Posts tonen met het label dichter. Alle posts tonen
Posts tonen met het label dichter. Alle posts tonen

25-02-2023

De weg terug

Het is stil
in dichtersopvanghuis
bij de nek gegrepen
uitgeperst
vastgeketend 
klemgezet

tot Piet de pen vat
ouderwets
moord en brand schrijft
lusten zullen ze ervan
van zwarte poëzie
en vette regels

‘Blijf van mijn hoofd’, roep ik nog
de wereld is geen watje
oorlogen van pindakaas
vermoorden de fantasie
absurd gevangen
wij dichters lezen lessen
voor wie horen wil en voelt

27-03-2018

Verslag Literair Podium PoëzieClub Eindhoven i.s.m. dichters Café Eijlders Amsterdam ter gelegenheid sluiting Kunstcafé Malle Abbe

Zondag 25 maart hielden dichters en schrijvers van Café Eijlders Amsterdam en PoëzieClub Eindhoven een Literair Podium in Kunstcafé Malle Abbe te Eindhoven. Het thema voor deze speciale editie was 'Van boven en onder de rivieren'. Een speciale editie omdat dit het laatste optreden was voor dichters en schrijvers van PoëzieClub Eindhoven in Malle Abbe. Wat hebben we er genoten. Voorafgaand aan het podium werd er nog een ode gebracht aan good old Leonard Cohen. Maar dat terzijde.

Van boven en onder de rivieren stroomden de dichters uit regio Amsterdam en Eindhoven binnen. Goed gemutst uiteraard. Het zou een gedenkwaardige middag en avond worden startend met lentezon, koffie, thee, bier en wijn. En niet te vergeten, worst en kaas op de bar. De middag werd afgetrapt door twee presentatoren, Pierre Maréchal van onder de rivier en Paul Lokkerbol van boven de rivier. Zij kondigden afwisselend in blokken de volgende dichters aan.

Kees Godefrooij
Martin Wijtgaard
Marije Hendrikx
Hubert Klaver
Kathinka Kreeberg

Hans F. Marijnissen
Rob Mientjes
Louis van Londen
Max Violier
Rick Kewal

Stanislaus Jaworski
Marijke Hooghwinkel
Jan Wagenaar
Jolies Heij
Adrie Maria Krabbendam

Bianca Hazenberg & Hans Daalmeier
Willem Adelaar
Ingo Oudenaerd
Bob Kalkman
Gérard Vromen

Martin van de Vijfeijke
Katelijne Brouwer
Paul Roelofsen

Remco Sligting
Angela Polderman
Johan Meesters
Pit van Nes
Hermien Koekkoek

Aan het einde was er nog gelegenheid voor Gerwout van Lodewyck de Cortenbergh, Julius Dreyfsandt Zu Schlamm, Bob Heiligers, Jeanine Hoedemakers en Anne Dijkstra om het open podium te betreden.
Daarna was het tijd voor afscheidsgedichten die speciaal te berde gebracht werden als bedankje aan Jan Van De Loo (57), uitbater Kunstcafé Malle Abbe en Hans Jarec de 79-jarige DJ (bekend als DJ van Dancing Aristo / Dancing Drijtap in de jaren 1965 tot 1974).

Ik heb genoten van deze mooie poëziemiddag en neem met enige weemoed afscheid van Malle Abbe waar ik mooie optredens en voordrachten heb mogen meemaken. Zoals daar vandaag de bijzondere voordrachten waren van Renate Spierdijk, met haar melancholische gitaar en heldere zang. Klein en intiem. Het kreeg zelfs de dichters stil. En ook het vitaminendicht van Hubert Klaver blijft in mijn geheugen gegrift. Zo ook het vaderpoëm van Willem Adelaar en het gedicht van Jolies Heij. Ach wat, ik druk het hier gewoon even af in toetsenbordinkt. Er moet toch een gedicht in dit schrijven. Het trof in ieder geval treffend het thema. Zo ook de bijdrage van Gérard Vromen, dichter afkomstig uit het diepe Zuiden, die in het Limburgs Amsterdam bezong.

