Op Hallo040 mijn tweede artikel gepubliceerd. Hallo040 is een webmagazine met artikelen over Eindhoven in de breedste zin van het woord. Het is de bedoeling dat ik maandelijks, afwisselend voor de rubrieken 'Sport' en 'Lifestyle', een artikel schrijf.
Mijn tweede artikel gaat over restaurant Smalle Haven een broedplaats voor creatieve geesten, naar een zelf bedacht horecaconcept van Rob van der Ploeg. Het artikel is hier te lezen.
Het was leuk om het artikel te schrijven. De gedrevenheid en directheid waarmee Rob van der Ploeg zijn horecaconcept uitdraagt werkt aanstekelijk. Binnenkort ga ik er ook eens eten. Vlees, vis of vegetarisch met zelfgekozen ingrediënten. Ik laat me verrassen.
Mien Smalle Haven
Posts tonen met het label interview. Alle posts tonen
Posts tonen met het label interview. Alle posts tonen
04-05-2012
12-04-2012
Zumba Gold
Vandaag is mijn eerste artikel op de website Hallo040 gepubliceerd. Hallo040 is een webmagazine met artikelen over Eindhoven in de breedste zin van het woord.
Het is de bedoeling dat ik maandelijks, afwisselend voor de rubrieken 'Sport' en 'Lifestyle', een artikel ga schrijven. Mijn eerste artikel gaat over Zumba Gold en is hier te lezen.
Het was hartstikke leuk om het artikel te schrijven. Als voorbereiding heb ik een proefles Zumba gevolgd bij Dansschool Step by Step te Eindhoven. Vanuit ervaring schrijven is en blijft een leuke sport. Via de mail en twitter heb ik al een paar leuke reacties ontvangen op mijn eersteling. Waarvoor dank.
Mien Zumba
Het is de bedoeling dat ik maandelijks, afwisselend voor de rubrieken 'Sport' en 'Lifestyle', een artikel ga schrijven. Mijn eerste artikel gaat over Zumba Gold en is hier te lezen.
Het was hartstikke leuk om het artikel te schrijven. Als voorbereiding heb ik een proefles Zumba gevolgd bij Dansschool Step by Step te Eindhoven. Vanuit ervaring schrijven is en blijft een leuke sport. Via de mail en twitter heb ik al een paar leuke reacties ontvangen op mijn eersteling. Waarvoor dank.
Mien Zumba
01-12-2011
Poezenvrouwtje
De wind waait door de bomen. Het is een druilerige ochtend. Aan de overkant van de straat zit vol ongeduld een witte poes op wacht. Haar blik is strak naar het oosten gericht. Waar blijft ze nou. Het zal niet lang meer duren of ze komt eraan. Plots veert ze op en dribbelt snel naar het eind van de straat. Daar is ze eindelijk, het poezenvrouwtje.
Het is een vast ritueel geworden. Elke dag klokslag zeven uur trekt het poezenvrouwtje aan mijn raam voorbij. Ik spring snel naar buiten, gewapend met pen, blocnote en camera en stel me aan haar voor. Tijd voor een interview met het poezenvrouwtje. Terwijl de witte poes om haar benen heen drentelt doet Joke haar verhaal.
Elf jaar geleden is het allemaal begonnen. Bij het kapotte hek van de Dahliatuin achter het tranformatorhuisje. Daar zag zij iedere dag drie witte poezen verwilderd rondstruinen. Uit navraag bleek dat de poezen waren uitgezet in de Dahliatuin om konijnen en muizen te vangen. Maar niemand ontfermde zich echt over de poezen. Joke besloot voor de poezen te gaan zorgen. Al gauw overleden twee van de drie poezen. Eentje bleek de niesziekte te hebben en de ander had een virus. Alleen Poppetje bleef over.
