tegen hun paard. Maar de paarden zeggen niets terug, hinniken geeneens.
Ze dragen allemaal laarzen, de stoere cowboys. En dragen een lederen hoed. Petten zijn voor mietjes. Ze struinen door de modder en de poep naar de ingang van het terrein. Daar staat een houten hok en een grote tent. Bij het ene kun je muntjes kopen en bij het andere bier. Heel belangrijk. Op naar stropop, oerend hard!
Andrélon (29-08-2016) (Themawoord: Gelei)
Wie kent hem niet? De ei-shampoo van Andrélon. Bah, bah. Die geur alleen al. Zo weeïg en zo zoet. Hij voelt ook papperig aan. Spuit maar eens wat in je handen, met de ogen dicht. Knijp dan heel zachtjes in de shampoo. Vies hè?
En dan heb ik het nog niet eens over het hoofdgevoel. Spreidt maar eens een flinke klodder ei-shampoo van Andrélon uit over je hoofd. Niet liegen, iedereen neemt een flinke klodder. De ei-pap druipt dan langzaam over het hoofd. Voel je het?
En stinken. Ja, stinken. Je denkt dat het lekker ruikt. Maar niets is minder waar. Het ruikt, stinkt, en voelt als ei. Gelei. Bah! Ei-plak. Fout geel, eerder oker, voelt als wit. Eiwit. Bah!
Zeeppomp ontmoet waterkraan (30-08-2016) (Themawoord: Gelei)
Ze staan parmantig naast elkaar op het veel te kleine wasbakje in het minuscule toilet. Een kleine conversatie in intieme ruimte.
Hoe gaat het met jou, zeeppomp?
Ach, best goed. Ik word regelmatig op mijn kop geslagen, maar steek mijn nek altijd weer recht omhoog. Niets mis mee.
En hoe gaat het met jou, waterkraan?
Ook goed, mij wordt regelmatig de nek omgedraaid, maar loop altijd weer vol. Niet van verdriet, wel met water. Soms spelen ze een spelletje met me. Testen me uit. Dan spetter ik extra hard. Gaan ze tevergeefs op zoek naar een handdooekje.
Oh, ik spetter ook.
Oh ja?
Ja, met gelei. Handgelei. Sinds kort.
Waarom?
Het schijnt beter te plakken?
En ik spoel het af!
Midalgan en vaseline (30-08-2016) (Themawoord: Gelei)
Gekende termen in de sportwereld. Midalgan en vaseline. Midalgan, ook wel wielrenzalfgelei genoemd, ter opwarming van spieren en voorkoming van spierpijn. Wie kent de geur niet? Vooral niet met je handen aan je neus komen, wanneer de benen zijn ingesmeerd. Bruine plakbenen krijg je er ook van. De spiertjes gaan er mooi van blinken.
Dat geldt niet voor vaseline. Deze troebele gelei wordt gehanteerd door sportieve dames en heren met zware dijen. Om het rennen wat makkelijker te laten verlopen. Het vet gesmeerd, hoog aan de binnenkant van de bovenbenen, zorgt voor een soepele tred. En ook hier geldt weer, niet met je handen aan de neus komen of in de ogen wrijven na gebruik. Waarschuwing. Zittend, niet voorovergebukt aanbrengen!
Silly Putty (31-08-2016) (Themawoord: Gelei
Leningrad 1943. Clown Oleg balanceert op een denkbeeldig touw. Het is zijn debuut als dertienjarig jongetje in het Staatscircus van Moskou. Hij buigt wat door zijn benen en veert op en neer. Het veren gaat over in stuiteren. Oleg heeft zichzelf niet meer in de hand. Valt en breekt zijn duim. Paniek in de tent.
In het ziekenhuis rijzen de grijze haren der heren doctoren te berge. Toch niet Oleg, het supertalent? Stabiliseren die duim! Maar waarmee? Niet met rubber. Die is opgesoupeerd in oorlogstijd. Doctor Serge duidt op een artikel in het Amerikaanse tijdschrift Weird Tales. Silly Putty: nieuwe toepassing in de medische wereld. Gelei met hoge viscositeit die uitstekend stabiliseert als ie hard wordt. Oleg’s duim is gered.
Motto 120 Woorden: Er wordt veel te veel geschreven en daardoor veel te weinig gelezen. Weg met de breedsprakigheid. 120 woorden is precies genoeg.
Branding (01-08-2016) (Themawoord: Rots)
Een klein gezinnetje staat op een grote rotsblok in de branding. Nou ja, groot. Ze kunnen er net met z’n viertjes op blijven staan. Ze houden elkaar stevig vast. Zo te zien waait er een koude wind, want ze kijken nogal koud uit de ogen. Hun haren wapperen ook in de wind. Ik krijg het er zelf haast koud van als ik er naar kijk.
Het lijkt wel of ze voor de gelegenheid gekleed zijn. Ze dragen allemaal witrood gestreepte badkleding. Man, vrouw, dochtertje, zoontje. De kinderen kleine schepjes. De man en vrouw, beiden een bijpassende hoed. Het is en blijft een vreemd tafereel.
“Freeze, freeze, freeze!” Hoor ik plots vanaf een grote zandheuvel. Daar staat een fotograaf. Nieuwe strandmode?
Rots Stewart (02-08-2016) (Themawoord: Rots)
Er zijn zo van die artiesten die je altijd bij blijven. Rots Stewart is er een van. Een stuk, een lekkere brok, a sexy thing. Strakke broek. Werkt altijd. Blonde manen en gezegend met geen stem. I don’t want to talk about it. Nee, dat zal!
En dan die sjaaltjes. Begrijp nu ook waarom ie altijd zo verkouden klonk. Met het hemd wijd open zingen in een land waar het altijd waait en regent, dat is erom vragen, toch?
Maar eerlijk is eerlijk, Rots was voor velen een rots in de branding. Bleu kon je op zijn hese keelgeluid de eerste keer de liefde bedrijven. Voor sommigen ook de laatste keer. The first cut is the deepest. Vergeet dat niet!
Grr...rotschildering (03-08-2016) (Themawoord: Rots)
Ik staar naar mijn blote voeten die een blauwe uitstraling hebben. Blauw en toch niet geaard. Ik voel me licht in mijn hoofd en weet diep van binnen dat er ergens lang muziek heeft gespeeld. Het laatste nummer kan ik me niet meer herinneren, hoe goed ik mijn best ook doe.
En dan… heel langzaam… dringt het besef tot me door. Daar waar ik ben. Op de wereld, maar ook tevens van. Het schiet me weer te binnen. Op Ibiza! Maar waar? De omgeving voelt koud aan en het is best donker. Blauwe voeten, hoe kom ik eraan? Langzaam verschijnt de omgeving aan mij. Ik ben in een grot. Van de muur druipt verf. Blauwe verf. Grrr… van een rotsschildering.