Over de Lethe

Als ik een rivier had kon ik wegschaatsen
en Joni Mitchell liegt nooit. Er worden geen bomen
meer gekapt noch rendieren opgetuigd als in het
lied, maar de wens blijft zo lang jouw

seizoen van ijs voorziet. We zijn het liefste
kwijt wat ons bezielt, wat te dichtbij.
We koesteren de afstand, de overkant, niet
wat ons vasthoudt maar met de losse hand. Hij

houdt niet van mij, het noorden is te koud
voor veenbrand. Daarom duikt hij onder de
rivier, in de warmte van gloeilampen die

hem doen groeien en zijn twijfels verdampen.
De bedding is zacht, lente geeft vals licht af.
Over geen rivier haal ik hem nog terug naar hier.

Jolies Heij


Valse bescheidenheid is den dichter en schrijver vreemd. Vandaar mijn bijdrage ook maar even benoemd. Hij viel best in goede aarde. Toch een beetje dichter in mij. Een klein beetje. Gestart met niet de lichtste kost. Twee trioletten. Daarna een kleine gimmick. Een gedicht van vier seconden, refererend aan de strenge hantering van de regels tijdens dit podium. 'Denk eraan het moeten gedichten zijn en je hebt vier minuten de tijd om voor te dragen'. Waarvan akte. Ik had de eierwekker voor de zekerheid meegenomen.

Een triolet als schuiftrompet (05-12-2017)
Toilettriolet (06-12-2017)
Een gedicht van vier seconden (25-03-2018)
Lentekramp (28-03-2017)

Helaas heb ik de mooie middag en avond maar mee kunnen maken tot en met de voordracht van Gérard Vromen. De rest heb ik vernomen uit betrouwbare bronnen. Speciale dank gaat uit naar Jan en Hans van Malle Abbe. Het gaat jullie verder goed. Naar Jolies Heij voor het mooie gedicht. Naar Marije Hendrikx en Bianca Hazenberg voor de mooie foto's, waarnaar ik verwijs in de volgende link. Marije maakte de zwart-wit foto's en Bianca de kleurenfoto's zonder iPhoneformaat.
Ook de gasten van boven de rivieren wil ik nog even extra bedanken. Ze hadden een lange weg te gaan. Edoch de moeite waard. Ik was onder de indruk van het hoge niveau van de voordrachten.

Foto-impressie van deze mooie middag en avond is hier te zien. In chronologische volgorde de dichters die hierboven genoemd zijn (uitgezonderd Jeanine Hoedemakers en Anne Dijkstra).


26-07-2017

Dichtman dicht (130317 - 260717)

Kies (130317)

Politiek
Een metafoor
Of matte matador

Stemhok
Open boek
Gordijnen blijven gesloten

Paspoort
Geen gezicht
Na negen jaar

Vouw
In stembiljet
Haast anderhalve meter

Partij
Niet gevonden
Op de achterkant

Geslacht
Man vrouw
Ik kies onzijdig

Keuze
Is reuze
Reeds gisteren gemaakt

Zweven?
Wiet nodig?
Voor vrije teelt

Vrijheid
Op reis
Diep in Turkije

Enclave
Nederlands getint
Niemand die verkiest

Stem
Ja stem
Af op ander

Demo
Cratietherapie
Kostelijk voor niets

Geloof
In jezelf
In eigen kunnen

Samen
De wereld
Behoeden met elkaar

Chapeau
Groen licht
In rode avondschemer

Blauw
En paars
Nooit meer middelen

Lang
Lang leve
Lang leve vrijheid

Advies
Niet nodig
We weten wel

Rood
Gerafeld potlood
En zonder gum

Hok
Zwart omlijnd
Gevuld met kruis

Hart
Bloedend hart
Kloppend in vingers

Kies
De keuze
Die goed voelt


Mata Hari naar Daktari (20-03-2017)

Mata Hari naar Daktari,
Pipo de Clown of Mamalou?
Lawrence! Hij kijkt scheel!
Het zijn blote dames, die ik aanbeveel!