Elf jaar lang verzorgt ze Poppetje nu al. Dag in dag uit. Weer of geen weer. Slechts één keer liet ze een maand verstek gaan door een ziekenhuisopname. Haar man nam de taak toen over. In elf jaar tijd heeft Joke verschillende poezen verzorgd. In de hoogtijdagen maar liefst twaalf tegelijk. Op drie verschillende plekken deelt Joke voedsel uit. Poezen houden immers graag van een eigen territorium. Poezenoorlogen en -ziektes hebben het huidige aantal teruggebracht tot vier.
Als Joke ziet dat een poes ziek is krijgt deze extra aandacht en wat luxer voer. Als de poes ziek blijft neemt ze een reishok mee om de poes te vangen en af te geven aan de dierenambulance. Gelukkig komt dat niet vaak voor. Soms voegt zich ook een hongerige huiskat bij de zwerfkatten. Geen probleem, want Joke heeft altijd eten genoeg bij zich.
Ze hoopt nog lang voor de poezen te kunnen zorgen. Maar voor hoe lang nog? Met de komst van de nieuwe verkeersweg verdwijnt ook de habitat van de lieve poezen. Misschien neem Joke Poppetje dan wel mee. Als ze Poppetje vijf weken binnen houdt raakt ze misschien gehecht en kan ze aarden. Ongeduldig drentelt Poppetje op en neer. Ze heeft honger. Joke duikt in haar fietstas en haalt een kartonnetje melk te voorschijn.
Vervolgens zegt ze kordaat: sommige mensen zeggen tegen mij dat zij hun kat niet binnen kunnen houden en wegloopt. Dat is onzin. Met liefde en geduld blijft iedere kat aan huis. Geen muis die dan op tafel danst. Vol bewondering neem ik afscheid van Joke en bedank haar voor het interview. Een mooi mens, het poezenvrouwtje.
Mien zweeft en zwetst door Helmond-West
Gepubliceerd in Wijkkrant Helmond West December 2011 > Poezenvrouwtje
Het is een vast ritueel geworden. Elke dag klokslag zeven uur trekt het poezenvrouwtje aan mijn raam voorbij. Ik spring snel naar buiten, gewapend met pen, blocnote en camera en stel me aan haar voor. Tijd voor een interview met het poezenvrouwtje. Terwijl de witte poes om haar benen heen drentelt doet Joke haar verhaal.
Elf jaar geleden is het allemaal begonnen. Bij het kapotte hek van de Dahliatuin achter het tranformatorhuisje. Daar zag zij iedere dag drie witte poezen verwilderd rondstruinen. Uit navraag bleek dat de poezen waren uitgezet in de Dahliatuin om konijnen en muizen te vangen. Maar niemand ontfermde zich echt over de poezen. Joke besloot voor de poezen te gaan zorgen. Al gauw overleden twee van de drie poezen. Eentje bleek de niesziekte te hebben en de ander had een virus. Alleen Poppetje bleef over.
Elf jaar lang verzorgt ze Poppetje nu al. Dag in dag uit. Weer of geen weer. Slechts één keer liet ze een maand verstek gaan door een ziekenhuisopname. Haar man nam de taak toen over. In elf jaar tijd heeft Joke verschillende poezen verzorgd. In de hoogtijdagen maar liefst twaalf tegelijk. Op drie verschillende plekken deelt Joke voedsel uit. Poezen houden immers graag van een eigen territorium. Poezenoorlogen en -ziektes hebben het huidige aantal teruggebracht tot vier.
Als Joke ziet dat een poes ziek is krijgt deze extra aandacht en wat luxer voer. Als de poes ziek blijft neemt ze een reishok mee om de poes te vangen en af te geven aan de dierenambulance. Gelukkig komt dat niet vaak voor. Soms voegt zich ook een hongerige huiskat bij de zwerfkatten. Geen probleem, want Joke heeft altijd eten genoeg bij zich.
