Posts tonen met het label passie. Alle posts tonen
Posts tonen met het label passie. Alle posts tonen

23-10-2016

Pecha Kucha Peelland: The adventure

De Pecha Kucha Peelland is voorbij. Een geslaagd evenement waarbij twee keer pakweg 140 mensen konden genieten van een mooie mix van Pecha Kucha's. Stuk voor stuk boeiende onderwerpen, zeer divers, leerzaam, humorvol en met nodige ernst. Een debuut voor mij. Waarbij de eerste avond nog in het teken stond van te lange zinnen en ademnood (althans bij mij) en waarbij de tweede avond bij iedereen de presentaties beter verliepen. Alsof vrijdag toch een generale was.
Zie hier de foto's van de eerste avond 21 oktober 2016. Met dank aan SIRIS en de fotograaf Rob Fritsen.

Zie hier de PPT die ik gebruikt heb voor mijn Pecha Kucha (alleen de beelden).
Zie hier een PDF van kleine dia's en bijbehorend tekstscript.

Mogelijk plaats ik in een later stadium ook nog een link naar een opname die gemaakt is van mijn Pecha Kucha. Bij hoge uitzondering zijn op zaterdag opnames gemaakt van alle Pecha Kucha's. Dit op verzoek van nabestaanden van de slachtoffers van MH17. Brandweercommandant Ben van Otterdijk gaf een indrukwekkende Pecha Kucha over het werk achter de schermen bij de terugkeer van de overleden slachtoffers op vliegveld Eindhoven.

Hieronder nog een klein overzicht van de Pecha Kucha's van de 11 andere deelnemers.
01) Joop Martens > Thuis bij Primaten > Passie voor bonobo's in Afrika en hoe op mensen lijken.
02) Abeer Alhaj > A Palestinian refugee’s life > Fotoverslag vlucht uit Aleppo en inburgering Asten
03) Rommert Dijk > Vliegen als een vogel > Passie voor deltavliegen in Nederland en Oostenrijk
04) Ineke Hurkmans > Hoe komen mensen in beweging > Handreikingen in loskomen en groeien
05) Rob Mientjes > WYGIWYS(AH) What you get is what you see (and hear) > Passie beeld en tekst
06) Jan Aarts > Van DVD naar Hologram > Demo van nieuwe techniek met behulp van laserstralen
07) Pieter Lomans > Mijn spaarvarken > Beschouwing op recente ontwikkeling orgaantransplantatie
08) Leonie Driessen > Hoe kun je een enkel molecuul zien > Passie voor spectroscopie op topniveau
09) Theo Joosten > Pas op Citroën-besmetting! > Autopassie en betekenis, van 2CV naar strijkijzer,
10) Pim Donkers > Zout en water:warmtebatterij van de toekomst > Groene energie in nieuw daglicht
11) Ben van Otterdijk > Terugkeer slachtoffers MH17 > Belevingsverhaal vanachter de schermen
12) Han Rakels > War > Loslaten en verbinding zoeken in culturen die elkaar moeizaam verstaan

Een heerlijke reis vol passie en avontuur, nieuwe ontmoetingen en kruisbestuivingen. Over nieuwe technieken, liefdevolle hobby's, verwerking en persoonlijke ontwikkeling en groei. Met de nodige humor en ernst gebracht. Voor mij persoonlijk sprongen de Pecha Kucha's van Han, Pieter, Ineke en Pim erboven uit. Waarbij ik zeker de andere deelnemers niet tekort wil doen. Van alle presentaties genoten en geleerd. Waarvoor dank.

Ook dank aan Matt Verhaegh, Frank Kuipers en Anita Aarts voor de perfecte organisatie en Marieke Zantingh en het personeel voor de goede catering. In de gloria, wat een mooie en gastvrije locatie!
En ja ... de rode wijnvlekken zijn gelukkig uit mijn hemd gegaan. Met dank aan spa rood en de hulp van mijn schoonzus Liza. Dank ook nog voor de peperkoek die we als deelnemers meekregen. Het smaakt naar meer!

Meer info over de Pecha Kucha en mijn voorbereidingen:
Pecha Kucha in progress
Pecha Kucha in progress (2)

21-10-2016

Pecha Kucha Peelland in progress (2)


Op dit moment ben ik druk bezig met het oefenen van mijn Pecha Kucha voor de Pecha Kucha Peelland die plaats vindt op vrijdag 21 en zaterdag 22 oktober in een mooi kerkje te Asten 'In de Gloria'.

De Pecha Kucha Peelland bestaat uit 12 deelnemers die ieder 20 beelden tonen die 20 seconden stil blijven staan, op een groot screen, geprojecteerd naast de kansel in de kerk, vanwaar de deelnemers hun begeleidende verhaal en passie presenteren in zogenaamde prietpraat.

Vanavond dus het eerste optreden van de twee in Asten. Best wel spannend. Gezonde spanning want ik vind het hartstikke leuk om te doen. Hard gewerkt de afgelopen twee weken om het allemaal goed voor elkaar te krijgen. WYGIWYS(AH). What you get is what you see (and hear). En dat heb ik zelf aan den lijve ondervonden. Eerst de zoektocht naar de plaatjes naar aanleiding van onderwerp en tekst in mijn hoofd. Mijn passie voor beeld en taal. Daarna de twijfel. Niet over de plaatjes, want die lagen al snel vast. Maar de tekst. Want die moet ook uit het hoofd. Althans dat vind ikzelf. Maar door de week heen merk ik wel snel waar het hapert.

Pakweg 700 woorden uit je hoofd leren en uitspreken met de juiste timing en binnen zes minuten is bepaald geen sinecure. Maar ik hou vast aan al degenen die me ooit voor zijn gegaan. De acteurs, de dichters, de entertainers en de standup comedians. De sprekers bij presentaties en lezingen. Ik sta niet alleen en ga snel weer zitten. Bij het eerste plaatje loopt de tekst al mis. Hakkel ik over zinnen. Pas ik teksten aan. Ik denk zo'n vijfentwintig aanpassingen in twee weken. En sommigen in reverse. Ook besluit ik uiteindelijk twee plaatjes aan te passen. Teveel beeld op een plaatje. Dat trekt de kijker en toehoorder niet, is mijn conclusie.