Lentekramp (280317)

Er trekt iets aan mijn ingewanden
Lasso's van ongenoegen sluiten emoties af
Acute hartstilstand
Oorlog in gedachten
Hersencellen strijden om gelijk
In een volledig niets banen ze zich onmogelijke wegen

File, stilstand in mijn donkere brein
Niemand, maar dan ook niemand wil daar toeven
Zwarte galgeur ontsnapt aan lijf en leden
Kramp kroelt in de maag
Mijn hele lichaam hoest
Het doet ongelofelijk veel pijn

Huid stottert, haren rijzen
Mijn schedelpan staat op exploderen
Daar helpt geen aspirientje tegen
Pleisters plakken is zinloos
Lijm laat los en bloed drukt door het plastic
Droog is de mond, hij vraagt om water

Gehemelte plakt, zuigt en klakt
De tong drukt als een leren baksteen tegen tandvlees en gebit
Ik kauw witte pasta en sappig zuig ik menthol binnen
Kleine explosies in luchtwegen en hersenkamers
Frisse moed dringt door tot in mijn tenen
Een metamorfose vindt langzaam plaats

Zon zweeft door mijn zware ziel
Het is vreugde die mijn hart doet openspringen
Quicksteps in mijn ganse lijf
Wals en polka op mijn heupen
Lambada's in mijn buik
Tango, salsa in mijn nek

Tenen voeten staan niet langer stil
Handen vingers doen wat ik niet wil
Armen benen slaan spaghetti in de lucht
Vieren vrijheid, bannen tucht.
Hunkeren, dansen, zoenen, vrijen
Laat passie, liefde maar gedijen


Sjaak Mus (040417)

Zwoel en troel
Zweeft in kraaiennest
Een dappere dodo

Kruit verschoten
Lap voor oog
Haak aan spaakbeen

Kielhalen
Bovenste beste
Opdat gedronken wordt

Zeeschuim
Bommen en granaten
Haddockhoop

Graf zonder aarde
Redding zonder boei
Rust in golfslag

Jack Mus
Moest niks
Hij zegevierde

Slaaf van schip
Hardnekkig stuurs
Vermoord in vooronder


Merelnijd (210417)

Lente in de tuin
Zwarte strijd
Veren fladderen
Aan vleugels

Nek diep gebogen in hals
Gehurkt de kont
Diep in de grond
Kleine kwispeling

Gele ogen spieden
Gele snavel pikt
Pieren in en uit het zand
Heb je dan geen honger?

Fluister geilheid
In mijn schelploos oor
Opdat de aarde bevriest
Voor heel even

Staart omhoog
Staart omlaag
Merelnijd
Vervlogen


Kuit (150517)

In minuut een
Schiet hij kuit

Uit de bocht
Helaas de ander

In minuut elf
Wordt hij held

Helaas geen grip
Wiel eraf gereden

Penalty, weer raak
Alles in drie

Is gewoon pech
Volgende keer beter

Coolsingel wordt gek
De Kuip explodeert

Max buigt diep
De lange lummel

Kuit schiet kuit
Hangt in tribune

Groeten uit Barcelona
Vanuit solide bolide

Hand in hand
Voor Feyenoord een

Hasta la vista
No tengo dinero


Roze Tom (230517)

Okker, Okker, okkernoten
Cooper, Cooper, minicooper

Tube, tube, lekke tube
Tuba, tuba, hoempapa

Flits, flats, keihard omlaag
Zwets, zweet, langzaam omhoog

Giro giraal
Finish aan de haal

Nog vijf, tien, vijftien meter te gaan tot aan de streep.
Blijf nou toch eens liggen verrekte meet.

