De weerwolf had er genoeg van. Hoe lang was het niet geleden dat ie nog gewoon wolf mocht zijn? Hij huilde eens flink naar de maan. De maan die vervolgens vol liep met tranen door het erbarmelijke gehuil van de weerwolf. De nachthemel had het ook niet meer en liet net als de maan haar waterlanders vallen. In sneeuwvorm dwarrelden de tranen neer op aarde en bedekten deze met een witte laag. Dat was nu ook weer niet de bedoeling. De weerwolf vermande zich nog één keer en brulde nu zo hard dat de sneeuw niet meer op aarde durfde te landen, bang om in de hitte van het gebrul meteen te smelten. Dat was dan weer zonde voor alle sneeuwruimers die op aard geduldig zaten te wachten op het witte goedje. Ze hadden instructies gekregen, iets over code paars, of in ieder geval diep rood. Ze hadden de instructies gekregen van het weerstation, genaamd de Eenzame Wolf, vlak bij Schapingerdam. De rest van de avond, of eigenlijk nacht, besloten ze een spelletjesmarathon te houden. Een dart- en ganzenbord werden snel tevoorschijn getoverd.
De weerwolf intussen had nu een ander plan bedacht. Om weer gewoon wolf te zijn besloot hij het weer niet meer te maken. Dat moest iemand anders maar voortaan doen. Hij had het weer sowieso de laatste tijd niet meer echt goed gemaakt. De mensen klaagden steen en been. Hij was het beu, kotsbeu, al dat geklaag over zijn weer. Het heen en weer mochten ze wat hem betreft krijgen. Ahoeoeoe. Hij besloot de hulp in te schakelen van een goede maat van hem. Een weerpad. Die had hij afgelopen jaar ontmoet ergens in de bossen van Nummer Een, een klein plaatsje in Zeeland, in Nederland, Europa. Een grappig beest dat altijd vergezeld was van een rare kwibus. Hij had de pad daar ontmoet tijdens een druïdebal. Deze weerpad overtuigde hem met zijn weerkunst, door tijdens het bal telkens weer het weer weer overhoop te gooien. Fantastisch had de weerwolf dat gevonden. Regen, hagel, sneeuw, wind, storm, mist, alle weervormen, wisselden in no time af. Ja, als er één iemand in aanmerking kwam om het weer weer wat meer weerbaar te maken voor de mensheid, dan was het deze weerpad.
Met zijn mobiele weertelefoon nam Lowieke, want zo heette de weerwolf, contact op met de weerpad. Die stemde onmiddellijk toe. De weerpad had altijd al een functie geambieerd als weermaker. En nu was zijn kans. Lowieke op zijn beurt was blij dat ie nu eindelijk weer eens vrij was van het weerwolf zijn. Hij besloot terug te keren naar de Russische toendra om weer ouderwets achter trojka's met bange mensen aan te jagen. Aldus geschiede.
Posts tonen met het label druïde. Alle posts tonen
Posts tonen met het label druïde. Alle posts tonen
08-01-2017
31-07-2016
Columns van Harrie (Juli 2016)
Max keer maal / Gein & Ongein / 31-07-2016
Hoe vaak kan iemand nu een wedstrijd winnen? Dat vraag ik mij nu af? Kijk als ik zo zit in mijn bos en ik zie die rare mannetjes in auto’s keihard dwars door de bomen scheuren, weet ik nooit wie er voorop ligt. Raakhout ook niet. Maar die is sowieso altijd de weg kwijt. Nee, ze scheuren rond langs, beuken, berken, eiken, dennen en wij maar rennen. Waar rennen ze toch naartoe? En hoe vaak komen ze nog langs? Soms zie je er eentje plots niet meer. Naar het schijnt legt hij dan eventjes zijn karretje aan banden. Aan nieuwe banden? Alsof de bosgrond zoveel slijt. Het is naar het schijnt allemaal tactiek.