Rots en Billie (05-08-2016) (Themawoord: Rots)
Rots en Billie zijn vrienden. Al eeuwen lang. Vrienden voor het leven. En dansgek. Samen dansen ze wat af. Op cowboylaarzen gaan ze heen en weer. Keer op keer. Op alle podia langs de West- en Oostkust. Van Amerika? Nee, van alle landen met water. Rots en Billie zijn namelijk wereldberoemd. Rots wat eerder dan Billie. Hij is de oudste van de twee. Hij verdiende op jonge leeftijd al erkenning door van podia te duiken. Als een raket. Hij was de stagediver avant la lettre. Daarom noemde ze hem ook Rots. Een hard hoofd heeft ie namelijk. Stuiterde telkens weer terug het podium op. Billie kwam er pas veel later bij. Vrienden voor het leven, al eeuwen lang. En dansgek.
Neus op de kier (08-08-2016) (Themawoord: Kier)
Twee kleine gitzwarte oogjes kijken de kamer in. Is er nog wat lol te beleven? Zeker nu Thomas het pand verlaten heeft? Voor hoelang? Dat is maar de vraag. Een nachtraaf is het. Net als het dier dat achter de kleine pretoogjes schuilt.
Het is best een komisch gezicht. De oogjes lopen strak op en neer, alsof ze aan een touwtje zitten. Soms vlak onder de plint, horizontaal. En dan weer verticaal, tussen twee plinten door. Een potlood ruimte hebben ze slechts nodig. Om te ontsnappen.
Maar het lijkt of de duvel ermee speelt. De zwarte oogjes kunnen het gat niet meer vinden. Nieuwe plinten? Te veel kaas gegeten misschien? Of nee, wacht, het is zomer. De plinten zetten uit!
Skier onnodig (08-08-2016) (Themawoord: Kier)
Zoek dat maar eens op. Skier onnodig. Niet te vinden op een gangbare browser, see kuu zoekmachine. De taalgeleerden zijn het er edoch allen over eens. Skier is een bestaand woord. Met en zonder puntjes op de ‘e’.
Er staat gelukkig maar een ‘e’ in de titel anders was het wel erg lastig geworden. Maar dat terzijde. Nou ja, terzijde, eigenlijk erboven. Niet erboven dus.
Skier is Fries. Met puntjes een Fries op latten. Een Fries heeft er doorgaans weinig last van. Skier last. Fonetisch uitgesproken komt het ook nog in de buurt van Limburgs. [Woar hubs dich de skier geloate?] Waar heb jij de schaar gelaten?
Nee, en zoekmachine hebben we amper nodig. Een Sint Bernhardhond is daarentegen handig.
Volle kierketel (09-08-2016) (Themawoord: Kier)
Het is vroeg in de ochtend en ijskoud. Ik trek de fiets uit de schuur en doe kruik en broodtrommel in de fietstas. De kruik voelt lekker warm dus wrijf ik mijn koude handen er nog eens overheen. De damp slaat er vanaf.
De fabriekspoorten staan wagenwijd open. Het werkvolk druipt binnen. Links en rechts wordt mompelend gegroet. Eerst klokken en dan mijn fiets wegzetten. Vervolgens de kruik legen. Het is druk bij de kierketel. Ik moet heel even wachten, de kierketel is al vol.
Geduldig wacht ik tot de lege ketel weer terugkomt. Ik trek mijn kruik open en laat de ochtendurine in de ketel lopen. Zure pis kookt het garen. Het voelt als een warme deken, van Aabe.
Kieren (10-08-2016) (Themawoord: Kier)
Er zijn maar weinig werkwoorden waar ik warm voor loop. Maar eentje wil ik toch niet onvermeld laten. Kieren. Ik mag graag kieren. Het komt niet vaak voor, maar als het voorkomt dan gaan bij mij alle remmen los. Het liefste kier ik van plezier. Ik weet eigenlijk niet of er nog een andere manier van kieren bestaat, dan kieren van plezier.
Met lachen is dat anders. Je kunt lachen van plezier, van angst, van verdriet, zelfs van boosheid. Als ik het zo teruglees dan is lachen eigenlijk helemaal niet zo leuk. Nee, laat mij maar kieren. Lachen doe je voor de lol, en kieren doe je van plezier. Of wacht, van genot ook. Maar dat rijmt dan weer niet.
Kierstandhouders (12-08-2016) (Themawoord: Kier)
De Olympische Spelen in Rio de Janeiro zijn iets meer dan een week aan de gang. Tijd voor een Oranje tussenstand. Successen en decepties tekenen de eerste week. Roeiers die de boot missen, zwemmers in stroperig water, judoka’s op een gladde mat. Veel net niet of vierde plaatsen. En toch ben ik apetrots op onze landgenoten.
Tot de laatste seconde houden deze kierstandhouders dapper vol. Vol overtuiging en gevoed door vier lange jaren van training en opoffering. Hoe hard ook soms het gelag, deelnemen is uiteindelijk belangrijker dan winnen. Met noeste arbeid dapper strijden belichaamt de Olympische gedachte van de grondlegger, Pierre de Coubertin.
Mooie prestaties in teamsporten liggen in het verschiet. Mits de tweede week, goede wind in zeilen.
Culinair hoogstandje (15-08-2016) (Themawoord: Strijkbout) (Verkozen tot Weekwinnaar 33 van 2016)
Vandaag een boze brief geschreven naar Jonnie Boer. Ik ben het namelijk spuugzat, al die nieuwe culinaire hoogstandjes waar mijn maag van omdraait. Afgelopen weekend was helemaal het toppunt.
Speciaal voor de gelegenheid, 11 jaar getrouwd, met vrouwlief naar het restaurant. Reserveren niet nodig. We kunnen altijd zo binnenlopen bij Jon. Meestal vragen we niet eens de kaart en vertrouwen we blindelings op de aanbieding.
Maar onze laatste restaurantbezoeken, bij deze en gene, maken ons een beetje argwanend. De trends gaan er de laatste tijd in als zoete broodjes. Blind bestellen durven we niet meer.
We bestellen de strijkbout. U raadt het al. Kip gevangen bij strijklicht. Heel bijzonder. Maar schijn bedriegt. Mijn schattebout blaast tot op heden stoom af.
Strijkbout (16-08-2016) (Themawoord: Strijkbout)
Ik heb er zo’n godsgruwelijke hekel aan. Die kleine kuthondjes die over mijn stoep lopen, schuw achter hun baasje aan. U kent die hondjes wel denk ik. Van die verwende enkelbijtertjes, die net doen of ze er niet zijn als ze over straat lopen. Maar owee, als je bij hen aanbelt. Kef, kef en bijten maar. Ja, die hondjes.