Honger, honger, nok nok
Zonnestralen in de nek

Klop, klop, who's there
Hallu voor de ogen

Fietsval
Sta op!

Ze komen eraan
Va bene, va bene

Trek aan het stuur
Krom de rug

Gaan met die benen
Ar rief ie dertie

Uit het zadel nu
Roze glimt de bilnaad

Vanuit de tenen een kreun
Bloed spat uit de ogen

Tong hangt uit Tom
Tom, Tom, Tòòòmmmmm

Niet bijten, niet bijten
Stouwen

Dwars door de streep
Wees gegroet hoog in de lucht

Losse handen
Hart loopt over

Nooit meer alleen
Lang leve de zege

Tom van de Molen
Wiekt meisjes van het podium

Een lange arm omvat de beker
Champagne van Joke bruist

Roze, alles is roze
Roze Tom


Erotisch vingergedicht (120617)

Ik dicht
Met vingers
Geen woorden

Wijsvinger duim
Pink ertussen
Nauwelijks pijn

Ringvinger haakt
Middelvinger omhoog
Kut

Strak open
De rechterhand
Gespreide vingers

Linkerhand krampt
Vingers smeken
Laat los

Maar wat?
Lucht happen
Duim dikt

Pink schatert
Middelvinger lacht
Wijsvinger buldert

Ringvinger huilt
Weg ring
Ringweg eindigt

Pijnlijke scheiding
Huwelijk gestrand
Gezellig vrij

Vrij gezellig
Handen vrij
Onder lakens

Handen shaken
Benen trillen
Vingers jeuken

Kom klaar
Handje vol
Vingers plakken

Wijsvinger wijst
Buurvrouw komt
Op middelvinger

Dansende duimen
Likkende vingers
Zuigende pinken

Vuist knijpt
Hand schudt
Mond pijpt

Tong wangt
Wang tongt
Zilte mondexplosie

Lady Pink
Opent duim
Ringt vinger

Shake hand
Loose fingers
Happy ending


Dichter bij de zon (240717)

Bloedje heet
Vingers opgezet
Woorden zweten
Letters smelten
Brandend papier

Bloedje heet hij
Vingers opgezet gespreid
Woorden zweten zinnen
Letters smelten dicht
Brandend papier rookt

Bloedje heet hij altijd
Vingers opgezet gespreid gezwollen
Woorden zweten zinnen zeiknat
Letters smelten dicht aaneen
Brandend papier rookt altijd

Dichter dicht kwantitatief dichtbij zon
Wat kan een dichter zweten
Met vingers opgezet gespreid gezwollen
Letters smelt hij dicht aaneen
Brandend papier rookt altijd stevig

Kan hij dichter, nog dichterbij zon?
Zweten zoals een dichter zweten kan?
Met vingers gespreid, opgezet gezwollen, witheet
Letters smelten dicht aaneen tot vers?
Op altijd stevig rokend brandend papier?

Gloeiendhete zongedichten schieten uit een brandende hemel
Bloedjegeil zoeken zij dorstig naar enthousiast publiek
Om geproefd, gelezen, gehoord, geduid te worden
Zeven dagen lang vierentwintig uur per dag
Dichter bij de zon wil hij blijven


Zonnen (260717)

Zonnen zwemmen in mijn hoofd
Houden het hoofd amper boven water
Ze mogen niet verdrinken

Zonnen zwemmen in mijn hoofd
Ogen stralen, oren gloeien
Hersens koken

Zonnen zwemmen in mijn hoofd
Zetten manen klem
In het diepe duister

Nog even en ik ontwaak
Uit dagdromen die nooit zwijgen
Die eigenlijk niemand wil horen

Zonnen willen zonnen
Eeuwig branden
Onophoudelijk

Zonnen zwemmen in mijn hoofd
Verwarmen mijn gemoed
En stomen mijn gedachten

Mag ik nog heel even slapen
Op mijn zachte deken
Zonlief?