Ze hoopt nog lang voor de poezen te kunnen zorgen. Maar voor hoe lang nog? Met de komst van de nieuwe verkeersweg verdwijnt ook de habitat van de lieve poezen. Misschien neem Joke Poppetje dan wel mee. Als ze Poppetje vijf weken binnen houdt raakt ze misschien gehecht en kan ze aarden. Ongeduldig drentelt Poppetje op en neer. Ze heeft honger. Joke duikt in haar fietstas en haalt een kartonnetje melk te voorschijn.
Vervolgens zegt ze kordaat: sommige mensen zeggen tegen mij dat zij hun kat niet binnen kunnen houden en wegloopt. Dat is onzin. Met liefde en geduld blijft iedere kat aan huis. Geen muis die dan op tafel danst. Vol bewondering neem ik afscheid van Joke en bedank haar voor het interview. Een mooi mens, het poezenvrouwtje.
Mien zweeft en zwetst door Helmond-West
Gepubliceerd in Wijkkrant Helmond West December 2011 > Poezenvrouwtje
01-09-2011
Kort geknipt en glad geschoren
Al zes jaar lang fiets ik er iedere zaterdag voorbij. De herenkapsalon aan de Mierloseweg.
Maar deze keer niet. Mijn haar schreeuwt om geknipt te worden. De grote vraag is natuurlijk: is de kapsalon ook geknipt voor mij?
Eenmaal over de drempel word ik vriendelijk begroet door een aardige dame. Op zich verrassend in een herensalon, maar de kapsalon blijkt heel modern. Al drie generaties gaan ze met hun tijd mee. Als jonge onderzoeker vuur ik mijn vragen onmiddellijk af op de aardige dame. En zij vertelt vol trots honderduit en bevlogen. Vanzelfsprekend valt vader Spoormakers met hetzelfde enthousiasme haar regelmatig bij.
Ik val met de neus in de boter en word op mijn wenkbrauwen bediend. Ik krijg in kort Amerikaans een nieuw fris kapsel aangemeten. Gelijktijdig word ik ingewijd in de magische wereld van het kappersvak met een onvervalst kappersjargon. In korte tijd leer ik dat het kort Amerikaans zijn oorsprong kent in Frankrijk, ook wel het Brosse-kapsel geheten. Ja, ja, Bebop blijkt grensoverschrijdend en van alle tijden. De jeugd van tegenwoordig noemt het nu Blockhead.
Om dit eenvoudig lijkend kapsel goed te doen slagen is een bijzonder gereedschap voor handen. Werd vroeger nog de Blockhead met kam en schaar gemodelleerd, heden ten dage wordt de Flattopper ingezet. Let wel, met ingebouwde waterpas. Het resultaat is strak. Mijn lieve harenarchitect levert in no time een mooi kunstwerkje af.
Ik voel me helemaal happy in de mooie authentieke Belmont-stoel. Die draagt al sinds 1926 trouw al haar klanten. Net als de kapperszaak is zij sinds kort kompleet in het nieuw gestoken. De stoel en zijn omgeving hebben beide een nieuwerwetse outfit gekregen. Ontspannen leun ik achterover.
Op de achtergrond klinkt zachtjes muziek uit de boxen. 100% NL. De klanten weten Spoormakers al jarenlang te vinden. En ik mag het best wel verklappen. Ze komen niet alleen maar voor hun haren. Nee, ook de oren willen graag wat nieuws. Zo wordt in de kapperszaak met regelmaat West-Helmonds nieuws geboren. Maar pas op, alleen voor wie het horen wil en altijd in vertrouwen.
Aan de Mierloseweg wordt het kappersvak met grote liefde bedreven. En niet alleen met liefde voor het vak maar ook met liefde voor de mens. Al 85 jaar lang. De klanten komen trouw van heinde en van verre, van Helmond tot Roermond. De jongste klant moet nog geboren worden en de oudste is al 94. Onder de klandizie bevindt zich een divers pluimage. Het is een zorgzaam en sociaal beroep. De gewone man is er van harte welkom en evenzo de advocaat.