Stampen, stampen, dichtbij de laptop, dichtbij de iPad, wit papier schuivend over de uitgeprinte beeld en tekst, en dan eindelijk, na tig keer oefenen lees ik de zinnen onder het papier weg. Als vanzelf. Zittend, staand, pollepel in mijn hand. Het gaat steeds beter. Het grappige is dat eindelijk ook het verhaal komt bovendrijven in een heldere modus. Niet meer voorlezend maar van binnenuit. Het is en blijft mijn passie. Komt goed. Ook vanavond. Van contemplatie naar creatie. Iedere mens is een kunstenaar. Daar houd ik mezelf aan vast. En aan het papier. Voor de zekerheid. Je weet het nooit, wat alle elementen vanavond in de zaal gaan doen. Geluid, licht, warmte, techniek en bovenal de mensen. En anders is er altijd nog de improvisatie. Het loslaten. Ik zie er naar uit.

Meer informatie over de Pecha Kucha Peelland en mijn voorbereidingen is hier te lezen.

05-10-2016

Pecha Kucha Peelland in progress

Op dit moment ben ik druk bezig met het ontwerp van een Pecha Kucha voor de Pecha Kucha Peelland die plaats vindt op vrijdag 21 en zaterdag 22 oktober in een mooi kerkje te Asten 'In de Gloria'.

De Pecha Kucha Peelland bestaat uit 12 deelnemers die ieder 20 beelden tonen die 20 seconden stil blijven staan, op een groot screen, geprojecteerd naast de kansel in de kerk, vanwaar de deelnemers hun begeleidende verhaal en passie presenteren in zogenaamde prietpraat. Ik wil langs deze weg Henk Coolen uit Asten bedanken voor het mij op het spoor zetten van deze bijzondere presentatievorm. Hij schatte in dat dit wel iets voor mij kon zijn. Ik vermoed van wel, maar het moet uiteraard wel nog blijken. Gezonde onderbuikgevoelens en prettige spanning ondersteunen dit.

Onderwerp en titel waren zo gevonden. WYGIWYS(AH) oftewel What You Get Is What You See (And Hear). Een selectie van foto's volgde weldra. De tekst vormde zich al snel in het hoofd en nu is het tijd voor de verdere uitwerking. De punten op de welbekende i. De 'i treurend om een punt' van René Daniels had ik ook nog kunnen opnemen in mijn Pecha Kucha. Het had er prima in gepast. Een tipje van de sluier voor wat betreft de inhoud en het onderwerp. Mijn liefde en passie voor beeld en tekst in de meest brede zin van het woord gecombineerd in fascinerende associatie. De Pecha Kucha biedt voor mij de mogelijkheid om te laten zien waar mijn inspiratiebronnen vandaan komen. Enerzijds gevoed door enkele van Mien Favoriete Kunstenmakers. Anderzijds wat maggi van Mien.

Het viel niet mee om te selecteren uit de 344 die ik al op mijn favorietenlijstje heb staan. Het grappige is dat allen linken aan mijn passie. Beeld en tekst. Krijg ik van de ene favoriet op een willekeurig moment de tekst binnen gelepeld, vloeit vervolgens haast automatisch en associatief onmiddellijk het beeld (of meerdere beelden) op mijn netvlies van een andere favoriet. Heerlijk het spel der associatie. Uit het ene vloeit het andere voort. Het roept op en zet aan tot creatieve processen, frisse brain- en beeldenstorm, om meestal te eindigen in nieuwe tekst en beeld. Raakvlakken met surrealisme, pop-art, graffiti, fotografie, poëzie, woordkunstenaars ... Het kan zo gek niet gaan. Van humor naar contemplatie, van absurdisme tot ernst. Chaos om te lachen. Loslaten om te kunnen scheppen en groeien. Ik heb er zin in en ga snel verder.

De lokale media geeft al kond. Er resten nog slechts enkele plaatsen. Komt dat zien, komt dat zien. Met mij laten nog 11 andere Pecha Kucha kunstenaars hun passie zien. Voor mij en enkelen een debuut, voor anderen een herhaald concept. Sterk vanuit de regio. Polderkunst met de nodige gezelligheid, getuige de verhalen en beelden van de vijf voorgaande edities. Binnenkort ook een jeugd editie. Prietpraat op niveau. Komt dat zien.

Kaartjes zijn gratis maar worden sporadisch en beperkt vrijgegeven. Check de website van Pecha Kucha Peelland.
Klik hier voor een overzicht van de deelnemers, met links naar info over de deelnemers en afbeelding / titel van hun Pecha Kucha.

In de media:
SIRIS, de Stichting Informatieve Radio-omroep In Someren
Eventbrite
VVV De Peel






31-05-2016

Schrijfveren Mei 2016

Dagelijkse oefening in het schrijven van Schrijfveren. In maximaal 15 minuten tijd, associatief schrijven zonder correcties, naar aanleiding van een opgegeven titel. Met dank aan Hella Kuipers.
Hoe en wat? Zie: http://heldenreis.nl/schrijfveren
Oorsprong? Zie: http://judyreeveswriter.com/guidelines-for-writing-practice


Hier kan ik niet zonder (01-05-2016)

Het langwerpige boekje dat op mijn knie ligt heeft gekrulde hoekjes en is erg broos. De pagina's zijn vergeeld. Ik sla het open op de eerste pagina en lees. De moppen van Max zijn wel heel oud en flauw. Het Nederlands is keurig. Net als de spelling en de lay-out. Braaf en een heel klein beetje stout. Tailleur heet de goede man. Wat een deftige naam. Het klinkt bijna als een dreiging. Max Tailleur. Nog even en ik stuur Max Tailleur op je af. Dat zal je leren. Ik lach om mijn eigen grapje. Maar is het wel zo lollig? De situatie in ieder geval niet. Ik lach een beetje krokodillentranen. Wat moet ik nu toch doen? Grote vertwijfeling. Het papier is op. De verleiding groot. Maar hoe dierbaar is Max Tailleur? Hij hangt hier niet voor niets al jarenlang in dit kleinste kamertje van het huis. Wat betekenen de grapjes voor de eigenaar van dit kleine hok? Werkt het ontlastend? Of stopt het juist de boel? Zal ik het gewoon toch maar proberen? De nood is immers hoog. Ik ga op zoek naar de flauwste grap en de bladzijde die het minst geleden heeft. Ik wil immers niet met mijn vingers door het papier drukken. Bah! Alleen de gedachte al. De eigenaar van het kleinste kamertje van dit huis is haast doof. Schreeuwen om papier heeft dan ook geen enkele zin. Op de voorlaatste pagina heb ik beet. Een blanco pagina nota bene, aan beide kanten. Heb ik even geluk. Geen drukwerk dat achterblijft op mijn achterste. Ik scheur de pagina heel voorzichtig uit het witte plastic ringetje. Het papier is zo poreus dat het makkelijk loslaat. Ik besef dat ik maar een kans heb en dat ik zorgvuldig te werk moet gaan. Alles moet in een keer meekomen en schoongeveegd. Ik vouw de pagina zo goed en zo kwaad als het kan tot een klein schepje. Moet kunnen. Ik leg het schepje in mijn handpalm en steek het tussen mijn knieën door. Bedachtzaam en heel voorzichtig schep ik met een elegante beweging mijn bilspleet schoon. Een zucht van verlichting. Ik laat het schepje vallen met inhoud en spoel de bruine grap vlug door. Ik hang Max weer aan het haakje en was mijn handen. In onschuld.