Dichterbij kan ik niet komen
Mijn hart brandt uit mijn borst
Ik mag niet verdrinken

In weemoed noch verlangen
In brandende liefde
In zon noch schaduw

Zonnen

Zonnen zwemmen in mijn hoofd
Houden het hoofd amper boven water
Ze mogen niet verdrinken

Zonnen zwemmen in mijn hoofd
Ogen stralen, oren gloeien
Hersens koken

Zonnen zwemmen in mijn hoofd
Zetten manen klem
In het diepe duister

Nog even en ik ontwaak
Uit dagdromen die nooit zwijgen
Die eigenlijk niemand wil horen

Zonnen willen zonnen
Eeuwig branden
Onophoudelijk

Zonnen zwemmen in mijn hoofd
Verwarmen mijn gemoed
En stomen mijn gedachten

Mag ik nog heel even slapen
Op mijn zachte deken
Zonlief?

Dichterbij kan ik niet komen
Mijn hart brandt uit mijn borst
Ik mag niet verdrinken

In weemoed noch verlangen
In brandende liefde
In zon noch schaduw

Geschreven om voor te dragen tijdens het literair open podium in Bibliotheek Eindhoven op 27-07-2017. Organisatie: PoëzieClub Eindhoven. Thema: Dichter bij de zon.

24-07-2017

Dichter bij de zon

Bloedje heet
Vingers opgezet
Woorden zweten
Letters smelten
Brandend papier

Bloedje heet hij
Vingers opgezet gespreid
Woorden zweten zinnen
Letters smelten dicht
Brandend papier rookt

Bloedje heet hij altijd
Vingers opgezet gespreid gezwollen
Woorden zweten zinnen zeiknat
Letters smelten dicht aaneen
Brandend papier rookt altijd

Dichter dicht kwantitatief dichtbij zon
Wat kan een dichter zweten
Met vingers opgezet gespreid gezwollen
Letters smelt hij dicht aaneen
Brandend papier rookt altijd stevig

Kan hij dichter, nog dichterbij zon?
Zweten zoals een dichter zweten kan?
Met vingers gespreid, opgezet gezwollen, witheet
Letters smelten dicht aaneen tot vers?
Op altijd stevig rokend brandend papier?

Gloeiendhete zongedichten schieten uit een brandende hemel
Bloedjegeil zoeken zij dorstig naar enthousiast publiek
Om geproefd, gelezen, gehoord, geduid te worden
Zeven dagen lang vierentwintig uur per dag
Dichter bij de zon wil hij blijven.


Geschreven om voor te dragen tijdens het literair open podium in Bibliotheek Eindhoven op 27-07-2017. Organisatie: PoëzieClub Eindhoven. Thema: Dichter bij de zon.

31-08-2016

Columns van Harrie (Augustus 2016)

Geringd / Gein & Ongein / 13-08-2016

Raakhout komt keihard op me afgerend. Hij is erg geschrokken. Er ligt een man onder de eikenboom. Zwaar gehavend en ijlend. Ik moet onmiddellijk meekomen. Het is lang geleden dat ik Raakhout zo aangedaan heb gezien en trek snel mijn sandalen aan. Waar is mijn stok? Gevonden. Snel gaan we op pad.

Onder de eikenboom ligt een klein klerenkastje. Brizl djeu, griss mich nich. Anders kan ik het niet benoemen. Ik schat de situatie in en heb al snel in de gaten wat hier het euvel is. Alleen een ding kan ik niet meteen verklaren. Waarom draagt deze jongeman ringen aan zijn enkels. Twee grote ijzeren ringen, aan een ketting? Hij ziet er niet echt bandieterig uit. In tegendeel. Zijn vreedzame gezicht staat op grote tevredenheid. Een flinke glimlach rond zijn mond en heel af en toe laat hij een zucht ontsnappen uit zijn samengeperste mond. Zijn pruillippen bibberen dan een beetje. Als ik me vooroverbuk naar de jongeman ruik ik alcohol. Aha, duidelijk gevalletje nachtelijk doorhalen.