Tactiek om geld te verdienen. Dat is dan weer nieuw voor mij. Waarom zouden er aan spelen en wedstrijden geld verdiend moeten worden? Iedereen sport toch voor de leut, ontspanning en gezondheid? Dus nee. Nee dus. Op het laatste druïdenbal heb ik me laten inwijden. Brood en spelen. Daar schijnt alles om te draaien. Brood, brood? Maar ik zie toch nooit iemand brood eten? Jawel hoor, vertelde Maxoramix. Alleen je ziet het niet. Het gebeurt vaak achter gesloten deuren. En dat brood, dat moet je ruim zien. Het is het bier, de bitterballen, het contact en de contracten. Niet schriftelijk maar mondeling. Het is eten en gegeten worden.
Kleine vissen worden groot. Totdat ze op ontploffen staan. Zodra dat voorkomt, dan is het tijd om maar weer eens te gaan. Zoveel werd me duidelijk. En dat in een notendop. Ik kijk nu gans anders tegen het sporten aan. En laat de wagens maar gaan en gaan. De uitslag is niet meer van belang. Zolang maar iedereen de kar in beweging houdt en de wagens blijven toeren. Kijk daar komt Max alweer voorbij. Max keer maal. De kassa rinkelt. En heel Nederland, ja zelfs Nummer Een blij. Steek de vlag maar alvast uit.
Regelspel / Gein & Ongein / 15-07-2016
Raakhout is behoorlijk in de war. Hij heeft zich ingelaten met een merkwaardig spel. Een spel dat zijn eigen regels spelt en voorschrijft. Op zich niets mis mee zou je op de eerste plaats denken. Ware het niet dat het een heel onschuldig spel betreft. In de bossen worden niet zo heel veel spelletjes gespeeld. De natuur, waartoe het bos behoort, is in zijn aard eerlijk. Maar owee, zijn bezoekers en inwoners. Dat is een ander verhaal. Je zou denken dat dieren tegen hun verlies kunnen. Maar niets is minder waar. In dat opzicht zijn het net mensen. In vele andere opzichten ook, maar dat is een ander verhaal, een ander lang verhaal. Iets met personificatie. Maar daar laten we ons even niet mee in.
Terug naar Raakhout. Hij mocht meedoen met een spel. En niet zo maar een spel, nee, nee het was een soort van schaakspel. Ieder dier mocht een eigen verhaaltje spellen en vertellen. Al maanden werd het spel gespeeld en telkens met een ander thema. Het thema van deze maand was ‘eikels’. Nou daar wist Raakhout wel raad mee. Hij kwam ze iedere ochtend tegen in het bos. Zo gedacht, zo gespeld en zo verteld. De dieren hadden aan zijn lippen gekluisterd gezeten. Vooral de vos, de eekhoorn en de bonte kip vonden zijn verhaal prachtig. Ze leefden zich volledig in het verhaal in. Vele eikels liet Raakhout de revue passeren. De ene eikel nog gekker als de andere. In vele eikels herkenden de dieren zich. In sommigen niet. Die waren natuurlijk met meest interessant. Het waren eikels die vreemd gedrag vertoonden. Ze pasten regels aan naar hun eigen believen. Maar zo erg was dat nog niet.
Eigenlijk was er maar eentje die dat niet naar behoren deed. In de veronderstelling dat toch niemand het door zou hebben. En ach, zo belangrijk was het nu ook weer niet. De toehoorders van het verhaal raakten langzaam in de ban van het gebeuren. Dit kon toch echt niet door de beugel. Maar niemand die wat deed. Zwijgzaam stemde iedereen toe. Totdat een slim vogeltje erachter kwam. Maar het vogeltje was een vreemde vogel. En de vogel wist dit van zichzelf. Wat nu? Niemand zou hem geloven. Feiten laten zien. Met bewijzen komen. Dat had de papa van het vreemde vogeltje het vogeltje geleerd. En aldus vertelde het vogeltje aan iedereen die het horen wilde zijn verhaal. Gestaafd met feiten. Iedereen begreep het, maar niemand reageerde. De regelgever bezat te veel macht. En de dieren wisten als geen ander. De hand die voedt, die is heilig.