Ook al is de werktijd door de jaren heen aardig opgerekt, oude trouwe klanten worden niet vergeten. Zij worden op hun thuisadres op hun wenkbrauwen bediend. Eigenlijk net als ik. Spoormakers maakt geen onderscheid in dienstverlening. Zo opa, zo vader, zo vader, zo dochter. Vol trots worden nog de lidmaatschapsmedailles getoond van eeuwige trouw aan kappersbond Anko. De leesmap met actuele edities wordt hier nauwelijks gesleten want alles gaat op afspraak. En de boeddha aan de muur? Ach, die vind het allemaal oké. Hij is al sinds de eeuwigheid kort geknipt en glad geschoren.
Mien zweeft en zwetst door Helmond-West
Gepubliceerd in Wijkkrant Helmond West September 2011 > Kort geknipt en glad geschoren
Maar deze keer niet. Mijn haar schreeuwt om geknipt te worden. De grote vraag is natuurlijk: is de kapsalon ook geknipt voor mij?
Eenmaal over de drempel word ik vriendelijk begroet door een aardige dame. Op zich verrassend in een herensalon, maar de kapsalon blijkt heel modern. Al drie generaties gaan ze met hun tijd mee. Als jonge onderzoeker vuur ik mijn vragen onmiddellijk af op de aardige dame. En zij vertelt vol trots honderduit en bevlogen. Vanzelfsprekend valt vader Spoormakers met hetzelfde enthousiasme haar regelmatig bij.
Ik val met de neus in de boter en word op mijn wenkbrauwen bediend. Ik krijg in kort Amerikaans een nieuw fris kapsel aangemeten. Gelijktijdig word ik ingewijd in de magische wereld van het kappersvak met een onvervalst kappersjargon. In korte tijd leer ik dat het kort Amerikaans zijn oorsprong kent in Frankrijk, ook wel het Brosse-kapsel geheten. Ja, ja, Bebop blijkt grensoverschrijdend en van alle tijden. De jeugd van tegenwoordig noemt het nu Blockhead.
Om dit eenvoudig lijkend kapsel goed te doen slagen is een bijzonder gereedschap voor handen. Werd vroeger nog de Blockhead met kam en schaar gemodelleerd, heden ten dage wordt de Flattopper ingezet. Let wel, met ingebouwde waterpas. Het resultaat is strak. Mijn lieve harenarchitect levert in no time een mooi kunstwerkje af.
Ik voel me helemaal happy in de mooie authentieke Belmont-stoel. Die draagt al sinds 1926 trouw al haar klanten. Net als de kapperszaak is zij sinds kort kompleet in het nieuw gestoken. De stoel en zijn omgeving hebben beide een nieuwerwetse outfit gekregen. Ontspannen leun ik achterover.
Op de achtergrond klinkt zachtjes muziek uit de boxen. 100% NL. De klanten weten Spoormakers al jarenlang te vinden. En ik mag het best wel verklappen. Ze komen niet alleen maar voor hun haren. Nee, ook de oren willen graag wat nieuws. Zo wordt in de kapperszaak met regelmaat West-Helmonds nieuws geboren. Maar pas op, alleen voor wie het horen wil en altijd in vertrouwen.
Aan de Mierloseweg wordt het kappersvak met grote liefde bedreven. En niet alleen met liefde voor het vak maar ook met liefde voor de mens. Al 85 jaar lang. De klanten komen trouw van heinde en van verre, van Helmond tot Roermond. De jongste klant moet nog geboren worden en de oudste is al 94. Onder de klandizie bevindt zich een divers pluimage. Het is een zorgzaam en sociaal beroep. De gewone man is er van harte welkom en evenzo de advocaat.