Deze meneer slaapt zijn roes uit. Roes, waarvan, en waarom die ringen? Die vragen blijven openstaan. Ik vraag aan Raakhout hoe lang hij hier al ligt en waar de man precies gehavend is? Ik zie namelijk geen letsels. Een paar uur en hij ijlt om het half uur. We wachten even totdat het halfuur voorbij is. Misschien waren we net na zijn laatste ijlmoment ter plaatse. Raakhout wijst naar de brede borst van de jongeling. Buitenproportie. Bovendien hangen er ook rare worstarmen aan. Dat is toch niet normaal?

Is dat wat Raakhout met gehavend bedoelt? Hij knikt ja. Niets aan de hand hoor. Dit is volgens mij gewoon een gevalletje overtraining. Deze jongeman heeft en teveel sportschool gezien en teveel café. Ik hoor nu geritsel in het struikgewas. Een kleinere en minder gespierd evenbeeld van de jongeling rijst op. En wie bent u? Zwammes, antwoord de man. Vriend en vijand van wat daar ligt. Ah, ik snap het al. Voor de drank vriend en na de drank vijand. Er worden in de tussenfase vaak rare dingen uitgesproken. Rake dingen, ware dingen.

Hij nam mijn plek in vier jaar geleden. En dat neem ik hem nog steeds kwalijk. Waar? Vraag ik met belangstelling. Bij de Olympische Spelen in Londen. Oh, dat maffe wereldspel. Daar heb ik niet zoveel mee. Ik doe aan touwtrekken en dat vind ik sportief genoeg. Hoef er ook geen medaille voor. Ja, ik kan dat erg goed touwtje trekken. In alle vormen en soorten. Het is het liefste dat ik doe. Aan touwen trekken. Ik hou die dingen nou eenmaal het liefst in handen. Bij voorkeur die van mezelf, maar ook die van anderen. Maar vertel eens. Wat is er precies afgelopen nacht gebeurd?

Dat is een lang verhaal. We zweefden door de lucht. Gewoon voor en door de leut. Boven een favela. Ja, in Rio. We waanden ons Batman en Robin. Daar zijn we neergestort. Yoeris Tempeloeris, zo heet mijn vriend en vijand, had vlak te voren, een ringoefening gedaan op de Spelen. Had zich gekwalificeerd voor de volgende ronde individueel en was door het dolle heen. We besloten dat te vieren, trokken na afloop een strak pak aan en zijn de bloemetjes stevig buiten gaan zetten. En ja, toen vlogen we ineens de kroeg uit. Vlak bij die favela. In de kraag gevat door de lokale politie zonder uniform en in de boeien geslagen.

Ik begrijp ineens de ijzeren ringen rond de voeten van Tempeloeris. Weer een vraag opgelost, tot grote geruststelling van Raakhout. Zelf had ik een ijzerzaagje bij me. Een kleintje, zo'n Zwitsers. Zo gepiept. En ik wilde net beginnen aan die van Yoeris, totdat die rare pad op mijn pad kwam. Raakhout heet ie. En hij doet niets hoor.

Waar ben ik? Yoeris is ontwaakt. Als het goed is gaat ie nu ijlen, aldus Raakhout. En ja hoor. Hij spreekt rare zinnen uit. Engelse zinnen. Warrig. Droevig. Maar ook mooi. Zangerig. IJlerig.

One day I'll fly away
Leave your love to yesterday
What more can your love do for me?
When will love be through with me?

Och, daar begint ie weer. Zwammes houdt zijn oren dicht. Al dat zelfmedelijden. Het gaat over zijn ringen. Zwammes wordt er helemaal simpel van. Straks gaat ie ook heel hard schreeuwen. Let maar op.

