Posts tonen met het label lezer. Alle posts tonen
Posts tonen met het label lezer. Alle posts tonen

02-11-2017

Dichter bij de A (inclusief toets)

Als schrijver streef je maar naar een ding. Zorgen dat de lezer jou begrijpt in datgene dat je vertellen wil. Mocht dat niet zo zijn dan ben je een schrijver van B-garnituur. Een echte schrijver gaat voor A. Het is eigenlijk het omgekeerde van leren zwemmen. Want hij die zijn C-diploma heeft is allang vergeten hoe hij ooit zelf begon met reddend zwemmen. Kunt u het zich nog herinneren? De eerste watertrappel-ervaring? Precies. Niet dus. En daar gaat het dus om bij het schrijven. Hoe dichter een schrijver bij zijn eerste watertrappel-ervaring komt hoe beter hij bij zichzelf komt. De angst, de moed, het succes, ze zijn allen nodig voor een succesvol schrijven. Met een C-diploma ben je reeds ver verwijderd van die gave, die puurheid. Nee, met C-diploma behoor je tot de B-garnituur. Sprookjes schrijven kun je dan, hooguit. Fantasievol maar zonder inhoud. Veel te makkelijk taalgebruik ook. Je denkt met een C-diploma al heel wat te zijn. Maar de echte schrijvers blijven de eenvoud zelf. Dicht bij A. Less is more.
Hoe dichter een schrijver bij de A blijft hoe fijner de lezers het zullen vinden. Naar beter wil een lezer sowieso niet. Kijk maar eens welke schrijvers om u heen puur en bij zichzelf zijn gebleven. Bent u zelf een schrijver, dan daag ik u uit. Op welke schaal tussen A en Z bevindt u zichzelf op dit moment. Dichter bij de A of dichter bij de Z? En denk eraan, overschat uzelf niet. U spit het onderdelf bij de toets die een stukje verder nog volgt. Niets blijft onbesproken binnen de letters van het alfabet. Het alfabet is immers onze wet. Naar de wet geloof ik u dan ook. Niet naar de letter. We liegen dat het geschreven staat. Ik zeg het eerlijk. Vooruit dan maar. Ikzelf zit in de buurt van de M, precies in het midden dus. Ik zit safe. Het liefst wil ik nog een stuk vooruit, richting A. In mijn stoutste dromen hoop ik ooit de top vijf te halen. Minimaal de E dus. Ik heb nog even te gaan.
O ja en dan de test. Bijna vergeten. Schrijf een tekst over zesentwintig zinnen. Ja, die bestaan, zesentwintig zinnen. Je moet ze alleen goed zoeken. Een beetje fantasie is daarbij een vereiste. Circa twintig zinnen zult u zelf moeten verzinnen. Tip: denk terug aan het watertrappelen. Wat dacht u toen? Precies. Hou dat vast. De zesentwintig zinnen dan graag alsvolgt verwerken. In zesentwintig zinnen van maximaal zesentwintig woorden per zin. Kunt u nog volgen? En dan nu het ergste. Het eerste woord van iedere zin begint met een van de verschillende letters uit het alfabet. U moet alle letters een keer gebruiken. En nu komt het. De zesentwintig zinnen plaatst u in chronologische volgorde van A naar Z. Van Z naar A mag ook, maar dan zeg ik u alvast, dan gaat u nooit winnen. B-garnituur begrijpt u. U bent dan winnaar van de B-Garnituur. Eigenlijk Z, maar zover wil ik u niet vernederen. Laatste tip. Spit vooral geen onderdelf.
Vragen en inzendingen kunt u in een reactie onder dit stukje kwijt. Als u durft tenminste. Enfin, succes allemaal. Over de uitslag wordt niet gecorrespondeerd. De jury bestaat uit me, myself and I. Ben benieuwd naar jullie inzendingen. Maximale lengte van de tekst? Rekent u dat zelf even uit. Zesentwintig keer zesentwintig. De woorden van de titel krijgt u cadeau, hoeft u dus niet mee te tellen. Hoe de winnaar wordt bepaald, vertel ik u later. Er moet nog iets geheim blijven. Bovendien prikkelt het de nieuwsgierigheid, creativiteit en uitdaging. Nogmaals. Good luck! U zult het nodig hebben.

14-01-2014

Voer hier de titel in

Het woord is aan de schrijver. Alles begint bij de titel. Daarna volgt de eerste zin, de eerste alinea. En als het een beetje vlot, volgen al gauw meerdere alinea’s. Je bent dan in de ban of de greep van de schrijver. Je zet nog even door. Het is namelijk best interessant wat hij te lezen geeft, die schrijver. Gulzig lees je door. Het onderwerp spreekt aan. Dat las je al in de titel. Het wekt nieuwsgierigheid op.

Voer hier de titel in. Hoezo? Moet ik behalve zelf lezen ook nog eens zelf schrijven. Daar heb ik eigenlijk geen trek in. Het kost mij spaarzame tijd. En tijd is geld. Nietwaar. Behalve als je leest voor je plezier. Juist ja, voor je plezier. Hoezo? Kun je dan ook voor de kost lezen? Zeker. Er lopen veel kostlezers rond op deze aardkloot. Ze zijn ingehuurd om datgene te lezen dat andere overslaan. Het zijn eigenlijk ghostreaders, afgeleid van het schrijfequivalent ghostwriters. Men noemt ze ook wel eens broodlezers. Ze eten woorden voor de kost. Goede kost. Bij voorkeur stevige woordenstamppot, maar dan wel liefst licht verteerbaar. In hapklare brokken moeten de woorden op te eten zijn. De woorden mogen niet zwaar op de maag liggen want dat is niet bevorderlijk voor de stoelgang. Aan verbale diarree gaat de wereld al bijna ten onder. Als gevolg van spuitwoordenpoep gevangen in twitter- en facebookberichten. Met whats appelen en peren is dat niet te stoppen.

Broodlezers hebben het moeilijk zodra de broodschrijvers het af laten weten. Maar geen nood. Er lopen genoeg mensen rond die zich het broodschrijfvak eigen maken. Uit nood geboren proberen ze de kost te verdienen. Als ZZP er. En ja er is markt voor. Want lezen kost geld. Zeker het lezen van interessante berichten. De broodlezer wordt eerst gelokt met klein stukje brood. Als hij daar gulzig naar hapt dan gaat plots de kassa rinkelen. Dat is erg handig want …

Klik hier om verder te lezen.