Ook al is de werktijd door de jaren heen aardig opgerekt, oude trouwe klanten worden niet vergeten. Zij worden op hun thuisadres op hun wenkbrauwen bediend. Eigenlijk net als ik. Spoormakers maakt geen onderscheid in dienstverlening. Zo opa, zo vader, zo vader, zo dochter. Vol trots worden nog de lidmaatschapsmedailles getoond van eeuwige trouw aan kappersbond Anko. De leesmap met actuele edities wordt hier nauwelijks gesleten want alles gaat op afspraak. En de boeddha aan de muur? Ach, die vind het allemaal oké. Hij is al sinds de eeuwigheid kort geknipt en glad geschoren.
Mien zweeft en zwetst door Helmond-West
Gepubliceerd in Wijkkrant Helmond West September 2011 > Kort geknipt en glad geschoren
01-03-2011
Van de Vorst geen kwaad
De vlaggen hangen er in top. De entreehal ruikt naar stof. Overal hangen posters aan de muur met kleurrijk uitgedoste mensen. In de stoffenhal kijkt een man met grijs haar mij grijnzend aan. “Kan ik iets voor u betekenen?” - “Ja, ik ben op zoek naar eigenaar Fons en wil alles weten over dit mooie stoffenpaleis.” Welke Fons zoekt u meneer, we hebben er drie. Ik ben Fons d’n 2e.
Fons vertelt honderduit. Over het familiebedrijf dat meer dan 40 jaar bestaat en al drie generaties lang gehuisvest zit aan de Mierloseweg. Eerst over vader Fons d’n 1e, die op de plek waar nu de babywinkel zit, een kleine textielwinkel begon. In de avonduren fungeerde de winkel als dé ontmoetingsplek in Helmond-West. Aan de gevel hing namelijk de eerste Helmondse straatlamp. Een lamp die Obragas elke avond kwam ontsteken.
Het familiebedrijf heeft in de tijd een flinke klantenkring opgebouwd en neemt een prominente plek in op markten en beurzen. Jaarlijks staan ze op de grootste markt van Nederland, Sint Joep in Sittard. In de theater- en textielwereld is het bedrijf gekend. Het bedrijf levert onder andere stof aan het TV-programma “Sterren dansen op het ijs”. Maar ook aan een beroemde Russische bodybuildster. Allemaal via mond tot mond reclame. “We hebben zelf nooit reclame hoeven maken”, zegt Fons trots.
In de regio weten vele carnavalsverenigingen het bedrijf te vinden, net als studenten van kunst- en designacademies. Goede kwaliteit-prijsverhouding, grote voorraden en maatwerk zijn het handelsmerk. In de jaren 90 zocht een klant een zalmkleurige stof. Deze was nergens verkrijgbaar. Van der Vorst ging op zoek en dook de stof op in een klein magazijn in Manchester. “Dat zijn de dingen die dit vak zo leuk maken”, aldus Fons.
Inmiddels is het bedrijf overgedragen aan dochter Manon en zoon Fons de 3e. Met eenzelfde trots als haar vader vertelt Manon over de nieuwste modetrend in stoffen: de wendepailletten. Polyester stoffen en de kleur stof worden nog altijd het meest verkocht.
Fons de 2e voorspelt dit jaar een kleurrijk Carnaval. Het valt op dat mensen steeds creatiever worden in hun kledingkeuze. Dat is mede te danken aan het Carnavalsthema van dit jaar: “We stôn ‘r gekleurd op!”
Tijd voor afscheid. Ik maak nog even een foto van Fons de 2e en zijn vrouw. Vanaf een poster achter de toonbank kijkt naamgenoot Peter van der Vorst mij met een vette knipoog aan. “Hij vond het zo leuk dat zijn familienaam op de gevel stond en wilde voor de etalage op de foto”, aldus Fons.