Ze worden door hun baasjes gevoerd met Mariakoekjes, leverworst en Chappie. Of ergere rommel. Die vervolgens slecht verteerd in hun tere buikjes. En, u raadt het al, die rommel eventjes later als kleffe strijkbout op mijn stoep uitschijten. Vieze kleine poepmonsters zijn het.
Nee, geef mij dan maar zo’n goudeerlijke, familiale, kindvriendelijke labrador die een stevige berg uitfloept. Ruimt makkelijker op.
Zichtbare strijkbout (19-08-2016) (Themawoord: Strijkbout)
De hele dag liep de keizer al te ijsberen door zijn gigantisch grote kasteel. Iedereen lachte hem uit. Vierkant in zijn gezicht. De hovelingen namen niet eens moeite om het te camoufleren. Niks geen guitige glimlachjes achter wegwuifhandjes. Nee, gewoon voluit.
Het was niet omdat de keizer in zijn nakie liep, in zijn onzichtbare kleren. Nee hoor. Van ergernis had hij het dan toch maar gevraagd. Na lang talmen durfde hij het aan en overwon zijn schroom. De freule die het eerst voorbij kwam zou hij het vragen. Proestend had de freule naar zijn achterste gewezen.
Daar stond hij voor de koninklijke spiegel. Met zijn rug gekeerd. Hij moest nu ook lachen. Strijkbout tot aan de haren op zijn onderrug.
Koper (20-08-2016)
Nederland doet het als klein land tussen de grote mogendheden steengoed. Maar toch moet me iets van het hart. Hoeveel meer had Nederland kunnen scoren indien de vierde plaatsen ook beloond zouden worden? Zowel individueel als in de teamsport visten onze olympische sporters net achter het net?
Ik pleit dan ook voor uitbreiding van het erepodium. Beloon de vierde plaats ook met metaal. Voeg een vierde trapje toe. Met koper. Tin mag ook. Bijna alle sportdisciplines kennen een indeling in groepsfase c.q. voorronde c.q. kwalificatie, kwartfinale, halve finale, finale. De verliezer van de finale wint zilver. Laat de verliezer van de halve finale dan ook een prijsje winnen.
Een trapsgewijs erepodium in vier treden. Mooi toch? Goud, zilver, brons, koper!
Nachtje doorbeuken op stropop (22-08-2016) (Themawoord: Stropop)
Geweldig was het. Mijn avontuur op Stropop bij het Tjeukemeer. Nooit is een festival mij zo goed bevallen. Nu is het weer negen maanden wachten. Dan worden de nieuwe namen weer bekend gemaakt.
Maar niet te ver vooruitlopen. Het afgelopen festival was helemaal top. En dan de namen. Shaken not disturb Stevens. De nieuwe naam van Cat. Ja, hij treedt weer op. Zonder bijgeloof. Keihard ‘Tea for the Tillerman’ was het absolute hoogtepunt.
En dan CD/CA. Loud en met korte broek. De korte broek was wel a look a like. Niet in Zeeman-outfit maar gewoon cool in C&A-pak. We loved it.
En dan Lydan Bob bij nachtlicht. Alle antwoorden zweefden in de wind. High, high, high. Volgend jaar weer Stropop.
BistroPopUp (23-08-2016) (Themawoord: Stropop)
Een gat in de markt, dat zoeken we allemaal. Kleine jonge ondernemers en stokoude ZZPers. Niemand die het vindt. Nou ja, niemand? Bijna niemand. Het is ook zo vluchtig zo’n gat. Iedereen doet natuurlijk ontzettend zijn best. En zodra het gat gevonden wordt, tja, dan duikt iedereen er in.
Badmutsen noem ik ze. De gatenduikers. Stelen nog voordat een gat is gepatenteerd. Oneerlijk. Bah. Ook trends zou men binnen no time moeten kunnen patenteren.
Sorry lezer, voor de vier werkwoorden in een zin. Jonge ondernemer, maar nog niet weten te communiceren. Over mijn gat in de markt. Mijn oude nieuwe trend. Mijn onvervalste BistroPopUp.
Er wel snel bij wezen. Ik sta op het Noorderstrand. Vlak bij de Noorderzon. Tot zo!
Kettingreactie (24-08-2016) (Themawoord: Stropop
Hij wasmaar een beginnend schrijver en wist dat hij voorinzending beter eerst zijn stukken liet redigeren. Gelukkig had hij veelvrienden die vertrouwd waren met Nederlandsetaal. Zo liet hij Cheesje altijd naar de spelling kijken en Charel naar de grammatica. Chobie deed dan altijd de eindredactie, of detekst uiteindelijk allemaal een beetje vloeiendliep.
Cheesje, Charel en Chobie waren zijn gouden drie-eenheid die met hun kettingreactie waarborgden dat zijn teksten goedliepen. Hij had al zeven schrijfwedstrijden gewonnen. En telkens met dezelfde stukken. Tweestukken om precies te zijn. De juryrapporten dichtten hem telkens een bijzondertalent toe. Vollof. Het aaneenrijgen van mooiewoorden kwam in zijn stukken tot ongekendehoogten.
Helaas kon de jonge schrijver alleroem niet aan en hing zichzelf als stropop aan de stropop.
Vijf manieren om het elke uit te vinden (25-08-2016)
1) Men neme een handvol klinkers en medeklinkers, nee, twee keer een handvol klinkers en medeklinkers, anders werkt het niet. Gooi ze in de lucht en blijf dat herhalen. Totdat er vier op elke vallen.
2) Men neme een flink stuk klei en boetseren maar. Naar naaktmodel. Zoek naar de elkepijp. Zo niet vindt haar uit.
3) Bezoek een heel druk strand (bijvoorbeeld Strandvoort aan Zee) en neem lokroep Elke in de mond. Wedden dat ze reageert.
4) Duik diep in het oerwoud van de Amazone. Bij voorkeur in het midden. Let op alles wat vliegt. Elke vlieg. Beet.
5) Tot slot. Voor de hand liggend. Pagina 269 Verklarend Handwoordenboek der Nederlandse Taal. Ik verklap het u hier: onbep. vnw.
Stropop (26-08-2016) (Themawoord: Stropop)
Verbaasd loop ik het terrein op. Het stinkt naar modder en pis. De regenval van afgelopen dagen heeft geen goed gedaan. Er staan wat tractoren geparkeerd. Juweeltjes, stuk voor stuk. Om trots op te zijn. Zo vinden ook de mannen die van hun tractor stijgen, wilde hengsten, beiden. Sommige praten zelfs tegen hun paard. Maar de paarden zeggen niets terug, hinniken geeneens.