Maurice, Maurice, ... zielige Ties.

Griss mich nich, waar gaat dit over?
Dat wil je niet weten. Denkt Zwammes.

Voordat Raakhout en ik het goed en wel beseffen stijgt Yoeris plots op. Zijn magere beentjes bungelen achter hem aan. Verzwaard met ringen en ketting. Als een geringde vogel. Met in zijn kielzog Zwammes. Die hij net op tijd aan zijn kleine worstarmpjes vastpakt. Doeg. We gaan op zoek naar Eepke Aap de fladderaar.

Raakhout en ik kijken elkaar aan. Was het dat nou? Brizl djeu, wat een idioot schouwspel. Niets om je over druk te maken. Toch?


Absurd / Gein & Ongein / 26-08-2016

Een vreemde situatie in mijn bos, griss mich nich, ongehoord. Bij iedere boom zie ik een dichter staan. Ja, dichtbij iedere boom. Ze luisteren naar wat de boom te vertellen heeft. Er zitten ook schrijvers tussen. Een groot verschil. Dichter of schrijver zijn. Waarbij gezegd dat een schrijver dichter bij de dichter staat dan een dichter bij de schrijver. Hoe dat zo komt? Simpel. Dichten vraagt meer kunst. Is minder toegankelijk. Een dichter houdt afstand. Een schrijver niet. Een schrijver heeft nood aan voeding. En een dichter voedt. Zo simpel is. Ik schrik er zelf van. Hoe ik aan een zo eenvoudige verklaring kom. Wil nog niet zeggen dat ik er geen last van heb. Van al die dichters en schrijvers in mijn bos.

Ze zijn erg opdringerig. Meters papier dragen ze bij zich. Voor noodgevallen. Ze poepen er nogal op los. Heel vervelend al die opgeschreven diarree, die ze achter iedere boom zich laten ontvallen. Bah. Het stinkt ook nog eens. Als het nu nog eens mooie stukken waren, dan kon ik er nog vrede mee hebben. Maar, nee. Het meeste is toch wel bagger. Het ergste vind ik nog al dat gepiep. Ja, ze dragen allemaal zo'n vreemd kastje bij zich waar ze zorgvuldig op hameren, met hun fletse magere schrijfvingertjes. Na verloop van tijd hoor je dan een piepje. Ik heb het eens gevraagd aan een van de dichters / schrijvers. Wat maakt nu dat piepje?

Oh, dat is een verzonden stuk. Zoveel? Zoveel. Het komt allemaal in de wachtrij bij onze uitgevers. We proberen ze gek te maken. Die uitgevers. Het zijn zulke koekenbakkers. En ze worden schathemeltjerijk van onze productie. Eigenlijk zouden we er eens een tijdje mee moeten stoppen. Zodat ze bankroet zien. Geldwolven. Maar de schrijfdrang is te groot. Verslaafd zijn we aan net schrijven en dichten. Stuk voor stuk. Niemand uitgezonderd. Gelukkig hebben we dit bos gevonden. Vol met bomen. Historische bomen. Die willen hun verhaal wel kwijt. Mooi bos waar jij inwoont vriend.

Mijn mond valt open van verbazing. Brizl djeu. Die van Raakhout ook. Hoe durven ze? Onze verhalen optekenen? Wij hebben het immers de bomen ingefluisterd.


Columns van Harrie zijn geschreven aan tafel bij Mien. Harrie is een auteur en tafelvriend van Mien. Van november 2010 tot maart 2016 publiceerde Harrie ook columns op de website van ColumnX.
Harrie’s columns zijn gebaseerd op oude personages uit TV-series Catweazle en Doctor Who. De Britse acteurs Tom Baker en Geoffrey Bayldon vormen zijn inspiratiebron. Daarnaast maakt Harrie ook graag filosofische en sportieve uitstapjes.