Posts tonen met het label marlboro. Alle posts tonen
Posts tonen met het label marlboro. Alle posts tonen

14-10-2008

Rookverhaal 21: Light my fire

Ach, wat zal ik de rook missen. Nee, niet als kiespijn, maar als hartpijn of longpijn. Nooit meer kuchen, nooit meer rochelen, doodzonde. Wat zal ik het missen, de paniekaanvallen, de zweethanden. Waar is mijn aansteker? Waar heb ik het pakje gelaten? Waar kan ik midden in de nacht nog sigaretten kopen? Waar is gvd de rookcoupé?
Wat zal ik het missen. De eerste sigaret in de morgen, nog voor het eten, de laatste sigaret tussen de lakens. Wat zal ik het missen. Mijn afgerookte buikje dat nog net binnen esthetische grenzen is gebleven en waarschijnlijk langzaam zwangerschapsvormen zal gaan aannemen. Wat zal ik het missen. Al die lege kartonnen rood/wit doosjes in mijn huiskamer en de volgepropte asbakken.

Zal ik dat wel allemaal aankunnen? Veel zuurstof, hongergevoel, zintuigprikkeling, beter ruiken. Zal ik daar tegen kunnen? Al die geuren, smaken. Wat als ik mijn huis nu weer beter ruik en mijn kleren. Zal het dan niet stinken? Haal ik me dan niet nog meer problemen op de hals? Moet ik dan echt weer stofzuigen, mijn flat een natte beurt geven? Nog meer kleren wassen? Zal ik mijn studie nu wel kunnen afronden? En kunnen mijn toekomstige tennistegenstanders al mijn vrijkomende energie nog wel volgen, ze hebben het al zo moeilijk met al dat geren van mij? Rob rennt. Ach, het zal me worst wezen. Ik ben er nooit aan toe dus waarom nog langer wachten. Ik test mijn geduld, uithoudingsvermogen en karakter voor de tigste keer en zie het als de zoveelste uitdaging.

Ik schrijf het op een A-4. Dat helpt. Doelstelling: stoppen met roken binnen 1 jaar. Ik heb nog drie sigaretten te gaan en dan is het over. Deze doelstelling is sowieso beter haalbaar dan de doelstelling die ik afgelopen zeilweekend gesteld had op een dronken avond. De tijdslimiet waarin ik de doelstelling wilde bereiken was weliswaar aanzienlijk korter dan degene die ik nu opstel maar ja ik was wel wat meer afhankelijk van derden. Nu heb ik alles zelf in de hand. Alhoewel, ik kan natuurlijk de steun niet ontberen van mijn rooklezers. Bovendien is het versieren (lees neuken) van twee vrouwen aan de bar in een Loosdrechts plattelandscafé binnen twee uur een onhaalbare missie. Vergelijkbaar met het om de ijsblokken heen varen met de Titanic op het moment suprème.

Ook ik heb schipbreuk geleden. De aanleiding voor de versierpoging was dan weer wel leuk. Nooit geweten dat mensen ook via ringtones contact leggen. Een zekere Chantal werd zo lyrisch van mijn verzoek aan de barman om The Doors te spelen, dat ik spontaan langs drie bargasten door, door haar toegeroepen werd: “Hé, ik heb Light my Fire op mijn GSM als ringtone, wil jij die ook?” Uiteraard heb ik haar aan de bar gebeld. Het werd niets. Zij sliep in een hotel en ik op een boot. Wie houdt er nu niet van primitief?

Rookmien

"Rookverhalen", een compilatie van hersenspinsels opgehoest tijdens het stoppen met roken vanaf het najaar van 2001. Oftewel het laatste verhaal uit de verhalen van een jonge dichter bij trekdrop en kaarslicht gevonden in een verborgen archief en nooit eerder gepubliceerd.