Ze dragen allemaal laarzen, de stoere cowboys. En dragen een lederen hoed. Petten zijn voor mietjes. Ze struinen door de modder en de poep naar de ingang van het terrein. Daar staat een houten hok en een grote tent. Bij het ene kun je muntjes kopen en bij het andere bier. Heel belangrijk. Op naar stropop, oerend hard!
Andrélon (29-08-2016) (Themawoord: Gelei)
Wie kent hem niet? De ei-shampoo van Andrélon. Bah, bah. Die geur alleen al. Zo weeïg en zo zoet. Hij voelt ook papperig aan. Spuit maar eens wat in je handen, met de ogen dicht. Knijp dan heel zachtjes in de shampoo. Vies hè?
En dan heb ik het nog niet eens over het hoofdgevoel. Spreidt maar eens een flinke klodder ei-shampoo van Andrélon uit over je hoofd. Niet liegen, iedereen neemt een flinke klodder. De ei-pap druipt dan langzaam over het hoofd. Voel je het?
En stinken. Ja, stinken. Je denkt dat het lekker ruikt. Maar niets is minder waar. Het ruikt, stinkt, en voelt als ei. Gelei. Bah! Ei-plak. Fout geel, eerder oker, voelt als wit. Eiwit. Bah!
Zeeppomp ontmoet waterkraan (30-08-2016) (Themawoord: Gelei)
Ze staan parmantig naast elkaar op het veel te kleine wasbakje in het minuscule toilet. Een kleine conversatie in intieme ruimte.
Hoe gaat het met jou, zeeppomp?
Ach, best goed. Ik word regelmatig op mijn kop geslagen, maar steek mijn nek altijd weer recht omhoog. Niets mis mee.
En hoe gaat het met jou, waterkraan?
Ook goed, mij wordt regelmatig de nek omgedraaid, maar loop altijd weer vol. Niet van verdriet, wel met water. Soms spelen ze een spelletje met me. Testen me uit. Dan spetter ik extra hard. Gaan ze tevergeefs op zoek naar een handdooekje.
Oh, ik spetter ook.
Oh ja?
Ja, met gelei. Handgelei. Sinds kort.
Waarom?
Het schijnt beter te plakken?
En ik spoel het af!
Midalgan en vaseline (30-08-2016) (Themawoord: Gelei)
Gekende termen in de sportwereld. Midalgan en vaseline. Midalgan, ook wel wielrenzalfgelei genoemd, ter opwarming van spieren en voorkoming van spierpijn. Wie kent de geur niet? Vooral niet met je handen aan je neus komen, wanneer de benen zijn ingesmeerd. Bruine plakbenen krijg je er ook van. De spiertjes gaan er mooi van blinken.
Dat geldt niet voor vaseline. Deze troebele gelei wordt gehanteerd door sportieve dames en heren met zware dijen. Om het rennen wat makkelijker te laten verlopen. Het vet gesmeerd, hoog aan de binnenkant van de bovenbenen, zorgt voor een soepele tred. En ook hier geldt weer, niet met je handen aan de neus komen of in de ogen wrijven na gebruik. Waarschuwing. Zittend, niet voorovergebukt aanbrengen!
Silly Putty (31-08-2016) (Themawoord: Gelei
Leningrad 1943. Clown Oleg balanceert op een denkbeeldig touw. Het is zijn debuut als dertienjarig jongetje in het Staatscircus van Moskou. Hij buigt wat door zijn benen en veert op en neer. Het veren gaat over in stuiteren. Oleg heeft zichzelf niet meer in de hand. Valt en breekt zijn duim. Paniek in de tent.
In het ziekenhuis rijzen de grijze haren der heren doctoren te berge. Toch niet Oleg, het supertalent? Stabiliseren die duim! Maar waarmee? Niet met rubber. Die is opgesoupeerd in oorlogstijd. Doctor Serge duidt op een artikel in het Amerikaanse tijdschrift Weird Tales. Silly Putty: nieuwe toepassing in de medische wereld. Gelei met hoge viscositeit die uitstekend stabiliseert als ie hard wordt. Oleg’s duim is gered.
Columns van Harrie (Augustus 2016)
Geringd / Gein & Ongein / 13-08-2016
Raakhout komt keihard op me afgerend. Hij is erg geschrokken. Er ligt een man onder de eikenboom. Zwaar gehavend en ijlend. Ik moet onmiddellijk meekomen. Het is lang geleden dat ik Raakhout zo aangedaan heb gezien en trek snel mijn sandalen aan. Waar is mijn stok? Gevonden. Snel gaan we op pad.
Onder de eikenboom ligt een klein klerenkastje. Brizl djeu, griss mich nich. Anders kan ik het niet benoemen. Ik schat de situatie in en heb al snel in de gaten wat hier het euvel is. Alleen een ding kan ik niet meteen verklaren. Waarom draagt deze jongeman ringen aan zijn enkels. Twee grote ijzeren ringen, aan een ketting? Hij ziet er niet echt bandieterig uit. In tegendeel. Zijn vreedzame gezicht staat op grote tevredenheid. Een flinke glimlach rond zijn mond en heel af en toe laat hij een zucht ontsnappen uit zijn samengeperste mond. Zijn pruillippen bibberen dan een beetje. Als ik me vooroverbuk naar de jongeman ruik ik alcohol. Aha, duidelijk gevalletje nachtelijk doorhalen.
Deze meneer slaapt zijn roes uit. Roes, waarvan, en waarom die ringen? Die vragen blijven openstaan. Ik vraag aan Raakhout hoe lang hij hier al ligt en waar de man precies gehavend is? Ik zie namelijk geen letsels. Een paar uur en hij ijlt om het half uur. We wachten even totdat het halfuur voorbij is. Misschien waren we net na zijn laatste ijlmoment ter plaatse. Raakhout wijst naar de brede borst van de jongeling. Buitenproportie. Bovendien hangen er ook rare worstarmen aan. Dat is toch niet normaal?
Is dat wat Raakhout met gehavend bedoelt? Hij knikt ja. Niets aan de hand hoor. Dit is volgens mij gewoon een gevalletje overtraining. Deze jongeman heeft en teveel sportschool gezien en teveel café. Ik hoor nu geritsel in het struikgewas. Een kleinere en minder gespierd evenbeeld van de jongeling rijst op. En wie bent u? Zwammes, antwoord de man. Vriend en vijand van wat daar ligt. Ah, ik snap het al. Voor de drank vriend en na de drank vijand. Er worden in de tussenfase vaak rare dingen uitgesproken. Rake dingen, ware dingen.