Een begraven, opstandig geheim (02-05-2016)

Charly kon amper afscheid nemen van haar moeder. Het liefst had ze haar in een klein doosje gestopt en voorgoed bij haar gehouden. Iedere dag zou ze dan uitgebreide conversaties hebben gehouden. Over vanalles en nog wat. Haar moeder was haar zo dierbaar, dat kon niemand goed verwoorden. Niet in korte verhalen, noch in gedichten. In een roman al helemaal niet. Dat zou veel te veel pagina's in beslag nemen. Een trilogie zou nog niet volstaan. En toch wilde Charly het liefst haar moeder met al haar verhalen in een klein doosje bij zich dragen. Maar het volstond niet. Daarvoor was ieder doosje veel te klein. Ze moest dus met een andere oplossing komen. Iedere dag liep Charly naar haar graf en piekerde zich suf. Ze baalde ervan dat haar moeder nu in een grote kist in de koude grond lag. En ook nog eens op haar rug. Op haar buik had nog gekund. Ware het niet dat ze aan astmatische bronchitis leed. Op je buik liggen is dan nergens prettig. Ook niet als je dood bent. Op haar rug liggen wilde moeder ook niet. Dat deed haar veel te veel denken aan Bijbelse taferelen en aan slaap. Aan beiden had ze een gruwelijke hekel. Charly wist dat. Tijdens de lange wandelingen die ze met haar moeder had tot vlak voor haar overlijden had haar moeder daarover verteld. De grote angst van platliggen, hoe dan ook, bij haar sterven. Cremeren wensten ze om die reden ook niet. Tenzij er een oven zou zijn waarin ze rechtop kon staan. Een zeemansgraf dan? Dat had ook nog een optie kunnen zijn. Maar dat was helaas niet toegestaan. Moeder vertoefde immers nooit op een boot. Laat staan op een oceaan waar geen ankerplaatsen voorhanden zijn. Maar. Gelukkig was Charly erg creatief. Dat bewonderde moeder ook altijd in Charly. De onweerstaanbare innerlijke drang om oplossingen te creëren daar waar niemand ze voor mogelijk houdt. De oplossingen die Charly verzon besprak ze altijd eerste met haar moeder. En dat was wat ze nu miste. Op de buitenwereld kwamen de gesprekken altijd over als huis-, tuin- en keukenfilosofie. Maar Charly en moeder wisten wel beter. Er kwam altijd een gedegen slotsom. Zo nu ook. Ze gooide haar schep aan de kant en keek tevreden naar het graf. Achter de grafsteen had Charly handig een kleine handel geïnstalleerd. Niemand die het zag, als je het niet wist. Met een snelle handeling trok Charly de handel naar beneden. De aarde bewoog en daar richtte moeder zich op. Uit haar graf. Rechtop. Uit haar tas haalde Charly een thermoskan en twee kopjes. Waar zullen we het vandaag eens over hebben mams?


Mij is het lot beschoren ... (03-05-2016)

Ik mag meteen uitdelen. Als kersverse tafelgenoot een hele eer. Hoewel, ik kom natuurlijk vanzelf een keer aan de beurt. Per toerbeurt wordt er namelijk gedeeld. Pokeren is mijn lust en mijn leven. En nu eindelijk ben ik doorgedrongen tot het walhalla van de pokerscene. In de lounge van Hotel Paris in Las Vegas vindt het spektakel plaats. De wereldkampioenschappen poker. En ik zit aan de hoofdtafel. Wie had dat gedacht? Er staat veel op het spel. Aan tafel zitten verder, Shannon Elizabeth, Erica Schönberg, Tiffany Michelle, Almira Skripchenko, Clonie Gowen en Fatima Moreira de Melo. Allemaal first class pokerbabes. Hoe zal ik mij handhaven. Handhaven? Ik wil natuurlijk winnen. En liefst ook alle kleren aanhouden. Dat is tijdens de wereldkampioenschappen nog nooit iemand gelukt. Er ligt een uitdaging. Zo is het ook nog nooit gelukt dat een volstrekt onbekende aan de finaletafel deelneemt.

Ik heb me nog niet voorgesteld aan de dames. Hoe zal ik dat eens aanpakken? De gegevens uit de voorrondes zijn geheim gehouden. Voor zover dat mogelijk is met beroemdheden. Voor mij nu een onverwacht voordeel. Ik heb voorkennis, de pokerbabes niet. Ik besluit een schuilnaam aan te nemen. Kleine Witje lijkt me wel gepast. Er zitten toch geen Zweden aan tafel. Dus verraad ik niets. De finaleronde gaat in. De dames gaan allen tegelijk naar het toilet en ik besluit ook even Pipi zu machen. Op het toilet wordt ook meteen bepaald wie de winnaar wordt. Ik tot mijn grote verbazing. De anderen gunnen elkaar namelijk niet het licht in elkaars ogen. Wat een verrassing. Een mooi lot is mij beschoren.


Een lief gebaar (04-05-2016)

De mens tracht en tracht en komt vaak tot niets. Tot niets nakkes nada. Hoe komt dat toch zo? Doet hij niet zijn best? Geeft hij snel op? En over welke mens hebben we het dan precies? De westerse, de oosterse, de noorderling, de zuiderling? Of houden we het gewoon in het midden? Noemen we hem voor het gemak de middenmens. De middenmens zou toch tot behoorlijk wat dingen in staat moeten zijn. En toch, vaak verknalt hij ook de boel. Wat de dinosaurus in 200 miljoen jaar heeft weten opbouwen, breekt de mens in nog geen half miljoen jaar af. Met rappe hand in den beginne en met rappe machines in het nu. De natuur. Om precies te zijn de oerwouden van Brazilië.