22-05-2003

Rookverhaal 17: De sigaretten van Catan

Na een tijdelijke ‘fall out’ ben ik helaas weer gedwongen mijn toetsenbord te gebruiken om bibberende vingers houvast te geven. Kerst en Carnaval 2002 en al die andere festiviteiten hebben me geen goed gedaan. Slechts op het gebied van roken wel te verstaan. Omdat mijn rookgedrag ernstige vormen begint aan te nemen, probeer ik op mijn toetsenbord weer een originele samenstelling te vinden van letters, cijfers en interpunctie en deze te smeden tot prachtige volzinnen die ook hopelijk houvast bieden aan de lezer.

Zodoende hoop ik mijn rooktrauma op een therapeutisch verantwoorde wijze in de juiste context van mijn leven te plaatsen, of beter gezegd buiten mijn leven te plaatsen. Geen pleisters, geen trekdrop, geen acupunctuur, geen rooibos of groene thee. Nee, slechts het verzetten der zinnen en een onverbiddelijk ‘nee’ tegen alles wat as oplevert.

Tja, hoe kwam dat eigenlijk nou? Drie maanden ‘schoon’ en dan toch dat foute pafje. Verslaving is een sluipmoordenaar, altijd op de loer. And he hit me again. Een stralende, stekende, zeurende pijn trekt sinds twee weken van achter mijn schouderblad dwars door mijn longweefsel naar de voorkant om daar te blijven sluimeren achter mijn lichtbehaarde tepel. Daar is de kogel ergens blijven hangen. Kortom heel vervelend.

Combinatie van stress en roken (twee hartsvijanden), is de diagnose van mijn antroposofische huisarts (dit woord dient vervangen te worden want volgens mij komt een huisarts zelden aan huis, beter is telefoonarts of buitenarts of consultarts). Ik ben bijna ingegaan op zijn vriendelijke en goedbedoelde aanbod om de symptomen te bestrijden met een warmtepleister. De associatie met nicotine was snel gelegd, ik ga voor de bestrijding van de kwaal. Een karakterkwestie. Dood of de gladiolen.

Ik verklaar de tabaksindustrie de oorlog. Meteen groot denken en aanpakken. In spelvorm uiteraard. Ik strijd tegen de sigaretten van Catan, de legers van Marlboro en speel Risk voor rookgevorderden! Omdat ook politiek de oorlog bepaald wordt het kiezen en delen. Ik ga voor een leefbare Rob. Onfortuinlijk gooi ik alle sigaretten buiten. De grens is bereikt. Mijn longen zijn vol!

Ach, was het leven maar zo eenvoudig. Zoals voor de boer in Boerenpsalm van Felix Timmermans. Lekker aards en toch een beetje zweven. Mijmeringen van een levensgenieter..

Rookmien

"Rookverhalen" een compilatie van hersenspinsels opgehoest tijdens het stoppen met roken in de herfst van 2001. Oftewel verhalen van een jonge dichter bij trekdrop en kaarslicht.





26-04-2003

Rookverhaal 13: Makkers staakt uw wild gerook ...

Het heerlijk avondje is gekomen, het avondje van Sint Marlboro. Door de rooksteen opgetogen, zwart als roet. Wie zoet is krijgt lekkers wie stout is de roe … Tja, dan weet ik het wel. Potverdikke, dit weekend door gebrek aan stress 2x gezondigd. En wel heel stevig.

Was ik net van mijn driedimensionale tetrisverslaving af, komt het rookgevaar weer om de hoek. Het begint wel ernstige vormen aan te nemen. Ik zie nu zelfs in het pak van Sinterklaas een Marlboro-dessin. En dat in het weekend van pakjes(Marlboro)avond. Of dit nou te maken heeft met het afronden van een druk studieblok of een nieuwe kennismaking met een stormachtig café doet even niet ter zake.

Belangrijker is de misvatting dat na een maand stoppen met roken de geest al sterk genoeg is voor verleiding. Mooi niet dus, bij die ene blijft het dan niet meer. Ik ga het nu niet hebben over een tijdelijke terugval. Want dan ben ik op sterven na dood. Nee, gewoon toegeven, ik ben nog niet zover.