Maar het kleine vogeltje was moedig. Het had de waarheid nodig om bruggen te bouwen. Maar dan moest het wel eerst de aandacht vestigen. De klokken luiden. Zo gezegd, zo gedaan. De dieren uit het bos vielen bijna van hun stoel, stok, hout, tak, stengel, nee, dit was niet waar? Iemand die de spelregels zo naar zijn hand kon zetten, die deugde niet. En ook nog eens zo stiekem. Zo quasinonchalant. Dit moest iedereen weten. En toch? Als iedereen het wist en daarvan baalde, dan nog, dan nog. Zou het hele spel dan niet meer doorgaan? Wie zou het dan nog willen organiseren. Dat was toch ook niet zo’n goed plan. Weet je wat? En ze waren het er allemaal over eens. En ze namen het volgende besluit. We kijken door onze vingers, klauwen, poten, vliezen ... vergeten het never nooit niet ... die spelleiding deugt van geen meter, maar ons het spel afnemen, dat toch liever ook niet. Dan maar zonder winnaar. Weet je wat? We roepen gewoon iedereen tot winnaar uit. Lang leve de lol. Maar Raakhout die vond het maar niks. Hij is nog steeds wat in de war. Zal hij het spel nog meespelen? Zo’n spel is toch geen lot uit de loterij? Vooruit dan maar.
Columns van Harrie zijn geschreven aan tafel bij Mien. Harrie is een auteur en tafelvriend van Mien. Van november 2010 tot maart 2016 publiceerde Harrie ook columns op de website van ColumnX.
Harrie’s columns zijn gebaseerd op oude personages uit TV-series Catweazle en Doctor Who. De Britse acteurs Tom Baker en Geoffrey Bayldon vormen zijn inspiratiebron. Daarnaast maakt Harrie ook graag filosofische en sportieve uitstapjes.
Hoe vaak kan iemand nu een wedstrijd winnen? Dat vraag ik mij nu af? Kijk als ik zo zit in mijn bos en ik zie die rare mannetjes in auto’s keihard dwars door de bomen scheuren, weet ik nooit wie er voorop ligt. Raakhout ook niet. Maar die is sowieso altijd de weg kwijt. Nee, ze scheuren rond langs, beuken, berken, eiken, dennen en wij maar rennen. Waar rennen ze toch naartoe? En hoe vaak komen ze nog langs? Soms zie je er eentje plots niet meer. Naar het schijnt legt hij dan eventjes zijn karretje aan banden. Aan nieuwe banden? Alsof de bosgrond zoveel slijt. Het is naar het schijnt allemaal tactiek.
Tactiek om geld te verdienen. Dat is dan weer nieuw voor mij. Waarom zouden er aan spelen en wedstrijden geld verdiend moeten worden? Iedereen sport toch voor de leut, ontspanning en gezondheid? Dus nee. Nee dus. Op het laatste druïdenbal heb ik me laten inwijden. Brood en spelen. Daar schijnt alles om te draaien. Brood, brood? Maar ik zie toch nooit iemand brood eten? Jawel hoor, vertelde Maxoramix. Alleen je ziet het niet. Het gebeurt vaak achter gesloten deuren. En dat brood, dat moet je ruim zien. Het is het bier, de bitterballen, het contact en de contracten. Niet schriftelijk maar mondeling. Het is eten en gegeten worden.
Kleine vissen worden groot. Totdat ze op ontploffen staan. Zodra dat voorkomt, dan is het tijd om maar weer eens te gaan. Zoveel werd me duidelijk. En dat in een notendop. Ik kijk nu gans anders tegen het sporten aan. En laat de wagens maar gaan en gaan. De uitslag is niet meer van belang. Zolang maar iedereen de kar in beweging houdt en de wagens blijven toeren. Kijk daar komt Max alweer voorbij. Max keer maal. De kassa rinkelt. En heel Nederland, ja zelfs Nummer Een blij. Steek de vlag maar alvast uit.
