Posts tonen met het label irritatie. Alle posts tonen
Posts tonen met het label irritatie. Alle posts tonen

19-01-2018

Nationale Postcode Loterij

​Gaston en Winston zitten vooraan in de bus, op het bankje achter de chauffeur. De bus draait de A1 op, buiten is het dertig graden. Hartje zomer dus. In de scherpe bocht van de oprit voelt Gaston zijn maag draaien. Het is nog een lange rit naar Kerkrade. Vandaag start de nieuw reclamecampagne van de Nationale Postcode Loterij.

De nieuwe slogan: 'Flaneer mee in de straten van de Limburgse Mediterranee. Doe mee! En win vijfhonderd miljoen'. De slogan is verzonnen door Gaston. Hij was dit keer aan de beurt.

In het laatste stukje bocht van de oprit van de A1 voelt Gaston wat brokjes in zijn keel. Het is niet waar? Het smaakt wat zuur. Toch niet de foute frikadel speciaal van vanmiddag? Hoe dan ook, het smaakt smerig. Concentreren is het enige dat helpt en diep ademhalen. Maar als Gaston door de raam van de bus in het weiland langs de A1, de koeien loom ziet herkauwen, houdt hij het niet meer binnen. Stukjes frikandel spatten uit zijn mond. Van schrik houdt hij zijn hand voor de mond waardoor een sproei-effect ontstaat. De stukjes spatten tegen de raam en over Winston. Getver. De witte broek van Winston is niet langer wit. Gevlekt rood. Postcoderood.

Winston in paniek. Hij heeft geen reservekleding bij zich. Hoe moet dat nou? Zo kan hij toch niet verschijnen bij de start van de reclamecampagne. Onderweg dan maar even stoppen. Gaston ziet bleek. Waren ze maar niet met de bus gegaan. Maar ja, dat is een beetje moeilijk, met al het reclamemateriaal. Bovendien moet er nog geoefend worden met de nieuwe slogan. Alle nationale ambassadeurs, bekende Nederlanders, zijn voor deze speciale campagne ingezet. Zelfs de internationale ambassadeur is opgetrommeld. Voor een dag overgevlogen van Roland Garros. Tot op heden schiet de deelname van Limburg aan de Nationale Postcode Loterij te kort. Er is nog winst te behalen. En dan komt Winston in beeld. Maar eerst moet Gaston wat fitter worden. Maar Gaston heeft last van gas on. Hij moet nu ook poepen. Nee!

Winston ziet de bui al hangen. Hij kent Gaston al wat langer dan vandaag. En dit zijn tekenen waarbij kordaat optreden noodzakelijk is. Eerst overgeven en dan poepen, dan weet Winston genoeg. Hij tikt de buschauffeur op zijn schouder en vermaant hem onmiddellijk te stoppen. De buschauffeur draait de bus zo snel als ie kan de vluchtstrook op. Hij heeft al vaker met dit bijltje gehakt. Gaston spurt de bus uit en trekt zijn broek omlaag. Bijna te laat. Onder tegen de berm spat de diarree uit zijn broek en drupt tussen zijn benen door het gras in. Als hij opkijkt ziet hij hoe een nieuwsgierige koe, met lodderige ogen en gras smakkend, hem aankijkt. Wat een shitberoep heb ik toch, denkt Gaston.

Net op tijd arriveert de bus in Kerkrade. Winston heeft nog onderweg een witte broek kunnen scoren. De reclamecampagne kan beginnen. De line-up van nationale beroemdheden en die ene internationale is in de bus wel honderd keer geoefend. Dat komt ervan als de internationale alleen maar Spaans spreekt. Uiteindelijk is het inclusief de sloganrepetitie allemaal nog goed gekomen. De Nationale Postcode Loterij. Doen! Bamos, roept Nadal. De reclameborden worden uit de bus gesleurd. Het feesten kan beginnen. Maar voor Gaston vandaag geen frikadel speciaal meer. Hij heeft genoeg van Nationale Postcode Loterij schijterij.

28-04-2010

Mister Korting

Wat een schreeuwlelijk is het toch. Mister Korting. Ja, altijd handig om het kwaad een naam te geven. Mister Korting, ‘pain in the ass’ voor de man zonder portemonnee. Hij roept en schreeuwt je overal tegemoet. In voorjaar, najaar, zomer en winter. Hij lonkt en lebbert met oog en tong. Bespeelt letterlijk en figuurlijk al je zinnen.

Mister Korting jaagt en jubelt. Is vaak inzet van een wanhopige economie. Soms een triest en treurig geval. Zwervend door de straat, op zoek naar weke kopers. Meestal raakt hij zichzelf aan de straatstenen niet kwijt. De wanhoop nabij, propt hij zich brutaal, bij voorkeur incognito, door willekeurige brievenbussen. Leesvoer voor gewillige vrouwen. Ook de liefde van de vrouw gaat door de maag.