Maar de natuur straft onmiddellijk. Een kleine mug overleeft alles. Een lief gebaar van de natuur. God weet wie hier de hand in heeft? De middenmens is niet gelovig maar wel altijd op zoek naar verklaring en diepgang. Hij bundelt de filosofie van alle windstreken. Maar met zo'n simpel beest als een mug weet hij geen raad. Een mug die ook nog eens ziek maakt en het leukste sportevenement dat alle windstreken met elkaar bundelt nu bedreigt. De Olympische Spelen in Rio dreigen uit te lopen op een groot fiasco. Rio trekt lering en checkt alle riolering. Uit voorzorg.

Geen mug mag er straks rondvliegen in de big city. Laat staan een drone. Uitgezonderd de doelpuntlijndrone en de tenniscourtdrone. Maar voor de rest mag er niets, maar dan ook niets door de lucht vliegen in Rio. Ook geen corruptie en al helemaal geen televisierechten. Reclame kan ook niet door de beugel. Behalve als er Grolsch op de fles staat. Zij hebben alle rechten opgekocht. Maar wat moeten ze ermee? Enschede op de kaart zetten. Maar natuurlijk. En Groenlo, waar alles ooit begon. Ja, we maken Groenlo tot het middelpunt der aarde. Dat vindt iedereen best lekker. De middenmens zal het lekkere vocht zeker kunnen pruimen. De volgende Olympische Spelen houden we in Groenlo. Natuurvriendelijk, mugvriendelijk en dinosaurusvriendelijk.


Een vreemde ervaring (09-05-2016)

Mercurius staat vandaag heel even tussen aarde en zon. Dat vertelt het journaal mij. In 2003 voor het laatst en in 2019 op reprise. Per eeuw komt zo'n Mercuriusovergang pakweg 15 keer voor. Tot zover de cijfertjes. Natuurlijk was het nieuws al eerder tot me doorgedrongen. Ik was dan ook goed voorbereid op dit terugkerend natuurverschijnsel. Ik wist ook dat ik op zoek moest gaan naar iets waarmee je ongehinderd in de zon kunt kijken.

Aangezien er bij mij in de buurt geen sterrenkijker of -wacht aanwezig is moest ik zelf iets verzinnen. Ik heb diverse hulpstukken uitgeprobeerd. Zo keek ik eerst door een klein jampotje. Van vroeger kon ik me herinneren dat die dik glas bevat en heel goed beschermt. Mijn vriendje had er namelijk een en ik moet zeggen, niet stuk te krijgen. Maar de prisma schoot toch bijna mijn oog lek. Blijkbaar keken we vroeger niet veel in de zon.

Dan maar een 9D-bril proberen. Drie 3D-brillen over elkaar geschoven. Ik weet niet meer precies wat ik zag, toen ik in de zon keek. Wat ik wel weet is dat ik ineens het idee had dat er meer dan drie dimensies zijn. Ik zweefde. Zeker weten. In het ultieme duister. Wat dan? Ik wilde toch die Mercuriusovergang meemaken. Eskimobril. Maar natuurlijk. Dat ik daar niet eerder aan dacht. Snel fikste ik een eskimobril in mijn schuurtje. Voor de zekerheid nam ik een stukje eikenhout. Met een boormachine een klein gaatje geboord en vervolgens met een decoupeerzaag een gleuf gezaagd. Voorzichtig de scherpe randjes wat opgeschuurd met schuurpapier, elastiekje eraan vastgemaakt en voilà, mijn bril was klaar.

Nou ik heb nog nooit zo'n bijzondere Mercuriusovergang meegemaakt. Ik zie nu nog steeds overal zwarte puntjes. Alsof een kleine teek over de zon sjeesde, zo ervoer ik de overgang. Ben nu wel benieuwd of de zon bestand is tegen de ziekte van Lymne. Heel even dacht ik dat Mercurius de zon prikte. Maar ik kan me vergissen natuurlijk. Bovendien is de zon waarschijnlijk resistent. Het is zo'n gigantisch grote vuurbol, die is overal tegen bestand.


Bellen in een telefooncel (10-05-2016)

Take five. Ik sta te bibberen in de kou. Waarom moet ik dit nu weer meemaken? En het is weer de techniek die mij in de steek laat, frustreert. De regisseur baalt ook als een stekker. Dat is duidelijk te zien. Maar ook deze take strandt. We houden even pauze. Onder deze bizarre omstandigheden is het ook wel erg lastig om een commercial op te nemen.

Ik denk met jaloezie aan Frank Lammers en Max Verstappen. Die mogen met veel humor een wedstrijdje houden in een supermarkt en voor het stoplicht. Hoe makkelijk en leuk is dat? Ik daarentegen zit op locatie in Siberië. Ik eet me helemaal stijf aan Jelle ontbijtkoek maar wordt daar niet bepaald warm van. Het verhaal achter de commercial is ronduit belachelijk. Met veel moeite is de humor te vinden. Heel ver.

Maar ik moet niet zo klagen. Heb er zelf inbreng in gehad, in het script. En wie op de blaren zit moet bloeden. Ik krijg nieuwe instructies van de regie. Positie innemen. De machine is gemaakt. Ik blaas mijn handen warm en kruip weer in de telefooncel. Harrie, de techneut lacht me toe. Ik denk er het mijne van. Wat heeft hij uitgespookt in de telefooncel? Ik bevries bijna in mijn nakie. Tijd voor actie. Take six. Ik haal de hoorn van de haak en spreek mijn tekst in.

'Ja, ik weet het ook niet. Ik stond even af te koelen tijdens een Fins saunabezoek en toen kreeg ik plots trek. In mijn badjas heb ik altijd Jelle ontbijtkoek. Die heb ik snel opgegeten. En toen kreeg ik ineens zin in een stukje Nordic Walking. Voordat ik er erg in had stond ik in de middel of nowhere. Het leek wel toendra. Gelukkig stond er een telefooncel. Een hele oude. Maar ja, hoe kom ik nu aan roebels? Een hertenjager heeft me uit de brand. En ja, wat nu?'