Hij nam mijn plek in vier jaar geleden. En dat neem ik hem nog steeds kwalijk. Waar? Vraag ik met belangstelling. Bij de Olympische Spelen in Londen. Oh, dat maffe wereldspel. Daar heb ik niet zoveel mee. Ik doe aan touwtrekken en dat vind ik sportief genoeg. Hoef er ook geen medaille voor. Ja, ik kan dat erg goed touwtje trekken. In alle vormen en soorten. Het is het liefste dat ik doe. Aan touwen trekken. Ik hou die dingen nou eenmaal het liefst in handen. Bij voorkeur die van mezelf, maar ook die van anderen. Maar vertel eens. Wat is er precies afgelopen nacht gebeurd?
Dat is een lang verhaal. We zweefden door de lucht. Gewoon voor en door de leut. Boven een favela. Ja, in Rio. We waanden ons Batman en Robin. Daar zijn we neergestort. Yoeris Tempeloeris, zo heet mijn vriend en vijand, had vlak te voren, een ringoefening gedaan op de Spelen. Had zich gekwalificeerd voor de volgende ronde individueel en was door het dolle heen. We besloten dat te vieren, trokken na afloop een strak pak aan en zijn de bloemetjes stevig buiten gaan zetten. En ja, toen vlogen we ineens de kroeg uit. Vlak bij die favela. In de kraag gevat door de lokale politie zonder uniform en in de boeien geslagen.
Ik begrijp ineens de ijzeren ringen rond de voeten van Tempeloeris. Weer een vraag opgelost, tot grote geruststelling van Raakhout. Zelf had ik een ijzerzaagje bij me. Een kleintje, zo'n Zwitsers. Zo gepiept. En ik wilde net beginnen aan die van Yoeris, totdat die rare pad op mijn pad kwam. Raakhout heet ie. En hij doet niets hoor.
Waar ben ik? Yoeris is ontwaakt. Als het goed is gaat ie nu ijlen, aldus Raakhout. En ja hoor. Hij spreekt rare zinnen uit. Engelse zinnen. Warrig. Droevig. Maar ook mooi. Zangerig. IJlerig.
One day I'll fly away
Leave your love to yesterday
What more can your love do for me?
When will love be through with me?
Och, daar begint ie weer. Zwammes houdt zijn oren dicht. Al dat zelfmedelijden. Het gaat over zijn ringen. Zwammes wordt er helemaal simpel van. Straks gaat ie ook heel hard schreeuwen. Let maar op.
Maurice, Maurice, ... zielige Ties.
Griss mich nich, waar gaat dit over?
Dat wil je niet weten. Denkt Zwammes.
Voordat Raakhout en ik het goed en wel beseffen stijgt Yoeris plots op. Zijn magere beentjes bungelen achter hem aan. Verzwaard met ringen en ketting. Als een geringde vogel. Met in zijn kielzog Zwammes. Die hij net op tijd aan zijn kleine worstarmpjes vastpakt. Doeg. We gaan op zoek naar Eepke Aap de fladderaar.
Raakhout en ik kijken elkaar aan. Was het dat nou? Brizl djeu, wat een idioot schouwspel. Niets om je over druk te maken. Toch?
Absurd / Gein & Ongein / 26-08-2016
Een vreemde situatie in mijn bos, griss mich nich, ongehoord. Bij iedere boom zie ik een dichter staan. Ja, dichtbij iedere boom. Ze luisteren naar wat de boom te vertellen heeft. Er zitten ook schrijvers tussen. Een groot verschil. Dichter of schrijver zijn. Waarbij gezegd dat een schrijver dichter bij de dichter staat dan een dichter bij de schrijver. Hoe dat zo komt? Simpel. Dichten vraagt meer kunst. Is minder toegankelijk. Een dichter houdt afstand. Een schrijver niet. Een schrijver heeft nood aan voeding. En een dichter voedt. Zo simpel is. Ik schrik er zelf van. Hoe ik aan een zo eenvoudige verklaring kom. Wil nog niet zeggen dat ik er geen last van heb. Van al die dichters en schrijvers in mijn bos.
Ze zijn erg opdringerig. Meters papier dragen ze bij zich. Voor noodgevallen. Ze poepen er nogal op los. Heel vervelend al die opgeschreven diarree, die ze achter iedere boom zich laten ontvallen. Bah. Het stinkt ook nog eens. Als het nu nog eens mooie stukken waren, dan kon ik er nog vrede mee hebben. Maar, nee. Het meeste is toch wel bagger. Het ergste vind ik nog al dat gepiep. Ja, ze dragen allemaal zo'n vreemd kastje bij zich waar ze zorgvuldig op hameren, met hun fletse magere schrijfvingertjes. Na verloop van tijd hoor je dan een piepje. Ik heb het eens gevraagd aan een van de dichters / schrijvers. Wat maakt nu dat piepje?
Oh, dat is een verzonden stuk. Zoveel? Zoveel. Het komt allemaal in de wachtrij bij onze uitgevers. We proberen ze gek te maken. Die uitgevers. Het zijn zulke koekenbakkers. En ze worden schathemeltjerijk van onze productie. Eigenlijk zouden we er eens een tijdje mee moeten stoppen. Zodat ze bankroet zien. Geldwolven. Maar de schrijfdrang is te groot. Verslaafd zijn we aan net schrijven en dichten. Stuk voor stuk. Niemand uitgezonderd. Gelukkig hebben we dit bos gevonden. Vol met bomen. Historische bomen. Die willen hun verhaal wel kwijt. Mooi bos waar jij inwoont vriend.
Mijn mond valt open van verbazing. Brizl djeu. Die van Raakhout ook. Hoe durven ze? Onze verhalen optekenen? Wij hebben het immers de bomen ingefluisterd.
Columns van Harrie zijn geschreven aan tafel bij Mien. Harrie is een auteur en tafelvriend van Mien. Van november 2010 tot maart 2016 publiceerde Harrie ook columns op de website van ColumnX.
Harrie’s columns zijn gebaseerd op oude personages uit TV-series Catweazle en Doctor Who. De Britse acteurs Tom Baker en Geoffrey Bayldon vormen zijn inspiratiebron. Daarnaast maakt Harrie ook graag filosofische en sportieve uitstapjes.
Raakhout komt keihard op me afgerend. Hij is erg geschrokken. Er ligt een man onder de eikenboom. Zwaar gehavend en ijlend. Ik moet onmiddellijk meekomen. Het is lang geleden dat ik Raakhout zo aangedaan heb gezien en trek snel mijn sandalen aan. Waar is mijn stok? Gevonden. Snel gaan we op pad.
Onder de eikenboom ligt een klein klerenkastje. Brizl djeu, griss mich nich. Anders kan ik het niet benoemen. Ik schat de situatie in en heb al snel in de gaten wat hier het euvel is. Alleen een ding kan ik niet meteen verklaren. Waarom draagt deze jongeman ringen aan zijn enkels. Twee grote ijzeren ringen, aan een ketting? Hij ziet er niet echt bandieterig uit. In tegendeel. Zijn vreedzame gezicht staat op grote tevredenheid. Een flinke glimlach rond zijn mond en heel af en toe laat hij een zucht ontsnappen uit zijn samengeperste mond. Zijn pruillippen bibberen dan een beetje. Als ik me vooroverbuk naar de jongeman ruik ik alcohol. Aha, duidelijk gevalletje nachtelijk doorhalen.