Regelspel / Gein & Ongein / 15-07-2016
Raakhout is behoorlijk in de war. Hij heeft zich ingelaten met een merkwaardig spel. Een spel dat zijn eigen regels spelt en voorschrijft. Op zich niets mis mee zou je op de eerste plaats denken. Ware het niet dat het een heel onschuldig spel betreft. In de bossen worden niet zo heel veel spelletjes gespeeld. De natuur, waartoe het bos behoort, is in zijn aard eerlijk. Maar owee, zijn bezoekers en inwoners. Dat is een ander verhaal. Je zou denken dat dieren tegen hun verlies kunnen. Maar niets is minder waar. In dat opzicht zijn het net mensen. In vele andere opzichten ook, maar dat is een ander verhaal, een ander lang verhaal. Iets met personificatie. Maar daar laten we ons even niet mee in.
Terug naar Raakhout. Hij mocht meedoen met een spel. En niet zo maar een spel, nee, nee het was een soort van schaakspel. Ieder dier mocht een eigen verhaaltje spellen en vertellen. Al maanden werd het spel gespeeld en telkens met een ander thema. Het thema van deze maand was ‘eikels’. Nou daar wist Raakhout wel raad mee. Hij kwam ze iedere ochtend tegen in het bos. Zo gedacht, zo gespeld en zo verteld. De dieren hadden aan zijn lippen gekluisterd gezeten. Vooral de vos, de eekhoorn en de bonte kip vonden zijn verhaal prachtig. Ze leefden zich volledig in het verhaal in. Vele eikels liet Raakhout de revue passeren. De ene eikel nog gekker als de andere. In vele eikels herkenden de dieren zich. In sommigen niet. Die waren natuurlijk met meest interessant. Het waren eikels die vreemd gedrag vertoonden. Ze pasten regels aan naar hun eigen believen. Maar zo erg was dat nog niet.
Eigenlijk was er maar eentje die dat niet naar behoren deed. In de veronderstelling dat toch niemand het door zou hebben. En ach, zo belangrijk was het nu ook weer niet. De toehoorders van het verhaal raakten langzaam in de ban van het gebeuren. Dit kon toch echt niet door de beugel. Maar niemand die wat deed. Zwijgzaam stemde iedereen toe. Totdat een slim vogeltje erachter kwam. Maar het vogeltje was een vreemde vogel. En de vogel wist dit van zichzelf. Wat nu? Niemand zou hem geloven. Feiten laten zien. Met bewijzen komen. Dat had de papa van het vreemde vogeltje het vogeltje geleerd. En aldus vertelde het vogeltje aan iedereen die het horen wilde zijn verhaal. Gestaafd met feiten. Iedereen begreep het, maar niemand reageerde. De regelgever bezat te veel macht. En de dieren wisten als geen ander. De hand die voedt, die is heilig.
Maar het kleine vogeltje was moedig. Het had de waarheid nodig om bruggen te bouwen. Maar dan moest het wel eerst de aandacht vestigen. De klokken luiden. Zo gezegd, zo gedaan. De dieren uit het bos vielen bijna van hun stoel, stok, hout, tak, stengel, nee, dit was niet waar? Iemand die de spelregels zo naar zijn hand kon zetten, die deugde niet. En ook nog eens zo stiekem. Zo quasinonchalant. Dit moest iedereen weten. En toch? Als iedereen het wist en daarvan baalde, dan nog, dan nog. Zou het hele spel dan niet meer doorgaan? Wie zou het dan nog willen organiseren. Dat was toch ook niet zo’n goed plan. Weet je wat? En ze waren het er allemaal over eens. En ze namen het volgende besluit. We kijken door onze vingers, klauwen, poten, vliezen ... vergeten het never nooit niet ... die spelleiding deugt van geen meter, maar ons het spel afnemen, dat toch liever ook niet. Dan maar zonder winnaar. Weet je wat? We roepen gewoon iedereen tot winnaar uit. Lang leve de lol. Maar Raakhout die vond het maar niks. Hij is nog steeds wat in de war. Zal hij het spel nog meespelen? Zo’n spel is toch geen lot uit de loterij? Vooruit dan maar.