Dat wordt dus weer een nieuwe start. Ditmaal onverbiddelijk nee zeggend tegen elke verleiding. Je blijft per slot van rekening verslaafd. De snuif, de trek, de gezelligheid, het genot, de gedachte aan die cowboystokken heeft blijkbaar een terminale plek ingenomen in mijn hersenen. Dat is met geen knapperend houtvuur meer te bestrijden.

Zelfs met woestijnzand erover is deze misstap niet weg te poetsen. Wie zich brand moet op de cactus zitten. Jippiejajee!!! Marlboro-country! Leve Lucky Luck in Portugal. Met vingershag vereeuwigd in Lissabon. Sneller dan zijn schaduw. Moet toch eens met Rataplan gaan praten. That dog doesn’t smoke!


Rookmien

"Rookverhalen" een compilatie van hersenspinsels opgehoest tijdens het stoppen met roken in de herfst van 2001. Oftewel verhalen van een jonge dichter bij trekdrop en kaarslicht.












27-03-2003

Rookverhaal 08: Aangetast glazuur en plakkerige vingers

Het is nu bijna drie weken geleden dat ik alle asbakken uit mijn zicht heb gezet. Slechts twee keer heb ik rokend bezoek gekregen. Vol trots heb ik toen mijn zelf gemaakte asbak tevoorschijn getoverd. Een bruin mannetje in kleermakerszit. Wat heb ik die toch de benen onder zijn lijf vandaan gerookt.

Hij werd als maar bruiner, nee zwart. Zo erg dat de zwarte as zijn glazuren benen aantastte. Heel wat afwasborstels heb ik daarop stuk geschuurd. Maar blinken moest ie. Mijn vers gerolde sjekkies en velen jaren later mijn witte Marlboro’s mochten niet vies worden in de schoot van mijn bruine mannetje.

Vol trots zat ik ook naast mijn rokend bezoek. ‘Zie mij eens niet roken, ik kan het wel’, moet ik uitgestraald hebben. Aan de andere kant kon ik het niet laten om met m’n neus alle rook op te snuiven. Jawel, ik had zelfs overdag mijn zonnige gordijnen gesloten, wetend dat mijn bezoek zou roken als een tierelier, om maar zoveel mogelijk rook op te vangen.

Er lagen nu ook al drie peuken in de schoot van mijn mannetje. Een geoefend oog zag gelijk dat de peuken best wel groot waren. Daar moest vast nog wel iets van te draaien zijn. Twee flesjes bier verder was de buit binnen. Maar liefst 6 peuken had mijn bezoek nagelaten. Mijn niet aflatende blik op de asbak moet mijn bezoek niet onopgemerkt zijn gebleven. De laatste peuk was zeker 5 centimeter.

Na drie weken ging ik dus bijna overstag. Ik zou bijna een vieze vette peuk gedraaid hebben van met bezoekersadem doordrenkte shag. Dat is nog veel erger dan ’s ochtends vroeg het glas met rochel ledigen op nuchtere maag. Paniek slaat toe. Ik heb nu toch wel een onweerstaanbare drang naar alles wat ook maar enigszins met roken te maken kan hebben.

Grote, witte Marlboro’s zweven rond in mijn hallucinaties. In gedachte zie ik mezelf een lekker sjekkie pielen. Maar het lukt niet meer. Telkens rolt de vloei van mijn vingers weg. Telkens komt er weer een vouw in mijn vloei. Het plukje shag is ook al niet voldoende. Met twee plukjes shag wordt het rollen helemaal een probleem. De shag is droog, het vloeitje te glad, mijn vingers plakkerig. Jeugdtrauma’s komen boven. Zwetend van paniek wordt mijn vloeitje nat. Ik moet echt stoppen.

Rookmien

"Rookverhalen" een compilatie van hersenspinsels opgehoest tijdens het stoppen met roken in de herfst van 2001. Oftewel verhalen van een jonge dichter bij trekdrop en kaarslicht.