Deze meneer slaapt zijn roes uit. Roes, waarvan, en waarom die ringen? Die vragen blijven openstaan. Ik vraag aan Raakhout hoe lang hij hier al ligt en waar de man precies gehavend is? Ik zie namelijk geen letsels. Een paar uur en hij ijlt om het half uur. We wachten even totdat het halfuur voorbij is. Misschien waren we net na zijn laatste ijlmoment ter plaatse. Raakhout wijst naar de brede borst van de jongeling. Buitenproportie. Bovendien hangen er ook rare worstarmen aan. Dat is toch niet normaal?
Is dat wat Raakhout met gehavend bedoelt? Hij knikt ja. Niets aan de hand hoor. Dit is volgens mij gewoon een gevalletje overtraining. Deze jongeman heeft en teveel sportschool gezien en teveel café. Ik hoor nu geritsel in het struikgewas. Een kleinere en minder gespierd evenbeeld van de jongeling rijst op. En wie bent u? Zwammes, antwoord de man. Vriend en vijand van wat daar ligt. Ah, ik snap het al. Voor de drank vriend en na de drank vijand. Er worden in de tussenfase vaak rare dingen uitgesproken. Rake dingen, ware dingen.
Hij nam mijn plek in vier jaar geleden. En dat neem ik hem nog steeds kwalijk. Waar? Vraag ik met belangstelling. Bij de Olympische Spelen in Londen. Oh, dat maffe wereldspel. Daar heb ik niet zoveel mee. Ik doe aan touwtrekken en dat vind ik sportief genoeg. Hoef er ook geen medaille voor. Ja, ik kan dat erg goed touwtje trekken. In alle vormen en soorten. Het is het liefste dat ik doe. Aan touwen trekken. Ik hou die dingen nou eenmaal het liefst in handen. Bij voorkeur die van mezelf, maar ook die van anderen. Maar vertel eens. Wat is er precies afgelopen nacht gebeurd?
Dat is een lang verhaal. We zweefden door de lucht. Gewoon voor en door de leut. Boven een favela. Ja, in Rio. We waanden ons Batman en Robin. Daar zijn we neergestort. Yoeris Tempeloeris, zo heet mijn vriend en vijand, had vlak te voren, een ringoefening gedaan op de Spelen. Had zich gekwalificeerd voor de volgende ronde individueel en was door het dolle heen. We besloten dat te vieren, trokken na afloop een strak pak aan en zijn de bloemetjes stevig buiten gaan zetten. En ja, toen vlogen we ineens de kroeg uit. Vlak bij die favela. In de kraag gevat door de lokale politie zonder uniform en in de boeien geslagen.
Ik begrijp ineens de ijzeren ringen rond de voeten van Tempeloeris. Weer een vraag opgelost, tot grote geruststelling van Raakhout. Zelf had ik een ijzerzaagje bij me. Een kleintje, zo'n Zwitsers. Zo gepiept. En ik wilde net beginnen aan die van Yoeris, totdat die rare pad op mijn pad kwam. Raakhout heet ie. En hij doet niets hoor.
Waar ben ik? Yoeris is ontwaakt. Als het goed is gaat ie nu ijlen, aldus Raakhout. En ja hoor. Hij spreekt rare zinnen uit. Engelse zinnen. Warrig. Droevig. Maar ook mooi. Zangerig. IJlerig.
One day I'll fly away
Leave your love to yesterday
What more can your love do for me?
When will love be through with me?
Och, daar begint ie weer. Zwammes houdt zijn oren dicht. Al dat zelfmedelijden. Het gaat over zijn ringen. Zwammes wordt er helemaal simpel van. Straks gaat ie ook heel hard schreeuwen. Let maar op.
Maurice, Maurice, ... zielige Ties.
Griss mich nich, waar gaat dit over?
Dat wil je niet weten. Denkt Zwammes.
Voordat Raakhout en ik het goed en wel beseffen stijgt Yoeris plots op. Zijn magere beentjes bungelen achter hem aan. Verzwaard met ringen en ketting. Als een geringde vogel. Met in zijn kielzog Zwammes. Die hij net op tijd aan zijn kleine worstarmpjes vastpakt. Doeg. We gaan op zoek naar Eepke Aap de fladderaar.
Raakhout en ik kijken elkaar aan. Was het dat nou? Brizl djeu, wat een idioot schouwspel. Niets om je over druk te maken. Toch?
Absurd / Gein & Ongein / 26-08-2016
Een vreemde situatie in mijn bos, griss mich nich, ongehoord. Bij iedere boom zie ik een dichter staan. Ja, dichtbij iedere boom. Ze luisteren naar wat de boom te vertellen heeft. Er zitten ook schrijvers tussen. Een groot verschil. Dichter of schrijver zijn. Waarbij gezegd dat een schrijver dichter bij de dichter staat dan een dichter bij de schrijver. Hoe dat zo komt? Simpel. Dichten vraagt meer kunst. Is minder toegankelijk. Een dichter houdt afstand. Een schrijver niet. Een schrijver heeft nood aan voeding. En een dichter voedt. Zo simpel is. Ik schrik er zelf van. Hoe ik aan een zo eenvoudige verklaring kom. Wil nog niet zeggen dat ik er geen last van heb. Van al die dichters en schrijvers in mijn bos.
Ze zijn erg opdringerig. Meters papier dragen ze bij zich. Voor noodgevallen. Ze poepen er nogal op los. Heel vervelend al die opgeschreven diarree, die ze achter iedere boom zich laten ontvallen. Bah. Het stinkt ook nog eens. Als het nu nog eens mooie stukken waren, dan kon ik er nog vrede mee hebben. Maar, nee. Het meeste is toch wel bagger. Het ergste vind ik nog al dat gepiep. Ja, ze dragen allemaal zo'n vreemd kastje bij zich waar ze zorgvuldig op hameren, met hun fletse magere schrijfvingertjes. Na verloop van tijd hoor je dan een piepje. Ik heb het eens gevraagd aan een van de dichters / schrijvers. Wat maakt nu dat piepje?
Oh, dat is een verzonden stuk. Zoveel? Zoveel. Het komt allemaal in de wachtrij bij onze uitgevers. We proberen ze gek te maken. Die uitgevers. Het zijn zulke koekenbakkers. En ze worden schathemeltjerijk van onze productie. Eigenlijk zouden we er eens een tijdje mee moeten stoppen. Zodat ze bankroet zien. Geldwolven. Maar de schrijfdrang is te groot. Verslaafd zijn we aan net schrijven en dichten. Stuk voor stuk. Niemand uitgezonderd. Gelukkig hebben we dit bos gevonden. Vol met bomen. Historische bomen. Die willen hun verhaal wel kwijt. Mooi bos waar jij inwoont vriend.