Columns van Harrie zijn geschreven aan tafel bij Mien. Harrie is een auteur en tafelvriend van Mien. Van november 2010 tot maart 2016 publiceerde Harrie ook columns op de website van ColumnX.
Harrie’s columns zijn gebaseerd op oude personages uit TV-series Catweazle en Doctor Who. De Britse acteurs Tom Baker en Geoffrey Bayldon vormen zijn inspiratiebron. Daarnaast maakt Harrie ook graag filosofische en sportieve uitstapjes.
31-03-2016
Columns van Harrie (Maart 2016)
Perito / Verkeer / 10-03-2016
“Perito, Perito!”, roept mijn chef van de Andere Kant. Ik kan het niet helemaal plaatsen. Is hij nu aan het ijlen of droomt ie slecht? Waar heeft ie het over? “Dorst, dorst!” Ja, dat kan, dat heb ik ook wel eens bij een nare droom. Zal ik hem dan toch maar wakker maken? De laatste keer dat ik dat deed waren de poppen aan het dansen. En niet die van het waterorgel. Het schreeuwen of ijlen houdt aan. Ik trek mijn stoute schoenen aan. Huilend wordt mijn chef wakker. Na een korte maar duidelijke uitleg moet ik onmiddellijk op pad. Mijn chef heeft weer eens een voorspellende droom gehad. De vraag is of ik op tijd ga komen om de droom dit keer letterlijk niet uit elkaar te laten spatten. Geen natte droom. Integendeel. Het spuiten moet hier absoluut tegengehouden worden.
Ik reis af naar moeder Aarde. Ver onder de gordel van de evenaar. Helemaal naar Argentinië. Om te redden wat er nog te redden valt. Ik houd de nieuwsberichten via mijn TARDIS telefoon scherp in de gaten en probeer koers te houden. Het valt niet mee. Ik land vlakbij de Zuid-Patagonische ijsvelden en huiver. Ik zie dat zich een grote menigte heeft verzameld rond de Perito Morenogletsjer. De mensen lijken allemaal vastgenageld te staan in het ijs. “Weg, weg!”, wil ik nog roepen. Maar te laat. De 'witte reus' laat woest zijn tanden en pegels zien en brult van pijn. Scheuren in zijn nek piepen en kraken en splijten uiteindelijk het hoofd van de romp.
Gelukkig rolt de kop de goede kant uit. Nog nooit heb ik Argentijnen zo zien schrikken. En toch, het is een groot drama. Het waterhoofd van de witte reus staat borg voor een van de grootste voorraden van zoet water. Alweer is de aarde een stukje lek geslagen. Ik hoor mijn chef door de radio huilen. Ook hij heeft door dat ik machteloos sta. Ik ben gewoon te laat. Ik vraag me af of ik überhaupt had kunnen helpen. Tegen ijsreuzen helpt zelfs geen hogere macht. De zon die kunnen we de schuld geven. Die warmt de aarde op. Maar die is zo gigantisch groot, die laat zich niet zo maar knechten. Nee, het zijn de kleine aardbewoners die de handen in elkaar moeten slaan. De honger en dorst naar rijkdom en luxe zal weldra toch om moeten slaan naar behoud van natuur. Behoud van flora, fauna en van geo. Hoe lang heeft moedertje aarde anders nog te gaan?
Reuring / Verkeer / 20-03-2016
Er komen noodsignalen binnen van moeder Aarde. Zij staat volledig op haar kop. Mijn chef van de Andere Kant is er zelfs misselijk van. Het is ook zijn febbeke natuurlijk, moeder Aarde. Of ik zo snel mogelijk poolshoogte wil nemen. Ik vraag naar een wat meer specifieke locatie. “Het land van Cruijff”, roept mijn chef. “Nederland of Spanje?”, plaag ik hem. “Nederland.” Hij heeft blijkbaar kennis van zaken. Volgens mijn chef is het allemaal begonnen met het ziektebeeld van Cruijff. De kanker is overgesprongen op een hele natie. Zo schijnt. Meer specifiek nog, op een klein stukje Nederland. Een klein stukje schrijvend Nederland. En een beetje België natuurlijk. Het ene bestaat niet zonder het andere.