Ik kijk naar de hoorn van de telefoon en plots zie ik er grote bellen uitkomen. Grote zeepbellen. Ik denk ze zullen wel knappen. Maar nee. Ze zijn ontzettend taai en pletten me steeds harder tegen het glas. Ik schreeuw om help. Het mag niet baten. De techneut en de regisseur staan me keihard uit te lachen en houden hun duim omhoog. 'Hou vol!', roepen ze me toe. 'Goede actie, humor!'


Snelle verlichting met schone lei (11-05-2016)

Lei lei lei neer of deed Dorus d’n dakdekker det nou?
Wè?
Jao, wè, ge wit ut ni wà?
Amai zunne, zei ik hier anbeland in ne maf teater?
Jao, met snelle verlichting.
Met snelle verlichting? Hoe dè zo?
Nou gewôn met veul en snel licht.
Hoe snel?
Kei snel!

Wa un teater.
D’n dakdekker speult goe wà!
Kei goe.
Nee, nie kei goe. Hij lei lei.
Met Lei?
Joa, lei met Lei.
Zonder klei?
Zonder klei.
Dè’s knap
Zeker, schone lei, wè!?

Ben benieuwd nao de nieuwe sène.
Joa, dé’s wa slap, wà?
Wa meer pouwer zou goe zijn.
Wà, wè’s pouwer?
Pouwer! Krach!
Oh, krach, jao, meer krach zou goe zijn.
Meer pit mag ôk.
Zeker en meer plot.
Ut gie nergens euver.

Wel.
Nie.
Over Lei toch en nunne dakdekker die same lei leien.
Dè gie toch nergens euver.
Boeien!
Boeien!
Boe!
Boeeee!!!
Pintje?
Pintje!


Mijn goeroe kijkt zwart (12-05-2016)

Omdat ik een boemerangkind ben kijkt mijn goeroe zwart. Een echte held mijn vader. Mijn goeroe too. Mijn veraf god. Hij is niet meer. En toch kijkt ie zwart. Vanuit de hemel. Mocht die überhaupt bestaan. In ieder geval vanuit iets hogers. Zwart keek ie sowieso. Samen met onze hond Blacky. Kijkgeld en belasting waren nooit goed aan hem besteed. Ik gaf er niets om. Ik was immers een boemerangkind. Kwam regelmatig terug naar huis. Vanwege de was en een immer gevulde koelkast. Essentieel voor een young adult. Eten en schone kleren. Slapen kan overal. Zwerven ook. Het zwartkijken heb ik overgenomen van pa. Zit in de genen. Heb misschien wel tien cursussen en workshops gedaan om het 1) te ontdekken 2) te accepteren en 3) om te draaien. Tevergeefs. Niets is goed. Zal dan ook nooit een witkijker worden. Of nog beter kleurenkijker. Hoewel? Is niet alles gekleurd. Ik houd het toch liever bij blanco. Iedereen begint blanco immers. Er gekleurd opstaan kleeft ook te veel aan je. Het wordt tijd dat ik weer eens terugkeer. Naar huis. Naar welk huis? Het staat er niet meer. Het is inmiddels afgebroken. Zowel fysiek als mentaal. Het heeft even geduurd om alle stenen af te breken. Ben met het dak begonnen. Toen het dak er eenmaal af was werd de rest een peuleschil. Een stukje cake. Wat natuurlijk meteen honger oproept. Trek, want honger bestaat niet echt in onze moderne maatschappij. Hoewel daar de meningen over verdeeld zijn. Zum kotzen. Wat meteen weer vieze kleren oplevert. Krijg sterk behoefte aan eten uit een volle koelkast en schone kleren. Tijd om weer eens naar huis te gaan. Het huis dat er niet meer is. Ik tast in het duister en blijf voorlopig zwart kijken. Het zit in mijn genen.


Kabaal bij de buren (13-05-2016)

Het is weer feest bij de buren. De buurvrouw krijgt er stevig van langs. De buurman heeft zijn pijlen weer eens op haar gericht. In de tuin. Zelfs de vogels schrikken ervan dit keer. Geen poezenalarm maar buurmanalarm. Ik probeer de discussie te voorspellen. Binnen dertig seconden gaat de buurman naar binnen en slaat keihard de deur achter zich dicht. Ik klok. En ja hoor. Binnen vijfentwintig seconden slaat de achterdeur keihard dicht. Het glas valt er net niet uit. Zoals de vorige keer, nog geen twee dagen geleden.

Me afsluiten voor het kabaal heeft geen zin. Dus maak ik er maar een spel van. De buurman komt binnen dertig seconden weer naar buiten en gaat dit keer op een zachte toon de discussie aan. Poeslief. De buurvrouw zwijgt. De buurman wordt boos. Heel boos. Verheft zijn stem en zegt: Jij denkt het altijd beter te weten, maar eigenlijk ben je oerdom. Ik klok wederom. En ja hoor. Net binnen de tijd komt de buurman weer naar buiten en gaat op zachte toon, poeslief de discussie aan met zijn vrouw. Die zwijgt. Hij wordt steeds bozer en roept keihard: Kutwijf.

Ik val bijna van mijn stoel. Hier gaat iets goed mis. Dit is niet het scenario dat ik ken. Opletten geblazen dus. De buurvrouw barst in huilen uit en rent naar binnen. Even is het stil. Dan hoor ik de buurman praten. Hallo, met Hans Libelleman. Spreek ik met Lita? Die is er niet? Wanneer is ze weer aanwezig? Vandaag niet meer? Mijn lieve god, wat moet ik nu? Bellen met Mona? Maar die is lang niet zo lief. Oké, geef me het nummer dan maar. Ik weet niet wat ik hoor. Dit had ik niet gezocht achter mijn buurman. Een kwetsbare kant. Bellend naar een biechtmoeder. Wie had dat gedacht?