Mien zweeft en zwetst door Helmond-West
Gepubliceerd in Wijkkrant Helmond West Maart 2011 > Van de Vorst geen kwaad
Fons vertelt honderduit. Over het familiebedrijf dat meer dan 40 jaar bestaat en al drie generaties lang gehuisvest zit aan de Mierloseweg. Eerst over vader Fons d’n 1e, die op de plek waar nu de babywinkel zit, een kleine textielwinkel begon. In de avonduren fungeerde de winkel als dé ontmoetingsplek in Helmond-West. Aan de gevel hing namelijk de eerste Helmondse straatlamp. Een lamp die Obragas elke avond kwam ontsteken.
Het familiebedrijf heeft in de tijd een flinke klantenkring opgebouwd en neemt een prominente plek in op markten en beurzen. Jaarlijks staan ze op de grootste markt van Nederland, Sint Joep in Sittard. In de theater- en textielwereld is het bedrijf gekend. Het bedrijf levert onder andere stof aan het TV-programma “Sterren dansen op het ijs”. Maar ook aan een beroemde Russische bodybuildster. Allemaal via mond tot mond reclame. “We hebben zelf nooit reclame hoeven maken”, zegt Fons trots.
In de regio weten vele carnavalsverenigingen het bedrijf te vinden, net als studenten van kunst- en designacademies. Goede kwaliteit-prijsverhouding, grote voorraden en maatwerk zijn het handelsmerk. In de jaren 90 zocht een klant een zalmkleurige stof. Deze was nergens verkrijgbaar. Van der Vorst ging op zoek en dook de stof op in een klein magazijn in Manchester. “Dat zijn de dingen die dit vak zo leuk maken”, aldus Fons.
Inmiddels is het bedrijf overgedragen aan dochter Manon en zoon Fons de 3e. Met eenzelfde trots als haar vader vertelt Manon over de nieuwste modetrend in stoffen: de wendepailletten. Polyester stoffen en de kleur stof worden nog altijd het meest verkocht.
Fons de 2e voorspelt dit jaar een kleurrijk Carnaval. Het valt op dat mensen steeds creatiever worden in hun kledingkeuze. Dat is mede te danken aan het Carnavalsthema van dit jaar: “We stôn ‘r gekleurd op!”
Tijd voor afscheid. Ik maak nog even een foto van Fons de 2e en zijn vrouw. Vanaf een poster achter de toonbank kijkt naamgenoot Peter van der Vorst mij met een vette knipoog aan. “Hij vond het zo leuk dat zijn familienaam op de gevel stond en wilde voor de etalage op de foto”, aldus Fons.
Mien zweeft en zwetst door Helmond-West
Gepubliceerd in Wijkkrant Helmond West Maart 2011 > Van de Vorst geen kwaad
01-07-2010
Twee buurvrouwen
Een bijzondere ontmoeting met twee bijzondere dames. Beiden wonen al meer dan 55 jaar in dezelfde straat. Op nog geen 15 meter van elkaar. Lief en leed hebben zij gedeeld. Met elkaar en met de buurt. Het afgelopen jaar verloren beiden hun dierbare echtgenoot. Binnen niet al te lange tijd moeten zij Helmond-West verlaten. Huis en haard worden geofferd aan een drukke nieuw te bouwen weg. Het raakt hen in hun hart. Toch voeren warme herinneringen de boventoon. Een kleine terugblik met twee geweldige buurvrouwen.
Wat is jullie fijnste herinnering?
Daar hoeven de beide dames niet lang over na te denken. De geboorte van hun kinderen. Ja en het spelen van de kinderen in de straat, met elkaar. Vol trots vertellen ze over wie er vroeger in de straat woonden. Het was toen eigenlijk een elitestraat. Met de pastoor die woonde op de hoek, naast de school.
Wat is jullie vervelendste herinnering?
Die hebben we niet, roepen beide dames in koor. We hebben het hier altijd goed gehad. Geen vervelende dingen meegemaakt. Nooit. Dat de huizen hier plat moeten, dat vinden we wel erg.