Ik stuur mijn TARDIS linea recta richting Lage Nederlanden en land in de tuin van een ongelofelijke mopperaar. Een echte kankerstok. Waar ik dat woord vandaan heb? Geen idee. Ik heb ooit de tram genomen in Amsterdam en daar leek het woord ‘kanker’ net zo gangbaar te zijn als ‘tyfus’. In alle vervoegingen. Eigenlijk wat ‘kut’ is voor een Bosschenaar. Ja, daar heb ik ook even een tussenstop gemaakt. Jeroen Bosch was ingestort. Nou ja, Jeroen Bosch. Eigenlijk Pearle. Het komt zo. Ik zie niet altijd goed waar ik land. Sorry Jeroen.
Enfin, die kankerstok in de tuin die vloekte en tierde dat het een lieve lust was. Ik heb nog nooit een mens zo kwaad gezien. Hij had er alle reden toe. Zo liet ie weten aan iedereen die het maar horen wilde. En ook aan degenen die het niet horen wilden. Het was een gefrustreerd mannetje, zo bleek. Maar is frustratie van een manspersoon voldoende reden om een hele natie in rep en roer te zetten? Blijkbaar wel. Hij had zelfs de hulp ingeroepen van de media. Nou ja, media. Sommigen bestempelen de door de man verkozen media als pulp en poep. Geen Peil, Geen Stijl, Geen Heil, ik weet niet meer precies hoe het heette. Fok had er ook nog mee te maken, Fok of Bok of Mok? Ik weet het niet meer precies.
De media bundelden de krachten, speciaal voor dit boze mannetje, hoe kreeg hij het voor elkaar. Ze schreven een referendum uit. Alleen maar voor hem. Het aanzien van de man was zo aangetast, ondemocratisch en manonvriendelijk, dat zijn ballen gekrompen waren. En dat moet je geen enkele aardling aandoen. Benepen en met rood hoofd krijste hij erop los. In diverse kroegen spuwde hij zijn gal. Line en online. Niemand ontging zijn klaagzang. Ik vond het wat overdreven. Maar allez, wie ben ik. Al met al een treurig verhaal. Het maakte de man vals. Erg vals. Hij had het gevoel dat zelfs zijn eigenste trukendoos zich volledig tegen hem keerde. Dat gold ook voor zijn koekjestrommel. Mijn god wat ging ie te keer. Zoete broodjes werden niet gebakken.
Om een lang verhaal kort te maken, lieve lezer. Ik heb hem gekalmeerd. In zijn eigen tuintje. Ik heb een arm over zijn schouder gelegd en hem getroost. Naar hem geluisterd en aandacht gegeven. Hij brak. Hij gooide er alles uit. Drie uur lang spuugde hij zijn hele leven en frustratie uit. Het voelde goed. Deze man had geen therapie nodig. Niet van mijn chef, niet van mij, niet van de aardlingen. Hij kon weer verder. Weliswaar liep hij voort een beetje mank en bleef er een hoop spaak lopen. Maar ach, de leeftijd hè. Daar kan niemand zich tegen wapenen. Het komt en het blijft komen. Een extra reden om er nog een extra tandje bij te zetten. Want kennen, zich laten kennen, dat doet deze man slechts een keer in zijn leven. Achter in zijn tuin. Tussen de begonia’s. Gelukkig staan ze snel weer in bloei.
Ik rapporteer alles terug naar mijn chef. Wat Johan toch allemaal los kan maken? Het zij zo. Een ziel is in ieder geval weer op zijn pootjes geland. Hij kan weer rechtop lopen en zijn buren een glimlach gunnen. Boos worden zal ie niet snel meer doen. Dat voelt zo laag. Amen dan maar. De aarde tuimelt toch weer verder. Mijn chef ook weer gerustgesteld. Hemel en aarde weer in evenwicht. Waarbij hemel gelezen mag worden als ruimte.