Vissen (20-05-2016)

Wat ik graag zou willen weten, maar niet altijd durf te vragen, waardoor ik meestal blijf hangen in invullen en gissen, wat dan weer vaak leidt tot misverstanden en onbegrip en vrienden, familie en kennissen, maar ook gewone omstanders in verlegenheid brengt, waardoor ik mezelf in een vervelende situatie positioneer en ik veel tijd kwijt raak in wollige verklaringen om mijn vraag te duiden, met in mijn achterhoofd de weet, op deze onmogelijke vraag is nauwelijks antwoord te geven, want ik breng degene die ik het vraag onmiddellijk in verlegenheid waardoor deze, heel begrijpelijk, beren en tijgers op het antwoordspoor zet en mij als wildjager haast geen keuze laat, niet wetende dat ik erg diervriendelijk ben en daarbij geen enkele diersoort uitsluit of iets aan doe, zelfs geen luizen in de pels of irritante mieren die voor mijn voeten lopen, over mijn voeten, richting kuit, knie, schouders, hoofd en in omgekeerde volgorde, beslist en directief, weer terug naar teen. Ik veeg er mijn voeten niet aan af. Nee, dat stinkt. Naar mierenzuur, weet ik uit ervaring voordat ik mij bekeerde tot boeddhist. Nee, die vraag ga ik toch maar niet stellen. Ik houd me veel liever bij NIVEA. Uit de blauwe doos. Blauw ja. Ik smeer en vul niets in voor een ander. Never! Dan maar geen eenduidig antwoord op mijn vraag. Ik laat het los. Ben niet voor niets twintig jaar in Ladakh geweest. Nou sorry lezer. Ik laat u even in het ongewisse ... en nee, het heeft geen enkele zin ... om nu te gaan ... In alle onze vragen liggen antwoorden immers opgesloten.


Een tamboerijn (24-05-2016)

Bob schreeuwt het uit. ‘Mister, mister, waar is mijn tamboerijn?’

‘Hee, dat weet ik ook niet, schreeuwlelijk!’ Antwoordt meneer Dylan.

‘Maar pa, ik heb hem echt nodig, nu!’

‘Ja jongen, kun je niet even je mondharmonica gebruiken, of gitaar?’

‘Maar pa, je weet toch dat ik geloof in bijgeloof, en die tamboerijn …’

‘Ja, ja, het is al goed. Mams zal hem wel in gebruik hebben. Ik ga wel eventjes kijken, don’t panic!’

Mams Dylan is in geen velden of wegen te bekennen. Paps begint aardig te zweten. Bob is nogal veeleisend en indien zijn eisen niet vroegtijdig ingewilligd worden zijn de rapen gaar. En gare rapen in combinatie met een boze Bob …

‘Mams, mams, waar de fok hang jij uit?’

‘Hiero lief, achter in de schuur!’

Pa Dylan ligt helemaal in een deuk. Ma zit op een klein krukje op de tamboerijn dichtbij Bertha. Telkens als mams aan een van Bertha’s uiers trekt heft ze beurtelings haar linker- en rechterbil. De tamboerijn rammelt en de koe plast melk. Het spuit alle kanten uit. En mams … die heeft nog de grootste lol.

‘Vindt ze leuk!’ Grapt mams. ‘Kijk maar eens naar haar staart.’

Pa ziet hoe Bertha met haar staart wel duizend vliegen tegelijk het hoofd dol maakt. Ze vliegen alle kanten op, behalve de goede. Ze geraken maar niet bij de kont van de koe. En een lol dat Bertha heeft.

‘Ze heeft geen last van jeuk als ik op de tamboerijn speel, is dat niet fantastisch!’

‘Bob heeft de tamboe nodig!’

‘Hoezo? Heeft ie ook weer jeuk?’

‘Nee, hij componeert muziek, dat gaat niet zonder tamboe. Je kent hem toch!?’

‘Het is en blijft een watje, jouw watje, mijn schat, ik kom er zo aan, nog effe Bertha kietelen.’

Pa loopt terug naar Bob.

‘Ze komt er zo aan jongen. Mams had de tamboe effe nodig voor Bertha!’

‘Is dat gemelk nu nog niet afgelopen? Kan ze niet de koe buiten zetten? Het gaat allemaal ten koste van mijn talent. Het heeft actie nodig 24 uur, 7 dagen lang. Ja, ook als ik slaap. Mijn talent.’

Daar stapt mams de kamer binnen.

‘Zit je nu weer te zeiken Bob. Hou daar nu eens mee op. Schrijf eens een up tempo nummer. Ik ben die ballads spuugzat. Bertha ook. Breng eens wat verandering in je repertoire, wil je? Gooi er eens wat meer Elvis in, je weet dat ik daar van hou. En Bertha ook!’

‘Komt voor de bakker mams, wordt aan gewerkt. Ga jij nu maar wat verder blowen in de wind. Ik heb al een idee.’

Pa mompelt. ‘Mmm … times are changing …, another side of Dylan?’

Zou hij het ooit halen? Zijn Bob. Mister Tamboerijn.


Voor het eerst naar school (25-05-2016)

Ik voel me niet op mijn gemak vandaag. Dat heb ik nu altijd zodra er iets nieuws te gebeuren staat. Sommigen noemen het gezonde spanning. Ik noem het gewoon vervelend. In gedachte sta ik even stil bij de yogales van afgelopen week. Daarna breng ik mijn buik en ademhaling even omlaag. De Harabuiki-ademhaling voelt goed. Het brengt me terug op aarde. Niet dat ik zweef maar het is toch wel prettig om even contact met de aarde te hebben.

Ik zuig de energie uit de aarde op en drijf de kwade sappen en gedachten diep de grond in. Heel even lijk ik te soppen in mijn schoenen. Het angstzweet is gelijktijdig met mijn uitademing, via rug, bilspleet, onderbeen en kuit richting voeten afgedreven. Heel even voelde ik het zweet nog twijfelen in mijn bilnaad. Waar te gaan? Maar de grote hoeveelheid gaf uiteindelijk een logische, vanzelfsprekende watersplitsing over beide benen. De yogajuf had me nog zo gewaarschuwd. Had ik nu maar geluisterd. Beter had ik vooraf mijn schoenen en sokken uitgedaan. Ik besluit maar even te verversen. Sportsokken. Witte. Fit for the situation.

Het is vijf voor zeven. Ik loop nog even mijn lijstje na. Heb ik alles? Helm, touw, zeil, reservetouw, reservezeil, rugzakje, broekgordel, bril. Check, ckeck, dubble check. Horloge met hoogtemeter? Bijna vergeten. Fluitje, flesje water. Zakdoek. Veiligheidshesje. Vliegtuig. Vliegtuig? De zenuwen worden me heel even de baas. Mijn vrouw zwaait me lachend uit. Succes schat!

Op naar de parachutespringschool. Mijn eerste les. Ik voel me als een brugpieper met een veel te grote tas. Shit. Appel vergeten. Terug. Eentje voor de juf en eentje voor mezelf.