Wat wensen jullie jezelf voor de toekomst?
Een goede gezondheid, zegt de een. De ander denkt even na. Het wordt nooit meer zoals het geweest is, verzucht ze even, ik hoop een goede verhuizing en dat ik nog kan aarden in een nieuwe omgeving.
Wat is jullie levensmotto?
Positief blijven en niet bij de pakken neerzitten, dat heeft mij altijd geholpen. Ik weet het nog niet, antwoordt de andere buurvrouw. Na regen komt zonneschijn. Nee wacht, ik weet er nog één. Zoals het klokje thuis tikt, tikt het nergens. Gniffelend vallen de beide dames elkaar in de armen. Ik zal je altijd blijven opzoeken buurvrouw en ook je krulspelden inzetten, als je dat maar weet. Een brede glimlach verschijnt op beide gezichten.
Wat willen jullie de jeugd die in de wijk achterblijft nog meegeven, dames?
Saamhorigheid, antwoordt één buurvrouw onmiddellijk, waarop de ander aanvult, ja, dat is erg belangrijk. En er voor zorgen dat je een eigen thuis maakt. Dat heb ik hier altijd gehad.
Ik ben onder de indruk van de kracht die beide dames uitstralen en het plezier dat ze met elkaar hebben. Samen brengen we een toast uit op de toekomst. Achter in de tuin hoor ik de oude notenboom, 55 jaren geleden geplant, stilletjes diep zuchten.
Mien zweeft en zwetst door Helmond-West
Gepubliceerd in Wijkkrant Helmond West Juli 2010 > Twee buurvrouwen
Wat is jullie fijnste herinnering?
Daar hoeven de beide dames niet lang over na te denken. De geboorte van hun kinderen. Ja en het spelen van de kinderen in de straat, met elkaar. Vol trots vertellen ze over wie er vroeger in de straat woonden. Het was toen eigenlijk een elitestraat. Met de pastoor die woonde op de hoek, naast de school.
Wat is jullie vervelendste herinnering?
Die hebben we niet, roepen beide dames in koor. We hebben het hier altijd goed gehad. Geen vervelende dingen meegemaakt. Nooit. Dat de huizen hier plat moeten, dat vinden we wel erg.
Wat wensen jullie jezelf voor de toekomst?
Een goede gezondheid, zegt de een. De ander denkt even na. Het wordt nooit meer zoals het geweest is, verzucht ze even, ik hoop een goede verhuizing en dat ik nog kan aarden in een nieuwe omgeving.
Wat is jullie levensmotto?
Positief blijven en niet bij de pakken neerzitten, dat heeft mij altijd geholpen. Ik weet het nog niet, antwoordt de andere buurvrouw. Na regen komt zonneschijn. Nee wacht, ik weet er nog één. Zoals het klokje thuis tikt, tikt het nergens. Gniffelend vallen de beide dames elkaar in de armen. Ik zal je altijd blijven opzoeken buurvrouw en ook je krulspelden inzetten, als je dat maar weet. Een brede glimlach verschijnt op beide gezichten.
Wat willen jullie de jeugd die in de wijk achterblijft nog meegeven, dames?
Saamhorigheid, antwoordt één buurvrouw onmiddellijk, waarop de ander aanvult, ja, dat is erg belangrijk. En er voor zorgen dat je een eigen thuis maakt. Dat heb ik hier altijd gehad.
Ik ben onder de indruk van de kracht die beide dames uitstralen en het plezier dat ze met elkaar hebben. Samen brengen we een toast uit op de toekomst. Achter in de tuin hoor ik de oude notenboom, 55 jaren geleden geplant, stilletjes diep zuchten.
Mien zweeft en zwetst door Helmond-West
Gepubliceerd in Wijkkrant Helmond West Juli 2010 > Twee buurvrouwen
Abonneren op:
Posts (Atom)