Mijn mond valt open van verbazing. Brizl djeu. Die van Raakhout ook. Hoe durven ze? Onze verhalen optekenen? Wij hebben het immers de bomen ingefluisterd.
Columns van Harrie zijn geschreven aan tafel bij Mien. Harrie is een auteur en tafelvriend van Mien. Van november 2010 tot maart 2016 publiceerde Harrie ook columns op de website van ColumnX.
Harrie’s columns zijn gebaseerd op oude personages uit TV-series Catweazle en Doctor Who. De Britse acteurs Tom Baker en Geoffrey Bayldon vormen zijn inspiratiebron. Daarnaast maakt Harrie ook graag filosofische en sportieve uitstapjes.
12-08-2016
Stilleven (14): Tiet Chritulaer meets Hoon Termans in Rio de Janeiro
Twee vrienden zitten op een hoge tribune van stadion ‘Largos de Parasol’. Een stadion tijdelijk gebouwd ter gelegenheid van de Olympische Spelen 2016 te Rio de Janeiro. Gelegen aan het halve-maan-vormige strand, in de wijk ‘Prinsesje van de Zee’. Ze zitten de eerste week te evalueren van het vierjaarlijkse sportfeest, dat zo ongeveer een kwart van de wereldbevolking, verdeeld over diverse tijdzones, bij tijd en wijle, aan verschillende beeldtoestellen gekluisterd houdt.
Tiet Chritulaer is van de techniek en Hoon Termans van de poëzie. Beiden disciplines zijn onontbeerlijk voor goede prestaties in de sport. Daar gaat hun discussie over. Discussiëren vinden Tiet en Hoon zo ongeveer het mooiste dat er is. Zeker onder het genot van choco-copacabana-melk en brandbier. Literaire- en technodorst moeten immers gelest, en niet alleen met woorden. Bovendien zijn beiden mannen gewaarschuwd. Op hun leeftijd dient er veel gedronken te worden.
Zonder fiets vaart niemand wel.
Qua techniek is deze stelling best vol te houden, maar met poëzie heeft het weinig van doen. De eerste fietsenstelling is daarmee meteen omver geworpen. Een – nul voor techneut Tiet.
Voornaam in voornaam zegt niets over vooraan.
Qua poëzie is deze stelling ook best vol te houden, maar met techniek heeft het idem dito weinig van doen. De tweede fietsenstelling is daarmee tevens omver geworpen. Stand, op stand, gelijk getrokken dus. Een – een.
Tot zover de gedachtespinsels van twee Limbo’s op zijn Rio’s. Nu hun uitspraken, samengevat in dialoogvorm. Waarbij ik vermeld dat dia’s nooit liegen, maar dat ter zijde. U mag zelf kant kiezen. De dialoogvorm is in een taal (Klukkluks) die allang niet meer in de Amazone gebezigd wordt. Edoch, het is geen indianenverhaal.
Tiet: Neem nu Vanessa Ferrari. Huppelt van de pindakazerige op de houten balk. Floepes floepes mis! Dat meisje niet geschikt voor het wiebele wagenleven.
Hoon: Even denken met de hoofd en dan van de domme houden, het is toch van de gekke! Ik mis haar coach en kleine gedichtjes tussen de voeten.
Tiet: ‘Ja, ja, gossie possie ze vergeten de mij, klap toe de malle mond’. Dat zei ie achteraf. De Italiaanse joker.
Hoon: Mij zijn van de geldloze, en toch kostelijk geamuseerd, haastige spoed, zere voet. Eigen schuld, dikke bult.
Tiet: Mij zijn van de snelle! Ik hou niet van die lastpost meneertjes. Hij had geeneens een trompet die coach. Dan niet blazen hé.
Hoon: Zeepersonen zijn het die Italianen, geen denkhoofden, zoutzeemannen. Verdwaald op de balk.
Tiet: Het leven is van de opschrikbarende. Vanessa Ferrari nog een keer terug op die balk. Niet goed. Weer gevallen.
Hoon: Zijn de koffie al van de bruine, ik heb last van bierbrand. Effe blussen hoor, met mooie woorden.
Tiet: Kijk nou Hoon, driedubbel overgehaalde hamerhaaien zwemmen in zee. Daar, kijk, daar!
Hoon: Ach Tiet, allemaal kermistroep, het is alleen zeer van de akelige voor wie in het water ligt.
Tiet: Mij zijn niet van de bange, mij zijn alleen van de voorzichtige.
Hoon: Een boterham met pindakaas en hagelslag dat vinden mij lekker bij de koffie.
Tiet: Jij zijn van de hebberige.
Hoon: En jij van de aangelaatse! Duizend zeekakkelobessen in een haring ton!
Tiet: Wel vriendelijk blijven Hoon, het zijn maar de Olympische Spelen.
Hoon: En toch zijn gedichtjes en schietgebedjes van het belangrijkst en gewichtheftigs.
Tiet: Nee, nee, de fysiek naast de techniek. Mij hebben een lastige tril-spier in mijn schiet-arm. Daardoor maken de pijlens altijd zo’n rare baan! Mij zijn een flop!
Voordat de discussie uit de hand loopt stopt het hier. De zon schijnt intussen zo hard dat langer op de tribune zitten ondraaglijk wordt. Hoon en Tiet verkassen naar de kroeg. Hoon zet in op mooie namen. Dat is wat de sport zo mooi maakt. Verbintenis in woorden en daden, liefst op oude voetbalschoenen, want wie is nu hier het gekst?
Hoon staat op. Brengt een aubade aan de poëzie der sportnamen. Een ABC van Olympische deelnemers, gekozen uit landen die beginnen met een A, B of C. Jawel alfabetisch gerangschikt op land. Gelieve hardop uit te spreken.