Vlinders in je buik (29-05-2016)

Ik heb vlinders in mijn buik. Heerlijk toch? Jazeker. Ware het niet dat ze slecht verteerbaar zijn. Daarnaast wegen ze ook nog eens heel zwaar. Het lijken wel tientonners. Zo voelt het. Het kriebelt ook nog eens verschrikkelijk. Zwaar op de hand? Zwaar op de maag? Ik weet het niet hoor? De liefde speelt mij parten. Dat is duidelijk. Het vlinderen voelt in ieder geval niet prettig. Ik weet niet precies met hoeveel ze zijn, maar het lijken er wel duizend. Ze slaan met de vleugels hard tegen mijn buikwand. Ze vragen mijn aandacht, met groot geweld. Ik kan mijn ogen niet dichtdoen. Ze slaan zelfs met hun fladderende vleugeltjes tegen mijn lensen. Ze fladderen niet langer door mijn buik, maar door mijn hele lichaam. Ik voel het zelfs kriebelen in mijn tenen, onder mijn voeten. Volledig word ik in beslag genomen. De liefde schreeuwt. Wat doet het pijn. Vreselijk. Wat is het irritant. Vreselijk. Maar ook ontkom er niet aan. De vlinders hebben allemaal deksels bij zich. Sommigen dragen grote en sommigen kleine. Wat moeten ze ermee? Ik moet het weten en houd er eentje aan. Wat doen jullie toch met al die deksels? En waarom vliegen jullie zo hard? We zijn op zoek! We zoeken potjes! Het is mei en bijna juni. Er moet onderhand wat gaan gebeuren. We bezwijken anders zelf onder de deksels. Deksels! Ik weet genoeg. Zelfs aan mij wordt liefde besteed. Dit jaar nog. Zeker weten.


Verslingerd aan duizend dingen (30-05-2016)

Sta daar maar eens bij stil. Bij duizend dingen. Dat is wel een hele hoop. Hoewel? Over een heel leven gezien? Dan kom ik toch eerder uit bij tienduizend dingen. Misschien nog wel meer. Verslingerd ben ik al heel snel. Vanaf den beginne. Ademhalingen, voetstappen, knipogen, huilbuien, ik kan het zo gek niet benoemen, ik ben en blijf eraan verslingerd. En het meest leuke is, dat ze een leven lang met je meeslingeren. Met een beetje geluk. Ze krijgen misschien na verloop van tijd een ander kleurtje, maar ik blijf eraan verslingerd.

Hoe dat zo denkt, vraagt u zich misschien af? Heel simpel. Uit pure verwondering en leergierigheid. Ontwapening niet te vergeten. Euforie is met mij samen geboren. 'Aha' en 'wauw' zijn de eerste oerklanken die uit mijn kleine keeltje komen. Later evolueren de klanken. Ze krijgen body dankzij de leer van het alfabet. Stuk voor stuk aanbid ik al die letters. Zesentwintig in a row. 'Aha' en 'wauw' worden al snel 'eureka' en 'unglaublich'. Ik lust er pap van en ontdek de magie van de ordening en vermenigvuldiging. De cijfers en getallen verschijnen om de hoek. Ik leer tellen. Ik pas op letters en op cijfers en nog veel belangrijker op mijn tellen.

Stiekem maak ik intussen vanalles mee. Wel tienduizend dingen. En de leut? Ik kan ze allemaal tellen. Opschrijven ook. Dan hoef ik ze niet te onthouden. Het geheugen loopt zo snel vol. Over door de euforie. Euforie die in alles aanwezig is. De tienduizend dingen overschrijd ik al bij mijn tiende jaar. Ik heb er gelukkig geen besef van. Totdat ik teruglees. De werkwoorden, de lidwoorden, de bijvoeglijke, en zelfstandige naamwoorden tel. De bijwoorden en de bezittelijke voornaamwoorden. Tellen wordt een passie. Daarna volgt pas het schrijven. Over duizend dingen en nog veel meer. Totaal verslingerd. Aan een uniek en eigen alfabet. Ik slinger alle letters dagelijks op de bon. In duizend variaties en combinaties op zesentwintig mooie letters. Verbonden en versmolten in een enthousiast doch ook lankmoedig hersenspel.

09-09-2015

Joost mag weten

Joost mag weten
Weten wat niet is

Stilte in de lucht
Rumoer op aarde

Wankel en vrij
Gevangen evenwicht

Twee gezichten
Zwart en wit

Grijzen taboe
Kleurrijke passie

Wat een mens niet kan
Bevroren in de sneeuw

Kunst van leven
Leven van kunst

RIP Joost Zwagerman

Edit: 23-09-2015
Zojuist gelezen, een prachtig afscheidssonnet van Ilja Leonard Pfeijffer, over en voor Joost, voorgedragen bij diens begrafenis.

27-03-2014

Paashaas Kip

Zij springt bijna uit haar vel. Paashaas Kip. Geboren in een verkeerd lichaam, dat mag duidelijk zijn. En dan ook nog te vondeling gelegd. Het kan verkeren. Het is ook geen gezicht, een Paashaas met veren. En dan moet deze Paashaas ook nog eens voor aap spelen. Het zal uzelf maar overkomen lezer. Een vervelende geschiedenis die vraagt om verdere toelichting. Een complex verhaal. Ik waarschuw u alvast.

Paashaas Kip is vijf jaar geleden verwekt onder een sterrenhemel aan het Noordzeestrand. Als gevolg van een amoureuze escapade tussen een tochtige kip en een stout haasje. Dat tochtige kippetje was niet zo maar een kippetje. Ze heette niet voor niets Windop. Nee, nee, het was een kippetje van adel. En niet zo maar een adellijk kippetje. Het behoorde tot een deftige exquise adellijke familie die geen enkele smet op haar adeldom tolereerde. Na het amoureuze avontuur besefte kippetje Windop onmiddellijk met wat voor een dilemma zij geconfronteerd werd. Stel dat ze zwanger was geworden?

Het stoute haasje daarentegen zat daar helemaal niet mee. Het haasje droeg zijn naam alle eer aan. Haas Fuck kwam voort uit een kwaadaardig aards en donker crimineel milieu. En kippetje Windop wist dat. Ze had dat meteen gespot. Er was meteen chemie. Opposites attrack nietwaar? Ze maakte dat meteen kenbaar aan het stoute haasje. Ze verleidde hem met haar koddige sexy zaadoogjes. Die stonden geil van mais. Het haasje was meteen om en wist het kippetje te paaien voor een stevige strandbeurt. Stout en woest naaide hij het kippetje tig keer, crimineel hard. Kippetje Windop genoot met volle teugen, dat mag duidelijk zijn. Het tokte staccato ... ja, ja, ja ...! Met nadrukkelijk hoofdgebaar voegde ze haar daad ook nog eens bij het woord. Haar kippennek bewoog ritmisch mee in hetzelfde tempo van haar getok en haar daad ... ja, ja, ja, ...! Er was geen houden aan. Haas Fuck en kippetje Windop vonden het beiden veel te lekker.