Boshamels / Gein & Ongein / 26-03-2016
Het jaargetijde hangt in de blauwe lucht. Mozes kriebel wat heeft dat dit jaar lang geduurd. Er leek dit jaar heel even geen enkel baadje of bloemetje te willen ontluiken in mijn Nummer Een bos. Gelukkig laat de natuur mij en Raakhout nooit in de steek. Hoe traag dan ook, hij rekt zijn poten dit jaar extra lang. Lang in beide betekenissen, gestrekt en voortdurend. Griss mich nich, zie ik het nu goed. Geeft de zon mij nu een knipoog? Waar heb ik dat nu weer aan verdiend. Of is het gewoon een schenking. Gratuit. De zon geeft anders niet altijd zomaar haar stralen weg. In Afrika en op andere vreemde continenten doen vele beroepsinboorlingen zeer veel moeite om de zon gelukkig en happy te stemmen. Pas dan laat zij haar vruchten los. Aldus aardse mythologie.
De nieuwe lente is nog vers. Stilletjes zie ik al uit naar de lentemanifestatie der druïden. Ik tel de dagen reeds af. Het duurt nog lang. Het laatste weekend van mei vindt het festival dit jaar plaats in Duitsland. Ergens in de Eiffel of de Vogezen. De Duitsers houden het nog even spannend. Het thema dit jaar is Europa. Slecht gekozen vind ik. Ik vrees dat het weer een herhaling van zetten wordt. Druïden hebben het niet zo op politiek. In 1605, als ik het me nog goed herinner, hebben we nog het thema Euroma behandeld. Toen poogden de vrouwen van Lancaster op het vaste land vaste voet te krijgen. Is toen ook niet gelukt. Ze stranden al heel snel op de Witte Wieven. Die zijn nergens voor in en willen dat graag houden. Tot op heden ten dage gelukt. Waarom dan nu zo’n moeite steken in bondgenootschappen?
Grenzen zijn er niet voor niets. Zeker de onzichtbare verdienen extra aandacht. Zij zijn nog het best te overtreden. En maar goed ook. Ik houd niet zo van lijntjes. Laat staan erbinnen blijven. Dat geldt idem dito voor grenzen. Misschien dat ik dat thema dan maar eens opvoer. De onzichtbare grenzen van de democratie. Het houdt me stiekem toch wel bezig. De Fransen willen heel graag LEFje spelen. Dat moet je niet bij de Belgen proberen. Zij gooien LEFFE in de strijd. Liberté, Egalité, Fraternité, Friternité, Emanuellité. Daar kunnen de Fransen een puntje aan zuigen. Duitsers, Fransen en Belgen, ze liggen elkaar niet zo. Boshamels zijn het. Allemaal. En dan hebben we nog geeneens over Grieken, Portugezen en andere zuiderlingen gehad. Vergeet ook niet het Oosten. De Hongaren en de Roemenen. En wat te denken van de Polen? Dat moet allemaal samengaan en blijven gaan. Schildje vormen tegen Poetin? Houd toch op. In het Noorden bibberen ze al jaren. Finnen voorop. De extreme kou vraagt regelmatig om actie. Binnenlands uiteraard. Saunaspartelen en dompelbadworstelen kunnen ze als de besten. Maar houdt het de koude oorlog ook buiten?
Raakhout gelooft het wel. Hij bruint vooralsnog zijn witte kikkerbillen in de prille lentezon. Ik raadpleeg voor de zekerheid toch nog even de notulen van vorig jaar. Ik wil wel beslagen ten ijs komen, ook al is de winter alweer bijna voor eventjes verleden tijd.
Columns van Harrie zijn geschreven aan tafel bij Mien. Harrie is een auteur en tafelvriend van Mien. Van november 2010 tot maart 2016 publiceerde Harrie ook columns op de website van ColumnX.
Harrie’s columns zijn gebaseerd op oude personages uit TV-series Catweazle en Doctor Who. De Britse acteurs Tom Baker en Geoffrey Bayldon vormen zijn inspiratiebron. Daarnaast maakt Harrie ook graag filosofische en sportieve uitstapjes.
Abonneren op:
Posts (Atom)