Mister Korting presenteert zich het liefst in luchtballonnen met kartelrand. Luchtig afgeprijsd toont hij zeepbellen vol prullaria. Wat een smiecht. Gehuld als wolf in schaapskleren misleidt hij onder valse voorwendselen, vaak in onleesbaar kleine lettertjes. Mister Korting smeedt vaak een pact met een andere verkoopduivel. Miss Reclame. Vier handen op één buik, onlosmakelijk verbonden.

Vaderdag, Moederdag, Valentijnsdag, en Halloween zijn voor beiden favoriete piekdagen. Seizoensgebonden zijn ze op hun best. Verkleed als Paashaas, Kerstman of Sinterklaas letten ze vooral op de kleintjes. Helaas zijn de verlokkingen Korting en Reclame van korte duur. Al gauw zijn de aanbiedingen standaardprijs. Hoe zuur.

Wat een ophef maken die twee toch in de uitverkoop. Flirtend vanachter vitrineglas, in schreeuwende kleuren en met luidruchtige toeters en bellen. Korting zoekt klant. Reclame zoekt koper. Goedkoop, schaamteloos, hoerig en geil. Een rode lamp gaat branden. Red alert. Met een blos op de wangen loop ik snel verder. Gelukkig niemand heeft mij gezien.

Mien Miss Reclame

Geschreven voor website Gek op Klanten

03-03-2010

Cellofaan

Wat een mooi woord, cellofaan. En multi toepasbaar. Alleen die f die staat behoorlijk in de weg. Cello aan. Cello aan. Daarvan raakt de jeugd geportretteerd. Ook al zo’n mooi muzikaal woord. De lyriek brengt me spontaan in vervoering en ik hoor mezelf hardop denken. Met mijn cello effe aan orkestreer ik muziek in een notendop. De orkestbak loopt spontaan leeg als ik schalks mijn tuba portretteer. De dirigent weet van wanten en smijt met zijn stok naar alle kanten. Plots verdwaalt hij in zijn eigen muze. So do I. Grote gruwel, hoe kom ik op dat woord cellofaan. Multi toepasbaar in het gebruik. Alles wordt er tegenwoordig mee omwikkeld en geseald. In haar hoedanigheid als tape ook zeer geliefd bij boeven en bandieten. Maffiosi passen het zelfs toe als sarcofaag.
Wie verzint zoiets? Cellulosevezels van hout, katoen of hennep, opgelost in base. Om te verworden tot viscose. Vervolgens geëxtrudeerd door een spleet in een zuurbad. Om daarna weer omgezet te worden in cellulose? Het is de Zwitser, good old Jacques E. Brandenberger. De Willie Wortel van het cellofaan. Op zoek naar een coating om textiel waterafstotend te maken. Ingegeven door een omgestoten glas wijn op een vlekkeloos tafelkleed. Sinds zijn uitvinding zitten dierbare etenswaren niet langer in een papieren zak maar in semipermeabel cellofaan.

Dit cellofaan gooit bijna dagelijks mijn ochtendritme overhoop. Ham, kaas, leverworst het zit allemaal geseald. Bij voorkeur met kartelrand. Geen schaar in de buurt? Dan maar open knagen. Ik voel me net een hamster. Eerst ga ik op zoek naar een beginnetje. Voorzichtig knaag ik al sputterend aan de korte zijde. Na zes keer het cellofaan met inhoud gekanteld te hebben slaat de paniek toe. Honger, honger, honger. Ik geraak maar niet naar binnen. De ham kijkt me uitdagend aan. Pak me dan. De scheurfase treedt in. De ham ligt helemaal in een deuk. Lacht me vierkant roze in mijn gezicht uit.

Ik tel tot tien. Vouw het cellofaan inclusief de ham dubbel en doe een laatste scheurpoging. Het moet lukken. Helaas. Het cellofaan en de ham geven zich niet gewonnen. Dan toch maar de schaar erbij halen. Die vindt dat niet leuk. De schaar houdt niet van cellofaan. Ze glijdt uit op het foute plastic. Het cellofaan piept en jankt als de schaar haar horizontaal penetreert. De weerstand is gebroken. Overmoedig snijdt de schaar in één ruk, meteen linea recta door het roze vlees. Ik baal nu als een stekker. Wat voorheen door een plastic ruit glom als roze geluk ligt nu plots verscheurd in stukjes. Verknipte ham. Hoe klantonvriendelijk is dit taaie plastic?

Ik staar naar de klok. Die staat stil. Ik trek de la open en zie een setje batterijen liggen. Verpakt in kogelvrij cellofaan. Shit, het is hoogste tijd om naar mijn werk te gaan.

Mien horror

Geschreven voor website Gek op Klanten