Posts tonen met het label nobelprijs. Alle posts tonen
Posts tonen met het label nobelprijs. Alle posts tonen

28-10-2025

Nobelprijs

Ik doe mijn beste kleren aan en kam mijn haren. Het laatste restantje dat ik nog heb. Ik trim mijn neus en oren. Doe een luchtje op. De duurste die ik heb. Zuinig. De lucht om mij heen ruikt heerlijk. Was ik niet mijzelf maar een ander, ik zou die persoon heel dicht naderen. Opsnuiven, me laten overwelmen door hem. Strak in het pak kom ik voor de dag. De loper is uitgerold. Hoef slechts lichtjes te buigen voor de donder en bliksem die uit de fotocamera's schiet. Heerlijk het geluid van rits rats klik. Of ik even naar links wil kijken en naar rechts. Schuin omhoog, een kleine lach. Niet too much. Want dat is niet mij. 

Vorige week lag de brief op de mat. Zwaar geparfumeerd. Ik dacht ... zo en dat op mijn oude dag? Maar al gauw landde ik weer op aarde. Het heeft zijne koninklijke hoogheid ... etc ... behaagd. Een onderscheiding ligt aanstaande zondag op mij te wachten, in het stadhuis. Ik geloof het niet. Een fake-brief mogelijk? Meestal word je toch stiekem verrast met dit zilveren kleinood. Om de tuin geleid door vrouw, familie, vrienden en kennissen. Maar nee. Gewoon, rechtstreeks een brief van de burgemeester, namens het koninklijk huis. 

Ik doe de zware eikenhouten deur van het stadhuis open. Niemand aanwezig, niemand die me ontvangt, niemand die mijn jas aanneemt. Achterin de gang staat Willem Alexander ... in pyjamabroek, gestreept. Nu denk ik toch echt dat ik droom. Maar niets is minder waar. Willem nodigt mij uit voor een kopje thee. Heerlijk. Want de spanning heeft me dorstig gemaakt. Ik krijg er ook een Mariakoekje bij. Top. 

Ik schijn te vroeg te zijn. Maar daar geeft Willem helemaal niets om. Hij gaat over tot de orde van de dag. Lintjes knippen en flessen gooien. Het lint word geknipt. Een gejuich stijgt op. En ik? Ik blijf heel nobel wachten en houd geduld. Maar gelukkig niet voor lang. Willem staat plots naast me. Helemaal vergeten zegt hij tegen mij. De uitreiking van de vrijwilligerspenning. Aangezien ik pas sinds kort lid ben van de bibliotheek en niet lui ben aangelegd, besluit ik het kleine boekje dat op tafel ligt, het eerste tot mij te nemen. Ja, ik ben van het smullen. Literatuur, plat op zijn plats. 

Al snel dring ik door tot de kern van dit verhaal. Een oeverloze beschrijving van de eerste keer paintball brengt me heel even in de war. Ik krijg een konijnenpak aangemeten en ren er als een haas van door. Hier doe ik niet aan mee. En de nobelprijs voor nobel gedrag lap ik aan mijn laars. 

Hij is prachtig. Dat moet gezegd. Maar nu bungelt de prijs aan het been dat van mij blijkt te zijn. Ook weer zoiets raars. Meestal krijg je zo'n medaillon op de borst geprikt. Maar nee, ik niet. En toch dankbaar en nobel neem ik de bijzondere prijs in ontvangst. Ik mag me minimaal een jaar de nobele onder de nobelen noemen. En dat zal men weten.

15-10-2014

Het enige echte Pietverhaal

Heel, heel lang geleden, kwamen er een paar wetenschappers op het idee om eens diep, heel diep in de aarde te graven. Dat deden ze in het dal van Worm (NL). Een diepgravend onderzoek, zogezegd. Men wist nog niet precies waar naar gezocht werd. Maar dat gebeurde wel vaker met onderzoeken. In de zoektocht kwam de vraag meestal vanzelf bovendrijven. Kwestie van geduld.

In de eerste laag van de aarde werden alleen bekende en voedzame producten gevonden. Sommige kant en klaar en andere pas voedzaam na bewerking. In de onderliggende lagen kwamen de wat meer abstracte zaken bovendrijven. De onderzoekers worstelden zich door humus, bruine, gele, witte grond, klei, löss en los zand. Vervolgens stuitten ze op serendipity. Ze waren goed bezig en het was tijd voor een korte pauze met versnapering. De serendipity werd ingezet als voeding voor gesprek.

Men was het unaniem met elkaar eens. Na de vondst van serendipity was het slechts een kwestie van doorgraven om tot de kern te komen. En ja hoor. Na verloop van dagen stuitten de wetenschappers op een harde onderlaag die hen niet echt bekend voorkwam. Met de schop kwamen ze niet veel verder. De bewerking van dit materiaal vroeg om speciaal gereedschap. Iets van ijzer en met een spitse punt. Een soort pik. Eentje die je makkelijk kon vasthouden en die lang heel bleef. Een pikhouheel. Later verbasterd tot pikhouweel.

Met de pikhouweel houwden [Middeleeuws Limburgs voor slaan, sloegen] de wetenschappers zich door de harde laag. Keihard was de steen. En hij stonk ook een beetje. Naar groene kool. Wat een lucht! Vast doorgesijpeld uit de bovenlaag van de aarde. De wetenschappers hadden meteen een naam voor de harde steenlaag. Steenkool. Twee wetenschappers haakten na de ontdekking af. Ze konden de lucht van de groene kool niet verdragen. Watjes. Ja, ja, wetenschap bedrijven is topsport. Alleen de sterken blijven over.

Het zat de twee niet lekker. Ze besloten de boel maar eens goed op te stoken. Met steenkool. Eureka. Wat een vondst. Het fikte als een dolle. Ze hadden niet alleen een gat in de markt gevonden maar vooral gaten in de aarde. Er werden een paar experts ingegallopeerd, vliegen ging in de Middeleeuwen nog niet, en al snel werd de gatenkaas in de grond omgetoverd tot kolenmijn. Alleen die lucht! Die stonk nog erger dan in een slecht gelucht café. Gelukkig zoeken en vinden wetenschappers voor ieder probleem een oplossing.

Hoewel, zoeken? De oplossing lag eigenlijk voor het oprapen. In een van de gaten die gehouwd was vonden de wetenschappers een paar kleine gele vogeltjes. Die waren duidelijk van hun stok gegaan. Ze lagen met de bekkies open. Van die lucht natuurlijk. Het enige dat de wetenschappers niet begrepen en geklaard konden krijgen was de kleur van de vogeltjes, daar diep onder in de aarde.

Hoe kwamen die vogels in hemelsnaam aan gele veren? Ze waren toch diep onder de grond de pijp uit gegaan? Moesten ze dan niet zwart zijn? De wetenschap stond voor een raadsel. Hier hadden ze geen kaas van gegeten. De oplossing, de verklaring is tot op heden, in de moderne tijd, nog steeds niet gevonden. De wetenschapper die dit grote vraagstuk oplost, die wint de Nobelprijs, vast en zeker. Alleen welke? Die voor natuurkunde of die voor de vrede? Ach, het zal zowel de zwarte, zeur- als kanariepieten worst wezen. Marsepeinen worst.