Wat Kip Windop bangelijk bevroedde kwam helaas ook uit. Ze raakte zwanger van haas Fuck. Precies drie weken later zat ze met gebakken peren en met een bastaard kippenhaasje opgescheept. Kleine kuikentjes zijn over het algemeen best schattig. Maar dit was toch een heel erg lelijk kuiken. Het had dikke snorharen, bruine veren en een paar lelijke lange oren. Slim als ze was had kip Windop al lang een plan bedacht. Ze durfde haar familie niet onder ogen te komen met Paashaas Kip. Haas Fuck probeerde het haar nog uit het hoofd te praten. Maar ze had haar besluit al snel genomen. Paashaas Kip werd te vondeling gelegd. In een schoenendoos onder een grote vingerplant bij tante Vleugellam. Die woonde in een verzorgingstehuis. Kip Vleugellam was hartstikke dement. Ze schrok zich een hoedje van Paashaas Kip. Dat was geen gezicht. Een demente kip met een hoed op dat is echt affreus. Zeker voor een adellijke familie die wat op te houden heeft. Paashaas Kip werd snel van tante Vleugellam weggenomen en afgegeven bij het dichtstbijzijnde kippenasiel.

Het is alweer vijf jaar geleden. Paashaas Kip bouwt nu zandkastelen. Ze heeft nooit geweten dat ze ter vondeling is gelegd. Haar is verteld dat beiden ouders bij haar geboorte op het strand, zijn overreden door een grote strandwals. Deze traumatische ervaring heeft ervoor gezorgd dat Paashaas Kip nu alleen nog zandkastelen bouwt. Waarom zandkastelen? Heel simpel. Het bouwen van een zandkasteel is een stuk eenvoudiger dan het bouwen van luchtkastelen.

Het verwerken van het droeve nieuws heeft lang geduurd. Het enige waar Paashaas Kip nog van droomt is dat haar geschiedenis ooit in een column wordt vastgelegd. Dat is begrijpelijk. Zo'n droeve geschiedenis moet voor eeuwig worden vastgelegd. Mag nooit vergeten worden. Wie weet komt het daar ooit nog van. Dromen zijn lang niet altijd bedrog.

Paashaas Kip slaakt een diepe zucht en besluit over te gaan tot een voor haar inmiddels vertrouwde orde van een nieuwe dag. Ze zet haar beste apenmasker op en neemt het mandje met eieren onder haar linkervleugel. Ze opent het eerste tuinhekje dat ze tegenkomt. Waar zal ze deze eieren nu weer eens verstoppen? Vreemde eieren zijn het. Afzender onbekend.

Themacolumn geschreven voor ColumnX.
Thema: Het gaat ergens nergens over.
Verplichte woorden: column, paaien, schoenendoos, tante, vingerplant, zandkasteel.
Verboden woorden: ColumnX, CX, de, ergens, lente, nergens, voorjaar.

18-03-2013

Consonantische fonemen

Voor mij ligt de vraag. Maak ik boos of maak ik blij? Lachend kies ik dit keer voor de boosheid. Ik doop mijn pen in zwarte inkt. Duizend gedachten flitsen door mijn hoofd, ze persen zich vol overtuiging door de napjes van mijn hersententakels. Ik kan niet zeggen dat ik ze met open armen ontvang. Eén boze, één hele boze gedachte neemt mij volledig in beslag.

Ik ben bang, bang voor deze boze gedachte en toch speel ik hem uit. Ik weet niet beter, hij borrelt heftig in mijn hoofd. Wat rest is destillatie en vertaling naar een schriftelijke vorm. Van platte tekst naar schietgebed, van column naar pamflet. Oratio de hominis dignitate. Een oratie over de waardigheid van de mens. De mens een dier. Het dier een columnist.

Bestiaal is de columnist die dierlijk zijn verhalen koketteert. Die flirt en pronkt met alle letters van het alfabet. Wat zou ik hem eens graag vastnagelen, met klinkers aan zijn medeklinkers. In het hart van zijn eigen lettergreep wil ik hem treffen. Ontdoen, onsetten van consonantische fonemen. Met categorische perceptie wil ik hem pijnigen. Zijn tong laten struikelen over onmogelijke labiale stemhebbende plosieven.

Gorgelend en keel hoestend, in brute samenzang met wel duizend occlusieven, zullen alle plofklanken in zijn barbaars gehemelte een pijnlijke obstructie vormen. Het huigje kneden heeft geen enkele zin. Op de taalpijnbank zal ik al zijn taalobstructies wegsnijden met gouden stemvorken- en messen. Zodoende zal door een aangepaste articulatie van fricatieven, sprake zijn van een gedeeltelijke vernauwing van het spraakkanaal. Hier zal nog sporadisch enige lucht langs kunnen stromen.

Dat moet de columnist toch benauwen, zou je denken. Niets is minder waar, het brengt de columnist alleen maar op ideeën. Een groter plan zal hij bedenken, boosaardig of in blijheid. Triomfantelijk zal hij het neerpennen en met humor en satire zalven. Geneeskundig, krachtig zal hij dokter spelen in ons brein. Oedipussen en Elekra’s los pulken. Krachtig zal hij terugslaan met gevederde pen, gedrenkt in zoete olie. Ach, een beetje columnist zet alle werelden in vuur en vlam.

Zijn brandende liefde slaat voortdurend kolkend om zich heen. Is alleen te temmen in zijn oorsprong. Van origine is de columnist een heetgebakerd typje. Een publiek figuur verword hij zodra hij zijn hoofd boven het maaiveld steekt. Medecolumnisten zijn dan stik jaloers. Jaloezie doet grote wonderen, stimuleert boosaardigheid, laat creativiteit ontplooien. Ze schrijven, pennen, toetsen bord, ontvouwen lettergrepen. Met worstenvingers en pianohandjes. Ontneem een columnist zijn inkt en wapenvingers. Sterven zal ie dan. Heel stilletjes, monddood.