Andranik Karapetyan – Philipine van Aanholt – Michelle Jenneke – Teymur Mammadov – Demetrius Pinder – Edidiong Ofonime Odiong – Mohd Siddikur – Tia-Adana Belle – Loïck Luypaert – Renick James – Yémi Apithy – Flora Duffy – Lenchu Kunzang – Óscar Soliz – Amel Tuka – Nijel Amos – Nenê – Eldred Henry – Jaspar Yu Woon Chai – Ivet Lalova – Hugues Fabrice Zango – Elsie Uwamahoro – Sovijja Pou – Kirsten Sweetland – David Boui – Matias del Solar – Ma Long – Chia-Chia Chuang – Jarlinson Pantano – Soule Soilihi Athoumane – Deo Gracia Ngokaba – Teau Moana McKenzie – Marie Meza – Leuris Pupo – Apóstolos Paréllis
En tot slot, naar willekeur van land, een aantal favorieten van Tiet:
Sergio Llull – Mohammad Tawfiq Bakhshi – Luiza Gega – Abdelhafid Benchabla – Eddie Lovett – Jordan Mageo – Pol Moya – Pedro Pinotes – Daniel Bailey – Juan Martin del Potro – Alja Moestafina – Eytora Thorsdottir – Daria Spiridonova – Ellie Downie – Tabea Alt – Yuki Uchiyama – Oleh Vernyayev – Eleftherios Petrounias – Francisco Barreto Junior – Yoo Won-chul – Ma Long – Chad le Clos – Callum Skinner – Islam El Shehaby
What’s in the name!
Tiet Chritulaer is van de techniek en Hoon Termans van de poëzie. Beiden disciplines zijn onontbeerlijk voor goede prestaties in de sport. Daar gaat hun discussie over. Discussiëren vinden Tiet en Hoon zo ongeveer het mooiste dat er is. Zeker onder het genot van choco-copacabana-melk en brandbier. Literaire- en technodorst moeten immers gelest, en niet alleen met woorden. Bovendien zijn beiden mannen gewaarschuwd. Op hun leeftijd dient er veel gedronken te worden.
Zonder fiets vaart niemand wel.
Qua techniek is deze stelling best vol te houden, maar met poëzie heeft het weinig van doen. De eerste fietsenstelling is daarmee meteen omver geworpen. Een – nul voor techneut Tiet.
Voornaam in voornaam zegt niets over vooraan.
Qua poëzie is deze stelling ook best vol te houden, maar met techniek heeft het idem dito weinig van doen. De tweede fietsenstelling is daarmee tevens omver geworpen. Stand, op stand, gelijk getrokken dus. Een – een.
Tot zover de gedachtespinsels van twee Limbo’s op zijn Rio’s. Nu hun uitspraken, samengevat in dialoogvorm. Waarbij ik vermeld dat dia’s nooit liegen, maar dat ter zijde. U mag zelf kant kiezen. De dialoogvorm is in een taal (Klukkluks) die allang niet meer in de Amazone gebezigd wordt. Edoch, het is geen indianenverhaal.
Tiet: Neem nu Vanessa Ferrari. Huppelt van de pindakazerige op de houten balk. Floepes floepes mis! Dat meisje niet geschikt voor het wiebele wagenleven.
Hoon: Even denken met de hoofd en dan van de domme houden, het is toch van de gekke! Ik mis haar coach en kleine gedichtjes tussen de voeten.
Tiet: ‘Ja, ja, gossie possie ze vergeten de mij, klap toe de malle mond’. Dat zei ie achteraf. De Italiaanse joker.
Hoon: Mij zijn van de geldloze, en toch kostelijk geamuseerd, haastige spoed, zere voet. Eigen schuld, dikke bult.
Tiet: Mij zijn van de snelle! Ik hou niet van die lastpost meneertjes. Hij had geeneens een trompet die coach. Dan niet blazen hé.
Hoon: Zeepersonen zijn het die Italianen, geen denkhoofden, zoutzeemannen. Verdwaald op de balk.
Tiet: Het leven is van de opschrikbarende. Vanessa Ferrari nog een keer terug op die balk. Niet goed. Weer gevallen.
Hoon: Zijn de koffie al van de bruine, ik heb last van bierbrand. Effe blussen hoor, met mooie woorden.
Tiet: Kijk nou Hoon, driedubbel overgehaalde hamerhaaien zwemmen in zee. Daar, kijk, daar!
Hoon: Ach Tiet, allemaal kermistroep, het is alleen zeer van de akelige voor wie in het water ligt.
Tiet: Mij zijn niet van de bange, mij zijn alleen van de voorzichtige.
Hoon: Een boterham met pindakaas en hagelslag dat vinden mij lekker bij de koffie.
Tiet: Jij zijn van de hebberige.
Hoon: En jij van de aangelaatse! Duizend zeekakkelobessen in een haring ton!
Tiet: Wel vriendelijk blijven Hoon, het zijn maar de Olympische Spelen.
Hoon: En toch zijn gedichtjes en schietgebedjes van het belangrijkst en gewichtheftigs.
Tiet: Nee, nee, de fysiek naast de techniek. Mij hebben een lastige tril-spier in mijn schiet-arm. Daardoor maken de pijlens altijd zo’n rare baan! Mij zijn een flop!
Voordat de discussie uit de hand loopt stopt het hier. De zon schijnt intussen zo hard dat langer op de tribune zitten ondraaglijk wordt. Hoon en Tiet verkassen naar de kroeg. Hoon zet in op mooie namen. Dat is wat de sport zo mooi maakt. Verbintenis in woorden en daden, liefst op oude voetbalschoenen, want wie is nu hier het gekst?
Hoon staat op. Brengt een aubade aan de poëzie der sportnamen. Een ABC van Olympische deelnemers, gekozen uit landen die beginnen met een A, B of C. Jawel alfabetisch gerangschikt op land. Gelieve hardop uit te spreken.
Andranik Karapetyan – Philipine van Aanholt – Michelle Jenneke – Teymur Mammadov – Demetrius Pinder – Edidiong Ofonime Odiong – Mohd Siddikur – Tia-Adana Belle – Loïck Luypaert – Renick James – Yémi Apithy – Flora Duffy – Lenchu Kunzang – Óscar Soliz – Amel Tuka – Nijel Amos – Nenê – Eldred Henry – Jaspar Yu Woon Chai – Ivet Lalova – Hugues Fabrice Zango – Elsie Uwamahoro – Sovijja Pou – Kirsten Sweetland – David Boui – Matias del Solar – Ma Long – Chia-Chia Chuang – Jarlinson Pantano – Soule Soilihi Athoumane – Deo Gracia Ngokaba – Teau Moana McKenzie – Marie Meza – Leuris Pupo – Apóstolos Paréllis
En tot slot, naar willekeur van land, een aantal favorieten van Tiet:
Sergio Llull – Mohammad Tawfiq Bakhshi – Luiza Gega – Abdelhafid Benchabla – Eddie Lovett – Jordan Mageo – Pol Moya – Pedro Pinotes – Daniel Bailey – Juan Martin del Potro – Alja Moestafina – Eytora Thorsdottir – Daria Spiridonova – Ellie Downie – Tabea Alt – Yuki Uchiyama – Oleh Vernyayev – Eleftherios Petrounias – Francisco Barreto Junior – Yoo Won-chul – Ma Long – Chad le Clos – Callum Skinner – Islam El Shehaby
What’s in the name!
Abonneren op:
Posts (Atom)